vonnis RECHTBANK OOST-BRABANT Civiel Recht Zittingsplaats 's-Hertogenbosch zaaknummer / rolnummer: C/01/264949 / HA ZA 13-466 Vonnis van 24 augustus 2016 in de zaak van 1 [eiser sub 1] , wonende te [woonplaats] , 2. [eiser sub 2], wonende te [woonplaats] , eisers, advocaat mr. G.S. de Haas te Raamsdonksveer, tegen de publiekrechtelijke rechtspersoon GEMEENTE BERGEIJK, zetelend te Bergeijk, gedaagde, advocaat mr. I.C. Nijenhuis te Nijmegen. Partijen zullen hierna [eisers] en Gemeente Bergeijk genoemd worden. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: het tussenvonnis van 27 augustus 2014 het deskundigenbericht de conclusie na deskundigenbericht van [eisers] de antwoordconclusie na deskundigenbericht van Gemeente Bergeijk. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De verdere beoordeling 2.1. In het tussenvonnis van 27 augustus 2014 heeft de rechtbank ing. R.J.C. van Alphen, verbonden aan Grontmij Nederland BV, benoemd tot deskundige ter beantwoording van de navolgende vragen: Heeft het perceel van [eisers] door zijn lage ligging ten opzichte van de omringende percelen een verhoogde kans op wateroverlast bij hevige regenval? Kunt u beschrijven welke aanvullende maatregelen ten behoeve van het voorkomen van wateroverlast bij hevige regenval door respectievelijk [eisers] en Gemeente Bergeijk zijn getroffen? Kunt u aangeven of het perceel van [eisers] door deze maatregelen op een vergelijkbaar niveau tegen wateroverlast bij hevige regenval is beschermd als de omringende percelen? Als u de vorige vraag ontkennend beantwoord: welke aanvullende maatregelen zijn nodig en wat zijn de kosten daarvan? Kunt u daarbij meer specifiek aangeven of de inrichting en capaciteit van de gemeentelijke riolering (inclusief de pomp ter plaatse van het perceel van [eisers] ) op zichzelf genomen toereikend zijn om met aanvullende maatregelen een gelijkwaardig beschermingsniveau als bedoeld in vraag 3 te realiseren? Zijn er nog andere punten die u naar voren wilt brengen waarvan de rechter volgens u kennis dient te nemen bij de verdere beoordeling? 2.2. De deskundige heeft deze vragen in zijn rapport van 1 december 2015 samengevat als volgt beantwoord: Ad 1. Het antwoord op de vraag is ja. Het perceel [adres perceel] heeft op basis van het AHN2 (Actueel Hoogtebestand Nederland versie 2) een maaiveldniveau rond de woning van globaal NAP+28,00 tot +28,10. Het vloerpeil bedraagt +28,05 m. Het wegpeil voor de woning varieert van NAP +28,10 tot NAP + 28,20 m. De weg ligt dus gemiddeld 0,10 m hoger dan het terrein van het perceel en het vloerpeil van de woning. De aanliggende panden en de brandgang hebben een peil van circa NAP + 28,40 m en liggen derhalve circa 0,35 m hoger dan het terrein van het perceel en het vloerpeil van de woning. Het perceel is als gevolg van deze omstandigheden waar er water op straat optreedt bijzonder kwetsbaar voor wateroverlast. Zonder maatregelen zullen het perceel en het pand in elke situatie waarin het rioolstelsel de neerslag niet kan verwerken wateroverlast ervaren. Ad 2. [eisers] heeft op aanraden van Gemeente Bergeijk in 2002 een gescheiden rioolstelsel op eigen terrein aangelegd. Gemeente Bergeijk heeft daarvoor een bijdrage in de kosten geleverd. Voorts heeft [eisers] een muur geplaatst aan de linker achterzijde van het perceel. De deur in de muur is afsluitbaar met zandzakken. Als de zandzakken tijdig worden geplaatst, kan hiermee worden voorkomen dat water vanuit de brandgang het perceel op stroomt. Gemeente Bergeijk heeft de volgende maatregelen getroffen: Het gemaal bij het perceel van [eisers] is aangesloten op het gemalenbeheersysteem van Gemeente Bergeijk; Er is een regenmeter geplaatst in de lantaarnpaal bij het perceel, die gekoppeld is aan het gemalenbeheersysteem; Er is een waterstandmeter geplaatst in de straat [naam straat] in een inspectieput dicht bij het perceel, die gekoppeld is aan het gemalenbeheersysteem; Er zijn twee waterstandmeters geplaatst in inspectieputten op andere locaties ( [naam straat] en [naam straat] ) in de wijk, die gekoppeld zijn aan het gemalenbeheersysteem; De vrijvervalverbinding tussen de terreinriolering van [eisers] en de openbare riolering is dichtgezet. De terreinriolering is aangesloten op de pompput; Er is een interne noodoverstort aangelegd ter plaatse van put 310700 (kruising [naam straat] / [naam straat] ) met een drempelhoogte van 27,40 m +NAP en een drempellengte van 2,00 m; Er is een