vonnis RECHTBANK OOST-BRABANT Zaaknummer: 3261737 \ CV EXPL 14-8551 Kanton Eindhoven Zaaknummer: 3261737 \ CV EXPL 14-8551 Vonnis van 5 februari 2015 in de zaak van: de stichting Stichting Alri, gevestigd te Amsterdam, eiseres, gemachtigde: mr. T.H.G. Steenmetser, tegen: 1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Coltex B.V., 2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Forecast Huur B.V., beide gevestigd te Heerhugowaard, gedaagden, gemachtigde: mr. M.G. Costers. Partijen worden hierna “Alri”, “Coltex” en “Forecast Huur” genoemd. 1Het verloop van het geding Dit blijkt uit het volgende: a. de dagvaarding d.d. 23 juni 2014; b. de akte overlegging producties d.d. 31 juli 2014 van de zijde van Alri; b. de conclusie van antwoord, met producties; c. het besprokene tijdens de comparitie van partijen d.d. 2 december 2014 ten behoeve van welke zitting Alri op voorhand nadere producties in het geding heeft gebracht en mr. Steenmetser comparitieaantekeningen heeft overgelegd. Tot slot is een datum voor uitspraak bepaald. 2De feiten 2.1. Het gaat in deze zaak om het volgende. 2.1.1. Alri is een belegger in vastgoed en zij behoort tot het vastgoedbedrijf van de familie [R.]. 2.1.2. Coltex en alle aan haar gelieerde vennootschappen maken onderdeel uit van het kleding- en modeconcern van de familie [E.] dat verschillende merken exploiteert, zoals Steps, Superstar, Didi en Forecast. 2.1.3. Coltex heeft met ingang van 1 september 1999 met Alri een huurovereenkomst gesloten met betrekking tot de winkelruimte aan de Rechtestraat 29 en Markt 18 te Eindhoven. De huurovereenkomst is aangegaan voor een eerste huurperiode van tien jaar met twee opties tot verlenging van ieder vijf jaar. De huurovereenkomst loopt thans tot 31 augustus 2019 (productie 1 Alri). 2.1.4. Op 24 december 2013 is Coltex afgesplitst in zeven (nieuw op te richten) vennootschappen waarbij Coltex zelf is blijven voortbestaan. Na deze splitsing heeft Coltex haar bedrijfsstructuur aangepast. Delen van het vermogen van Coltex zijn onder algemene titel overgedragen aan verschillende verkrijgende vennootschappen, waaronder Forecast Huur (splitsingsvoorstel, productie 4 Alri). 2.1.5. Alri krijgt als gevolg van de splitsing in plaats van Coltex als huurder Forecast Huur, welke vennootschap voor € 814.492,-- aan huurverplichtingen per jaar heeft overgenomen van Coltex. 3.1. Het geschil 3.1. Alri vordert dat de kantonrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad: Primair: I. de tussen Alri en Forecast Huur geldende huurovereenkomst met betrekking tot de winkelruimte gelegen aan de Rechtestraat 29 en Markt 18 te Eindhoven wijzigt conform het bepaalde in punt 34 van de dagvaarding, te weten als volgt: “I. partijen komen overeen dat huurder aan verhuurder als zekerheid voor de nakoming van de uit deze huurovereenkomst voortvloeiende verplichtingen een concerngarantie verstrekt voor de gehele looptijd van de huurovereenkomst (inclusief eventuele verlengingen), conform het als productie 5 overgelegde model, afgegeven door Coltex Retail Group B.V. ter grootte van 6 (zes) maanden huur te vermeerderen met servicekosten en de omzetbelasting over deze bedragen, ad € 270.709,43; II. Partijen komen voorts overeen dat huurder aan verhuurder als aanvullende zekerheid voor de nakoming van de uit deze huurovereenkomst voortvloeiende verplichtingen een bankgarantie verstrekt voor de gehele looptijd van de huurovereenkomst (inclusief eventuele verlengingen), conform het als productie 6 overgelegde