← Nederland

ECLI:NL:RBOVE:2013:960

RECHTBANK OOST - NEDERLAND Afdeling Strafrecht - Meervoudige Strafkamer Parketnummer: 07.653348-12 (P) Uitspraak: 21 mei 2013 VONNIS IN DE STRAFZAAK VAN: het openbaar ministerie tegen [verdachte 1], geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats], wonende te [adres 1], [woonplaats]. ONDERZOEK TER TERECHTZITTING Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgevonden op 7 mei 2013. De verdachte is niet in persoon verschenen. De verdachte is ter terechtzitting verdedigd door mr. J. Vlug, advocaat te Deventer, die heeft verklaard daartoe uitdrukkelijk te zijn gemachtigd. Als officier van justitie was aanwezig mr. A.K.J. Kooij. TENLASTELEGGING De verdachte is ten laste gelegd dat: 1. Hij op of omstreeks 27 maart 2012 in de gemeente Deventer tezamen en in vereniging met een ander en anderen, althans alleen, opzettelijk heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad (in een woning aan de [adres 2]), een hoeveelheid van ongeveer 306 hennepplanten, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram hennep, zijnde hennep een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet; 2. Hij in of omstreeks de periode van 17 januari 2012 tot en met 27 maart 2012 in de gemeente Deventer tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een hoeveelheid elektrische energie (stroom), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan ENEXIS B.V., in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en/of zijn mededader(

  1. s)zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking; 3. Hij in of omstreeks de periode van 17 januari 2012 tot en met 27 maart 2012 in de gemeente Deventer, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk een elektriciteitswerk, te weten een zogenaamde meterkast en/of elektriciteitsinstallatie voor de stroomvoorziening in een woning aan de [adres 2] heeft/hebben vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt en/of een stoornis in de gang en/of in de werking van die meterkast en/of elektriciteitsinstallatie voor die stroomvoorziening heeft/hebben veroorzaakt en/of een ten opzichte van die meterkast en/of elektriciteitsinstallatie voor die stroomvoorziening, genomen veiligheidsmaatregel(
  2. en)heeft/hebben verijdeld, immers heeft hij, verdachte, en/of één of meer van zijn mededader(
  3. s)in een elektriciteitsnetwerk/lektriciteitsinstallatie/elektriciteitsaansluiting, welke onderdeel uitmaakt van voornoemde woning, - het deksel van de aansluitkast geopend en/of verwijderd en/of - een illegale aftakking/aansluiting op de bovenzijde van de zekeringhouders in de aansluitkast gemaakt en/of - de hoofdbeveiliging in de aansluitkast gemanipuleerd en/of verzwaard en/of - een installatie gemaakt/aangelegd die bestaat uit buigzame leidingen en/of - niet/onvoldoende onder spanning staande delen afgeschermd tegen directe en indirecte aanraking, zodanig dat daarvoor gemeen gevaar voor brand en/of kortsluiting en/of elektrocutie in die woning en/of in één of meer belendende woning(en), in elk geval gemeen gevaar voor goederen, te duchten was. VOORVRAGEN De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaarding geldig is, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging. BEWIJSOVERWEGINGEN Het standpunt van het openbaar ministerie De officier van justitie heeft ter terechtzitting vrijspraak van verdachte gevorderd ten aanzien van hetgeen onder 1, 2 en 3 ten laste is gelegd. Het standpunt van de verdediging De raadsman van verdachte heeft vrijspraak bepleit van het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde. De raadsman heeft daartoe aangevoerd dat onvoldoende wettig en overtuigend bewijs voorhanden is om tot een bewezenverklaring van voornoemde ten laste gelegde feiten te komen. Het oordeel van de rechtbank De rechtbank overweegt het volgende. Naar aanleiding van een anonieme melding heeft op 21 maart 2012 een warmtemeteronderzoek plaatsgevonden op de mogelijke aanwezigheid van een hennepkwekerij in het perceel [adres 2] te Deventer alwaar medeverdachte [verdachte 2] woonde. De verbalisant zag dat het dak van het voornoemde perceel aanzienlijk meer warmte uitstraalde dan soortgelijke omliggende percelen. Hierdoor werd het vermoeden van een mogelijke hennepplantage bevestigd. Na binnentreden op 27 maart 2012 bleek op voornoemd adres een in werking zijnde hennepkwekerij aanwezig te zijn met in totaal 306 hennepplanten. De aanwezige planten zijn bemonsterd en onderzocht. Uit de rapportage van de politie IJsselland is gebleken dat de monsters bestonden uit Cannabis en/of Cannabis bevatten. Tijdens de zoeking op voornoemd adres 27 maart 2012 zijn 3 sigarettenpeuken veiliggesteld waaruit na onderzoek is gebleken dat het DNA op één sigarettenpeuk overeenkwam met het in de DNA-bank voor strafzaken aanwezige DNA-profiel van verdachte. Medeverdachte [verdachte 2] heeft niets willen verklaren over zijn medeverdachten. De verdachte heeft bij de politie een ontkennende verklaring afgelegd. Gezien het voornoemde is de rechtbank van oordeel dat de enkele omstandigheid dat in het pand waar een hennepkwekerij was gevestigd, een sigarettenpeuk is aangetroffen waarop DNA is gevonden dat matcht met het in de DNA-bank voor strafzaken aanwezige DNA-profiel van verdachte, onvoldoende is om tot een bewezenverklaring te komen van de aan verdachte onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde feiten. De rechtbank zal verdachte derhalve van het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde vrijspreken. Vordering van de benadeelde partij De benadeelde partij Enexis B.V. heeft zich met betrekking tot het onder 2 ten laste gelegde met een vordering tot schadevergoeding van een bedrag van € 3.677,78 gevoegd in het strafproces. Nu verdachte van het onder 2 ten laste gelegde zal worden vrijgesproken zal de rechtbank de benadeelde partij Enexis B.V. niet ontvankelijk verklaren in haar vordering. Beslissing Het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde is niet bewezen en de rechtbank spreekt de verdachte daarvan vrij. Schadevergoeding De rechtbank bepaalt dat de benadeelde partij Enexis B.V. in haar vordering niet ontvankelijk is. Aldus gewezen door mr. A.J. Louter, voorzitter, mrs. S.M. Milani en E.J.M. Bos, rechters, in tegenwoordigheid van mr. S.A. van den Hoek als griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 mei 2013. Mr. E.J.M. Bos voornoemd was buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.