RECHTBANK NOORD-NEDERLAND Zittingsplaats Leeuwarden Bestuursrecht beschikkingsnummer: 265225692 zaaknummer: 11730336 BU VERZ 25-1114 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 11 december 2025 in de zaak van [betrokkene] (de betrokkene), die woont in [woonplaats] ,gemachtigde: M.J.M. Bergers, Boete.nu. Inleiding
- Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘30 km per uur harder rijden dan mag op een autosnelweg buiten de bebouwde kom (verkeersbord A1)’, verricht op 1 april 2024, om 10:46 uur, op de A31 (Waadseewei) in Franeker, met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 377,00 (inclusief administratiekosten). 1.
- Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter. 1.
- De kantonrechter heeft het beroep op 11 december 2025 op de zitting behandeld. Daarbij was aanwezig: de vertegenwoordigster van de officier van justitie,mr. M. van der Spek. 1.
- Na afloop van de behandeling heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan. Beoordeling door de kantonrechter Beslissing
- De kantonrechter beoordeelt het beroep aan de hand van de beroepsgronden van betrokkene. Hij oordeelt dat het beroep ongegrond is. De kantonrechter zal hierna uitleggen waarom hij dat doet. Standpunten
- Gemachtigde voert aan dat de meting onder ongeschikte omstandigheden heeft plaatsgevonden. De snelheid van betrokkene is gemeten tijdens het invoegen. Het Openbaar Ministerie weerspreekt dit niet. Dit roept vragen op over de betrouwbaarheid. Als de agenten op de vluchtrook stonden, hebben zij zowel zichzelf als het verkeer in gevaar gebracht. In dat geval had betrokkene hen ook gezien. Gemachtigde stelt verder dat de locatie obstructies toont zoals verkeersborden en begroeiing. Hierdoor wordt een nauwkeurige lasermeting over een afstand van meer dan 300 meter bemoeilijkt. Om dit aan te tonen heeft gemachtigde een beeld van Google Maps bijgevoegd. Hij voert verder aan dat de situatie een lasermeting vanuit een rijdende auto beschrijft, terwijl het doelwit op hoge snelheid een bocht neemt. Dit vereist een uitzonderlijke motorische precisie, wat onder de gegeven omstandigheden niet aannemelijk is. Daarnaast voert gemachtigde aan dat het Openbaar Ministerie onvoldoende uitleg heeft gegeven over de gebruikte meetmethode en mogelijke aanvullende metingen.
- Verder stelt gemachtigde dat de verbalisanten betrokkene geadviseerd hebben om geen verklaring af te leggen. Die was er zich niet van bewust dat dit in het nadeel van zijn zaak zou kunnen werken. Dit wekt de indruk dat betrokkene op oneigenlijke wijze is beïnvloed. In de aanvullende gronden voert gemachtigde aan dat een snelheidsmeting met een lasergun relatief is. Als niet bekend is hoe snel de verbalisanten zelf reden, is het ook niet met zekerheid vast te stellen hoe snel het doelvoertuig bewoog. Gemachtigde betwist in de aanvullende gronden ook verschillende aspecten van de verklaring van de verbalisant. Daarnaast was betrokkene op weg naar Ameland, waardoor hij gebonden was aan een vaste boottijd. Daardoor was er geen enkele reden om hard te rijden. Verder verzoekt hij om duidelijkheid over de taken van de dienstdoende agenten. De agent die betrokkene aansprak heeft ook geen verdere mededeling gedaan over de meting. De meetafstand van 325 meter ligt aan de uiterste grens van wat een lasergun betrouwbaar kan meten zonder verstorende factoren.
- De vertegenwoordigster stelt zich ter zitting op het standpunt dat de verkeersovertreding kan worden vastgesteld op basis van de beschikbare gegevens. Zij ziet geen aanleiding om te twijfelen aan de snelheidsmeting. De lasergun gaf een gemeten snelheid aan, waaruit voor een deel blijkt dat een correcte meting heeft plaatsgevonden. De verbalisant verklaart ook dat de snelheidsmeter op de voorgeschreven wijze is gebruikt. De vertegenwoordigster acht het niet aannemelijk dat de snelheidsmeting heeft plaatsgevonden vanuit een rijdend voertuig en stelt dat de verbalisanten waarschijnlijk later achter betrokkene zijn gaan rijden om hem staande te houden. De door gemachtigde genoemde omstandigheden en gestelde vragen bieden geen aanleiding om te twijfelen aan de meting. Dat de meting heeft plaatsgevonden in een bocht, blijkt ook niet uit het dossier. Daarnaast is de meetafstand van 325 meter conform de instructie van een lasergun. De vertegenwoordigster verzoekt de kantonrechter het beroep ongegrond te verklaren. Overwegingen
- Gemachtigde betwist de verkeersovertreding, in die zin dat hij stelt dat de meetresultaten niet betrouwbaar zijn. In zaken op grond van de Wahv is de verklaring van de verbalisant in het zaakoverzicht in beginsel voldoende voor het vaststellen van de verkeersovertreding, tenzij concrete omstandigheden worden aangevoerd die aanleiding geven tot twijfel. 6.
- Uit de verklaring van de verbalisant, zoals opgenomen in het zaakoverzicht, blijkt onder andere dat de snelheid is vastgesteld met behulp van een voor de meting geteste, geijkte en op de voorgeschreven wijze gebruikte snelheidsmeter, namelijk een lasergun. De werkelijke snelheid is het resultaat van een volgens de geldende Aanwijzing meting snelheidsoverschrijdingen van het college van procureurs-generaal uitgevoerde correctie op de met het meetmiddel gemeten (afgelezen) snelheid. Uit de verklaring volgt ook dat de snelheidsmeting is gedaan ter hoogte van hectometerpaal 24 R en dat de meetafstand 325,00 meter bedroeg. 6.
- De kantonrechter is dan ook van oordeel dat de verkeersovertreding op basis van de beschikbare gegevens kan worden vastgesteld. De verbalisant verklaart dat hij de snelheidsmeter op de voorgeschreven wijze heeft gebruikt. Het verweer van gemachtigde geeft de kantonrechter geen aanleiding om te twijfelen aan de snelheidsmeting, die door een getrainde agent is uitgevoerd. Gemachtigde voert verder aan dat de situatie een lasermeting vanuit een rijdende auto beschrijft, terwijl het doelwit een bocht neemt. Aan deze enkele, niet onderbouwde, stelling hangt hij zijn verdere verhaal op. Dit alles is echter onvoldoende om aannemelijk te maken dat de meting vanuit een rijdende auto is gedaan. Daarnaast voert gemachtigde aan dat de pleeglocatie obstructies toont, waardoor de meting wordt bemoeilijkt. De kantonrechter volgt echter het standpunt van de vertegenwoordigster dat de lasergun een gemeten snelheid heeft aangegeven, hetgeen betekent dat de meting niet is verstoord. Gemachtigde stelt al met al veel vragen, maar niet meer dan dat: hij blijft bij veronderstellingen. De boete is terecht opgelegd. In de beroepsgronden ziet de kantonrechter ook geen aanleiding om de boete te matigen. Het beroep zal ongegrond worden verklaard. Voor een proceskostenvergoeding bestaat daarom geen aanleiding. Conclusie De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond. Waarvan proces-verbaal, mr. R. Krikke, griffier mr. P.G. Wijtsma, kantonrechter Afschrift verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als: a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld. Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.