← Nederland

ECLI:NL:RBOBR:2021:2925

beslissing RECHTBANK OOST-BRABANT Verschoningskamer zaaknummer: VR 21/001 Beslissing van 27 mei 2021 van de meervoudige verschoningskamer van de rechtbank op het verzoek ex artikel 40 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) van mr. V.G.T. van Emstede, rechter in deze rechtbank hierna te noemen: de rechter, in zijn hoedanigheid van rechter-commissaris in een cluster van de volgende aan elkaar gelieerde faillissementen van: Naam: Faillissementsnummer: Queenspark C.V. F 11/437 Queenspark Beheer B.V. F 11/438 Beheersmaatschappij Floris B.V. F 11/640 Leonardo Properties Vught B.V. F 11/641 Leonardo Participations BV. F 11/706 Klassische Immobilien Deutschland B.V. F 11/707 German Supermarkets “Sagittarius” Properties IV B.V. F 11/708 “Sagittarius” Properties V B.V. F 11/709 “Sagittarius” Properties VI Finance B.V. F 11/710 Sagittarius Properties VI B.V. F 11/811 IBIM Vastgoed B.V. F 11/919 2SQR Holding B.V. F 12/14 2SQR Participatiemaatschappij B.V. F 12/370 L2BH B.V. F 12/770 What UC is What You Get B.V. F 12/809 2SQR Management B.V. F 12/816 B.V. Diependael F 13/588 German Supermarkets “Sagittarius” Properties II B.V. F 13/868 City Theater Venlo B.V. F 13/902 Accessio Beheer B.V. F 14/27 Sagittarius Properties VII B.V. F 18/351 1De procedure De rechter is benoemd als rechter-commissaris in bovengenoemde faillissementen en heeft op 25 mei 2021 een verschoningsverzoek ingediend. 2Het verschoningsverzoek De rechter heeft aan zijn verschoningsverzoek het volgende ten grondslag gelegd. (Indirect) bestuurder en aandeelhouder van (een aantal van) de vennootschappen is de heer [naam] . [naam] pretendeert volgens de curator in de faillissementen een vordering van 7 miljoen euro te hebben op 2SQR Holding B.V. (zaak F 12/14), waarvoor het gehele cluster van faillissementen aansprakelijk zou zijn. De rechter was tot 1 september 2015 werkzaam als advocaat bij Höcker Advocaten in Amsterdam. In die hoedanigheid heeft de rechter [naam] bijgestaan in enkele kwesties. De rechter heeft [naam] op 21 januari 2014 geadviseerd over een specifieke kwestie die mede betrekking heeft op de hiervoor genoemde vennootschappen. De kwestie waarover de rechter destijds als advocaat heeft geadviseerd zal volgens de curator in de hiervoor genoemde faillissementen bij de uiteindelijke financiële afwikkeling van deze faillissementen een wezenlijk punt kunnen zijn. De rechter vindt dat deze feiten en omstandigheden maken dat de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden, indien hij blijft fungeren als rechter-commissaris in voornoemde faillissementen. Om die reden verzoekt de rechter hem toe te staan zich van de functie van rechter-commissaris in de hiervoor genoemde faillissementen te verschonen. 3De beoordeling 3.

  1. Gelet op het bepaalde in artikel 40 Rv, kan een rechter die een zaak behandelt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden verzoeken zich te mogen verschonen. 3.
  2. Bij de beoordeling van een verschoningsverzoek dient uitgangspunt te zijn dat de rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich een uitzonderlijke omstandigheid voordoet, die een zwaarwegende aanwijzing oplevert voor het oordeel dat een rechter jegens een partij bij een geding een vooringenomenheid koestert (de subjectieve toets). Daarnaast kan er onder omstandigheden reden zijn voor verschoning, als, afgezien van de persoonlijke opstelling van de rechter in de zaak, de bij een partij bestaande vrees voor onpartijdigheid van die rechter objectief gerechtvaardigd is, waarbij rekening moet worden gehouden met uiterlijke schijn (de objectieve toets). Het subjectieve oordeel van een partij is niet doorslaggevend. 3.
  3. Uit het verschoningsverzoek blijkt dat sprake is van feiten en omstandigheden die de conclusie rechtvaardigen dat de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen leiden. De verschoningskamer ziet in de door de rechter gegeven motivering van het verschoningsverzoek voldoende grond voor verschoning. Het verschoningsverzoek zal daarom worden toegewezen. 4De beslissing De verschoningskamer van de rechtbank wijst het verzoek tot verschoning van mr. Van Emstede toe, en verstaat dat in de genoemde faillissementen een andere rechter-commissaris zal worden benoemd. Deze beslissing is gegeven door mr. H.M.H. de Koning, voorzitter, mr. J.J. Janssen en mr. S.M.J. Korthuis-Becks, leden, in tegenwoordigheid van de griffier mr. J.R. Leegsma en in het openbaar uitgesproken op 27 mei 2021
  4. De voorzitter De griffier is verhinderd de beslissing mede te ondertekenen. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open (artikel 41 lid 3 Rv).

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.