RECHTBANK OVERIJSSEL Team kanton en handelsrecht Zittingsplaats Zwolle Zaaknr. : 6914817 CV EXPL 18-2580 Datum : 12 februari 2019 Vonnis in de zaak van: de naamloze vennootschap ROODMICROTEC N.V., gevestigd te Zwolle, eisende partij in conventie, verwerende partij in reconventie, verder te noemen RoodMicrotec, gemachtigde mr. S. van der Vegt, tegen [X] , wonende te [woonplaats] , gedaagde partij in conventie, eisende partij in reconventie verder te noemen [X] , gemachtigde mr. P.M. Smid. Verloop van de procedure De kantonrechter heeft kennisgenomen van de volgende processtukken: – dagvaarding van 8 mei 2018 – conclusie van antwoord/(voorwaardelijke) eis in reconventie – tussenvonnis van 24 juli 2018 – brief mr. Smid met producties 33 t/m 36 – conclusie van antwoord in (voorwaardelijke) eis in reconventie, tevens eiswijziging – brief mr. Van der Vegt met productie 24 – proces-verbaal van de comparitie van 8 oktober 2018 – brief mr. Smid van 30 oktober 2018 – akte van RoodMicrotec van 27 november 2018 – akte van [X] van 27 november 2018. Geschillen in conventie en in (voorwaardelijke) reconventie In conventie RoodMicrotec vordert na eisvermeerdering, samengevat, [X] te veroordelen tot betaling van € 184.728,60 vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 30 april 2018, en tot betaling van € 2.085,00 buitengerechtelijke kosten. Zij vordert ook de veroordeling van [X] in de proceskosten inclusief beslagkosten en nakosten, vermeerderd met de wettelijke rente. [X] heeft, samengevat, geconcludeerd tot afwijzing van de vordering van RoodMicrotec, althans die vordering te verrekenen met een bedrag van € 146.717,18 althans € 98.469,53, en tot veroordeling van RoodMicrotec in de proceskosten, inclusief beslagkosten en nakosten. Ook vordert [X] betaling van € 2.242,17 althans € 1.759,70 buitengerechtelijke kosten. In (voorwaardelijke) reconventie [X] vordert, samengevat, indien in conventie het beroep op verrekening wordt afgewezen, betaling van € 146.717,18 althans € 98.469,53 beide bedragen vermeerderd met de wettelijke verhoging en de wettelijke rente, en hij vordert onvoorwaardelijk RoodMicrotec te veroordelen om samen met hem een persbericht op te stellen waarin is verwoord dat [X] ten onrechte is geweigerd bij eerdere bijeenkomsten, ten onrechte is tegengewerkt bij het uitoefenen van zijn optierechten, en dat partijen hun geschil inmiddels in overleg hebben beëindigd en dat zij zich verder niet negatief over elkaar zullen uitlaten, versterkt met een dwangsom. Ook vordert [X] de veroordeling van RoodMicrotec in de proceskosten inclusief beslagkosten en nakosten en betaling € 2.242,17 althans € 1.759,70 buitengerechtelijke kosten. RoodMicrotec heeft geconcludeerd tot afwijzing van de vordering van [X] , en tot veroordeling van [X] in de proceskosten. Beoordeling in conventie en in reconventie 1.1 De kantonrechter gaat van het volgende uit. RoodMicrotec is een beursgenoteerde onderneming die zich toelegt op het testen van chips. Vanaf 6 september 2004 tot 7 juni 2016 was [X] statutair bestuurder (CEO) van RoodMicrotec. Op laatstgenoemde datum is hij als CEO teruggetreden en commissaris/adviseur geworden. Op 22 november 2016 is [X] teruggetreden als commissaris maar als adviseur aangebleven. 1.2 In de loop van de jaren, ingaande 2010, heeft [X] optierechten verworven tot een totaal van 1.928.440 stuks. Door middel van deze opties kon [X] aandelen in RoodMicrotec verwerven. Tegen betaling van € 0,11 per optie kon [X] één aandeel in RoodMicrotec verkrijgen. De waarde van dat aandeel werd uiteraard bepaald door de beurskoers op het moment van de aankoop. 1.3 Op 1 september 2015 hebben partijen een Amending Agreement gesloten, waarvan de belangrijkste bepalingen als volgt luiden: 1. [X] will step down as Managing Director (statutair bestuurder) at a date to be agreed, but not later than 1 May 2016. 