overstortleiding aangelegd met een doorsnee van 800 mm aangelegd van put 310700 (kruising [naam straat] / [naam straat] ) naar de droogstaande sloot langs de geluidswal gelegen langs de [naam straat] . De overstortleiding heeft een externe overstort op de sloot met een drempelhoogte van 27,40 m +NAP en een drempellengte van 1,35 m. Het afschot van de leiding ligt in de richting van de sloot; Er is een ledigingsgemaal gebouwd op het laagste punt van de overstortleiding met een capaciteit van 50 m3/h; Er is een terugslagklep geplaatst in de streng van put 310310 naar put 310311 ter plaatse van laatstgenoemde put die gelegen is in het voetpad tussen [naam straat] en [naam straat] ; Er is een schildmuur aangebracht in de streng van put 310364 naar put 310601 ter plaatse van put 310364 (kruising [naam straat] / [naam straat] ). Ad 3. Het antwoord op deze vraag is nee. Daarbij is de deskundige tot de volgende conclusies gekomen: Het veiligheidsniveau van de panden in de omgeving is hoger dan dat van het perceel [adres perceel] . Een bui met een herhalingstijd van 1 keer per 100 jaar zal bij deze panden niet of nauwelijks tot water in de woning leiden. Er zijn sterke aanwijzingen dat de afvoercapaciteit van de terreinriolering onvoldoende is. Een slechte afstroming, met als gevolg vervuiling, kan hiervan de oorzaak zijn. De binnenriolering is niet voorzien van ontspanningsleidingen. Voor het goed functioneren van zowel de terreinriolering als de binnenriolering is het noodzakelijk dat beide systemen ontspannen worden (atmosferische toestand). Voor de binnenriolering betekent dat dat er ontspanningsleidingen aanwezig moeten zijn, voor de terreinriolering betekent dat de hemelwaterafvoeren zonder stankafsluiter hierop aangesloten moeten zijn. Zie bijlage 5 waarop enkele hemelwaterafvoeren te zien zijn met stankafsluiter. Op het perceel [adres perceel] is weinig berging op straat onder het niveau van de dorpels van de deuren aanwezig. Als er water op het terrein komt te staan door onvoldoende capaciteit van de terreinriolering of de pomp, zal dit al snel de woning instromen. De pomp voor de bemaling van [adres perceel] heeft een time-out van vier minuten na bereiken van het afslagpeil. Dit is ongewenst, omdat de kans op het optreden van water op het perceel van [eisers] hierdoor toeneemt. De capaciteit van de pomp leidt theoretisch bij buien met een herhalingstijd zwaarder dan 1 keer per 2 jaar tot water op straat. De afstroming van regenwater van naastgelegen percelen naar het perceel [adres perceel] is niet te kwantificeren. De analyse van drie buien geeft geen aanwijzingen dat er sprake is van grote hoeveelheden afstromend water. Uit hydraulische berekeningen blijkt dat er bij buien met een herhalingstijd groter dan 1 keer per 10 jaar water van de straat kan afstromen naar het perceel [adres perceel] . Ad 4. De deskundige acht het wenselijk om het beschermingsniveau voor het perceel te verhogen naar 1 keer per 100 jaar. Dit beschermingsniveau hebben de meeste andere woningen in de wijk en het is aannemelijk dat het beschermingsniveau voor het perceel vóór de aanleg van de nieuwe woningen ook ongeveer op dat niveau lag. De noodzakelijke maatregelen om op dit beschermingsniveau uit te komen zijn volgens de deskundige: Verlaging van het maaiveld van het perceel tot circa vijf cm onder het laagste vloerpeil, zodanig dat een berging van 18 mm ten opzichte van het totale afvoerend oppervlak ontstaat. Rekening houdend met de toegankelijkheid voor mensen die slecht ter been zijn worden de kosten van herbestrating geraamd op € 10.000,00; Verbetering afstroming terrein en binnenriolering. De kosten van aanpassing van het verticale alignement en het aanbrengen van ontspanningsleidingen worden geraamd op € 7.500,00. Daarnaast wordt geadviseerd de terreinriolering minimaal jaarlijks te reinigen; Reductie van de bovengrondse aanvoer vanaf de weg door het aanbrengen van een waterkerende drempel die tien tot vijftien cm boven het maximale wegpeil ter plaatse moet uitstijgen. Rekening houdend met de toegankelijkheid van het perceel voor mensen die slecht ter been zijn worden de kosten hiervan geraamd op € 3.000,00; Voorkoming van afstroming van naastgelegen percelen door het plaatsen van damwandschermen met een hoogte van 0,50 m over een afstand van 75 m. De kosten hiervan worden geraamd op € 10.000,00; Vervanging van de huidige pomp van de terreinriolering door een pompinstallatie met twee pompen