← Nederland

ECLI:NL:RBOVE:2020:366

RECHTBANK OVERIJSSEL Team Strafrecht Meervoudige kamer Zittingsplaats Almelo Parketnummers: 08-952831-16 en 08-953128-17 (gevoegd ter zitting) (P) Datum vonnis: 29 januari 2020 Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen: [verdachte] , geboren op [geboortedatum 1] 1969 in [geboorteplaats] , wonende aan [adres 1] , 1Het onderzoek op de terechtzitting Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzittingen van 8 juni 2017, 11 juli 2017, 18 november 2019, 19 november 2019, 21 november 2019, 25 november 2019 en 15 januari 2020. De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. M. Haan en van hetgeen door verdachte en zijn raadsvrouw mr. M.M.A.J. Goris, advocaat te Rotterdam, naar voren is gebracht. 2De tenlastelegging Na wijziging van de tenlastelegging van 11 juli 2017 (alleen parketnummer 08-952831-16) en wijziging van de tenlastelegging op 18 november 2019 (beide parketnummers) is aan verdachte ten laste gelegde dat: parketnummer 08-952831-16: 1( [bedrijf 1] ) hij op een of meer tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van 1 mei 2016 tot 21 maart 2017 in Almelo en/of Eindhoven en/of Rucphen en/of ’s-Hertogenbosch en/of Een en/of Meppel en/of Gasselternijveen en/of Apeldoorn en/of Deventer en/of Zaamslag en/of Sluiskil en/of De Weere en/of Boskoop en/of elders in Nederland en/of in Spanje tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(

  1. en)wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] en/of [benadeelde 3] en/of [benadeelde 4] en/of [benadeelde 5] en/of [benadeelde 6] en/of [benadeelde 7] en/of [benadeelde 8] en/of [benadeelde 9] en/of [benadeelde 10] en/of [benadeelde 11] en/of [benadeelde 12] en/of [benadeelde 13] en/of één of meer andere personen (telkens) heeft bewogen tot de afgifte van (een) geldbedrag(
  2. en)(van in totaal ongeveer 168.777 euro), althans tot afgifte van enig geldbedrag, immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(
  3. s)(telkens) met vorenomschreven oogmerk, zakelijk weergegeven, valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid: op internet de website [website 1] gemaakt/laten maken en/of op genoemde website de mogelijkheid aangeboden, aan personen die via reguliere bankinstellingen geen hypotheek of financiering kunnen verkrijgen, om (toch) een eigen woning te kopen of gebruiken, waarbij [bedrijf 1] als hypotheekverstrekker/financier zou optreden of waarbij [bedrijf 1] deze woning zou kopen en tegen een gebruiksvergoeding ter hoogte van de reguliere hypothecaire maandlasten aan die personen ter beschikking zou stellen, en/of op genoemde website geadverteerd/laten adverteren met ervaringen van andere klanten en/of uitgelegd hoe het bedrijf werkt en/of contactgegevens vermeld van medewerker [alias 1 verdachte] en/of een bedrijfsruimte gehuurd in het bedrijfsverzamelgebouw [naam 1] in Eindhoven en/of in telefonische/mail/whats-app en/of persoonlijke contacten met (potentiële) klanten / bovengenoemde personen gebruik gemaakt / gebruik laten maken van verschillende namen, waaronder in elk geval: “ [alias 2 verdachte] ” en/of “ [alias 3 verdachte] ” en/of “ [alias 4 verdachte] ” en/of “ [alias 5 verdachte] ” en/of “ [alias 1 verdachte] ” en/of “ [alias 6 verdachte] ” en/of “ [alias 18 verdachte] ” en/of in telefonische/mail/whats-app en/of persoonlijke contacten met (potentiële) klanten / bovengenoemde personen (die niet via reguliere instellingen een hypotheek konden verkrijgen) mogelijkheden aangeboden voor de financiering van een aan te kopen woning, en/of in telefonische/mail/whats-app en/of persoonlijke contacten met (potentiële) klanten / bovengenoemde personen (die niet via reguliere instellingen een hypotheek konden verkrijgen) aangeboden dat [bedrijf 1] als koper zou optreden van een aan te kopen huis, waarbij de (potentiële) klanten / bovengenoemde personen gedurende een bepaalde periode gebruik mochten maken van de woning, en de (potentiële) klanten / bovengenoemde personen per jaar een gebruikersvergoeding zouden betalen, en de (potentiële) klanten / bovengenoemde personen na een bepaalde periode de mogelijkheid geboden zou worden om het huis van [bedrijf 1] (terug) te kopen, en/of in telefonische/mail/whats-app en/of persoonlijke contacten met bovengenoemde personen aangegeven dat de [bedrijf 1] de aanvraag in behandeling had genomen en/of dat de aanvraag was goedgekeurd en/of dat er aan het dossier werd gewerkt, en/of (één of meer van) bovengenoemde personen aangespoord om het/de koopovereenkomst(
  4. en)van de aan te kopen woning te tekenen en/of (één of meer van) bovengenoemde personen eena vaststellingsovereenkomst laten ondertekenen en/of een door/namens [bedrijf 1] ondertekende vaststellingsovereenkomst doen toekomen, en/of bovengenomede personen voorgehouden dat zij een bedrag als zekerheid voor de eigen bijdrage in verband met kosten koper en/of garantie voor de bijdrage kosten koper en/of onderdeel/aanbetaling van de totaal voor de overdracht te betalen eigen bijdrage en/of bijdrage kosten koper alsmede afkoop restschuld aanbetaling, dan wel als eigen bijdrage/kosten koper/borgsom/huurwaarborgsom/notariskosten/eerste maand betaling/commitment/percentage/advieskosten, althans een geldbedrag zouden moeten betalen, en/of zich hierbij voorgedaan als betrouwbaar hypotheekverstrekker/financier, waardoor die [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] en/of [benadeelde 3] en/of [benadeelde 4] en/of [benadeelde 5] en/of [benadeelde 6] en/of [benadeelde 7] en/of [benadeelde 8] en/of [benadeelde 9] en/of [benadeelde 10] en/of [benadeelde 11] en/of [benadeelde 12] en/of [benadeelde 13] en/of één of meer andere personen (telkens) werd(
  5. en)bewogen tot bovenomschreven afgifte; althans, voor zover voor het vorenstaande onder 1 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, subsidiair ter zake dat hij op een of meer tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van 1 mei 2016 tot 21 maart 2017 in Almelo en/of Eindhoven en/of Rucphen en/of ’s-Hertogenbosch en/of Een en/of Meppel en/of Gasselternijveen en/of Apeldoorn en/of Deventer en/of Zaamslag en/of Sluiskil en/of De Weere en/of Boskoop en/of elders in Nederland en/of in Spanje tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk een of meer geldbedragen (van in totaal ongeveer 168.777 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] en/of [benadeelde 3] en/of [benadeelde 4] en/of [benadeelde 5] en/of [benadeelde 6] en/of [benadeelde 7] en/of [benadeelde 8] en/of [benadeelde 9] en/of [benadeelde 10] en/of [benadeelde 11] en/of [benadeelde 12] en/of [benadeelde 13] en/of één of meer andere personen, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke geldbedragen verdachte anders dan door misdrijf, te weten als zekerheid voor de eigen bijdrage ivm kosten koper en/of garantie voor de bijdrage kosten koper en/of onderdeel/aanbetaling van de totaal voor de overdracht te betalen eigen bijdrage en/of bijdrage kosten koper alsmede afkoop restschuld aanbetaling, dan wel als eigen bijdrage/kosten koper/borgsom/huurwaarborgsom/notariskosten/eerste maand betaling/commitment/percentage/advieskosten, althans als betaling in verband met een overeenkomst tussen elk van die genoemde personen en [bedrijf 1] onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend; 2( [bedrijf 2] ) hij op een of meer tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van 1 april 2014 tot en met 1 mei 2015 in Almelo en/of Arnhem en/of Eindhoven en/of Yde en/of Veenendaal en/of Eibergen en/of Deventer en/of elders in Nederland en/of in Spanje tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(
  6. en)wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [benadeelde 14] en/of [benadeelde 15] en/of [benadeelde 16] en/of [benadeelde 17] en/of [benadeelde 18] en/of [benadeelde 19] en/of [benadeelde 20] en/of [benadeelde 21] en/of [benadeelde 22] en/of [benadeelde 23] en/of [benadeelde 24] en/of één of meer andere personen (telkens) heeft bewogen tot de afgifte van (een) geldbedrag(
  7. en)(van in totaal ongeveer 51.500 euro), althans tot afgifte van enig geldbedrag, immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(
  8. s)(telkens) met vorenomschreven oogmerk, zakelijk weergegeven, valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid: - de eenmanszaak [bedrijf 2] opgericht / laten oprichten, en/of - bij de Kamer van Koophandel het bedrijf/de eenmanszaak [bedrijf 2] (gericht op de verkoop/verhuur van appartementen in Spanje) ingeschreven / laten inschrijven, en/of - een bedrijfsruimte gehuurd / laten huren in een bedrijfsverzamelgebouw in Arnhem, en/of - via internet op websites voor werkzoekenden bovengenoemde, naar werk zoekende, personen benaderd / laten benaderen met het aanbod voor een baan/functie als werknemer bij [bedrijf 2] , en/of - op (banenwebsites) op internet (personeels)advertenties geplaatst/laten plaatsen met een aanbod voor een baan/functie m.b.t. de verkoop/verhuur van onroerend goed in Spanje, en/of - in telefonische/email/whats-app en/of persoonlijke contacten met bovengenoemde personen gebruik gemaakt / gebruik laten maken van verschillende namen, te weten: “ [alias 2 verdachte] ” en/of “ [alias 3 verdachte] ” en/of “ [alias 8 verdachte] ” en/of “ [alias 9 verdachte] ”, en/of - bovengenoemde personen laten weten dat [bedrijf 2] beschikte over appartementen in Spanje beschikte, en/of - bovengenoemde personen een baan/functie bij [bedrijf 2] aangeboden waarbij de werkzaamheden bestonden uit het verkopen en/of verhuren van appartementen in Spanje, en/of - bovengenoemde personen een arbeidscontract en/of een franchiseovereenkomst laten (onder)tekenen/aangaan, en/of - aan bovengenoemde personen salaris/loon en/of een lease-auto toegezegd, en/of - bovengenoemde personen voorgehouden dat zij entreegeld / een instapfee / franchisegeld / een regiofee / een bedrag ter verkrijging van de regiorechten ten behoeve van de bonusuitbetaling, althans een geldbedrag zouden moeten betalen, en/of - aan (één of meer van) bovengenoemde personen folders/promotiemateriaal laten zien en/of verstrekt, waarin informatie stond over appartementen in Spanje en/of die voorzien waren van het logo van [stichting] ( [stichting] ) en/of - (een) stand(