2. As of the date of stepping down as a Managing Director [X] will remain an employee of RM on the present terms and conditions, in so far as these are not modified by the following. 3. [X] will be an advisor to the Managing Board and the Supervisory Board of RM. 6. The amended agreement is entered into for a period of ten years as of the date [X] steps down. RM is not allowed to give notice against an earlier date. Early termination shall only be by mutual consent or in the case [X] is unable to perform the duties prescribed in section 3. 7. If the agreement is terminated by RM in any way other than prescribed in section 6 before the period of ten years is over, the quittance given in 2014 is voided and RM will have to pay the amount in question (€622.000,-) to [X] . This does not apply if RM dismisses [X] for cause (“dringende reden” in the sense of Art. 7:678 of the Dutch Civil Code). 1.4 Het Annual Report 2016 van RoodMicrotec vermeldt onder meer het volgende: In June 2016 [X] stepped down as CEO and as agreed in 2015 started as an advisor to the company. The tasks and duties require approximately 2 working days per week and the monthly salary is decreased to EUR 5,000. The agreement is entered into a period of 10 years. The company is not allowed to give notice against an earlier date. Early termination shall only be by mutual consent or in the case that [X] is unable to perform the described duties. If the agreement is terminated by the company before the 10 years period is over, the quittance given in 2014 is voided and the company will have to pay the amount in question (EUR 622,000) to [X] . 1.5 Per 1 januari 2018 is de arbeidsovereenkomst tussen partijen met wederzijdse instemming beëindigd. Daartoe is op 29 december 2017 een vaststellingsovereenkomst gesloten waarin de wettelijke bedenktermijn van twee weken is opgenomen (art. 7:670b BW). In de overeenkomst is tevens onder meer het volgende opgenomen: 2. In het kader van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst wordt aan werknemer een beëindigingsvergoeding uitgekeerd ten bedrage van € 400.000,– bruto (zegge: vierhonderdduizend euro bruto). Het netto-equivalent van deze vergoeding zal in twee tranches worden voldaan. De eerste tranche ad € 200.000,– (bruto) wordt uiterlijk 15 dagen na ondertekening van deze overeenkomst voldaan. De tweede tranche ad € 200.000,– (bruto) wordt vervolgens uiterlijk 15 januari 2019 voldaan. Eventuele aanpassingen in de wijze van betaling die fiscaal gunstig en toelaatbaar zijn, zal door beide partijen worden ondersteund, mits dit voor werkgever geen extra kosten met zich meebrengt. 5. Werknemer heeft tot 1 juli 2019 de gelegenheid om de 1.928.440 optierechten tegen een uitoefenprijs van € 0,11 per optie zoals vastgelegd in de bijlage uit te oefenen. Indien werknemer deze rechten niet voor 1 juli 2019 heeft uitgeoefend komen deze rechten te vervallen. Indien werknemer de opties voor 1 januari 2019 uitoefent, wordt de uitoefenprijs (€ 0,11 per aandeel) die werknemer verschuldigd is aan werkgever met betrekking tot de uitgeoefende opties verrekend met de netto equivalent van de nog verschuldigde tweede tranche ad € 200.000,– bruto. 9. De interne en externe communicatie over de beëindiging van de arbeidsovereenkomst zal in onderling overleg geschieden. Het te publiceren persbericht is aan deze overeenkomst gehecht. Werkgever spant zich in het persbericht onverwijld na ondertekening van deze overeenkomst te publiceren. 10. Partijen zullen zich niet negatief over elkaar uitlaten. 