vonnis RECHTBANK OVERIJSSEL Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Almelo zaaknummer / rolnummer: C/08/171303 / KG ZA 15-157 Vonnis in kort geding van 19 mei 2015 in de zaak van [eiseres] , wonende te [woonplaats], eiseres, verder te noemen [eiseres], advocaat mr. H. Versluis te Almelo, tegen [gedaagde] , wonende te [woonplaats], gedaagde, verder te noemen [gedaagde], advocaat mr. G.H. Hoekman te Almelo. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding, de nadere productie van [eiseres], de producties van [gedaagde], de mondelinge behandeling, de pleitnota van [gedaagde]. 1.2. De datum van de uitspraak is vastgesteld op vandaag. 2De feiten 2.1. Partijen zijn op [1980] met elkaar in gemeenschap van goederen gehuwd. 2.2. Bij beschikking van 3 november 2010 van de rechtbank Almelo is de echtscheiding tussen partijen uitgesproken. Deze beschikking werd op 29 november 2010 ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand van de gemeente Almelo. 2.3. Bij de beschikking van 3 november 2010 is partijen bevolen om met elkaar over te gaan tot verdeling van de gemeenschap waarin zij waren gehuwd. Verder is bepaald dat [gedaagde] bevoegd is de bewoning van de woning aan de [adres 1] te [plaats] (hierna: de woning) en het gebruik van de bij de woning en tot de inboedel daarvan behorende zaken gedurende zes maanden na inschrijving van de echtscheiding in de registers van de burgerlijke stand voort te zetten. 2.4. Op 5 juli 2011 heeft [eiseres] zich met een verzoek ex artikel 3:174 van het Burgerlijk Wetboek (BW) tot de rechtbank Almelo gewend. Tijdens de behandeling van het verzoek ter zitting zijn partijen met elkaar overeengekomen dat Witte Woning Makelaars te Wierden zou worden ingeschakeld om het huis te verkopen. Het verzoekschrift is vervolgens door [eiseres] ingetrokken. 2.5. Bij beschikking van 4 juni 2013 van deze rechtbank, locatie Almelo, is [eiseres], conform haar verzoek, gemachtigd om de woning te gelde te maken. Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, locatie Arnhem, heeft bij beschikking van 11 maart 2014 de beschikking van 4 juni 2013 bekrachtigd. 2.6. Bij vonnis van 27 november 2014 van de voorzieningenrechter van deze rechtbank, locatie Almelo, is [gedaagde] - kort gezegd - op straffe van (een) dwangsom(men) veroordeeld om zijn medewerking te verlenen aan het in de woning toelaten van de door [eiseres] ingeschakelde makelaar en van eventuele kopers die samen met de makelaar de woning willen bezichtigen en is hem verboden om bij bezoeken van de makelaar met geïnteresseerde kopers in de woning aanwezig te zijn, anders dan bij het enkele binnenlaten van de makelaar en kopers. 2.7. Bij koopovereenkomst van 14 januari 2015 is de woning verkocht. Artikel 4.1 van de voornoemde overeenkomst luidt als volgt: “De akte van levering zal gepasseerd worden op uiterlijk 1 juni 2015 of zoveel eerder (…) als partijen tezamen nader overeenkomen (…)”. 3Het geschil 3.1. [eiseres] vordert samengevat - [gedaagde] te gebieden de woning binnen twee dagen na betekening van het ten deze te wijzen vonnis te verlaten en te ontruimen en daar niet meer naar terug te keren, onder gelijktijdige afgifte aan [eiseres] van alle bij de woning behorende sleutels, met machtiging aan [eiseres] om, indien [gedaagde] in gebreke is aan dit gebod te voldoen, deze zelf te doen bewerkstelligen, met veroordeling van [gedaagde] in de kosten van deze procedure. 3.2. Aan het gevorderde legt [eiseres] - kort gezegd - het volgende ten grondslag. [eiseres] heeft met de kopers van de woning een leveringstermijn van bijna een half jaar afgesproken, zodat [gedaagde] ruim de tijd kreeg om passende woonruimte te vinden. [gedaagde] lijdt aan de ziekte van Huntington en wordt als gevolg daarvan geconfronteerd met ernstige beperkingen in zijn fysieke en mentale gezondheid. De afgelopen maanden heeft [gedaagde] weinig tot geen activiteiten ontplooid om te verhuizen. Carint Reggeland heeft [gedaagde] een passend alternatief kunnen aanbieden, zodat hij de woning per 1 mei 2015 kon verlaten. Tot op heden toont [gedaagde] zich niet toegankelijk voor deze hulpverlening. Hij heeft de door Carint Reggeland aangedragen passende (voorlopige) woonruimte afgewezen. Gelet op de voorgeschiedenis met betrekking tot de verkoop van de woning, alsmede gelet op het feit dat [eiseres] bij niet-levering mogelijk zal worden geconfronteerd met een contractuele boete, is de houding van [gedaagde] ongewenst. [gedaagde] is, door zijn ziekte, zelf niet in staat de woning leeg en ontruimd op te leveren. De aanwezigheid van [gedaagde] in de woning verhindert dat [eiseres] zelf tot het leegruimen van de woning kan overgaan. 3.3. [gedaagde] voert gemotiveerd verweer. Samengevat weergegeven stelt hij dat [eiseres], gelet op de recente ontwikkelingen, geen spoedeisend belang heeft bij het door haar gevorderde. Hij is al geruime tijd ziek, maar desondanks kan hij naar behoren functioneren in de maatschappij. Er is juridisch geen belemmering voor hem om zelf te beslissen waar hij gaat wonen en hoe hij zijn leven indeelt. Hij staat op het punt om op korte termijn een andere woning te betrekken. Ter onderbouwing wordt verwezen naar de overgelegde correspondentie met de makelaar. Met de nodige hulp moet het lukken om de woning voor 1 juni 2015 leeg en ontruimd te hebben. Er is ook niet gebleken van een absolute noodzaak bij de koper(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.