  9. s)ingericht/laten inrichten op een of meer beurzen (waaronder de [beurs 1] ) waar (één of meer van) bovengenoemde personen werkzaamheden m.b.t. de verkoop/verhuur van appartementen in Spanje uitvoerden, en/of - aan (een of meer van) bovengenoemde personen een (verkoop)training laten geven, en/of - zich bij bovengenoemde handelingen voorgedaan als een betrouwbaar werkgever, waardoor die [benadeelde 14] en/of [benadeelde 15] en/of [benadeelde 16] en/of [benadeelde 17] en/of [benadeelde 18] en/of [benadeelde 19] en/of [benadeelde 20] en/of [benadeelde 21] en/of [benadeelde 22] en/of [benadeelde 23] en/of [benadeelde 24] en/of één of meer andere personen (telkens) werd(
  10. en)bewogen tot bovenomschreven afgifte; althans, voor zover voor het vorenstaande onder 2 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, subsidiair ter zake dat hij op een of meer tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van 1 april 2014 tot en met 1 mei 2015 in Almelo en/of Arnhem en/of Eindhoven en/of Yde en/of Veenendaal en/of Eibergen en/of Deventer en/of elders in Nederland en/of in Spanje tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk een of meer geldbedragen (van in totaal 51.500 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 14] en/of [benadeelde 15] en/of [benadeelde 16] en/of [benadeelde 17] en/of [benadeelde 18] en/of [benadeelde 19] en/of [benadeelde 20] en/of [benadeelde 21] en/of [benadeelde 22] en/of [benadeelde 23] en/of [benadeelde 24] en/of één of meer andere personen, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke geldbedragen verdachte anders dan door misdrijf, te weten als entreegeld / instapfee / franchisegeld / regiofee / een bedrag ter verkrijging van de regiorechten ten behoeve van de bonusuitbetaling, althans (aan)betaling voor het verkrijgen van een baan/franchiseovereenkomst bij/met [bedrijf 2] , onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend; 3( [bedrijf 3] ) hij op een of meer tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van 1 januari 2015 tot en met 31 december 2015 in Almelo en/of ’s-Heerenberg en/of ’s-Gravenhage en/of Zwijndrecht en/of Haarlem en/of Assendelft en/of Almere en/of elders in Nederland en/of in Spanje tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(
  11. en)wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [benadeelde 25] en/of [benadeelde 26] en/of [benadeelde 27] en/of [benadeelde 28] en/of [benadeelde 29] en/of [benadeelde 30] en/of [benadeelde 31] en/of [benadeelde 32] en/of één of meer andere personen (telkens) heeft bewogen tot de afgifte van (een) geldbedrag(
  12. en)(van in totaal ongeveer 32.315 euro), althans tot afgifte van enig geldbedrag, immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(
  13. s)(telkens) met vorenomschreven oogmerk, -zakelijk weergegeven- valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid: - op internet de website [website 2] gemaakt/laten maken en/of - op genoemde website de mogelijkheid aangeboden, aan personen die schulden hebben (en/of hun lening of financiering niet meer kunnen of willen betalen), hen van hun verplichtingen/schulden af te helpen (waarbij tegen betaling van een bepaald percentage van de totale schuldsom de schuld overgenomen zou worden door [bedrijf 3] ), en/of - op websites op internet en/of in kranten advertenties geplaatst/laten plaatsen voor [website 2] met daarin vermeld een KvK-nummer en/of daarin vermeld een adres aan [adres 2] in Amsterdam, en/of - in telefonische/mail/whats-app en/of persoonlijke contacten met (potentiële) klanten / bovengenoemde personen gebruik gemaakt / gebruik laten maken van verschillende namen, waaronder “ [alias 10 verdachte] ”, “ [alias 11 verdachte] ”, “ [alias 12 verdachte] ” en/of “ [alias 13 verdachte] ”, en/of - in telefonische/mail/whats-app en/of persoonlijke contacten met (potentiële) klanten / bovengenoemde personen aangegeven / laten aangeven dat [bedrijf 3] genoemde personen van hun schulden/verplichtingen af kon helpen en/of de schulden/verplichtingen van genoemde personen kon overnemen en/of de ervoor zorg kon dragen dat de schuld zou kunnen worden afgekocht, en/of - bovengenoemde personen een contract (koop en verkoop van een geldleningsovereenkomst) laten ondertekenen, en/of - bovengenoemde personen voorgehouden dat zij een percentage van hun schuldsom en/of advocaatkosten en/of andere geldbedragen/kosten zouden moeten betalen/overmaken, en/of - aan bovengenoemde personen dwingende emailberichten en/of valse afschriften van emailberichten en/of andere valse documenten toegestuurd/doen toekomen, en/of - bovengenoemde personen laten weten dat [bedrijf 3] bezig was om regelingen te treffen/afspraken te maken met schuldeisers, en/of - hierbij doen voorkomen dat het bedrijf [bedrijf 3] een betrouwbaar en in het overnemen van leningen en financieringscontracten gespecialiseerd bedrijf was, waardoor die [benadeelde 25] en/of [benadeelde 26] en/of [benadeelde 27] en/of [benadeelde 28] en/of [benadeelde 29] en/of [benadeelde 30] en/of [benadeelde 31] en/of [benadeelde 32] en/of één of meer andere personen (telkens) werd(
  14. en)bewogen tot bovenomschreven afgifte; althans, voor zover voor het vorenstaande onder 3 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, subsidiair ter zake dat hij op een of meer tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van 1 januari 2015 tot en met 31 december 2015 in Almelo en/of ’s-Heerenberg en/of ’s-Gravenhage en/of Zwijndrecht en/of Haarlem en/of Assendelft en/of Almere en/of elders in Nederland en/of in Spanje tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk een of meer geldbedragen (van in totaal ongeveer 32.315 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 25] en/of [benadeelde 26] en/of [benadeelde 27] en/of [benadeelde 28] en/of [benadeelde 29] en/of [benadeelde 30] en/of [benadeelde 31] en/of [benadeelde 32] en/of één of meer andere personen, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke geldbedragen verdachte anders dan door misdrijf, te weten als percentage van de schuldsom en/of als aanbetaling en/of in verband met advocaatkosten en/of arbeidskosten en/of andere kosten, althans in verband met een overeenkomst tussen elk van die genoemde personen en [bedrijf 3] onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend; 4( [bedrijf 4] ) hij op een of meer tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van 1 februari 2013 tot en met 31 juli 2014 in Utrecht en/of Amersfoort en/of Veenendaal en/of Castricum en/of De Bilt en/of Houten en/of Nijmegen en/of Enschede en/of Breda en/of Bavel en/of Wapenveld en/of Millingen aan de Rijn en/of Hoofddorp en/of Rotterdam en/of Deurne en/of Hantum en/of Drachten en/of De Meern en/of elders in Nederland en/of in Spanje tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(
  15. en)wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [benadeelde 33] en/of [benadeelde 34] en/of [benadeelde 35] en/of [benadeelde 36] en/of [benadeelde 37] en/of [benadeelde 38] en/of [benadeelde 39] en/of [benadeelde 40] en/of [benadeelde 41] en/of [benadeelde 42] en/of [benadeelde 43] en/of [benadeelde 44] en/of [benadeelde 45] en/of [benadeelde 46] en/of [benadeelde 47] en/of [benadeelde 48] en/of [benadeelde 49] en/of [benadeelde 50] en/of [benadeelde 51] en/of [benadeelde 52] en/of [benadeelde 53] en/of één of meer andere personen (telkens) heeft bewogen tot de afgifte van (een) geldbedrag(
  16. en)(van in totaal ongeveer 340.000 euro), althans tot afgifte van enig geldbedrag, immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(
  17. s)(telkens) met vorenomschreven oogmerk, -zakelijk weergegeven- valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid: - het bedrijf [bedrijf 4] opgericht / laten oprichten, waarvan de website [website 3] deel uitmaakte, en/of - bij de Kamer van Koophandel het bedrijf [bedrijf 4] ingeschreven / laten inschrijven en/of - via internet op (vacature)websites voor werkzoekenden (één of meer van) bovengenoemde personen heeft benaderd / laten benaderen met het aanbod voor een baan/functie als werknemer bij [bedrijf 4] , en/of - op (banenwebsites