met een capaciteit van elk 30 m3/h. De nieuwe pompinstallatie dient op het gemeentelijk gemalenbeheersysteem te worden aangesloten. De kosten van plaatsing van een nieuwe put met twee pompen van elk 30 m3/h worden geraamd op € 30.000,00. Als minder berging op het maaiveld van het perceel kan worden gerealiseerd dan 18 mm dient de pompcapaciteit te worden vergroot. Het rioolstelsel kan, aldus de deskundige, een bui van het type 08 afvoeren zonder dat er ter plaatse van het perceel water op straat optreedt. Daarmee voldoet het aan de gangbare normen voor de afvoercapaciteit van rioolstelsels. De pomp voor de terreinriolering heeft een time-out van 4 minuten en is kwetsbaar omdat er geen reservepomp is. De afvoercapaciteit van de huidige pomp in combinatie met de berging in de pompput zorgt theoretisch voor 1 keer per 2 jaar water op het maaiveld van het perceel. Dit leidt direct tot wateroverlast in de woning. Daarom dient de huidige pompinstallatie vervangen worden door een systeem met twee pompen. Over het functioneren van de terreinriolering bestaat twijfel. Ontspanningsleidingen ontbreken en er is vervuiling geconstateerd. Dit kan van invloed zijn op de afvoercapaciteit van het stelsel naar de pomp. Ad 5. Niet duidelijk is of de (terrein)riolering in de brandgang voldoende afvoert. Het kan zijn dat deze vervuild is, waardoor eerder water op straat ontstaat in de brandgang. Dit water kan afstromen naar het perceel van [eisers] . Gemeente Bergeijk heeft echter onderzoek van het terreinriool afgewezen. 2.3. [eisers] heeft –verkort en zakelijk weergegeven - aangegeven zich in grote lijnen te kunnen vinden in het rapport van de deskundige. Wel acht hij het ongelukkig dat de deskundige bij de hydraulische berekeningen uitgegaan is van het door Gemeente Bergeijk aangeleverde rioleringsmodel zonder onderzoek naar de betrouwbaarheid van de verstrekte gegevens te doen. Voorts vindt hij dat de gebruikte rekenmodellen als regel een te optimistisch beeld geven doordat (kort gezegd) geabstraheerd wordt omstandigheden die zich in de praktijk kunnen voordoen. Zo is geen rekening gehouden met de mogelijkheid van hydraulische weerstand als gevolg van de aanwezigheid van boomwortels e.d. in de rioolbuizen en is gerekend met “losse” buien in plaats van kort opeenvolgende buien. Ten aanzien van de terreinriolering merkt [eisers] op dat het rapport onvoldoende grond biedt voor de vaststelling dat de terreinriolering van zijn perceel mede debet is aan de door hem ervaren problemen. Zoals de deskundige zelf heeft aangegeven, kan de oorzaak van het niet volledig leegstromen van de riolering zonder aanvullende metingen niet met 100 % zekerheid worden vastgesteld. Zonder nader onderzoek kan de deskundige niet de conclusie trekken dat het verticale alignement van de terreinriolering verbeterd moet worden. 2.4. Gemeente Bergeijk heeft –verkort en zakelijk weergegeven - aangevoerd dat [eisers] nog steeds niet aan zijn stelplicht heeft voldaan. Hij heeft immers niet gespecificeerd voor welke concrete overlastsituaties hij Gemeente Bergeijk aansprakelijk houdt. Dit dient tot afwijzing van de vorderingen te leiden. Indien de rechtbank van oordeel is dat er (mogelijk) wel ruimte voor aansprakelijkheid is, dient de rechtbank terug te komen op hetgeen zij in rechtsoverweging 4.2 van het tussenvonnis van 26 maart 2014 heeft overwogen, althans het daar gegeven oordeel te nuanceren. Over het rapport van de deskundige merkt Gemeente Bergeijk op dat daarin bevestigd wordt dat de in het verleden getroffen maatregelen effect hebben gehad, maar dat Gemeente Bergeijk er (net) niet in is geslaagd voor het perceel van [eisers] een statisch gelijkwaardig beschermingsniveau te realiseren als geldt voor de omringende percelen. In de opsomming van de getroffen maatregelen ontbreken enkele maatregelen, terwijl evenmin is vermeld dat [eisers] heeft nagelaten (deels in strijd met gemaakte afspraken) een aantal maatregelen te treffen. Anders dan [eisers] stelt, is de conclusie van de deskundige dat er sterke aanwijzingen zijn dat de afvoercapaciteit van de terreinriolering onvoldoende is wel degelijk gestaafd door feitelijke constateringen. Dat er geen uitputtend onderzoek is gedaan naar de staat en ligging van de terreinriolering doet daar niet aan af. Uit de analyse van de deskundige blijkt, dat de capaciteit van het gemeentelijk rioolstelsel en van de pomp (30 m³/
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.