vonnis RECHTBANK OOST-BRABANT Strafrecht Parketnummers: 01/849764-11 en 01/845300-12 (ter terechtzitting gevoegd) Datum uitspraak: 13 juni 2013 Vonnis van de rechtbank Oost-Brabant, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [1978], wonende te [woonplaats], [adres], thans gedetineerd te: Den Haag PPC. Het vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van de inhoudelijke behandeling van de zaken op de terechtzittingen van 5 maart 2013 en 30 mei 2013. De tenlastelegging. De zaak met parketnummer 01/849764-11 is aanhangig gemaakt bij dagvaarding van 25 april 2012. In de dagvaarding zijn feiten omschreven overeenkomstig artikel 261, derde lid van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv). De tenlastelegging is na vordering van de officier van justitie op de terechtzitting van 8 januari 2013 overeenkomstig artikel 314a Sv aangepast. De zaak met parketnummer 01/845300-12 is aanhangig gemaakt bij dagvaarding van 11 december 2012. De tenlastelegging is na vordering van de officier van justitie op de terechtzitting van 5 maart 2013 gewijzigd. De rechtbank heeft ter terechtzitting van 8 januari 2013 de voeging bevolen van de tegen verdachte bij afzonderlijke dagvaardingen onder de hiervoor genoemde parketnummers aanhangig gemaakte zaken. De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van hetgeen van de zijde van verdachte naar voren is gebracht. Nadat de tenlastelegging met parketnummer 01/849764-11 op de terechtzitting van 8 januari 2013 is gewijzigd is aan verdachte ten laste gelegd dat: 1. hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 mei 2010 tot en met 23 februari 2011 te Vught en/of 's-Hertogenbosch en/of elders in Nederland, met [slachtoffer 1], geboren [1995], die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handeling(
(4)waarop de vordering van de benadeelde partij betrekking heeft. De rechtbank zal de benadeelde partij veroordelen in de kosten van de verdachte als bedoeld in artikel 592a Sv. Deze kosten worden begroot op nihil. De rechtbank zal de kosten van partijen als bedoeld in artikel 592a Sv compenseren aldus dat elke partij haar eigen kosten draagt. Beslag. De rechtbank is van oordeel dat de in het dictum nader te noemen in beslag genomen zaken vatbaar zijn voor verbeurdverklaring, omdat - zoals blijkt uit het onderzoek ter terechtzitting - dit zaken zijn met betrekking tot welke de feiten zijn begaan en deze ten tijde van het begaan van de feiten aan verdachte toebehoorden, dan wel met behulp van welke de feiten zijn begaan of voorbereid en ten tijde van het begaan van het feit aan verdachte toebehoorden. De rechtbank is van oordeel dat de in het dictum nader te noemen in beslag genomen zaken vatbaar zijn voor onttrekking aan het verkeer, omdat - zoals blijkt uit het onderzoek ter terechtzitting - dit zaken zijn met betrekking tot welke de feiten zijn begaan dan wel met behulp van welke de feiten zijn begaan, een en ander voorzover zij van zodanige aard zijn dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of het algemeen belang. De rechtbank zal de teruggave gelasten van de in het dictum nader te noemen in beslag genomen zaken nu naar het oordeel van de rechtbank het belang van strafvordering zich niet meer verzet tegen de teruggave daarvan. Toepasselijke wetsartikelen. De beslissing is gegrond op de artikelen 10, 14a, 14b, 14c, 14d, 24, 24c, 27, 33, 33a, 36b, 36c, 36f, 45, 57, 188, 240b, 247, 248, 248e, 249, 268, 285 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde. DE UITSPRAAK De rechtbank: T.a.v. 01/849764-11 feit 1 primair, feit 4 primair, 01/845300-12 feit 1: Vrijspraak Verklaart het ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor is omschreven. Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt hem daarvan vrij. Het bewezen verklaarde levert op de misdrijven: T.a.v. 01/849764-11 feit 1 subsidiair: met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen, meermalen gepleegd T.a.v. 01/849764-11 feit 2: ontucht plegen met een aan zijn zorg of waakzaamheid toevertrouwde minderjarige, meermalen gepleegd T.a.v. 01/849764-11 feit 3: een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt is betrokken of schijnbaar is betrokken, vervaardigen, meermalen gepleegd, en een gegevensdrager, bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, in bezit hebben T.a.v. 01/849764-11 feit 4 subsidiair: poging tot: met gebruikmaking van een