standaard ROZ-model bankgarantie, ter grootte van 6 (zes) maanden huur te vermeerderen met servicekosten en de omzetbelasting over deze bedragen, ad € 270.709,43. III. Indien huurder een uit deze huurovereenkomst voortvloeiende verplichting niet, niet volledig en/of niet tijdig nakomt, dan is het ter vrije beoordeling van verhuurder of verhuurder een beroep doet op de onder 1. verstrekte concerngarantie en/of op de onder II. verstrekte bankgarantie”; II. gedaagden, althans Forecast huur, veroordeelt om binnen veertien dagen na betekening van het vonnis een concerngarantie afkomstig van Coltex Retail Group B.V. te verstrekken aan Alri, conform de onder I. gewijzigde tussen Alri en Forecast Huur geldende huurovereenkomst, inclusief de modeltekst zoals opgenomen in productie 5 bij de dagvaarding, een en ander op straffe van een dwangsom van € 1.000,-- per dag of gedeelte van een dag, althans op straffe van een in goede justitie te bepalen bedrag per dag of gedeelte van een dag, dat gedaagden, althans Forecast Huur hieraan geen uitvoering geven/geeft; III. gedaagden, althans Forecast Huur, veroordeelt om binnen 14 dagen na betekening van het vonnis een bankgarantie te verstrekken aan Alri, conform de onder I gewijzigde tussen Alri en Forecast Huur geldende huurovereenkomst, inclusief de modeltekst zoals opgenomen in productie 6 bij de dagvaarding, een en ander op straffe van een dwangsom van € 1.000,- per dag of gedeelte van een dag, althans op straffe van een dwangsom van een in goede justitie te bepalen bedrag per dag of gedeelte van een dag, dat gedaagden, althans Forecast Huur, hieraan geen uitvoering geven/geeft; IV. voor recht verklaart dat, indien en voor zover in de tussen Alri en Coltex gevoerde procedure met rolnummer 13-6139 wordt vastgesteld dat Alri een bedrag dient te restitueren aan Coltex, Alri dat bedrag onder zich mag houden, als aanvullende zekerheid voor de nakoming van de verplichtingen die voor gedaagden, althans Forecast Huur, voortvloeien uit de huurovereenkomst; V. gedaagden hoofdelijk, althans Coltex, althans Forecast Huur, veroordeelt om binnen 14 dagen na betekening van het vonnis aan Alri te betalen een boete van € 2.616,18 per dag vanaf 24 december 2013 tot de dag waarop vonnis wordt gewezen en voorts voor recht verklaart dat gedaagden, althans Coltex, althans Forecast Huur ook vanaf de dag van het vonnis tot het moment dat de huurovereenkomst eindigt gehouden is de contractuele boete van art. 3.2 AB te voldoen aan Alri; Althans subsidiair voor het geval het primair gevorderde niet (geheel) wordt toegewezen: VI. de tussen Alri en gedaagde sub 2 geldende huurovereenkomst met betrekking tot de winkelruimte gelegen aan de Rechtestraat 29 en Markt 18 te Eindhoven, wijzigt conform het bepaalde in punt 35 van de dagvaarding, te weten als volgt: “Partijen komen overeen dat huurder aan verhuurder als zekerheid voor de nakoming van de uit deze huurovereenkomst voortvloeiende verplichtingen een concerngarantie verstrekt voor de gehele looptijd van de huurovereenkomst (inclusief eventuele verlengingen), conform het als productie 5 overgelegde model, afgegeven door Coltex Retail Group B.V. ter grootte van 6 (zes) maanden huur te vermeerderen met servicekosten en de omzetbelasting over deze bedragen, ad € 270.709,43”, althans conform een in goede justitie te bepalen wijze wijzigt; VII. gedaagden, althans Forecast Huur, veroordeelt om binnen 14 dagen na betekening van het vonnis een concerngarantie afkomstig van Coltex Retail Group B.V. te verstrekken