← Nederland

ECLI:NL:RBOVE:2016:3417

RECHTBANK OVERIJSSEL Team toezicht (wsnp) Zittingsplaats Almelo Zaaknummer: C/08/16/468 R Datum herstelvonnis: 1 september 2016 (mbh) Vonnis van de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo, enkelvoudige kamer voor burgerlijke zaken, in de zaak van: [A] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] , wonende te [woonplaats] , [adres] , verder te noemen: de schuldenaar, beschermingsbewind: GKB Assen, postbus 143, 9400 AK Assen. Het procesverloop De rechtbank verwijst naar het door haar gewezen vonnis van 29 augustus 2016, waarvan een kopie aan dit vonnis is gehecht. De beoordeling Naar thans is gebleken, bevat het vonnis van 29 augustus 2016 een schrijffout. De fout bestaat daarin dat in voormeld vonnis de echtgenote van verzoeker [B] wordt genoemd, terwijl zij [C] heet. Het komt de rechtbank geraden voor in dit verband een herstelvonnis te wijzen als hiernavolgend te bepalen. Dit vonnis komt in de plaats van het vonnis van 29 augustus

  1. De beslissing: “Vonnis van de rechtbank Overijssel, enkelvoudige kamer voor burgerlijke zaken, op het verzoek van: [A] , wonende te [adres] [woonplaats] , verzoeker. Ten aanzien van de goederen van de schuldenaar is op 6 november 2014 een onderbewindstelling uitgesproken, met benoeming van Gemeentelijke Kredietbank Drenthe te Assen tot (beschermings)bewindvoerder. Het procesverloop Verzoeker heeft een verzoekschrift met bijlagen ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. Verzoeker is gehoord op 22 augustus
  2. De beoordeling Het verzoekschrift voldoet aan de daaraan gestelde eisen. Verzoeker verkeert in de toestand dat hij heeft opgehouden te betalen, dan wel dat redelijkerwijs is te voorzien dat hij niet zal kunnen voortgaan met betaling van zijn schulden. Voorts heeft verzoeker voldoende aannemelijk gemaakt dat hij ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van zijn schuldenlast in de vijf jaar voorafgaand aan de dag waarop het verzoekschrift is ingediend, te goeder trouw is geweest. Tevens heeft verzoeker voldoende aannemelijk gemaakt dat hij de uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen naar behoren zal nakomen en zich zal inspannen zoveel mogelijk baten voor de boedel te verwerven. Het verzoek zal derhalve worden toegewezen. Door de toepassing van de schuldsaneringsregeling zijn de ten laste van verzoeker gelegde beslagen van rechtswege komen te vervallen. De rechtbank overweegt voor de volledigheid het volgende. Het door GKB Assen opgemaakte verzoekschrift bevat de nodige fouten. Zo is in het verzoekschrift ingevuld dat verzoeker alleenstaand is, terwijl verzoeker gehuwd is met [C] . Dat dit op deze wijze in het verzoekschrift is vermeld is des te onbegrijpelijker omdat al uit het bij het verzoekschrift overgelegde uittreksel van het bevolkingsregister blijkt dat verzoeker is gehuwd en ook in de verklaring ex artikel 285 lid 1 onder f Fw melding van het huwelijk wordt gemaakt. Vervolgens is in de verklaring ex artikel 285 lid 1 onder f Fw door de GKB ingevuld dat verzoeker in gemeenschap van goederen is gehuwd toen [C] was toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling. Ook dit is onjuist, omdat het huwelijk nu juist heeft plaatsgevonden vóórdat die echtgenote tot de schuldsaneringsregeling was toegelaten. Pas nadat de echtgenote tot de schuldsaneringsregeling was toegelaten en de bewindvoerder onderzoek deed is aan het licht gekomen dat [C] kort voor haar schuldsaneringsregeling in het huwelijk was getreden met verzoeker. Het verzoekschrift bevat dus de nodige fouten en dit pleit niet voor de GKB Assen. Verwacht mag immers worden dat die het verzoekschrift en de 285 lid 1 onder f Fw-verklaring met de nodige zorgvuldigheid opmaakt, wat in ieder geval hier niet is gebeurd. Alleen omdat de rechtbank er toevalligerwijs vanuit de schuldsaneringsregeling van [C] van op de hoogte was dat het onderhavige verzoek zou worden ingediend, kan een en ander thans voor verzoeker zonder gevolgen blijven. De beslissing De rechtbank: - spreekt de schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van: [A] , geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] , wonende te [adres] , [woonplaats] ; - benoemt tot rechter-commissaris mr. A.E. Zweers, en tot bewindvoerder J.G.J. Zandvoort, Postbus 62, 7770 AB Hardenberg; - geeft last aan de bewindvoerder tot het openen van aan de schuldenaar gerichte brieven en telegrammen; - stelt de vergoeding voor de bewindvoerder gedurende de looptijd van de schuldsaneringsregeling voorlopig vast op de bedragen zoals bepaald in het op 1 oktober 2013 in werking getreden Besluit vergoeding bewindvoerder schuldsanering, en brengt deze bedragen ten laste van de boedel. - bepaalt dat de bewindvoerder - bij wijze van voorschot - van deze vergoeding gemiddeld per maand een bedrag mag opnemen van maximaal het maandbedrag van het looptijdafhankelijke deel, te vermeerderen met 1/36 van het looptijdonafhankelijke deel, een en ander vanaf de maand waarin de toepassing van de schuldsaneringsregeling van kracht is (een gedeelte van een maand daaronder begrepen) en uitsluitend wanneer het saldo op de ten behoeve van de schuldsaneringsregeling geopende bankrekening dit toelaat. Dit vonnis, ter herstel van het vonnis van deze rechtbank en kamer van 29 augustus 2016 is gegeven te Almelo door mr. Verhoeven en op donderdag 1 september 2016 in het openbaar uitgesproken, in tegenwoordigheid van de griffier.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.