communicatiedienst een persoon van wie hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat deze de leeftijd van zestien jaren nog niet heeft bereikt, een ontmoeting voorstellen met het oogmerk ontuchtige handelingen met die persoon te plegen, terwijl hij enige handeling onderneemt gericht op het verwezenlijken van die ontmoeting, meermalen gepleegd T.a.v. 01/845300-12 feit 2: bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd T.a.v. 01/845300-12 feit 3: aangifte doen dat een strafbaar feit gepleegd is, wetende dat het niet gepleegd is, meermalen gepleegd T.a.v. 01/845300-12 feit 4: lasterlijke aanklacht, meermalen gepleegd Verklaart verdachte hiervoor strafbaar. Legt op de volgende straf(fen) en/of maatregel(en). T.a.v. 01/849764-11 feit 1 subsidiair, feit 2, feit 3, feit 4 subsidiair, 01/845300-12 feit 2, feit 3, feit 4: Gevangenisstraf voor de duur van 3 jaar met aftrek overeenkomstig artikel 27 Wetboek van Strafrecht waarvan 1 jaar voorwaardelijk met een proeftijd van 5 jaren. Stelt als algemene voorwaarden dat de veroordeelde - zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit en - ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt en - medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14d, tweede lid Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen. Stelt als bijzondere voorwaarden dat de veroordeelde - zich gedurende de proeftijd gedraagt naar de voorschriften en aanwijzingen die worden gegeven door of namens de reclassering; - zich gedurende de proeftijd bij Reclassering Nederland, regio 's-Hertogenbosch, Eekbrouwersweg 6, 5233 VG 's-Hertogenbosch, zal melden, zo frequent de reclassering dit noodzakelijk acht, waarbij voormelde reclasseringsinstelling opdracht wordt gegeven toezicht te houden op de naleving van deze voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden, en waarbij de reclassering toezicht houdt door middel van huisbezoeken en contacten met de wijkagent/politie heeft, alsook op basis van het zedenconvenant. Tevens zal het toezicht gericht zijn op pc-/gegevensdragerscontrole bij veroordeelde, al dan niet tezamen met de politie; - gedurende de eerste twee jaren van de proeftijd op geen enkele wijze - direct of indirect - contact zal opnemen, zoeken of hebben met [slachtoffer 2] en/of met [slachtoffer 1] en/of de overige leden van het gezin waarvan [slachtoffer 1] deel uit maakt, zolang de reclassering dit noodzakelijk oordeelt; - gedurende de eerste twee jaren van de proeftijd een behandeling ondergaat gericht op zedendaders en een behandeling ondergaat voor zijn trauma's en omvangrijke psychoseksuele problematiek bij de Woenselse Poort (polikliniek De Omslag) te Eindhoven of een soortgelijke instelling voor ambulante forensische zorg, zulks ter beoordeling van de reclassering, waarbij verdachte zich zal houden aan de aanwijzingen die hem in het kader van die behandeling door of namens de instelling/behandelaar zullen worden gegeven, ook als dat inhoudt dat een deskundige, bijvoorbeeld een uroloog, wordt ingeschakeld voor de behandeling van zijn psychoseksuele problematiek. Tot het moment dat veroordeelde een intake krijgt bij de Woenselse Poort of soortgelijke instelling behoudt hij zijn wekelijkse therapeutische sessie bij De Waag te Den Haag; - zich gedurende de proeftijd zal onthouden van het verrichten van (beroeps)activiteiten of (beroeps)werkzaamheden met minderjarigen. Beveelt dat de op grond van artikel 14c van het Wetboek van Strafrecht gestelde voorwaarden en het op grond van artikel 14d van het Wetboek van Strafrecht uit te oefenen toezicht dadelijk uitvoerbaar zijn. T.a.v. 01/849764-11 feit 3: Onttrekking aan het verkeer van de in beslag genomen zaken, te weten: - de voorwerpen die op de aan dit vonnis gehechte beslaglijst met parketnummer 01/849764-11 zijn genummerd: 2; - de voorwerpen die op de aan dit vonnis gehechte beslaglijst met parketnummer 01/845300-12 zijn genummerd: 1, 3, 6, 8, 10, 14, 15, 16, 18, 19, 20, 21, 22, 25, 26, 27, 28, 29, 30, 31, 32, 33,
- T.a.v. 01/849764-11 feit 3: Verbeurdverklaring van de in beslag genomen zaken, te weten: - de voorwerpen die op de aan dit vonnis gehechte beslaglijst met parketnummer 01/849764-11 zijn genummerd: 1; - de voorwerpen die op de aan dit vonnis gehechte beslaglijst met parketnummer 01/845300-12 zijn genummerd: 2, 4, 9, 17,