1.6 Het persbericht van RoodMicrotec van 29 december 2017 luidt, voor zover van belang, als volgt. RoodMicrotec, maakt bekend dat [X] met ingang van 31 december 2017 terugtreedt als adviseur. De onderneming nadert de finale fase van de herstructurering en voltooit de implementatie van zijn lange termijn business strategie. [X] zal gebruik maken van zijn volledige pensionering. De board van de onderneming maakt gebruik van de mogelijkheid om [X] te bedanken voor zijn advies, ondersteuning en toewijding gedurende de overgangsfase na zijn terugtreden als Chief Executive Officer in 2016. “ [X] ’s leiderschap en inspiratie voor het bedrijf zijn altijd uitmuntend geweest, eveneens zijn onbegrensde passie. Het samenbrengen van Rood en Microtec en de daaruit voortvloeiende, toonaangevende leverancier RoodMicrotec in de semi-conductor industrie, was een grote uitdaging en een resultaat waar hij buitengewoon trots op mag zijn. Wij allen wensen hem een welverdiend pensioen” zei [A] , president commissaris. 1.7 Op 30 december 2017 hebben [X] en de heer [A] , president-commissaris van RoodMicrotec, de volgende e-mails gewisseld, te beginnen met de e-mail van [X] aan [A] van 08:32 uur: Dear Supervisory Board RoodMicrotec, Unfortunately I received last night already, reactions from professionals concerning the press release from RoodMicrotec about my resignation. The press release is in one way deemed positive and I am content myself, but on the other hand the information is in the opinion of these persons not sufficient for investors. They miss financial information and in their opinion my resignation could influence significant the financial results of RoodMicrotec. I advise you strongly to issue immediately a correction of the press release today. The press release as it is now could cause several questions in the stock exchange market. In the worsed case the AFM will force RoodMicrotec to come with a correction and could stop the trade. I suggest to explain that I had a contract which should terminate for the costs of € 622.000,-, but that [X] and RoodMicrotec agreed to finalize the contract for less than € 400.000,-. [X] has the right to exercise his options for a period of 18 months. Such information will hopefully play down the commotion. Kind regards [X] Het antwoord van [A] luidde: Hello [X] , Thanks for getting this information to us quickly and for your call this morning. I have just spoken with [B] and we are both of the opinion that there is potentially more risk when we start to put numbers into the air. However, we do acknowledge there should have been a comfort statement in the press release that there is no risk to the business or financial position of the company. A simple statement to that effect is what we should do and I will prepare a draft for us to agree on. FYI no one should accuse you of having more information that they do since you have not been party to either the financial reports or how the company arranged the cash to settle affairs with you. Regards, [A] Waarna [X] hem antwoordde: Hello [A] , Thanks for your reaction and I look forward to see your draft Best regards, [X] Daarna schreef [A] : Hello [X] , Just to let you know we will not be making a press release update today. After further consideration we are concerned it could create uncertainty and lead to yet more questions. We think you can be assured by the secrecy clause in our agreement that neither party can reveal any of the details. You will need to take care of your personal trading activity relating to that but otherwise there should be no problem. Nobody can expect either you or the company would have agreed to anything that would damage the company. That doesn't make sense. I will update you if the situation changes. Kind regards, [A] PS In case you need it the link here is for our IR calendar (…) Waarna [X] schreef: Hello [A] , Excuse me for not answering your mail earlier, but I was not in, unfortunately. In your mail you refer to the secrecy clause, my personal trading activity as well as the IR calendar. I do not know why you mentioned these issues, because they were not the subject of our discussion. RM has the