  18. op)internet (personeels)advertenties heeft geplaatst / laten plaatsen met het aanbod voor een baan/functie bij [bedrijf 4] , en/of - in telefonische/email/whats-app en/of persoonlijke contacten met bovengenoemde personen en/of op zijn visitekaartje gebruik gemaakt / gebruik laat maken van een valse/onvolledige naam (“ [alias 3 verdachte] ”), en/of - (één of meer van) bovengenoemde personen een baan/functie aangeboden / laten aanbieden op basis van franchise, en/of - (één of meer van) bovengenoemde personen voorgehouden / laten voorhouden dat zij een financiële inleg zouden moeten doen / entreegeld / een franchisebedrag zouden moeten betalen, en/of - (een of meer van) bovengenoemde personen voorgehouden / laten voorhouden dat zij een bankgarantie ter hoogte van de inleg/het entreegeld/het franchisebedrag zouden ontvangen en/of dat de inleg/het entreegeld/het franchisebedrag bij beëindiging van de franchiseovereenkomst en/of arbeidsovereenkomst zou worden terugbetaald, en dat in verband hiermee een bankgarantie zou worden afgegeven, en/of - (één of meer van) bovengenoemde personen een franchiseovereenkomst of arbeidscontract laten tekenen (waarin onder andere was vastgelegd dat zij een bankgarantie zouden krijgen zodat wanneer de overeenkomst zou worden ontbonden zij het inleggeld terug zouden krijgen), en/of - zich hierbij voorgedaan als betrouwbaar werkgever en/of franchisegever, waardoor voornoemde [benadeelde 33] en/of [benadeelde 34] en/of [benadeelde 35] en/of [benadeelde 36] en/of [benadeelde 37] en/of [benadeelde 38] en/of [benadeelde 39] en/of [benadeelde 40] en/of [benadeelde 41] en/of [benadeelde 42] en/of [benadeelde 43] en/of [benadeelde 44] en/of [benadeelde 45] en/of [benadeelde 46] en/of [benadeelde 47] en/of [benadeelde 48] en/of [benadeelde 49] en/of [benadeelde 50] en/of [benadeelde 51] en/of [benadeelde 52] en/of [benadeelde 53] en/of één of meer andere personen (telkens) werd(
  19. en)bewogen tot bovenomschreven afgifte; althans, voor zover voor het vorenstaande onder 2 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, subsidiair ter zake dat hij op een of meer tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van 1 februari 2013 tot en met 31 juli 2014 in Utrecht en/of Amersfoort en/of Veenendaal en/of Castricum en/of De Bilt en/of Houten en/of Nijmegen en/of Enschede en/of Breda en/of Bavel en/of Wapenveld en/of Millingen aan de Rijn en/of Hoofddorp en/of Rotterdam en/of Deurne en/of Hantum en/of Drachten en/of De Meern en/of elders in Nederland en/of in Spanje tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk een of meer geldbedragen (van in totaal 153.425), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [bedrijf 4] en/of [benadeelde 33] en/of [benadeelde 34] en/of [benadeelde 35] en/of [benadeelde 36] en/of [benadeelde 37] en/of [benadeelde 38] en/of [benadeelde 39] en/of [benadeelde 40] en/of [benadeelde 41] en/of [benadeelde 42] en/of [benadeelde 43] en/of [benadeelde 44] en/of [benadeelde 45] en/of [benadeelde 46] en/of [benadeelde 47] en/of [benadeelde 48] en/of [benadeelde 49] en/of [benadeelde 50] en/of [benadeelde 51] en/of [benadeelde 52] en/of [benadeelde 53] en/of één of meer andere personen, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke geldbedragen verdachte anders dan door misdrijf, te weten als aan [bedrijf 4] betaalde entreegeld/instapfee/franchisefee/franchise-inleg, althans (aan)betaling voor het verkrijgen van een baan/franchiseoverenkomst bij/met [bedrijf 4] onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend; 5( [bedrijf 5] ) hij op een of meer tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van 01 juli 2016 tot en met 30 september 2016 te Almelo en/of Deventer en/of elders in Nederland en/of in Spanje, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(
  20. en)wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [benadeelde 54] heeft bewogen tot de afgifte van (een) geldbedrag(
  21. en)(van in totaal ongeveer 300 euro), althans tot afgifte van enig geldbedrag, immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(
  22. s)(telkens) met vorenomschreven oogmerk, -zakelijk weergegeven- valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid: - de website [website 4] gemaakt/laten maken, en/of - op genoemde website hulp aangeboden bij belastingzaekn, en/of - genoemde [benadeelde 54] verteld haar te helpen met haar belastingzaken, en/of - genoemde [benadeelde 54] (middels een brief) geïnformeerd dat er namens haar en een brief naar de Belastingdienst (landelijk Incassocentrum te Heerlen) was gestuurd, en/of - zich hierbij voorgedaan als een betrouwbaar belastingadviseur, waardoor die [benadeelde 54] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte; althans, voor zover voor het vorenstaande onder 1 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, subsidiair ter zake dat hij op een of meer tijdstip(pen) gelegen in of omstreeks de periode van 01 juli 2016 tot en met 30 september 2016 te Almelo en/of Deventer en/of elders in Nederland en/of in Spanje, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk een geldbedrag (van in totaal 300 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 54] , in elk geval aan één of meer andere personen, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk geldbedrag verdachte anders dan door misdrijf, te weten als betaling in verband met een overeenkomst tussen die [benadeelde 54] en [website 4] , onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend; 6(Camper) hij in de periode van 21 januari 2017 tot en met 27 januari 2017 in Almelo en/of elders in Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(
  23. en)wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [benadeelde 55] heeft bewogen tot de afgifte van een camper met kenteken [kenteken 1] (Fiat Carado 344 opbouw), althans tot de afgifte van een sleutel en/of het kentekenbewijs van die camper, althans tot afgifte van enig goed, immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(
  24. s)(telkens) met vorenomschreven oogmerk, -zakelijk weergegeven- valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid: gereageerd op een marktplaatsadvertentie m.b.t. bovengenoemde camper en aangegeven dat hij belangstelling had voor de camper en/of deze wilde kopen voor zijn ouders, en/of hierbij gebruik gemaakt van de (valse) naam “ [alias 14 verdachte] ”, en/of die [benadeelde 55] op zijn, verdachtes, telefoon laten zien dat het aankoopbedrag voor de camper (41.000 euro), middels een spoedbetaling was overgeschreven naar de rekening van de vrouw van bovengenoemde [benadeelde 55] , en/of die [benadeelde 55] verteld dat er iemand van de verzekering naar de camper kwam kijken en hij, verdachte, daarom de sleutel en kentekenbewijs nodig had, en/of zich hierbij heeft voorgedaan als een bonafide koper waardoor die [benadeelde 55] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte; althans, voor zover voor het vorenstaande onder 6 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, subsidiair ter zake dat hij in de periode van 21 januari 2017 tot en met 27 januari 2017 in Almelo en/of elders in Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk een camper met kenteken [kenteken 1] (Fiat Carado 344 opbouw), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 55] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk goed verdachte anders dan door misdrijf, te weten ten behoeve van het komen tot een aankoop en/of ten behoeve van het afsluiting van een verzekering, onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend. althans, voor zover voor het vorenstaande onder 6 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, meer subsidiair ter zake dat hij in de periode van 21 januari 2017 tot en met 27 januari 2017 in Almelo en/of elders in Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een camper met kenteken [kenteken 1] (Fiat Carado 344 opbouw), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 55] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, waarbij hij, verdachte, de camper onder zijn bereik heeft gebracht door middel van gebruik van een valse sleutel; 7(Peugeot) hij op 5 maart 2017 in Amsterdam en/of elders in Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(
  25. en)wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [benadeelde 56] heeft bewogen tot de afgifte van 4000 euro, althans tot afgifte van enig geldbedrag, immers heeft/hebben hij, verdachte, en/of zijn mededader(
  26. s)(telkens) met vorenomschreven oogmerk, -zakelijk weergegeven- valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid: middels een marktplaatsadvertentie een auto (Peugeot 208), aangeboden, en/of zich jegens die [benadeelde 56] heeft voorgedaan als eigenaar van bovengenoemde auto, althans als beschikkingsbevoegd ten aanzien van die auto, en/of met bovengenoemde [benadeelde 56] de afspraak gemaakt dat deze [benadeelde 56] 4000 euro van de aankoopsom contant zou betalen, en/of bovengenoemde [benadeelde 56] verteld dat hij de biljetten op echtheid wilde laten controleren, waardoor [benadeelde 56] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte; althans, voor zover voor het vorenstaande onder 6 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, subsidiair ter zake dat hij op 5 maart 2017 in Amsterdam en/of elders in Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk 4000 euro, in elk geval enig geldbedrag, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 56] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk goed/geldbedrag verdachte en/of zijn mededader(
  27. s)anders dan door misdrijf, te weten als contante aanbetaling op een (voorgenomen) koop van een auto (Peugeot 208) en/of ten behoeve van het controleren op echtheid van de geldbiljetten, onder zich had(den), wederrechtelijk zich heeft toegeëigend; althans, voor zover voor het vorenstaande onder 7 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, meer subsidiair ter zake dat hij op 5 maart 2017 in Amsterdam en/of elders in Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van 4000 euro, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 56] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte; 8. (witwassen opbrengsten zaaksdossiers [bedrijf 1] , [bedrijf 2] , [bedrijf 3] [bedrijf 4] , [bedrijf 5] , Camper en Peugeot) hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 01 februari 2013 tot en met 21 maart 2017 in Almelo en/of elders in Nederland en/of in Spanje, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt, immers heeft/hebben hij, verdachte, en/of zijn mededader(