aan Alri, conform de onder I. gewijzigde tussen Alri en Forecast Huur geldende huurovereenkomst, inclusief de modeltekst zoals opgenomen in productie 5 bij de dagvaarding, een en ander op straffe van een dwangsom van € 1.000,- per dag of gedeelte van een dag, althans op straffe van een in goede justitie te bepalen bedrag per dag of gedeelte van een dag, dat gedaagden, althans Forecast Huur, hieraan geen uitvoering geven/geeft; VIII. gedaagden hoofdelijk, althans Coltex, althans Forecast Huur, veroordeelt om binnen 14 dagen na betekening van het vonnis aan Alri te betalen een boete van € 2.616,18 per dag vanaf 24 december 2013 tot de dag waarop vonnis wordt gewezen en voorts voor recht verklaart dat gedaagden, althans Coltex, althans Forecast Huur ook vanaf de dag van het vonnis tot het moment dat de huurovereenkomst eindigt gehouden is de contractuele boete van art. 3.2 AB te voldoen aan Alri; Zowel primair als subsidiair: IX. gedaagden hoofdelijk veroordeelt in de kosten van het geding alsmede in de nakosten. 3.2. Alri heeft – samengevat – het volgende aan haar vorderingen ten grondslag gelegd. Het vermogen dat voor de splitsing aanwezig was in Coltex wordt door de splitsing grotendeels verdeeld onder de zeven nieuwe vennootschappen, namelijk Steps Huur B.V., Superstar Huur B.V., Didi Huur B.V., Forecast Huur B.V., Coltex Huur B.V., Coltex Operations B.V. en Coltex IP B.V., zonder dat deze verkrijgende vennootschappen zelf eigen vermogen inbrengen of creëren. Uit bijlage 4 bij het splitsingsvoorstel blijkt onder meer dat de verkrijgende vennootschappen in grote mate activa onttrekken aan Coltex. Uit de (pro forma) winst- en verliesrekeningen in bijlage 5 bij het splitsingsmodel blijkt dat Forecast Huur nagenoeg break-even draait. Het lijkt erop dat Forecast Huur geen eigen omzet genereert, omdat zij enkel de van Coltex verkregen liquide middelen en de van Coltex overgedragen (onder)huurovereenkomsten in eigendom heeft, zonder dat zij zelf bedrijfsactiviteiten heeft; zij fungeert slechts als huurder van de verschillende winkelpanden waarin een Forecast winkel is gevestigd. De huidige vennootschapsstructuur is opgezet als een ‘sterfhuisconstructie’ hetgeen Coltex na splitsing de mogelijkheid biedt om gemakkelijk en zonder enige financiële schade aan de totale keten, verlieslatende merken failliet te laten gaan of anderszins af te stoten waarbij Alri het risico loopt aanzienlijke schade te lijden. De zekerheid die de oorspronkelijk hurende vennootschap aan Alri bood is volledig weggevallen. Voorts wordt Alri geconfronteerd met een daling van de beleggingswaarde van het gehuurde nu de hoedanigheid van de huurder daarop van invloed is. Gelet hierop is het voor Alri van groot belang dat zij voldoende zekerheid krijgt om de nadelige gevolgen van deze risico’s uit te sluiten of te compenseren. Alri is door Coltex niet geïnformeerd over de splitsing en zij kan daartegen niet (langer) opkomen zodat de overeenkomsten naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet ongewijzigd in stand kunnen blijven. De bij het aangaan van de huurovereenkomst door Coltex Holding B.V. aan Alri verstrekte concerngarantie biedt na de splitsing niet langer voldoende zekerheid tegen de aanzienlijke risico’s die Alri loopt na de splitsing. Alri heeft daarom recht en belang om wijziging van de huurovereenkomst te vorderen op grond van artikel 2:334r lid 1 BW. Alri heeft voorts een aanvullend belang nu Coltex het gehuurde bij het aangaan van de huurovereenkomst ingrijpend