beschikking RECHTBANK OOST-BRABANT Familie- en Jeugdrecht Zaaknummer: C/01/288357 / JE RK 15-2 datum uitspraak: 16 januari 2015 beschikking verlenging ondertoezichtstelling in de zaak van STICHTING BUREAU JEUGDZORG NOORD-BRABANT, hierna te noemen: de stichting, gevestigd te Eindhoven betreffende [kind 1] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats], hierna te noemen: [kind 1], [kind 2] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats], hierna te noemen: [kind 2]. De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan: [naam] hierna te noemen: (
- de)vader, wonende te [plaats], [naam] hierna te noemen: (
- de)moeder, wonende te [plaats], RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING, hierna te noemen: de raad, gevestigd te Eindhoven. Het procesverloop Het procesverloop blijkt uit een tweetal verzoekschriften met bijlagen van de stichting van 29 december 2014, ingekomen ter griffie van deze rechtbank op 5 januari 2015. Op 15 januari 2015 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. Gehoord zijn: - twee vertegenwoordigers van de raad, - een vertegenwoordiger van de stichting. Opgeroepen en niet verschenen zijn: - de moeder, - de vader. De feiten Het ouderlijk gezag over [kind 1] en [kind 2] wordt uitgeoefend door de ouders. [kind 1] en [kind 2] wonen bij de moeder. Bij beschikking van 7 maart 2014 is de ondertoezichtstelling van [kind 1] en [kind 2] met ingang van 11 maart 2014 voor de duur van een jaar verlengd. Het verzoek De stichting heeft thans verzocht de ondertoezichtstelling van [kind 1] en [kind 2] te verlengen voor de duur van één jaar. De beoordeling De kinderrechter heeft geconstateerd dat de verzoekschriften tot verlenging van de ondertoezichtstelling zijn ingediend na 1 januari 2015, zijnde de datum waarop de nieuwe jeugdwetgeving in werking is getreden. Hierin is onder andere bepaald, voor zover hier relevant, dat alleen een gecertificeerde instelling een verzoek tot verlenging van een ondertoezichtstelling kan indienen. De onderhavige verzoekschriften zijn ingediend door de stichting, niet zijnde een gecertificeerde instelling. Ter zitting van 15 januari 2015 zijn de belanghebbenden in de gelegenheid gesteld hun standpunten kenbaar te maken. De stichting heeft verklaard dat zij niet-ontvankelijk is in haar verzoek. De raad heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de kinderrechter ter zake. Indien de stichting niet-ontvankelijk wordt verklaard, zal de raad schriftelijk een verzoek tot een nieuwe ondertoezichtstelling indienen, voordat de huidige ondertoezichtstelling expireert. De kinderrechter overweegt als volgt. De stichting is niet bevoegd tot het doen van het verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling, nu zij niet een gecertificeerde instelling is. Om die reden zal de kinderrechter de stichting niet-ontvankelijk in haar verzoek verklaren. De beslissing De kinderrechter: verklaart de stichting niet-ontvankelijk in haar verzoek. Deze beschikking is gegeven door mr. P.P.M. van Reijsen, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. S.E.M. Bullens als griffier en in het openbaar uitgesproken op 16 januari 2015. sem