  28. s)telkens een of meer geldbedragen (ter hoogte van in totaal ongeveer 621.892 euro) verworven en/of voorhanden gehad en/of overgedragen en/of omgezet en/of daarvan gebruik gemaakt, terwijl hij en/of zijn mededaders wist(
  29. en)dat de/het geldbedrag(
  30. en)onmiddellijk of middellijk geheel of ten dele, althans mede afkomstig was/waren uit enig misdrijf; 9. (valsheid in geschrift in de zaken [bedrijf 1] , [bedrijf 2] , [bedrijf 3] en [bedrijf 4] ) hij op een of meer tijdstippen gelegen in of omstreeks de periode van 01 februari 2013 tot en met 21 maart 2017 te Almelo en/of Eindhoven en/of Utrecht en/of Arnhem en/of elders in Nederland en/of in Spanje tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een of meer geschriften, waaronder in elk geval a. een of meer vaststellingsovereenkomsten tussen (telkens) [bedrijf 1] (als onderdeel van [bedrijf 6] en/of [bedrijf 1] BV i.o.) en een cliënt van [bedrijf 1] , waaronder in elk geval - een vaststellingsovereenkomst d.d. 21 juli 2016 tussen [bedrijf 1] en [benadeelde 10] en/of [benadeelde 57] [A01; p. 210061]; - een vaststellingsovereenkomst d.d. 27 juli 2016 tussen [bedrijf 1] en [benadeelde 9] [A02; p. 210072]; - een vaststellingsovereenkomst d.d. 01 augustus 2016 tussen [bedrijf 1] en [benadeelde 4] en [benadeelde 58] [A03; p. 210107]; een of meer franchiseovereenkomsten tussen (telkens) [bedrijf 2] en een franchisenemer, waaronder in elk geval - een franchiseovereenkomst d.d. 25 juli 2014 tussen [bedrijf 2] en [benadeelde 14] [A20; p. 220006]; - een franchiseovereenkomst d.d. 19 augustus 2014 tussen [bedrijf 2] en [benadeelde 16] [A22; p. 220094]; - een franchiseovereenkomst d.d. 25 juli 2014 tussen [bedrijf 2] en [benadeelde 17] [A23; p. 220148]; een of meer overeenkomsten met de titel “koop en verkoop van een geldleningsovereenkomst” tussen (telkens) [website 2] (als onderdeel van [bedrijf 7] BV) en een cliënt van [website 2] , waaronder in elk geval - een overeenkomst d.d. 30 maart 2015 tussen [website 2] als onderdeel van [bedrijf 7] BV en [benadeelde 29] [A30; p. 230006]; - een overeenkomst d.d. 19 mei 2015 tussen [website 2] als onderdeel van [bedrijf 7] BV en [benadeelde 25] [A33; p. 230309]; een of meer franchiseovereenkomsten tussen (telkens) [bedrijf 4] en een franchisenemer, waaronder in elk geval - een franchiseovereenkomst d.d. 28 februari 2014 tussen [bedrijf 4] en [benadeelde 34] [A43, p. 240247]; - een franchiseovereenkomst d.d. 29 januari 2014 tussen [bedrijf 4] en [benadeelde 37] [A46, p. 240377]; - een franchiseovereenkomst d.d. 05 december 2013 tussen [bedrijf 4] en [benadeelde 44] [A53, p. 240867]; een of meer mailberichten, waaronder in elk geval - een mailbericht van 20 juli 2016 08:24:28 CEST van [mailadres 3] aan [benadeelde 3] [A04; p. 210173]; - een mailbericht van 04 juli 2016 17:21 van [mailadres 3] aan [benadeelde 11] [A07; p. 210408]; - mailberichten van 22 april 2015 9:05 en 7:44 van [mailadres 2] aan [benadeelde 29] [A30; pp. 230023 en 230025]; - een mailbericht van 22 oktober 2015 17:42 van [mailadres 2] aan [benadeelde 25] [A33; p. 230368]; een of meer folders/promotiemateriaal, waaronder in elk geval een document met de titel “ [naam 2] ” [o.a. pp. 220014-220017] zijnde deze overeenkomsten en/of mailberichten en/of folders/promotiemateriaal telkens een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, (telkens) met het oogmerk om die geschriften als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken, valselijk heeft opgemaakt en/of heeft doen opmaken en/of heeft vervalst en/of heeft doen vervalsen, en/of opzettelijk gebruik heeft gemaakt van deze geschriften als waren zij echt en onvervalst, waarbij die valsheid hierin bestond dat valselijk, immers opzettelijk in strijd met de waarheid, in bovengenoemde vaststellingsovereenkomsten sub a onder andere was vermeld dat [bedrijf 1] een woning zou kopen en deze voor een periode van tien jaar ter beschikking zou stellen aan de wederpartij van [bedrijf 1] ; in bovengenoemde franchiseovereenkomsten sub b onder andere was vermeld dat [bedrijf 2] een systeem had ontwikkeld voor het drijven van een onderneming in [website 5] , gericht op het verhuren van appartementen; in bovengenoemde overeenkomsten sub c onder andere was vermeld dat [website 2] een geldlening/schuld van die [benadeelde 29] en/of die [benadeelde 25] overnam/kocht; in bovengenoemde franchiseovereenkomsten sub d onder andere was vermeld dat [bedrijf 4] B.V. een systeem had ontwikkeld voor het drijven van een onderneming in “minder loonbeslag”, gericht op het verminderen van loonbeslag; bovengenoemde mailberichten sub e waren ondertekend met de naam “ [alias 1 verdachte] ” of “ [alias 10 verdachte] ” of “ [alias 13 verdachte] ”; in bovengenoemde folders/promotiemateriaal sub f het logo van de [stichting] ( [stichting] ) was gebruikt; en waarbij het gebruik hierin bestond dat hij, verdachte, en/of een van zijn mededaders bovengenoemde vaststellingsovereenkomsten sub a heeft doen toekomen aan die [benadeelde 10] en/of [benadeelde 57] en/of die [benadeelde 9] en/of die [benadeelde 4] en/of die [benadeelde 58] ; bovengenoemde franchiseovereenkomsten sub b heeft doen toekomen aan die [benadeelde 14] en/of [benadeelde 16] en/of [benadeelde 17] ; bovengenoemde overeenkomsten sub c heeft doen toekomen aan die [benadeelde 29] en/of [benadeelde 25] ; bovengenoemde franchiseovereenkomsten sub d heeft doen toekomen aan die [benadeelde 34] en/of [benadeelde 37] en/of [benadeelde 44] ; bovengenoemde geschriften sub e heeft doen toekomen aan die [benadeelde 3] en/of die [benadeelde 11] en/of die [benadeelde 29] en/of die [benadeelde 25] bovengenoemde geschriften sub f ter beschikking heeft gesteld aan een of meer personen die met [bedrijf 2] een franchiseovereenkomst en/of arbeidsovereenkomst waren aangegaan; parketnummer 08-953128-17: 1. hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 december 2015 tot en met 15 december 2015 te Marbella, althans in Spanje en/of in Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [benadeelde 59] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, te weten een of meer geldbedragen, te weten: - 25.000 euro (overboeking dd 03-12-2015) - 25.000 euro (overboeking dd 03-12-2015) - 25.000 euro (overboeking dd 09-12-2015) - 15.000 euro (overboeking dd 11-12-2015) - 15.000 euro (contante betaling dd 15-12-2015) althans tot afgifte van een of meer geldbedragen, immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(s), met vorenomschreven oogmerk, -zakelijk weergegeven-, valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid: zich voorgedaan als betrouwbare, kredietwaardige en vermogende investeerder in restaurant [restaurant] in Marbella (Spanje), medegedeeld dat hij, verdachte, voor 1,5 miljoen euro wilde investeren in genoemd restaurant, aan [benadeelde 59] voorstellen gedaan over samenwerking en/of verdeling van taken/werkzaamheden, de aankoop en het terugkopen van (een gedeelte van
  31. de)aandelen, uitbetaling van (voorschotten
  32. op)winstuitkering, aan [benadeelde 59] medegedeeld dat er nog een investeerder voor/in [restaurant] was (te weten [naam 3] ), zwijgen/geheimhouding belangrijk was om de deal mbt [restaurant] te laten slagen, aan [benadeelde 59] mededelingen gedaan over zijn, verdachtes, gesprekken/onderhandelingen met de eigenaar van [restaurant] , [naam 4] , aan [benadeelde 59] medegedeeld dat het rekeningnummer [rekeningnummer 1] op naam van [medeverdachte 1] stond genoemde bedragen niet rechtstreeks op de derdenrekening van de notaris gestort konden worden het (voorlopig) koopcontract/de notariële akte (begin december 2015) bij een notaris in Nederland getekend zou worden, dat er diverse oorzaken waren waarom dit (telkens) uitgesteld werd en dat de notariële akte op 11 december 2015 gepasseerd was er (telkens) problemen waren waardoor de contracten mbt genoemd restaurant niet definitief afgesloten konden worden voorafgaand aan de ene betaling van 25.000 euro dd 03-12-2015 aan [benadeelde 59] medegedeeld dat dit het aankoopbedrag/investeringsbedrag voor 10% van de aandelen in [restaurant] was, voorafgaand aan de andere betaling van 25.000 euro dd 03-12-2015 alsmede mbt de betalingen van 25.000 euro dd 09-12-2015 en 15.000 euro dd 11-12-2015 aan [benadeelde 59] medegedeeld dat het (totale) bedrag (65.000 euro) een tijdelijke lening was, voorafgaand aan de contante betaling van 15.000 euro dd 15-12-2015 aan [benadeelde 59] medegedeeld dat dit een lening was zodat de contracten mbt [restaurant] definitief getekend konden worden waardoor voornoemde [benadeelde 59] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte; ALTHANS, voor zover voor het vorenstaande onder 1 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, SUBSIDIAIR, terzake dat hij, in of omstreeks de periode van 1 december 2015 tot en met 15 december 2015 te Marbella, althans in Spanje en/of in Nederland tezamen en in vereniging, althans alleen opzettelijk een of meer geldbedragen, te weten: - 25.000 euro (overboeking dd 03-12-2015) - 25.000 euro (overboeking dd 03-12-2015) - 25.000 euro (overboeking dd 09-12-2015) - 15.000 euro (overboeking dd 11-12-2015) - 15.000 euro (contante betaling dd 15-12-2015) althans een of meer geldbedragen, in elk geval enig goed, geheel of te dele toebehorende aan [benadeelde 59] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte welk(