obligation to inform investors, including me, equally. We agreed about that. I understand that according to your opinion there is no need to publish more transparent information than has been published in the press release of yesterday (Friday) for investors and that the information was adequate. You have the knowledge in your position to come to these conclusions. I thank you for your concern and your attention. Kind regards [X] Het antwoord van [A] luidde: Hello [X] , Thank you for your response and understanding. We are certainly aware of our obligations and will always stand by them. The press release was simply intended as an announcement due to the fact that the formal date was 31st December and it is correct to make a prior announcement rather than retrospective. It was our collective opinion that the announcement should be kept as that and does not require further information at this stage. There are always individual people who will speculate on matters but we are unable to help each individual and must focus on informing all shareholders equally. The other points mentioned were meant as a reassurance that there is adequate protection for both you and the company. The next scheduled release of financial information is on 11th January. We not want to risk creating any uncertainty in the market before then. Best regards, [A] 1.8 Op 5 januari 2018 heeft [X] aan de CFO van RoodMicrotec, de heer [C] laten weten dat hij gebruik wil maken van optierechten. Hij heeft op 6 en 7 januari 2018 respectievelijk € 1.100 en € 22.000 aan RoodMicrotec per bank overgemaakt. Bij de betaling op 6 januari 2018 heeft hij vermeld: Opties RoodMicrotec, en bij de betaling op 7 januari 2018: Opties RoodMicrotec. De overmaking pas naar de NIBC overmaken na overleg tussen [D] en [Y] . Indien incorrect, terug naar verstuurder. [D] is de voornaam van [C] . [Y] is de roepnaam van [X] . 1.9 Op maandag 8 januari 2018 heeft [X] een tweetal optieformulieren ingevuld en daarmee te kennen gegeven in totaal 110.000 (10.000 en 100.000) optierechten te willen uitoefenen. Op 9 januari 2018 heeft [X] per e-mail bij [C] erop aangedrongen deze formulieren meteen door te leiden naar NIBC. NIBC is de bank die ervoor zorgt, kort gezegd, dat de optierechten worden omgezet in aandelen. [X] heeft op 9 januari 2018 onder meer het volgende aan [C] ge-e-maild: Beste [D] , Helaas moet ik je toch wijzen op het feit dat er nog steeds geen actie is ondernomen op het verkrijgen van mijn opties doordat de NIBC de benodigde stukken nog niet heeft ontvangen. Op jouw verzoek heb ik je vrijdag extra tijd gegund tot maandag rond het middaguur en was om deze reden bij je op kantoor. Dat leidde niet tot het beoogde resultaat. Op verzoek heb ik je toen gevraagd de stukken direct klaar te maken en naar NIBC te sturen. Dat heeft niet plaats gevonden. Op donderdag worden de omzetcijfers gepubliceerd. Het is nu, dinsdag, bijna 12 uur om het middaguur. Vanaf gisteren omstreeks het middaguur is er 1 dag verloren gegaan om mijn opties/aandelen te kunnen verhandelen. [E] van NIBC had mij maandag telefonisch eind van de middag laten weten dat de bank, na ontvangst van de documenten van RM, mij de opties/aandelen onmiddellijk zou over dragen. De betaling aan RoodMicrotec heeft al in het weekend plaats gevonden. Er resteert nu nog slechts 1 1/2 dag voor publicatie omzetcijfers en e.e.a. kan leiden tot ernstig verlies en schade veroorzaakt door RoodMicrotec. Helaas moet ik je dit schriftelijk laten weten. Ik laat je dit weten, nadat [F] mij gebeld heeft, naar ik aanneem op jouw verzoek. Ik wacht op je spoedige reactie. 