← Nederland

ECLI:NL:RBOVE:2017:2359

vonnis RECHTBANK OVERIJSSEL Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Zwolle zaaknummer / rolnummer: C/08/202220 / KG ZA 17-171 Vonnis in kort geding van 13 juni 2017 in de zaak van [eiseres] , wonende te [plaats 1] , eiseres, advocaat mr. D.A.J. Spierings te Apeldoorn, tegen [plaats 2] , wonende te [plaats 2] , gedaagde, advocaat mr. A. Winters. Partijen zullen hierna [eiseres] en [plaats 2] genoemd worden. 1De procedure 1.

  1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding en de verdere processtukken de mondelinge behandeling. 1.
  2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten en het geschil 2.
  3. [plaats 2] is in 2005 veroordeeld tot 3 jaar gevangenisstraf en - een inmiddels geëindigde - tbs met dwangverpleging in verband met een poging tot moord op zijn stiefmoeder, [eiseres] . 2.
  4. [eiseres] vordert, samengevat, een straat- en contactverbod, omdat zij bang is voor [plaats 2] en haar woning thans niet meer durft te verlaten. 2.
  5. [plaats 2] voert verweer. Onder meer stelt hij dat hij in de afgelopen 12 jaar nimmer contact heeft gezocht laat staan opgenomen met [eiseres] . Zij heeft niets van hem te vrezen. 2.
  6. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 3De beoordeling 3.
  7. De aard van de vordering brengt met zich dat het spoedeisend karakter van de vordering vaststaat. 3.
  8. Een straatverbod vormt een inbreuk op het aan een ieder toekomend recht om zich vrijelijk te verplaatsen. Voor het toewijzen van een zo ingrijpende maatregel moet sprake zijn van in hoge mate aannemelijke feiten en omstandigheden die zo'n inbreuk kunnen rechtvaardigen. Gelet op de ernst van het misdrijf en de voortdurende angst die [eiseres] ervaart, welke angst [plaats 2] weliswaar gemotiveerd heeft betwist met de stelling dat de angst begrijpelijk maar ongegrond is, zullen de gevraagde voorzieningen worden toegewezen om rust te creëren voor [eiseres] . 3.
  9. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat de angst van [eiseres] naar het oordeel van de voorzieningenrechter reëel en invoelbaar is door het eindigen van de tbs-maatregel en een mogelijk daardoor herbeleven van het trauma met een opleving van bijbehorende angsten (terecht of niet terecht). Daaraan doet niet af dat [plaats 2] , naar eigen zeggen, geen enkel gevaar vormt voor [eiseres] en dit al 12 jaar naar eigen zeggen heeft bewezen. Voorts weegt mee het door [plaats 2] ter zitting uitdrukkelijk bevestigde ontbreken van enig belang voor hem om te verkeren in de beperkte gebieden terzake waarvan [eiseres] een straatverbod vraagt. 3.
  10. In verband met de eisen van proportionaliteit zullen de verboden voor de hierna te noemen lange duur worden opgelegd. Daarbij weegt mee dat het karakter van de angst van [eiseres] , waarvoor zij zich onder behandeling heeft gesteld, niet doet vermoeden dat haar angst snel verbleekt. In zoverre moet [plaats 2] daarvoor een prijs betalen, die in het licht van de belangen van partijen over en weer gerechtvaardigd is. 3.
  11. De gevorderde dwangsom zal worden gematigd tot € 250,= per dag tot een maximum van € 15.000,= per overtreding. 3.
  12. Gelet op de familierechtelijke relatie tussen partijen zullen de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt. 4De beslissing De voorzieningenrechter 4.
  13. verbiedt [plaats 2] gedurende twee jaar na betekening van dit vonnis zich te begeven naar en/of zich te bevinden in [adres 1] en de [adres 2] én het gebied dat ligt in een straal van 500 meter rondom genoemde straten, 4.
  14. verbiedt [plaats 2] gedurende twee jaar na betekening van dit vonnis anders dan via zijn advocaat - persoonlijk, schriftelijk, telefonisch of anderszins in de meest ruime zin, contact op te nemen met [eiseres] , 4.
  15. veroordeelt [plaats 2] om aan [eiseres] een dwangsom te betalen van € 250,= voor iedere keer dat hij niet aan de in 4.1 en/of 4.2 uitgesproken hoofdveroordelingen voldoet, tot een maximum van € 15.000,= is bereikt voor ieder van de veroordelingen sub 4.1 en 4.2, 4.
  16. machtigt [eiseres] om met behulp van de sterke arm van justitie en politie de tenuitvoerlegging van dit vonnis te bewerkstelligen, indien [plaats 2] in gebreke blijft aan het onder 4.1 en 4.2 van dit vonnis bepaalde te voldoen, 4.
  17. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad, 4.
  18. compenseert de kosten van deze procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt, 4.
  19. wijst het meer of anders gevorderde af. Dit vonnis is gewezen door mr. L.M. Rijksen en in het openbaar uitgesproken op 13 juni
  20. type: coll:

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.