  33. e)goed(eren) verdachte anders dan door misdrijf, te weten ten behoeve van de aankoop van 10% van de aandelen in restaurant [restaurant] (25.000 euro), en/of als tijdelijke lening (80.000 euro), althans op grond van tussen die [benadeelde 59] en hem, verdachte gemaakte afspraken met betrekking tot restaurant [restaurant] onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend; 2. hij, op omstreeks 15 maart 2017 te Marbella, althans in Spanje, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen een of meer geschriften, te weten een transactieoverzicht mbt bankrekening [rekeningnummer 2] tnv. Mevr. [medeverdachte 1] over de periode 21-02-1027 t/m 15-03-2017 en/of een schermafdruk mbt bankrekening [rekeningnummer 2] althans een geschrift(en), dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen, (telkens) met het oogmerk om die geschriften als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken valselijk heeft opgemaakt en/of heeft doen opmaken en/of heeft vervalst en/of heeft doen vervalsen, en/of daarvan opzettelijk gebruik heeft gemaakt als waren zij echt en onvervalst, bestaande die valsheid hierin dat (telkens) valselijk, immers opzettelijk in strijd met de waarheid in dat/die geschrift(
  34. en)staat dat op 15 maart 2017 15.000 euro is overgemaakt, en/of dat daartoe opdracht is gegeven, van rekening [rekeningnummer 2] op rekening [rekeningnummer 3] van de Rechtbank in Marbella met als omschrijving " [omschrijving 1] " en/of " [omschrijving 2] " en bestaande dat gebruik hierin dat hij, verdachte, die geschriften heeft overgelegd aan de Rechtbank in Marbella (Spanje); althans, voor zover voor het vorenstaande onder 1 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, subsidiair ter zake dat hij, op omstreeks 22 maart 2017 te Huizen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen een of meer geschriften, te weten een transactieoverzicht mbt bankrekening [rekeningnummer 2] tnv. Mevr. [medeverdachte 1] over de periode 21-02-1027 t/m 15-03-2017 en/of een schermafdruk mbt bankrekening [rekeningnummer 2] althans (een) geschrift(en), dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen, voorhanden heeft gehad terwijl hij wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat dat/die geschrift(
  35. en)bestemd was/waren voor gebruik als ware(
  36. n)het/zij echt en onvervalst, bestaande die valsheid hierin dat (telkens) valselijk, immers opzettelijk in strijd met de waarheid in dat/die geschrift(
  37. en)staat dat op 15 maart 2017 15.000 euro is overgemaakt, en/of dat daartoe opdracht is gegeven, vanaf rekening [rekeningnummer 2] op rekening [rekeningnummer 3] van de Rechtbank in Marbella met als omschrijving " [omschrijving 1] " en/of " [omschrijving 2] "; 3. hij op een of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 20 mei 2014 tot en met 27 januari 2015 te Utrecht en/of te Veenendaal, in elk geval in Nederland tezamen en in vereniging, althans alleen, als feitelijk bestuurder van een rechtspersoon, te weten de besloten vennootschap [bedrijf 4] B.V. , welke besloten vennootschap bij vonnis van de arrondissementsrechtbank Midden-Nederland op 20 mei 2014 in staat van faillissement is verklaard, en één of meerdere malen door de curator en de rechter-commissaris in het faillissement wettelijk opgeroepen tot het geven van inlichtingen op 31 juli 2014 zonder geldige reden opzettelijk niet is verschenen bij het verhoor bij de rechter-commissaris en/of opzettelijk verkeerde inlichtingen heeft gegeven aan de curator, door aan de curator mede te delen dat hij, [verdachte] , een vordering had op [bedrijf 4] B.V. op basis van een tweetal leningsovereenkomsten twee leningsovereenkomsten (tussen [verdachte] en [benadeelde 63] en tussen [verdachte] en [bedrijf 4] B.V.) te doen toekomen; 4. hij op een of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 26 april 2013 tot en met 27 januari 2015 te Utrecht en/of te Veenendaal in elk geval in Nederland tezamen en in vereniging, althans alleen, als feitelijk bestuurder van een rechtspersoon, te weten de besloten vennootschap [bedrijf 4] B.V., welke besloten vennootschap bij vonnis van de arrondissementsrechtbank Midden-Nederland op 20 mei 2014 in staat van faillissement is verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten van de schuldeiser(
  38. s)van die besloten vennootschap, niet heeft voldaan aan de op hem rustende verplichtingen ten opzichte van het voeren van een administratie ingevolge artikel 10, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, artikel 15i, eerste lid, van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek of artikel 5, eerste lid, van de Wet op de formeel buitenlandse vennootschappen in samenhang met artikel 10, eerste lid, van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, en/of het bewaren en/of te voorschijn brengen van de boeken, bescheiden en/of andere gegevensdragers in die/dat artikel(
  39. en)bedoeld, immers heeft verdachte, als feitelijk bestuurder van voornoemde rechtspersoon, met dat opzet geen administratie gevoerd of laten voeren op zodanige wijze dat hieruit te allen tijde de rechten en de verplichtingen van die rechtspersoon konden worden gekend en/of niet de (volledige) administratie van voornoemde rechtspersoon afdoende bewaard en/of geen administratie van voornoemde rechtspersoon afgegeven/kunnen afgeven en/of ter beschikking gesteld/kunnen stellen aan de curator; 5. hij op een of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 26 april 2013 tot en met 27 januari 2015 te Utrecht en/of te Veenendaal, in elk geval in Nederland tezamen en in vereniging, althans alleen, als feitelijk bestuurder van een rechtspersoon, te weten de besloten vennootschap [bedrijf 4] B.V., welke besloten vennootschap bij vonnis van de arrondissementsrechtbank Midden-Nederland op 20 mei 2014 in staat van faillissement is verklaard, ter bedrieglijke verkorting van de rechten van de schuldeiser(
  40. s)van die besloten vennootschap, lasten heeft verdicht, hetzij baten niet heeft verantwoord hetzij enig goed aan de boedel heeft onttrokken immers heeft hij, verdachte, voorafgaand aan voornoemd vonnis van de rechtbank een of meer geldbedragen ten belope van in totaal ongeveer 153.425 euro vanaf de zakelijke rekening ( [rekeningnummer 4] ) van voornoemde rechtspersoon overgemaakt en/of doen overmaken op rekeningen (met rekeningnummers: [rekeningnummer 5] , [rekeningnummer 6] , [rekeningnummer 7] , [rekeningnummer 8] , [rekeningnummer 9] ) ten name van verdachte en/of [medeverdachte 1] en/of [bedrijf 8] een of meer geldbedragen ten belope van in totaal ongeveer 23.000 euro vanaf de zakelijke rekening ( [rekeningnummer 4] ) van voornoemde rechtspersoon overgemaakt en/of doen overmaken naar een Spaanse bankrekening (met rekeningnummer [rekeningnummer 10] ) onder vermelding van ' [omschrijving 3] ', ter betaling van huur in Spanje een bedrag van in totaal 1.200 euro vanaf de zakelijke rekening ( [rekeningnummer 4] ) van voornoemde rechtspersoon overgemaakt en/of doen overmaken naar een Spaanse bankrekening (met rekeningnummer [rekeningnummer 11] ) ter betaling van schoolgeld van zijn, verdachtes, zoon [zoon] een of meer geldbedragen ten belope van in totaal 11.250 euro vanaf de zakelijke rekening ( [rekeningnummer 4] ) van voornoemde rechtspersoon contant opgenomen en/of doen opnemen een of meer geldbedragen ten belope van in totaal 53.477,78 euro vanaf de zakelijke rekening ( [rekeningnummer 4] ) van voornoemde rechtspersoon uitgegeven aan/gebruikt voor en/of doen uitgeven aan/doen gebruiken voor privédoeleinden (waaronder betalingen voor hotels, verzekeringen en vliegtickets); 6. hij op een of meerdere momenten in de periode van 01 juni 2014 tot en met 18 augustus 2014 te Utrecht en/of te Veenendaal, in elk geval in Nederland tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen een of meer geschrift(en), te weten een leningsovereenkomst tussen [benadeelde 63] en [verdachte] (gedateerd juli 2013) en/of een leningsovereenkomst tussen [bedrijf 4] B.V. en [verdachte] (gedateerd augustus 2013) althans een geschrift(en), dat/die bestemd was/waren om tot bewijs van enig feit te dienen, (telkens) met het oogmerk om dat/die geschrift(
  41. en)als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken valselijk heeft opgemaakt en/of heeft doen opmaken en/of heeft vervalst en/of heeft doen vervalsen, en/of daarvan opzettelijk gebruik heeft gemaakt als was/waren zij echt en onvervalst, bestaande die valsheid hieruit dat (telkens) valselijk, immers opzettelijk in strijd met de waarheid in dat/die geschrift(
  42. en)is opgenomen dat [benadeelde 63] en/of [bedrijf 4] B.V. aan hem, verdachte, een lening van max. 500.000 zal verstrekken en bestaande dat gebruik maken hieruit dat hij, verdachte, dat/die geschrift(
  43. en)heeft doen toekomen aan de curator ( [curator 1] / [curator 2] ) in het faillissement van [bedrijf 4] B.V.; 7. hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 5 januari 2015 tot en met 29 juni 2015 te Heerhugowaard en/of Uithuizermeeden en/of te Varsseveld en/of te Zoetermeer en/of te Amsterdam, althans in Nederland, en/of in Spanje tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 1] en/of [aangever 2] en/of [aangever 3] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, te weten een of meer geldbedrag(en), te weten 6352,50 euro (aangever [aangever 1] ), 3875,00 euro (aangever [aangever 2] ), 4688,00 euro (aangever [aangever 3] ) althans tot afgifte van een of meer geldbedragen immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(s), met vorenomschreven oogmerk, -zakelijk weergegeven-, valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid: het bedrijf [bedrijf 7] B.V. opgericht, bovengenoemde personen benaderd naar aanleiding van door hen geplaatste advertenties waarin zij hun woning te koop aanboden, zich voorgedaan als investeerder in onroerend goed en/of betrouwbare, kredietwaardige (potentiële) koper van de woningen van bovengenoemde personen, hierbij gebruik gemaakt van de naam [alias 15 verdachte] , (een) voorstel(len) gedaan met betrekking tot en afspraken gemaakt over de verkoop en het verkoopbedrag van die woning(en), een makelaar/taxateur ingeschakeld om die woning(
