RECHTBANK OOST-BRABANT Zittingsplaats 's-Hertogenbosch Bestuursrecht zaaknummer: SHE 15/6154 uitspraak van de voorzieningenrechter van 30 oktober 2015 op het verzoek om voorlopige voorziening in de zaak tussen [verzoeker] , te [woonplaats] , verzoeker en de burgemeester van de gemeente Valkenswaard, verweerder (gemachtigden: mr. H.G.W. van Heugten en M. Antonis). Als derde-partij heeft aan het geding deelgenomen: Exploitatie Stichting Eurocircuit, te Eersel, gemachtigde: de heer [persoon 1] . Procesverloop Bij besluit van 28 september 2015 (het bestreden besluit) heeft verweerder aan derde-partij een evenementenvergunning verleend voor het organiseren en het houden van het jaarlijkse evenement Dakar Pre Proloog op zondag 8 november 2015 op het Eurocircuit te Valkenswaard. Verweerder heeft de verlening van de evenementenvergunning op 14 oktober 2015 gepubliceerd in het Valkenswaard weekblad. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit bezwaar gemaakt. Hij heeft tevens de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 29 oktober
- Verzoeker is verschenen, bijgestaan door [persoon 2] . Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigden. Derde-partij is niet verschenen. Overwegingen
- De voorzieningenrechter gaat uit van de volgende feiten en omstandigheden. Op 27 juli 2015 heeft de derde-partij een vergunningaanvraag bij verweerder ingediend voor het jaarlijks terugkerende evenement Dakar Pre Proloog, op zondag 8 november 2015 op het Eurocircuit te Valkenswaard. Bij bestreden besluit heeft verweerder de evenementenvergunning verleend onder de in het besluit genoemde voorwaarden en beperkingen. Tevens is vermeld dat de milieuaspecten zijn geregeld in de op 31 augustus 1993 en 12 november 1998 aan derde-partij verleende milieuvergunningen. Verzoeker is omwonende van het Eurocircuit en heeft op 21 oktober 2015 een bezwaarschrift ingediend bij verweerder tegen het bestreden besluit. Verzoeker heeft op 23 oktober 2015 ook een verzoek, gericht op handhaving van de milieuvergunningen ingediend bij Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant, aangaande het gebruik van de oude vuilstort Victoriedijk en de omgeving in de gemeente Valkenswaard.
- Op grond van artikel 8:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht kan, indien tegen een besluit bezwaar is gemaakt, de voorzieningenrechter van de rechtbank die bevoegd kan worden in de hoofdzaak, op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.
- Ter zitting heeft verzoeker nader toegelicht dat hij geen bezwaar heeft tegen de in het bestreden besluit verleende evenementenvergunning, maar dat hij met zijn bezwaar en het onderhavige verzoek wil bereiken dat de voorschriften en beperkingen, die in dat besluit en in de voorheen verleende milieuvergunningen zijn vermeld strikt worden nageleefd.
- Verweerder heeft er ter zitting op gewezen dat hij hetzelfde belang beoogt als verzoeker, namelijk dat de voorwaarden worden nageleefd die zijn verbonden aan de verleende evenementenvergunning en aan de in het verleden verleende milieuvergunning. Verweerders gemachtigde Antonis heeft zich ter zitting bereid verklaard om in een gesprek met verzoeker en de heer [persoon 2] een nadere toelichting te geven op de maatregelen die verweerder heeft genomen met het oog op voormeld gemeenschappelijke belang.
- Ter zitting hebben beide partijen erkend dat, mede gelet op de ter zitting besproken standpunten, geen geschil bestaat over de juistheid van de bij het bestreden besluit verleende evenementenvergunning. Gelet op deze stand van zaken heeft verzoeker naar het oordeel van de voorzieningenrechter geen belang meer bij zijn verzoek om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter zal het verzoek daarom niet-ontvankelijk verklaren. Beslissing De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk. Deze uitspraak is gedaan door mr. mr. H.M.H. de Koning, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. C.G.M. Kosman, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 30 oktober
- griffier voorzieningenrechter Afschrift verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.