- Teruggave in beslag genomen zaken, te weten: - de voorwerpen die op de aan dit vonnis gehechte beslaglijst met parketnummer 01/845300-12 zijn genummerd: 5, 7, 11, 12, 13, aan de Politie Brabant-Noord; - de voorwerpen die op de aan dit vonnis gehechte beslaglijst met parketnummer 01/845300-12 zijn genummerd: 24, aan veroordeelde. T.a.v. 01/849764-11 feit 1 subsidiair, feit 2: Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1]. Wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot het hierna te noemen bedrag en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 1], van een bedrag van € 5.086,80, te weten € 4.986,- immateriële schadevergoeding en een bedrag van € 100,80 ter zake materiële schadevergoeding (post reiskosten). Het totale toegewezen bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum van het delict tot aan de dag der algehele voldoening. Wijst de vordering voor het overige af. Veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij als bedoeld in artikel 592a van het Wetboek van Strafvordering, tot op heden begroot op een bedrag van € 76,-. Veroordeelt verdachte verder in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten. Maatregel van schadevergoeding van € 5.086,80 subsidiair 60 dagen hechtenis Legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 1] van een bedrag van € 5.086,80, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 60 dagen hechtenis. Het bedrag bestaat uit een bedrag van € 4.986,- immateriële schadevergoeding en een bedrag van € 100,80 materiële schadevergoeding (post reiskosten). De toepassing van deze vervangende hechtenis heft de hiervoor genoemde betalingsverplichting niet op. Het totale bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum van het delict tot aan de dag der algehele voldoening. Verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade. T.a.v. 01/849764-11 feit 4 subsidiair: Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] Wijst de vordering van de benadeelde partij toe en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 2] van een bedrag van € 738,69, te weten € 500,- immateriële schadevergoeding en een bedrag van € 238,69 ter zake materiële schadevergoeding (post medicatie en reiskosten). Het totale toegewezen bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum van het delict tot aan de dag der algehele voldoening. Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op het bedrag overeenkomstig het liquidatietarief kantonzaken (2 punten). Veroordeelt verdachte verder in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten. Maatregel van schadevergoeding van € 738,69 subsidiair 14 dagen hechtenis Legt derhalve aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 2] van een bedrag van € 738,69, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 14 dagen hechtenis. Het bedrag bestaat uit een bedrag van € 500,- ter zake immateriële schadevergoeding en een bedrag van € 238,69 ter zake materiële schadevergoeding (post medicatie en reiskosten). De toepassing van deze vervangende hechtenis heft de hiervoor genoemde betalingsverplichting niet op. Het totale bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum van het delict tot aan de dag der algehele voldoening. Verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade. T.a.v. 01/845300-12 feit 2: Niet-ontvankelijkverklaring van de benadeelde partij [slachtoffer 3] in zijn vordering. Verklaart de benadeelde partij niet-ontvankelijk in zijn vordering met betrekking tot de gevorderde immateriële schade ten bedrage van € 2.000,- en de materiële schade ter zake de kosten van aanschaf van een camerasysteem ten bedrage van € 649,25 (post aanschaf beveiligingscamera). Wijst af de vordering van de benadeelde partij ter zake de kosten van rechtsbijstand ten bedrage van (in totaal) € 5.921,-. Compenseert de kosten van partijen aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt. T.a.v. 01/845300-12 feit 3: Beslissing op de vordering van de benadeelde partij Politie Brabant-Noord Wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot het hierna te melden bedrag en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij Politie Brabant-Noord van een bedrag van € 50.000,- ter zake materiële schadevergoeding. Wijst het meer of anders gevorderde af. Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot heden begroot op nihil. Veroordeelt verdachte verder in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten. Maatregel van schadevergoeding van € 50.000,00 subsidiair 285 dagen hechtenis Legt derhalve aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer Politie Brabant-Noord van een bedrag van € 50.000,- (zegge: vijftigduizend euro), bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 285 dagen hechtenis. Het bedrag betreft materiële schadevergoeding. De toepassing van deze vervangende hechtenis heft de hiervoor genoemde betalingsverplichting niet op. Verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade. T.a.v. 01/845300-12 feit 4: Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 4] Wijst de vordering van de benadeelde partij toe tot het hierna te noemen bedrag en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, [slachtoffer 4] van een bedrag van € 2.000,- ter zake immateriële schadevergoeding. Het totale toegewezen bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum van het delict tot aan de dag der algehele voldoening. Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil. Veroordeelt verdachte verder in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten. Maatregel van schadevergoeding van € 2.000,- subsidiair 30 dagen hechtenis Legt derhalve aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 4] van een bedrag van € 2.000,-, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 30 dagen hechtenis. Het bedrag betreft immateriële schadevergoeding. De toepassing van deze vervangende hechtenis heft de hiervoor genoemde betalingsverplichting niet op. Het totale bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum van het delict tot aan de dag der algehele voldoening. Verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade. T.a.v. 01/845300-12 feit 4: Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 5]. Veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 5] van een bedrag van € 2.275,- , te weten € 2.000,- ter zake immateriële schadevergoeding en een bedrag van € 275,- ter zake materiële schadevergoeding (post reiskosten). Het totale toegewezen bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum van het delict tot aan de dag der algehele voldoening. Bepaalt dat de benadeelde partij in de vordering voor het gedeelte betrekking hebbend op de materiële schadevergoeding (post verlies arbeidsvermogen) voor het overige niet ontvankelijk is. Wijst de vordering voor het overige (resterende bedrag reiskosten) af. Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil. Veroordeelt verdachte verder in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten. Maatregel van schadevergoeding van € 2.275,- subsidiair 32 dagen hechtenis Legt derhalve aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, [slachtoffer 5], van een bedrag van € 2.275,-, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 32 dagen hechtenis. Het bedrag bestaat uit een bedrag van € 2.000,- immateriële schadevergoeding en een bedrag van € 275,- materiële schadevergoeding (post reiskosten). De toepassing van deze vervangende hechtenis heft de hiervoor genoemde betalingsverplichting niet op. Het totale bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum van het delict tot aan de dag der algehele voldoening. Verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade. T.a.v. 01/845300-12 feit 4: Niet-ontvankelijkverklaring van de benadeelde partij [slachtoffer 1] in zijn vordering. Verklaart de benadeelde partij niet-ontvankelijk in zijn vordering. Compenseert de kosten van partijen aldus, dat elke partij de eigen kosten draagt. Dit vonnis is gewezen door: mr. P.H.M. Kuster, voorzitter, mr. C.M.W. Nobis en mr. W.F.J. Aalderink, leden, in tegenwoordigheid van L.F.M. Schulte, griffier, en is uitgesproken op 13 juni
- 1 Akte van geboorte p. 388 van einddossier I. 2 Proces-verbaal verhoor [slachtoffer 5] bij de RC d.d. 5 juli
- 3 Proces-verbaal verhoor [slachtoffer 1] bij de RC d.d. 5 juli
- 4 Proces-verbaal van verhoor van [persoon 1] p. 481 van einddossier I. 5 Proces-verbaal van verhoor [slachtoffer 1], p. 332 van einddossier I. 6 Proces-verbaal van de terechtzitting van 5 maart
- 7 Proces-verbaal van bevindingen p. 266-268 van einddossier I. 8 Proces-verbaal van bevindingen p. 804, 806, 807, 811, 812, 828 en 830 van einddossier I. 9 Proces-verbaal bevindingen p. 633 van einddossier I. 10 Proces-verbaal verhoor [slachtoffer 5] p. 630-631 van einddossier I. 11 Proces-verbaal verhoor aangever p. 370 van einddossier I. 12 Proces-verbaal verhoor aangever p. 384-385 van einddossier I. 13 Proces-verbaal verhoor aangever p. 354 van einddossier I. 14 Proces-verbaal verhoor verdachte p. 222-230 van einddossier I. 15 Proces-verbaal van de terechtzitting van 5 maart