  44. en)te bezichtigen en/of het koopcontract te tekenen namens [bedrijf 7] , bovengenoemde personen (een) koopcontract(
  45. en)mbt zijn/haar/hun woning(
  46. en)doen toekomen ter ondertekening, -medegedeeld en/of in het koopcontract opgenomen dat, al dan niet als voorwaarde voor het afgeven van een bankgarantie, verkoper [aangever 1] na ondertekening 50% van de door de koper te maken kosten moest overmaken aan de koper, verkoper [aangever 2] 1% van de koopsom moest overmaken aan de koper, verkoper [aangever 3] een waarborgsom moest overmaken aan de koper, hiertoe telkens een factuur aan bovengenoemde personen gestuurd waarop werd aangegeven dat het/de te betalen bedrag(
  47. en)overgemaakt moest(
  48. en)worden op rekeningnummer [rekeningnummer 12] en/of [rekeningnummer 13] hierbij telkens aangegeven dat na de overdracht van de woning de factuur geheel gecrediteerd zou worden en/of dat het overgemaakte bedrag verrekend zouden worden met de koopsom van de woning aangegeven dat bij de overdracht van de woning(
  49. en)betrokken zou(den) zijn - [notaris 1] (te Heerhugowaard) (mbt woning [aangever 1] ), - [notaris 2] (uit Winsum) (mbt woning [aangever 2] ), - [notaris 3] (uit Terborg) (mbt woning [aangever 3] ), aan [aangever 1] medegedeeld dat hij een bedrag (1102,50 euro) aan BTW moest overmaken alvorens de bankgarantie geregeld zou worden en de verkoop verder tot stand zou kunnen komen aan [aangever 3] medegedeeld dat zij een bedrag (597 euro) over moest maken aan makelaar [makelaar] waardoor voornoemde [aangever 1] en/of [aangever 2] en/of [aangever 3] werden bewogen tot bovenomschreven afgifte; althans, voor zover voor het vorenstaande onder 1 geen veroordeling mocht of zou kunnen volgen, subsidiair ter zake dat hij op of omstreeks de periode van 05 januari 2015 tot en met 29 juni 2015 te Heerhugowaard en/of Uithuizermeeden en/of Varsseveld en/of Zoetermeer en/of Amsterdam, althans in Nederland en/of in Spanje tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen opzettelijk een of meer geldbedragen (van in totaal ongeveer 14.915 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [aangever 1] en/of [aangever 2] en/of [aangever 3] en/of één of meer andere personen, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke geldbedragen verdachte anders dan door misdrijf, te weten als betaling voor door de koper te maken kosten (zoals bankgarantie en notariskosten) en/of in verband met verschuldigde BTW en/of als percentage van de koopsom en/of als waarborgsom en/of als bij de overdacht van de woning te crediteren bedrag, althans als betaling in verband met een overeenkomst tussen elk van die genoemde personen en [bedrijf 7] BV onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend. 3De voorvragen 3.1 Geldigheid van de dagvaarding - partiële nietigheid Verdachte wordt in de zaak met parketnummer 08-952831-16 onder 1, 2, 3 en 4 steeds verweten dat hij deze feiten heeft gepleegd tegen de daar met naam genoemde personen 'en/of één of meer andere personen'. Op grond van het dossier is onduidelijk wie de opsteller van de tenlastelegging heeft bedoeld met 'en/of één of meer andere personen' nu de namen van alle aangevers in de tenlastelegging zijn opgenomen. De rechtbank is daarom van oordeel dat het onderdeel van de tenlastelegging 'en/of één of meer andere personen' telkens onvoldoende bepaald is en dat het voor de verdediging onduidelijk is waartegen zij zich met betrekking tot dit onderdeel van de tenlastelegging moet verdedigen. De rechtbank heeft – naar aanleiding van het door de raadsvrouw opgeworpen nietigheidsverweer – reeds ter zitting vastgesteld dat de dagvaarding dan ook in zoverre nietig zal worden verklaard. De rechtbank heeft vastgesteld dat voor het overige de dagvaarding geldig is. 3.2 Verzoek tot nader onderzoek en de ontvankelijkheid van de officier van justitie 3.2.1 Het verzoek en het verweer van de verdediging De verdediging heeft ter zitting van 25 november 2019 (nadat een soortgelijk verzoek reeds was afgewezen door de rechtbank ter zitting van 21 november 2019) opnieuw en primair verzocht om aanhouding van de zaak voor het horen van getuigen, te weten [getuige 1] , [getuige 2] , [getuige 3] en [getuige 4] , en ter bevraging van het BOOM naar aanleiding van het ARO-verzoek van 3 augustus 2016. Hieraan is ten grondslag gelegd dat de processen-verbaal van 23 augustus 2016 (AH-008) en van 19 december 2016 (AH-056) geen waarheidsgetrouwe voorstelling van zaken geven. Hetgeen in die processen-verbaal is gerelateerd over het ontstaan van de verdenkingen jegens verdachte in het deeldossier [bedrijf 1] respectievelijk de deeldossiers [bedrijf 4] , [bedrijf 2] en [bedrijf 3] is volgens de verdediging niet te rijmen met andere stukken uit het dossier. Daaruit kan volgens de verdediging namelijk worden opgemaakt, zo begrijpt de rechtbank de verdediging, dat de verdenkingen tegen verdachte in die deeldossiers al veel eerder dan pas in augustus 2016 respectievelijk december 2016 bestonden, namelijk al in 2014 en in 2015. Dit doet volgens de verdediging bovendien de vraag rijzen waarom niet al veel eerder tot de vervolging van verdachte is overgegaan. Volgens de verdediging wordt zij geschaad in haar recht op een eerlijk en transparant proces als over een en ander geen duidelijkheid wordt geboden. Die duidelijkheid is gewenst om een en ander te kunnen duiden in het licht van de voorvragen van artikel 348 van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) en/of in het licht van artikel 359a Sv. De verdediging heeft zich subsidiair op het standpunt gesteld dat de voormelde processen-verbaal AH-008 en AH-056 geen waarheidsgetrouwe weergave zijn van de tegen verdachte gerezen verdenkingen en dat de officier van justitie daarom niet ontvankelijk verklaard dient te worden in de gehele vervolging dan wel, meer subsidiair, dat de officier van justitie niet ontvankelijk is met betrekking tot de verweten feiten in de deeldossiers [bedrijf 4] , [bedrijf 2] , [bedrijf 3] en [bedrijf 7] . 3.2.2 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich verzet tegen het primaire verzoek om aanhouding van de zaak. Voorts heeft hij verweer gevoerd tegen de subsidiair en meer subsidiair bepleite niet ontvankelijkverklaring. 3.2.3 Het oordeel van de rechtbank Anders dan bij de verdediging bestaan er bij de rechtbank geen twijfels over de waarheidsgetrouwheid van de litigieuze processen-verbaal van 23 augustus 2016 en 19 december 2016 en wel om de volgende redenen. De officier van justitie heeft op de zittingen van 21 november 2019 en 25 november 2019 de gang van zaken geschetst, die de aanleiding heeft gevormd om het op 8 augustus 2016 gestarte onderzoek Bosrietzanger, ook op verdachte te richten. Kort gezegd, komt die gang van zaken er op neer dat het deelonderzoek [bedrijf 1] zich aanvankelijk enkel richtte op medeverdachte [alias 5 verdachte] , omdat de geldbedragen op zijn bankrekening waren gestort. Later werd dit deelonderzoek ook op verdachte gericht nadat gebleken was dat een bepaald in het deelonderzoek voorkomend telefoonnummer op zijn naam stond. Vervolgens kwamen medio 2016 de aangiftes tegen verdachte in het deeldossier [benadeelde 59] binnen en bleek bij nader onderzoek dat er eerder ook al aangiftes tegen verdachte waren gedaan. Verder heeft de officier van justitie uiteengezet waarom zijns inziens niet eerder dan pas per 23 augustus 2016 (voor wat betreft het deeldossier [bedrijf 1] ) en 19 december 2016 (voor wat betreft [bedrijf 4] , [bedrijf 2] en [bedrijf 3] ) het strafrechtelijk onderzoek tegen verdachte is gestart. Kort gezegd, komt die uiteenzetting er op neer dat er weliswaar al eerder, in 2014 en in 2015, aangiftes tegen verdachte waren gedaan en dat hij in de media en door individuele opsporingsambtenaren al in verband werd gebracht met de delicten uit de deeldossiers, maar dat enkel om redenen, gelegen in de praktijk van elke dag, zoals een gebrek aan afstemming en coördinatie en een onderbezetting van het opsporingsapparaat, het niet eerder dan pas per 23 augustus 2016 respectievelijk 19 december 2016 tot een strafrechtelijk onderzoek is gekomen. Gelet op de voormelde door de officier van justitie geschetste en aannemelijke gang van zaken rond het ontstaan van de tegen verdachte gerezen verdenkingen en de door de officier van justitie gegeven uiteenzetting waarom het niet al eerder tot een strafrechtelijk onderzoek tegen verdachte is gekomen, hetgeen de rechtbank plausibel voorkomt, bestaan er bij de rechtbank geen twijfels over de waarheidsgetrouwheid van de processen-verbaal van 23 augustus 2016 en 19 december 2016. Daaraan kan niet afdoen hetgeen de verdediging op de zitting van 25 november 2019 in het bijzonder nog heeft opgemerkt over de inhoud van het ARO-verzoek van 3 augustus 2016 en de e-mail van [getuige 4] van 28 mei 2014. Naar de officier van justitie op heldere en voor de rechtbank overtuigende wijze uiteen heeft gezet hield het ARO-verzoek verband met het deeldossier [benadeelde 59] en niet met het deeldossier [bedrijf 1] . Voorts bevat het dossier geen enkele genoegzame indicatie dat, anders dan door de officier van justitie is aangevoerd, het door [getuige 4] in zijn e-mail van 28 mei 2014 voorgestelde overleg met het Openbaar Ministerie wél heeft plaatsgevonden. Integendeel, uit de door officier van justitie aangehaalde toelichting van [benadeelde 40] op de door hem ingediende schadevergoedingsvordering waaruit blijkt, kort gezegd, dat met de betreffende aangifte jarenlang niets gedaan is, niettegenstaande door [benadeelde 40] gedane verzoeken om actie, is af te leiden dat dergelijk overleg daadwerkelijk nooit heeft plaatsgevonden. De rechtbank concludeert op grond van het bovenstaande dat er onvoldoende aanwijzingen zijn dat de processen-verbaal van 23 augustus 2016 en 19 december 2016 geen waarheidsgetrouw beeld geven van het ontstaan van de verdenkingen tegen verdachte. Van schending in zijn recht op een eerlijk en transparant proces is dan ook geen sprake. Er is geen noodzaak tot het horen van de door de verdediging voorgestelde getuigen en het bevragen van het BOOM hieromtrent. Het verzoek tot nader onderzoek wordt derhalve afgewezen. Gelet op het bovenstaande falen verder eveneens de door de verdediging opgevoerde subsidiaire en meer subsidiaire niet-ontvankelijkheidsverweren. De officier van justitie is dus ontvankelijk in de vervolging van verdachte. 