1.10 Op 9 januari 2018 heeft [A] het volgende aan [X] geschreven: Regarding your proposal to make a follow up press release containing some financial data relating to the announcement of your retirement, in order to see how we can help, we have looked further into it and propose to do the following. After the statutory 14 day period after signing when the agreement becomes absolute, we will be able to make an additional press release along the lines you have recommended. We will send you the draft in advance for your concurrence. Regarding the trading of your shares, please note the following; You are an employee of the company until the agreement becomes absolute. It is important you observe the prescribed blackout dates relating to your time as an employee when tra- ding your shares. RoodMicrotec is not responsible for, nor can it help you or advise you on trading of your shares, that is entirely your responsibility and for your decision alone. In your recent communication with CFO [C] , he has clearly stated the blackout periods that, in our opinion, you need to respect. The information he has given you supersedes all previous communications from the company including by E-mail etc. We trust this is helpfull for you. 1.11 De rechtsbijstandverzekeraar van [X] heeft op 11 januari 2018 aan (vermoedelijk de gemachtigde van) RoodMicrotec onder meer geschreven: Afgelopen weekend heeft cliënt € 23.100,- overgemaakt op de rekening van uw cliënte. Hij had maandag jl. schriftelijk zijn akkoord gegeven om die opties in aandelen om te zetten in twee tranches, maar uw cliënte heeft geweigerd dat te doen. Uw cliënte heeft daarmee de afspraak uit punt 5 van de vaststellingsovereenkomst gefrustreerd. 1.12 Het door [X] aan RoodMicrotec betaalde totaalbedrag van € 23.100 is aan hem in de week van 8 januari 2018 terugbetaald. 1.13 Op 19 januari 2018 heeft RoodMicrotec een tweede persbericht gepubliceerd over het vertrek van [X] . Dit persbericht luidt, voor zover van belang, als volgt. Op 29 december 2017 heeft de onderneming bekendgemaakt dat [X] per 31 december 2017 aftreedt als adviseur van de onderneming. Alle uitstaande financiële verplichtingen aan [X] zijn in onderling goedvinden vastgesteld. De verplichtingen, totaal EUR 400.000 bruto worden in twee tranches aan [X] uitgekeerd, de eerste in januari 2018 en de tweede uiterlijk januari 2019. De financiële impact voor de onderneming zal – vergeleken met de informatie vermeld op pagina 95 van het jaarverslag 2016 – daarmee lager uitvallen. De uitkeringen aan [X] zullen uit de bestaande kasmiddelen geschieden, en er is geen aanvullende financiering nodig. De uitstaande opties van [X] , zullen tot 1 juli 2019 geldig blijven. 1.14 Van de wettelijke bedenktermijn van 14 dagen heeft [X] geen gebruik gemaakt. 1.15 [X] heeft onder meer op 21 en 25 januari 2018 in totaal 110.000 optierechten uitgeoefend. Naar aanleiding daarvan zijn hem op 8 februari 2018 aandelen toegekend. 1.16 Vervolgens heeft [X] in de periode medio februari 2018 – begin maart 2018 op verschillende tijdstippen de overige optierechten uitgeoefend en daarmee aandelen in RoodMicrotec verworven. Op de hierna genoemde data zijn naar aanleiding van het uitoefenen van zijn optierechten de volgende aantallen aandelen aan [X] toegekend: – 8 februari 2018 110.000 – 27 februari 2018 300.000 – 2 maart 2018 1.050.000 – 6 maart 2018 468.440. 1.17 [X] heeft deze aandelen in tranches verkocht in de periode 12 februari tot en met 7 maart 2018. 1.18 Over het verschil tussen de optieprijs van € 0,11 en de door de fiscus gehanteerde koerswaarde van een aandeel is loonbelasting verschuldigd die door RoodMicrotec aan de fiscus moet worden afgedragen. [X] dient de verschuldigde loonbelasting aan RoodMicrotec te vergoeden. 