← Nederland

ECLI:NL:RBOBR:2022:327

RECHTBANK OOST-BRABANT Civiel Recht Zittingsplaats Eindhoven Zaaknummer: 9616198 \ EJ VERZ 22-7 Beschikking d.d. 2 februari 2022 in de zaak van Max Ruffini, geboren op 4 april 2005, wonende te Liessel, verzoeker, procederend in persoon. 1De procedure 1.

  1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - het verzoek tot handlichting ex artikel 1:235 BW met bijlagen, ingekomen ter griffie op 4 januari 2022; - de mondelinge behandeling is gehouden op 31 januari 2022, waaraan werd deelgenomen door Max zijn vader Norbert Frans Agnes Jozef Ruffini en zijn moeder Annette Akkermans. 1.
  2. Vervolgens is beschikking bepaald. 2Het verzoek 2.
  3. Max Ruffini is minderharig en wenst bepaalde bevoegdheden te krijgen van een meerderjarige. De reden hiervoor is dat hij een onderneming wil starten in gadgets met de naam GadgetsNmore. Het is een webshop die gadgets verkoopt die betrekking hebben op huis- en tuinartikelen. Voor het oprichten van deze onderneming heeft hij een zakelijke bankrekening nodig en daarom verzoekt hij de kantonrechter hem handlichting te verlenen. 3De beoordeling 3.
  4. De kantonrechter heeft vastgesteld dat Max Ruffini de leeftijd van zestien jaar heeft bereikt en dat zijn vader en moeder, die het gezag over hem uitoefenen, met de verzochte handlichting instemmen. De kantonrechter heeft uit het met Max Ruffini gevoerde gesprek voorts vast kunnen stellen dat hij voldoende heeft nagedacht over zijn beslissing om een eigen onderneming te starten en dat hij zich bewust is van het feit dat hij zich daarvoor niet in de grote schulden moet steken. Ook zijn ouders hebben aangegeven vertrouwen te hebben in het vermogen van hun zoon om de onderneming op een verstandige manier te runnen, waarbij zijn vader heeft aangegeven dat hij zijn zoon ook kan en wil helpen. 3.
  5. Gelet op het verzoek, wat er op de zitting is besproken, en artikel 1:235 BW acht de kantonrechter het dan ook verantwoord om het verzoek toe te wijzen en aan Max Ruffini de verzochte handlichting te verlenen. De minderjarige verkrijgt door handlichting echter niet een algemene, ongeclausuleerde bekwaamheid alsof hij de leeftijd van achttien jaren zou hebben bereikt. 3.
  6. Tot slot wordt het volgende overwogen. De bij deze beschikking verleende handlichting werkt niet reeds vanaf de datum van de beschikking, maar eerst vanaf de datum van publicatie zodat derden daarvan kennis kunnen nemen. Artikel 1:237 lid 1 BW bepaalt dat de beschikking waarbij handlichting is verleend, bekend moet worden gemaakt in de Staatscourant en twee in de beschikking aan te wijzen dagbladen. De bedoeling van de wetgever is daarbij geweest dat op die manier zoveel mogelijk personen kennis konden nemen van de handlichting. Tegenwoordig is echter toegang tot internet voor (vrijwel) iedereen beschikbaar, waardoor publicatie van de handlichting op het internet in de praktijk een ruimer bereik heeft dan een publicatie in een dagblad. De kantonrechter is dan ook van oordeel dat met publicatie van de handlichting op die wijze volstaan kan worden. Nu de Staatscourant op internet beschikbaar is kan daarmee worden volstaan; Max Ruffini zal voor deze publicatie dienen zorg te dragen. Daarnaast zal de beschikking (niet geanonimiseerd) door de griffier worden gepubliceerd op de internetpagina www.rechtspraak.nl, zodat de inhoud daarvan ook via die weg kenbaar is. 3.
  7. Max Ruffini zal er rekening mee moeten houden dat de verleende handlichting niet eerder geldt dan wanneer de publicatie een feit zijn. 4De beslissing De kantonrechter: verleent aan Max Ruffini, geboren op 4 april 2005 te Sittard-Geleen, handlichting met betrekking tot het aangaan van overeenkomsten in het kader van de webshop GadgetsNmore waaronder het openen van een zakelijke bankrekening; draagt Max Ruffini op deze beschikking te publiceren in de Staatscourant; bepaalt dat deze beschikking door de griffier van deze rechtbank niet geanonimiseerd zal worden gepubliceerd de internetpagina www.rechtspraak.nl. Deze beschikking is gegeven door mr. J.M.J. Godrie, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 2 februari 2022, in tegenwoordigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.