3.3 De overige voorvragen De rechtbank heeft vastgesteld dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging. 4. De bewijsoverwegingen en het bewijs . Parketnummer 08-952831-16 4.1 Deelonderzoek [bedrijf 1] , feit 1. 4.1.1 Inleiding Kort en zakelijk weergegeven is aan verdachte ten laste gelegd: primair: medeplegen van oplichting van dertien personen in de periode 1 mei 2016 tot 21 maart 2017, subsidiair: medeplegen van verduistering van geldbedragen toebehorende aan dertien personen, gepleegd in de periode 1 mei 2016 tot 21 maart 2017. 4.1.2 Vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft de veroordeling van verdachte ter zake het primair tenlastegelegde gevorderd. 4.1.3 Standpunt van de verdediging Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij de persoon is die verantwoordelijk is voor [bedrijf 1] , dat hij de website [website 1] heeft laten bouwen, dat hij de " [alias 2 verdachte] " is waar de aangevers de afspraken mee hebben gemaakt, dat de contracten met aangevers niet zijn nagekomen en dat hij zich de gelden heeft toegeëigend die door aangevers over zijn gemaakt naar ' [bedrijf 1] '. De raadsvrouw heeft betoogd dat de in de tenlastelegging genoemde benadeelden [benadeelde 2] , [benadeelde 7] en [benadeelde 12] zelf geen aangifte hebben gedaan en dat daarom ten aanzien van deze personen vrijspraak van het tenlastegelegde dient te volgen. 4.1.4 Het oordeel van de rechtbank Feiten die niet ter discussie staan De rechtbank constateert dat de onderstaande feiten bij de behandeling van de zaak op de terechtzitting niet ter discussie hebben gestaan. [bedrijf 1] BV is opgericht ten name van medeverdachte [medeverdachte 2] , de schoonvader van verdachte, en [schoonmoeder] , de schoonmoeder van verdachte. Verdachte heeft opdracht gegeven tot het ontwikkelen van de website [website 1] . Via deze website kwamen aangevers in contact met [bedrijf 1] . [bedrijf 1] bood aan personen, die via reguliere bankinstellingen geen hypotheek konden krijgen, de mogelijkheid voor financiering van een woning. [bedrijf 1] zou als hypotheekverstrekker dan wel als koper van de betreffende woning optreden. Nadat aangevers contact hadden gehad met [bedrijf 1] , werd er bij de meeste aangevers een afspraak gemaakt in een bedrijfsverzamelpand, genaamd het [naam 1] , te Eindhoven. Verdachte sprak daar met de aangevers. [bedrijf 1] verstrekte vervolgens vaststellingsovereenkomsten aan de aangevers. In die vaststellingsovereenkomst stond onder meer: dat [bedrijf 1] direct na ondertekenen van de vaststellingsovereenkomst de woning koopt en deze aan de natuurlijke persoon beschikbaar stelt voor gebruik en bewoning tegen een maandelijkse gebruiksvergoeding, met de mogelijkheid voor de natuurlijke persoon om de woning te kopen van [bedrijf 1] ; dat de natuurlijke persoon aan [bedrijf 1] uiterlijk bij het ondertekenen van de overeenkomst een bedrag als onderdeel/aanbetaling van de totaal voor de overdracht te betalen eigen bijdrage moest voldoen. Dit bedrag dient als zekerheid of garantie voor de bijdrage kosten koper. Aangevers hebben vervolgens geldbedragen overgemaakt naar de respectieve bankrekeningnummers, in totaal 168.777 euro: [rekeningnummer 1] ; [rekeningnummer 14] ; [rekeningnummer 15] . Al deze rekeningen staan op naam van [verdachte] , geboren [geboortedatum 2] 1943, [adres 3] Enschede, zijnde de schoonvader van verdachte. Verdachte had de beschikking over deze bankrekeningen en de bijbehorende bankpassen. Het geld dat binnen is gekomen op de bankrekening [rekeningnummer 1] werd grotendeels doorgeboekt naar de volgende Spaanse bankrekeningen: - [rekeningnummer 6] ; - [rekeningnummer 16] ; - [rekeningnummer 17] ; - [rekeningnummer 18] . Tevens werden er vanaf deze rekening betalingen verricht aan onder andere de school van de zoon van verdachte ( [school] ) en het hondenhotel ' [hondenhotel] ' in Marbella met de omschrijving ' [omschrijving 4] '. Uit tapgesprekken is gebleken dat de hond van het gezin van verdachte [verdachte] [naam hond] heet. Verder is er een bedrag van 4.000 euro overgemaakt naar [naam 8] met als omschrijving " [omschrijving 5] '. Dit betreft de huurbetaling van de woning van verdachte en zijn gezin in Marbella.Ook werden er bedragen overgemaakt naar [verzekering 1] verzekeringen met als omschrijving " [omschrijving 6] ". Uit de opgevraagde gegevens van [verzekering 1] verzekeringen is gebleken dat het een verzekeringsproduct betreft welke werd afgenomen door [verdachte] , zijn vrouw [medeverdachte 1] en hun zoon [zoon] . Het geld dat binnen is gekomen op de bankrekening [rekeningnummer 14] werd onder meer doorgeboekt naar de volgende Spaanse bankrekeningen: - [rekeningnummer 16] ; - [rekeningnummer 19] ; - [rekeningnummer 17] ; - [rekeningnummer 18] ; - [rekeningnummer 6] ; - [rekeningnummer 9] . Ook werd vanaf deze rekening geld overgemaakt naar [verzekering 1] verzekeringen met als omschrijving " [omschrijving 6] ". Naar [verzekering 2] werd geld overgemaakt met als omschrijving " [omschrijving 7] ". Uit onderzoek is gebleken dat de producten behoren bij de polisnummers, zijn afgesloten op naam van verdachte en zijn vrouw. Het geld dat binnen is gekomen op de bankrekening [rekeningnummer 15] werd voor een groot deel doorgeboekt naar de hiervoor genoemde rekeningen op naam van [verdachte] ( [rekeningnummer 14] en [rekeningnummer 1] ) of contant opgenomen. Ook vanaf deze rekening werden betalingen verricht ten behoeve van verdachte en zijn gezin. Via de Spaanse autoriteiten zijn de volgende gegevens met betrekking tot de volgende Spaanse bankrekeningnummers ontvangen. Op naam van verdachte staan: - [rekeningnummer 16] ; geopend op 23-08-2010 - [rekeningnummer 19] ; geopend op 30-05-2014 en op naam van de vrouw van verdachte, [medeverdachte 1] , staan: - [rekeningnummer 17] ; geopend op 14-04-2014 - [rekeningnummer 18] ; geopend op 20-08-2010 - [rekeningnummer 6] ; geopend op 15-06-2010 - [rekeningnummer 9] ; geopend op 16-09-2013. Juridisch kader De rechtbank stelt voorop dat voor een veroordeling ter zake van oplichting is vereist dat de verdachte bij een ander door een specifieke, voldoende ernstige vorm van bedrieglijk handelen een onjuiste voorstelling in het leven heeft willen roepen teneinde daarvan misbruik te maken. Daartoe moet de verdachte een of meer van de in artikel 326, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) bedoelde oplichtingsmiddelen hebben gebruikt, door welk gebruik die ander is bewogen tot de afgifte van een goed, het verlenen van een dienst, het beschikbaar stellen van gegevens, het aangaan van een schuld of het tenietdoen van een inschuld. Het antwoord op de vraag of in een concreet geval het slachtoffer door een oplichtingsmiddel dat door de verdachte is gebruikt, is bewogen tot een van voornoemde handelingen, is in sterke mate afhankelijk van de omstandigheden van het geval. In algemene zin kunnen tot die omstandigheden behoren enerzijds de mate waarin de in het algemeen in het maatschappelijk verkeer vereiste omzichtigheid het beoogde slachtoffer aanleiding had moeten geven die onjuiste voorstelling van zaken te onderkennen of zich daardoor niet te laten bedriegen, en anderzijds de persoonlijkheid van het slachtoffer, waarbij onder meer de leeftijd en de verstandelijke vermogens van het slachtoffer een rol kunnen spelen. Bij een samenweefsel van verdichtsels behoren tot die omstandigheden onder meer de vertrouwenwekkende aard, het aantal en de indringendheid van de (geheel of gedeeltelijk) leugenachtige mededelingen in hun onderlinge samenhang. (Vgl. HR 20 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2889 en HR 20 december 2016, ECLI:NL:HR:2016:2892) Bewijs De rechtbank stelt aan de hand van het dossier en het onderzoek ter terechtzitting de volgende feiten en omstandigheden vast. In totaal hebben dertien personen aangifte gedaan, te weten [benadeelde 1] en [benadeelde 2] , [benadeelde 3] , [benadeelde 4] , [benadeelde 5] , [benadeelde 6] en [benadeelde 7] , [benadeelde 8] , [benadeelde 9] , [benadeelde 10] , [benadeelde 11] en [benadeelde 12] en [benadeelde 13] . De rechtbank volgt de raadsvrouw niet in haar betoog dat de in de