1.19 RoodMicrotec heeft in april 2018 ten laste van [X] conservatoir derdenbeslag gelegd onder ABN AMRO Bank en Rabobank. in conventie 2.1 De kantonrechter overweegt wat zijn bevoegdheid betreft het volgende. De stelling van [X] dat de kantonrechter niet bevoegd is van de vordering in conventie kennis te nemen, is tijdens de comparitie op 8 oktober 2018 al verworpen. De vordering van RoodMicrotec vloeit voort uit – de afwikkeling van – de arbeidsovereenkomst en is daarom een vordering betreffende een arbeidsovereenkomst als bedoeld in art. 93 Rv. Hetzelfde geldt overigens voor de tegenvordering. Beide vorderingen hebben te maken met de arbeidsovereenkomst en de afwikkeling ervan. 2.2 RoodMicrotec stelt, kort samengevat, dat [X] ondanks sommatie weigert de in verband met de uitgeoefende optierechten verschuldigde loonbelasting, die voor zijn rekening komt, aan haar te vergoeden, zijnde (uiteindelijk) een bedrag van € 184.728,60 na verrekening met hetgeen [X] aan haar heeft betaald en met de tweede tranche van de vergoeding van € 200.000 bruto. Het gevorderde bedrag is als volgt opgebouwd: te betalen voor 1.928.440 opties à € 0,11 € 212.128,40 betaald door [X] € 153.553,40 – verschuldigde loonbelasting € 222.253,60 + nog uit te keren vergoeding € 200.000 is netto € 96.100,00 – –––––––––– te voldoen € 184.728,60. 2.3 [X] erkent dat hij ter zake van loonbelasting een bedrag aan RoodMicrotec moet voldoen, maar kan de berekening van RoodMicrotec in de dagvaarding niet volgen en betwist het daarin genoemde bedrag. [X] beroept zich subsidiair op verrekening met de door hem geleden schade waarvan hij in reconventie voorwaardelijk betaling vordert. 2.4 Bij akte eisvermeerdering heeft RoodMicrotec stukken overgelegd (productie 23) waaruit volgt dat met de belastingdienst is overlegd over de hoogte van de verschuldigde loonbelasting. [X] heeft zich hierover nog niet kunnen uitlaten. 2.5 De zaak zal naar de rol worden verwezen voor akte uitlating aan de kant van [X] over de hoogte van de in verband met de uitgeoefende optierechten verschuldigde loonbelasting. in reconventie 3.1 [X] stelt, kort samengevat, dat RoodMicrotec de uitoefening van zijn optierechten in januari 2018 heeft gefrustreerd en geblokkeerd, waardoor hij schade heeft geleden. [X] stelt dat hij geen zogeheten insider was. Het persbericht van 29 december 2017 was onvolledig omdat de aan [X] toegekende vergoeding daarin ontbrak, maar RoodMicrotec heeft geweigerd het persbericht meteen te rectificeren hoewel zij daartoe wettelijk was verplicht. [X] verwachtte dat de koers van de aandelen RoodMicrotec op 11 januari 2018 zou stijgen en hij bij verkoop van de te verwerven aandelen een koerswinst zou kunnen realiseren, omdat op 11 januari 2018 nieuwe financiële informatie over RoodMicrotec zou worden gepubliceerd en de handel in aandelen RoodMicrotec naar verwachting in verband daarmee fors zou zijn, wat ook het geval is geweest. In totaal zijn op 11 januari 2018 8.480.557 aandelen verhandeld. [X] had in verband daarmee vóór deze datum al zijn optierechten willen uitoefenen. De bezwaren van [X] richten zich, aldus sub 43 van zijn antwoord in conventie/eis in reconventie, op de niet-nakoming door RoodMicrotec in januari 2018 van haar verplichtingen uit hoofde van artikel 5 van de vaststellingsovereenkomst. 3.2 Verder stelt [X] dat RoodMicrotec zich in weerwil van artikel 10 van de vaststellingsovereenkomst negatief over hem heeft uitgelaten in het door hem als productie 11 overgelegde document waarin staat: We already got the idea that the way the company is progressing is not really the way that the former CEO liked to see it. In that sense, we think it is good that the two parties now part more or less. 3.3 Verder heeft RoodMicrotec hem in april 2018 laten weten dat zijn aanwezigheid bij de bijeenkomst van het Business Cluster Semiconductors (verder: het BCS) op 12 april niet op prijs werd gesteld, hoewel [X] een uitnodiging voor die bijeenkomst had ontvangen. Ook dat is in strijd met artikel 10. 