heeft veranderd. Zij heeft onder meer de verdiepingsvloer tussen de begane grond en de eerste verdieping verwijderd. Alri heeft hiermee ingestemd onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat Coltex de verdiepingsvloer weer zou herstellen bij het einde van de huurovereenkomst. Gelet op de (financiële) positie van haar nieuwe huurder twijfelt Alri eraan of Forecast deze verplichting kan en zal nakomen. Alri maakt verder aanspraak op de contractuele boete wegens het inbrengen van de huurrechten in Forecast Huur zonder voorafgaande toestemming van Alri, zoals is vastgelegd in artikel 3.1 van de Algemene Bepalingen die bij de huurovereenkomst horen. Deze boete is ingevolge artikel 3.2. AB gelijk aan twee maal de op 24 december 2013 geldende huurprijs per dag, zijnde € 2.616,18. Op grond van artikel 2:334t BW zijn Coltex en Forecast Huur hoofdelijk aansprakelijk voor deze boete. 3.3. Gedaagden concluderen tot niet-ontvankelijkverklaring van Alri, althans tot afwijzing van haar vorderingen. Zij hebben daartoe – samengevat – het volgende aangevoerd. 3.3.1. Het Coltex concern houdt zich bezig met de exploitatie van onder andere de modeketens ‘Steps’, ‘Didi’, ‘Superstar’ en ‘Forecast’ die binnen het concern verschillende divisies vormen. Aan het hoofd van dit concern stond Coltex Retail Group B.V.. De structuur van het Coltex concern was niet optimaal. De exploitatie van de verschillende modeformules vond vóór de splitsing plaats in exploitatievennootschappen. Coltex was een ‘service-B.V.’ en verleende diensten ten behoeve van de exploitatievennootschappen. Daartoe behoorde het aangaan van huurovereenkomsten (en de verplichting tot betaling van de huurpenningen), het beheer van belangrijke intellectuele eigendomsrechten en het drijven van het hoofdkantoor, de distributiecentra en het verrichten van inkoopdiensten. De diensten die Coltex aan de exploitatievennootschappen verleende, werden naar rato doorberekend aan de exploitatievennootschappen en de huur die Coltex verschuldigd was, werd aan de desbetreffende vennootschappen doorbelast. Vanaf 2012 werd door geen van de divisies een positief resultaat geboekt. Het gevolg daarvan was dat niet alleen de afzonderlijke divisies verlies leden, maar ook het gehele Coltex concern. Het operationele resultaat van Coltex Retail Group B.V. is negatief sinds 2010. De vennootschappelijke structuur was zodanig dat als aan één van de divisies de inkomsten zouden ontvallen (door faillissement) de volledige kosten van Coltex over de andere divisies zouden (moeten) worden verdeeld. De overblijvende divisies zouden gezamenlijk niet in staat zijn die extra kosten te dragen, zodat bij het wegvallen van de inkomsten van één divisie Coltex ook niet meer aan haar verplichtingen zou kunnen voldoen. Dit zou tot gevolg hebben dat de andere divisies en ook Coltex Holding te lijden zouden hebben van het wegvallen van de inkomsten uit één divisie. Omdat de vennootschappelijke structuur gecombineerd met de negatieve resultaten van de verschillende divisies grote risico’s voor de continuïteit van het gehele Coltex concern met zich meebracht, is onderzocht hoe de structuur kon worden aangepast om de risico’s van de afzonderlijke divisies ook daadwerkelijk onder te brengen bij die divisies. Daarvoor was het nodig om de verplichtingen van de afzonderlijke divisies ook daadwerkelijk bij de afzonderlijke divisies onder te brengen. De herstructurering heeft eind 2013 plaatsgevonden waarbij
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.