RECHTBANK OOST-BRABANT Zittingsplaats ’s-Hertogenbosch zaaknummer : 11620110 TD VERZ 25-577 dossiernummer : BM 41058datum : 24 juli 2025 [initialen griffier] beschikking op een verzoek tot opheffing van bewind op verzoek van: [naam] , geboren te [plaatsnaam] op [geboortedatum] , wonende te [adres] , hierna te noemen: betrokkene, met als bewindvoerder Reeling Bewindvoerders B.V., [kamer van koophandel] , [adres] . procedure De kantonrechter heeft kennisgenomen van: - het verzoek (met bijlage), ontvangen op 28 maart 2025; - de schriftelijke reactie van de bewindvoerder, ontvangen op 20 mei
- Het verzoek is mondeling behandeld op 3 juli
- Van hetgeen is besproken op de zitting zijn aantekeningen gemaakt. Ter zitting zijn betrokkene, haar begeleidster van Reinier van Arkel en de bewindvoerder verschenen. beoordeling Betrokkene vraagt om opheffing van het bewind. Het bewind is destijds ingesteld vanwege de geestelijke/lichamelijke toestand van betrokkene. Het gaat momenteel goed met betrokkene en ze is financieel stabiel. Sinds enkele maanden is ze bezig met een zelfstandigheidstraject en dat verloopt goed. Betrokkene acht zich in staat haar financiën te beheren. De bewindvoerder stelt dat betrokkene inderdaad is gestart met een zelfredzaamheidstraject. Zij ontvangt haar leefgeld maandelijks en een klein aantal vaste lasten betaalt zij zelf van haar leefgeldrekening. Dat gaat goed. Betrokkene vraagt wel vaker extra leefgeld aan. De bewindvoerder is van oordeel dat betrokkene eerst het volledige zelfstandigheidstraject naar behoren dient te doorlopen, alvorens het bewind kan worden opgeheven. Op de zitting heeft betrokkene aangegeven dat zij meerdere contactpersonen bij het bewindvoerderskantoor heeft gehad. Met de laatste contactpersoon heeft zij de afspraak gemaakt dat zij zou starten met het zelfstandigheidstraject en in de tussentijd het opheffingsverzoek mocht indienen. Dat heeft ze nu gedaan. Ook had ze met hem afgesproken dat ze extra geld mocht aanvragen voor de reiskosten naar het Radboud ziekenhuis. Deze contactpersoon is ineens vertrokken en ze heeft nog geen nieuwe contactpersoon. Het bewind verloopt daardoor momenteel rommelig, het lukt niet om tot afspraken te komen. De begeleidster van betrokkene heeft op de zitting aangevoerd dat zij betrokkene in staat acht om zelfstandig haar financiën te beheren. Als het nodig is kan ze ook hulp vragen aan de begeleidster. Zij heeft wekelijks contact met haar en is dus nauw betrokken. Betrokkene blijft in beeld bij het FACT-team. De bewindvoerder heeft bevestigd dat betrokkene inderdaad extra geld mocht aanvragen voor de reiskosten naar het Radboud ziekenhuis. Het budget van betrokkene is krap. Zij blijft bij haar standpunt dat het zelfstandigheidstraject nog verder dient te worden doorlopen. Het klopt dat betrokkene nu nog geen contactpersoon heeft, de verwachting is dat betrokkene binnen 2 weken een nieuwe contactpersoon toegewezen krijgt. De bewindvoerder is niet op de hoogte van de afspraken tussen de vorige contactpersoon en betrokkene met betrekking tot het zelfstandigheidstraject en weet daarom niet hoe lang het zelfstandigheidstraject oorspronkelijk nog zou duren. Zij denkt zelf dat, gelet op de vakantieperiode, er nog ongeveer 3 tot 4 maanden nodig is. De kantonrechter overweegt als volgt. Het bewind is destijds ingesteld vanwege de geestelijke/lichamelijke toestand van betrokkene. Betrokkene geeft aan dat die grond niet meer aanwezig is. Ook de begeleider van betrokkene heeft op de zitting aangegeven dat het weer goed gaat met betrokkene en dat zij van mening is dat zij zelf weer haar vermogensrechtelijke belangen kan behartigen. Betrokkene is begonnen met een zelfstandigheidstraject, wat tot nu toe goed verloopt. De op zitting aanwezige bewindvoerder heeft onvoldoende concreet gemaakt welke stappen in het zelfstandigheidstraject nog moeten worden doorlopen om wel een goedkeuring te kunnen geven op het opheffingsverzoek. Betrokkene heeft al meerdere contactpersonen gehad binnen het bewindvoerderskantoor en op het moment van de zitting zelfs geen. Dit is een kwalijke zaak en mag niet ten nadele van betrokkene uitpakken. Betrokkene heeft zich tot nu toe aan de afspraken gehouden. Wat de kantonrechter ook belangrijk vindt is dat betrokkene heeft laten zien dat zij hulp kan vragen als zij het nodig heeft en dat deze ook hulp geboden kan worden via de begeleider. De kantonrechter acht de noodzaak van het bewind dan ook niet aanwezig en het zal verzoek opheffing van het bewind toewijzen. beslissing De kantonrechter: - heft het bewind ten behoeve van [naam betrokkene] op met ingang van twee weken na verzending van deze beschikking. Deze beschikking is gegeven door mr. Z.C.J. Adams, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 24 juli
- Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch: a. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak; b. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.