3.4 [X] vordert, omdat hij het volledige pakket aandelen niet op 11 januari 2018 heeft kunnen verkopen, een schadevergoeding van primair € 116.753,22 en subsidiair € 68.505,57. Voorts vordert hij vergoeding van kosten van rechtsbijstand ad € 29.963,96 en van buitengerechtelijke incassokosten. Ook vordert hij rectificatie in verband met de door hem beweerdelijk geleden reputatieschade. 3.5 RoodMicrotec heeft de stellingen van [X] gemotiveerd tegengesproken en, kort samengevat, aangevoerd dat [X] insider was en daarom niet mocht handelen voordat de bedenktermijn van 14 dagen was verstreken en een tweede persbericht was gepubliceerd. Het was ook niet de bedoeling van partijen dat [X] binnen een korte termijn alle optierechten zou uitoefenen. [X] heeft in januari 2018 niet verzocht alle opties te verzilveren, maar slechts 110.000 opties. De routing via NIBC (van optie naar aandeel) kost trouwens tijd. RoodMicrotec heeft de gestelde schade betwist. 4.1 De kantonrechter overweegt het volgende. Indien in rechte niet komt vast te staan dat [X] zijn 1.928.440 optierechten voor 11 januari 2018 heeft willen uitoefenen, maar slechts 110.000, dan kan RoodMicrotec uiteraard slechts eventueel aansprakelijk zijn voor een bescheiden gedeelte van de door [X] geclaimde schadevergoeding. 4.2 Indien in rechte komt vast te staan dat het uitoefenen van de optierechten en/of de handel in de aandelen RoodMicrotec, afgezien van het aantal optierechten/aandelen, zou hebben betekend dat [X] met voorwetenschap had gehandeld en RoodMicrotec daaraan ten onrechte haar medewerking had verleend, en/of RoodMicrotec de bedenkperiode van veertien dagen mocht afwachten, dan heeft RoodMicrotec terecht geweigerd de optierechten te honoreren en is van schade aan de kant van [X] waarvoor RoodMicrotec aansprakelijk is al helemaal geen sprake. 4.3 De stelling van [X] dat hij voor 11 januari 2018 al zijn optierechten wilde uitoefenen en RoodMicrotec in die zin heeft geïnformeerd, is bestreden. De kantonrechter stelt op grond van de door beide partijen overgelegde stukken het volgende vast. Daarbij tekent de kantonrechter aan dat de door [X] overgelegde stukken door hem uitdrukkelijk als bewijsmiddelen zijn overgelegd. a. [X] heeft op 8 januari 2018 schriftelijk, door middel van het invullen van twee optieformulieren, aan RoodMicrotec laten weten in totaal 110.000 aandelen te wensen. Er zijn geen formulieren overgelegd, gedateerd op of rond deze datum, waaruit een hoger aantal uitgeoefende optierechten blijkt. b. In zijn e-mail aan [C] van 9 januari 2018 heeft [X] niet geschreven dat hij alle 1.928.440 optierechten wil uitoefenen en dat hem dat ten onrechte is geweigerd, maar dat NIBC de benodigde stukken nog niet heeft ontvangen. Die stukken moest RoodMicrotec aan NIBC in verband met de uit te geven aandelen doen toekomen. Gesteld noch gebleken is dat er op dat moment voor NIBC bestemde stukken bestonden waaruit volgt dat [X] alle opties wilde verzilveren. c. Op 11 januari 2018 heeft mr. Van Leeuwen-Brinks, die [X] destijds bijstond, aan de advocaat van RoodMicrotec onder meer geschreven dat [X] in het afgelopen weekend € 23.100 had overgemaakt op de rekening van RoodMicrotec en dat hij maandag jl. schriftelijk zijn akkoord had gegeven om die opties in aandelen om te zetten in twee tranches. Met die opties en twee tranches kunnen redelijkerwijs alleen de 10.000 en 100.000 optierechten zijn bedoeld, en het schriftelijk akkoord kan redelijkerwijs alleen duiden op de twee optieformulieren. d. In de brief van de advocaat van [X] aan RoodMicrotec van 8 februari 2018 is erop gewezen dat er ook nog twee documenten open staan, gedateerd 8 januari 2018, die ten kantore van RoodMicrotec ondertekend door cliënt aan u zijn overgedragen. Het gaat daarbij eveneens om 10.000 en 100.000 opties, maar in die brief staat niet – het uiteraard veel grotere verwijt – dat RoodMicrotec voor 11 januari 2018 heeft geweigerd haar medewerking te verlenen aan het uitoefenen van alle optierechten, hoewel in de visie van [X] zijn schade al op 