- 16 Verklaring verdachte p. 41-45 van einddossier II. Proces-verbaal van verhoor [slachtoffer 5], p. 398 van einddossier I. 17 Proces-verbaal doorzoeking p. 266-272 en proces-verbaal bevindingen doorzoeking ter inbeslagneming, p. 279-297 van einddossier I. 18 Proces-verbaal onderzoek in beslag genomen goed p. 798-799 van einddossier I. 19 Akte van geboorte p. 388 van einddossier I . 20 Proces-verbaal bevindingen aangetroffen videobestanden p. 811, 818, 826, 827 en 838 van einddossier I. 21 Proces-verbaal onderzoek in beslag genomen goed, p. 800 van einddossier I. Proces-verbaal van bevindingen aangetroffen (foto)afbeelding bestanden, p. 842-843 van einddossier I. Aanvullend proces-verbaal d.d. 30 november 2012, op ambtseed opgemaakt door verbalisant [verbalisant 1], ongenummerd toegevoegd aan het dossier. 22 Akte van geboorte p. 388 van einddossier I. 23 Proces-verbaal verhoor [slachtoffer 5] bij de RC d.d. 5 juli
- 24 Proces-verbaal van verhoor van [persoon 1] p. 481 van einddossier I. 25 Proces-verbaal van verhoor [slachtoffer 1], p. 332 van einddossier I. 26 Proces-verbaal van de terechtzitting van 5 maart
- 27 Proces-verbaal verhoor verdachte p. 71 van einddossier I. 28 Proces-verbaal verhoor verdachte bij de politie p. 222 van einddossier I. 29 Proces-verbaal verhoor verdachte bij de politie p. 231 van einddossier I. 30 Proces-verbaal van de terechtzitting van 5 maart
- 31 Proces-verbaal aanvraag doorzoeking p. 273 van einddossier I. 32 Akte van geboorte p. 739 van einddossier I. 33 Proces-verbaal van aangifte [slachtoffer 2], p 656-662 en chatgesprekken p.691, 707, 714, 718, 724, van einddossier I. 34 Proces-verbaal van getuigenverhoor bij de R.C. d.d. 5 juli
- 35 Proces-verbaal van bevindingen p. 740 van einddossier I. 36 Proces-verbaal van de terechtzitting van 5 maart
- 37 Processen-verbaal van aangifte van [slachtoffer 3], p. 106 en p. 232 van einddossier II. 38 Processen-verbaal van verhoor aangever [slachtoffer 3], p. 232-233 en p. 244 van einddossier II. 39 Proces-verbaal verhoor aangever [slachtoffer 3], p. 233 en bijlage bij dit proces-verbaal p. 236, 238-239 van einddossier II. 40 Proces-verbaal verhoor verdachte, p. 38 van einddossier II. 41 Processen-verbaal van aangifte door verdachte, p. 89, 92-94, 96 van einddossier II en p. 222-223 van einddossier II. 42 Proces-verbaal van bevindingen m.b.t. historische printgegevens, p. 136 -137 van einddossier II. 43 Proces-verbaal van bevindingen p. 133-148 van einddossier II. 44 Proces-verbaal FTO p. 133-
- 45 Idem, p. 140 46 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 3], p. 106, 109 en 110 van einddossier II. 39 Proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer 3] bij de RC d.d. 25 februari
- 40 Bijlage bij proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 3], p. 109 van einddossier II. 49 Proces-verbaal van Forensisch Technisch Onderzoek FTO, Forensisch deel , Kennisgeving van inbeslagneming, p. 1, 2 en 15- 21 van einddossier II. 50 Proces-verbaal van bevindingen p. 230 van einddossier II. 51 Brief p. 242 van einddossier II. 52 Proces-verbaal verhoor aangever [slachtoffer 3], p. 243 van einddossier II. 53 Proces-verbaal van verhoor aangever p. 243-244 van einddossier II. 54 Proces-verbaal FTO p. 1, 2, 24, 124 en
- 55 Proces-verbaal FTO p. 3,
- 56 Proces-verbaal FTO p. 169, 227, 238, 249,
- 57 Proces-verbaal bevindingen p. 221 en proces-verbaal FTO p. 2, 4,
- 58 Proces-verbaal FTO p.
- 59 Proces-verbaal FTO p. 147,
- 60 Proces-verbaal FTO p. 8, 85 en
- 61 Proces-verbaal van aangifte p. 275-279 van einddossier II. 62 Proces-verbaal van aangifte p. 89, 90, 92-96 van einddossier II. 63 Proces-verbaal van aangifte p. 222-223 van einddossier II. 64 Proces-verbaal van aangifte en klacht door [slachtoffer 4] p. 261, 264-266 en proces-verbaal van verhoor aangever [slachtoffer 4], p. 268-269 van einddossier II. 65 Proces-verbaal van aangifte en klacht door [slachtoffer 5] p. 270-273 van einddossier II. 66 Proces-verbaal van verhoor aangever [slachtoffer 4], p. 268-269 van einddossier II. 67 Proces-verbaal van aangifte en klacht [slachtoffer 5], p. 270 van einddossier II, proces-verbaal van verhoor aangever [slachtoffer 5], p. 273 van einddossier II.