11 januari 2018 was ontstaan. Pas in de brief van 15 maart 2018 van de advocaat van [X] is gesteld dat RoodMicrotec begin januari 2018 al zijn optierechten wilde uitoefenen en daarin is tegengewerkt. e. In de conceptdagvaarding in kort geding van [X] van februari 2018 staat onder meer: Op 5 januari jl. heeft [X] aangegeven aan de CFO van RoodMicrotec, de heer [C] , direct gebruik te willen maken van een deel van zijn optierechten. [X] heeft ten aanzien van dit verzoek ook betalingen verricht op zowel 6 als 7 januari 2018 (…). Op 8 januari 2018 heeft [X] de bijbehorende stukken overgedragen. Op 9 januari 2018 heeft [X] een e-mail verzonden aan de heer [C] waarin hij de urgentie laat blijken van zijn verzoek. Verderop staat in deze dagvaarding: Zoals aangegeven heeft [X] op 5 januari jl. gebruik willen maken van een deel van zijn optierechten, maar is dit verzoek door RoodMicrotec geblokkeerd, althans aan nadere voorwaarden verbonden. In de conceptdagvaarding is tot twee keer toe gesproken over een deel van de optierechten en dus niet over alle optierechten. 4.4 Uit deze stukken volgt dus niet, integendeel, dat [X] voor 11 januari 2018 al zijn optierechten wilde uitoefenen en dat hij de daartoe benodigde acties richting RoodMicrotec had ondernomen. De stelling dat hij al zijn optierechten heeft willen uitoefenen, is zelfs in strijd met de stellingen in de door [X] als bewijsmiddel overgelegde conceptdagvaarding. 4.5 De kantonrechter verwerpt daarom de stelling van [X] dat hij voor 11 januari 2018 al zijn optierechten heeft willen uitoefenen, dat RoodMicrotec daarmee bekend was en vervolgens geweigerd heeft daaraan haar medewerking te verlenen, daargelaten de vraag of [X] alle optierechten wel in zo’n korte tijd mocht uitoefenen. Volgens RoodMicrotec zou [X] zijn opties namelijk in de loop van de tijd, in tranches, verzilveren, voor welk standpunt aanknopingspunten zijn te vinden in de overgelegde stukken, maar dat laat de kantonrechter verder rusten. 4.6 Dit betekent dat de vordering tot schadevergoeding uitsluitend in verband kan staan met 110.000 optierechten waarvan vaststaat dat [X] die voor 11 januari 2018, door het invullen en afgeven van de twee optieformulieren aan [C] , heeft uitgeoefend. Ook staat vast dat hij de prijs voor die opties op tijd had betaald. 4.7 Het verweer van RoodMicrotec dat zij niet in verzuim is gebracht, wordt verworpen. Uit de stellingen van RoodMicrotec volgt dat zij met een beroep op voorwetenschap en op de bedenktermijn van 14 dagen aanvankelijk heeft geweigerd de aandelen aan [X] te doen verstrekken. Een ingebrekestelling was op grond van art. 6:83 aanhef en onder c. BW dan ook niet nodig om het verzuim te doen intreden. 4.8 Ten aanzien van de door RoodMicrotec gestelde handel met voorwetenschap indien de uitoefening van de optierechten begin januari 2018, voorafgaand aan het tweede persbericht op 19 januari 2018, door RoodMicrotec zou zijn gehonoreerd, overweegt de kantonrechter het volgende. 4.9 Met ingang van 3 juli 2016 geldt een nieuw regime op het gebied van (het voorkomen van) marktmisbruik. Dit nieuwe regime bestaat onder meer uit de Verordening (EU) nr. 596/ 2014 betreffende marktmisbruik (Verordening Marktmisbruik, meestal aangeduid als Market Abuse Regulation, hierna afgekort als MAR). Deze Verordening en de Richtlijn nr. 2014/57/EU betreffende strafrechtelijke sancties voor machtsmisbruik zijn geïmplementeerd door middel van de Wet implementatie verordening en richtlijn marktmisbruik (Staatsblad 2016, nr. 297). 4.10 De MAR, die rechtstreekse werking heeft, kent onder meer de volgende bepalingen die, voor zover van belang in verband met onderhavig geschil, worden geciteerd. Artikel 7 leden 1 en 4: 1. Voor de toepassing van deze verordening omvat voorwetenschap de volgende soorten informatie: a.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.