tenlastelegging genoemde benadeelden [benadeelde 2] , [benadeelde 7] en [benadeelde 12] geen aangifte hebben gedaan en dat daarom ten aanzien van deze personen vrijspraak van het tenlastegelegde dient te volgen. [benadeelde 12] heeft zelf een aanvullende aangifte gedaan. Daarnaast blijkt uit de aangiften van [benadeelde 1] en [benadeelde 6] duidelijk dat zij gerechtigd zijn tot het doen van aangifte namens hun partners. Aangever [benadeelde 10] heeft verklaard dat zij telefonisch contact heeft opgenomen met het telefoonnummer dat op de website [website 1] stond. Ook [benadeelde 9] heeft gebeld met één van de telefoonnummers die op de website stonden: [telefoonnummer 1] of [telefoonnummer 2] . [benadeelde 4] en [benadeelde 13] hebben ook verklaard met deze telefoonnummers contact te hebben gehad. Aangevers [benadeelde 8] en [benadeelde 5] hebben contact gehad met het telefoonnummer [telefoonnummer 2] . Deze telefoonnummers komen overeen met de informatie die is aangeleverd door aangever [benadeelde 6] en de bevindingen van verbalisant [verbalisant 1] . Het telefoonnummer [telefoonnummer 2] stond op naam van [medeverdachte 1] , de echtgenote van verdachte. Tijdens de doorzoeking op de hotelkamer van verdachte en [medeverdachte 1] is een Iphone in beslag genomen. In die Iphone staat het telefoonnummer [telefoonnummer 2] vermeld onder ‘ [naam 9] ’. Aangevers [benadeelde 10] , [benadeelde 3] , [benadeelde 6] en [benadeelde 7] hebben alleen telefonisch of per e-mail contact gehad met [bedrijf 1] . Aangevers [benadeelde 9] , [benadeelde 4] , [benadeelde 8] , [benadeelde 11] en [benadeelde 12] , [benadeelde 1] en [benadeelde 2] , [benadeelde 13] en [benadeelde 5] hebben bij het [naam 1] gesproken met een man, die zij kennen als [alias 2 verdachte], [alias 4 verdachte] of [alias 5 verdachte]. [getuige 5] , Community Manager bij het [naam 1] in Eindhoven, is gehoord als getuige en heeft, zakelijk weergegeven, verklaard dat de persoon van [bedrijf 1] zich aan de receptie voorstelde als [alias 2 verdachte] . Het contract stond op naam van [alias 5 verdachte] . Hij heeft verdachte herkend als de man die hij kent als [alias 2 verdachte] ' [alias 4 verdachte] '. Verdachte heeft ter zitting erkend dat hij degene was die de gesprekken bij het [naam 1] voerde. Op de website [website 1] werd [alias 1 verdachte] gepresenteerd als dé persoon van [bedrijf 1] . Er stond een afbeelding van ' [alias 1 verdachte] ' bij en als contactgegevens: telefoonnummers [telefoonnummer 3] en [telefoonnummer 2] , adres [adres 4] te Eindhoven. Ook stond op de website: "Wat zeggen klanten over [website 1] - [naam 10] : Na het afstuderen aan de [universiteit] ben ik direct in mijn droombaan gerold, echter krijg ik nog een vast contract. Hierdoor kan ik slechts € 200.000 hypotheek aan samen met mijn vriendin. Ons droomhuis van € 280.000 hebben we nu toch kopen dankzij [website 1] . - [naam 11] : Dankzij [website 1] hebben we samen het huis van onze dromen kunnen kopen op een verantwoorde wijze." Bij deze tekst zijn foto's geplaatst als zijnde dit de personen ' [naam 10] ' en ' [naam 11] '. Er is onderzoek gedaan naar de betreffende foto's op de website. Deze foto’s blijken afkomstig te zijn van de website [website 6] : een online bibliotheek met 90 miljoen royaltyvrije afbeeldingen en illustraties. Na betaling kan je als klant foto's afnemen en voor diverse doeleinden gebruiken. [benadeelde 10] heeft verklaard dat tijdens het contact op 18 juli 2016 door de persoon aan de telefoon bij [bedrijf 1] werd gezegd, dat hij alles verder zou regelen en contact op zou nemen met de makelaar. Haar contactpersoon bij [bedrijf 1] was [alias 1 verdachte] . Op 19 juli 2016 werd door [bedrijf 1] gemeld dat ze de financiering van de aankoop van de woning konden verzorgen en dat [benadeelde 10] daarvoor een bedrag van 9.500 euro moest aanbetalen. [benadeelde 10] had eerst geen bankrekeningnummer gekregen waarop zij de betaling moest doen. Op 3 augustus 2016 omstreeks 00:44 uur kreeg zij een reminder via een Whatsapp-bericht dat zij nog niet betaald had. Op 3 augustus 2016 heeft aangeefster een bedrag van 9.500 euro overgemaakt naar rekeningnummer [rekeningnummer 1] . [alias 1 verdachte] meldde haar op 3 augustus 2016 dat hij de koopovereenkomst naar de makelaar zou sturen. Op 4 augustus 2016 deelde de makelaar mee dat hij niets had ontvangen van [alias 1 verdachte] en ook geen contact met hem kreeg. Aangeefster kreeg ook geen contact meer met [bedrijf 1] . Uit de bankmutaties blijkt dat op bankrekeningnummer [rekeningnummer 1] op 3 augustus 2016 het geld van [benadeelde 10] binnen is gekomen onder vermelding van ' [omschrijving 8] '. [benadeelde 9] heeft verklaard dat zij telefonisch van [bedrijf 1] te horen had gekregen dat zij haar zouden helpen om de aankoop van een woning te financieren. Haar werd verzocht het taxatierapport te sturen naar [mailadres 1] . Na het gesprek bij het [naam 1] was haar contactpersoon [alias 1 verdachte] . De mailberichten waren afkomstig van respectievelijk ' [alias 1 verdachte] ' en ' [alias 6 verdachte] , namens de directie'. Aangeefster heeft op 27 juli 2016 een bedrag van 14.520 euro overgemaakt naar bankrekeningnummer [rekeningnummer 1] . Op 1 augustus 2016 werd haar verzocht om ook nog een bedrag van 7.195 euro over te maken naar deze bankrekening, zijnde een huurwaarborg en de eerste maandbetaling. Op 1 augustus 2016 had de makelaar van [benadeelde 9] om 16:00 uur een afspraak met [bedrijf 1] om het koopcontract te tekenen, maar er was niemand aanwezig. Op 2 augustus 2016 kreeg aangeefster via Whatsapp en e-mail bericht van [alias 1 verdachte] dat de afspraak niet door kon gaan. Hierna kreeg zij geen contact meer met [bedrijf 1] ondanks vele pogingen daartoe. Op bankrekeningnummer [rekeningnummer 1] op naam van [verdachte] is op 27 juli 2016 een bedrag binnengekomen van 14.520 euro met de omschrijving ' [omschrijving 9] ' en op 1 augustus 2016 een bedrag van 7.195 euro onder vermelding van ' [omschrijving 10] '. [benadeelde 4] heeft verklaard dat hij na het invullen van het online contactformulier werd gebeld door een man die zich voorstelde als de heer [alias 4 verdachte] . Deze man vroeg de inkomensgegevens van aangever en zei dat hij hem kon helpen. Op 7 juli 2016 ontving aangever een mail van [website 1] ondertekend met [alias 1 verdachte] inhoudende het verzoek om de vaststellingsovereenkomst ondertekend retour te zenden. Aangever heeft op 14 juli 2016 een bedrag van 7.000 euro overgemaakt op bankrekeningnummer [rekeningnummer 14] . Op 2 augustus 2016 gaf [bedrijf 1] per mail aan dat zij niet aan hun verplichting konden voldoen. Aangever heeft het door hem betaalde bedrag van 7.000 euro vervolgens niet teruggekregen. Uit de bankmutaties blijkt dat op deze bankrekening op 14 juli 2016 het geld van [benadeelde 4] binnen is gekomen onder vermelding van ' [omschrijving 11] . [benadeelde 3] heeft verklaard dat hij vanaf 8 juli 2016 dagelijks e-mail contact had met [bedrijf 1] via [mailadres 3] . De mails van [bedrijf 1] waren steeds ondertekend met de naam [alias 1 verdachte] . Op 13 juli 2016 heeft hij een bedrag van 10.625 euro, op 14 juli 2016 een bedrag van 27.000 euro en op 15 juli 2016 een bedrag van 13.187 euro overgemaakt naar bankrekeningnummer [rekeningnummer 15] . De financiering heeft echter nooit plaatsgevonden. Uit de bankmutaties blijkt dat op bankrekeningnummer [rekeningnummer 15] op 13, 14 en 15 juli 2016 telkens geld binnen is gekomen van aangever [benadeelde 3] ; in totaal een bedrag van 50.812 euro. [benadeelde 8] heeft verklaard via de mail en later telefonisch contact te hebben gehad met [bedrijf 1] . De contactpersoon noemde zich [alias 5 verdachte] . In twee delen, te weten op 21 juli 2016 het eerste deel en op 23 juli 2016 het tweede deel, is in totaal een bedrag van 5.500 euro door aangever overgemaakt naar bankrekeningnummer [rekeningnummer 14] . Daarna kreeg aangever geen contact meer met [bedrijf 1] . Uiteindelijk kreeg aangever op 2 augustus 2016 een e-mail van [bedrijf 1] dat zij niet verder konden met het dossier van aangever. Op bankrekeningnummer [rekeningnummer 14] op naam van [verdachte] is op 21 juli 2016 en 23 juli 2016 geld binnengekomen van aangever [benadeelde 8] , in totaal een bedrag van 5.500 euro. [benadeelde 6] heeft, mede namens haar partner [benadeelde 7] , aangifte gedaan. [benadeelde 6] en [benadeelde 7] hebben verklaard dat zij begin juli 2016 zowel telefonisch als per mail contact hebben gehad met [bedrijf 1] . De man die [benadeelde 6] aan de telefoon kreeg, stelde zich voor als [alias 5 verdachte] . De mailberichten die zij ontvingen waren ondertekend door verschillende personen, onder andere door [alias 1 verdachte] , [alias 16 verdachte] en [alias 6 verdachte] . Op 19 juli 2016 (5.750 euro) en 21 juli 2016 (5.750 euro) is door aangevers geld overgemaakt naar bankrekeningnummer [rekeningnummer 14] . Voordat de betaling was gedaan was er dagelijks contact tussen aangevers en [bedrijf 1] . Nadat deze bedragen waren overgemaakt was er bijna geen contact meer. Uiteindelijk ontvingen aangevers op 2 augustus 2016 een e-mail van [bedrijf 1] , waarin werd gemeld dat zij niet verder konden met het dossier van aangevers. Het overgemaakte geld hebben aangevers niet teruggekregen. Op bankrekeningnummer [rekeningnummer 14] op naam van [verdachte] is op 20 juli 2016 en 22 juli 2016 geld binnengekomen van aangevers [benadeelde 6] en [benadeelde 7] , in totaal een bedrag van 11.500 euro. [benadeelde 11] heeft, mede namens haar partner [benadeelde 12] , aangifte gedaan en heeft verklaard dat zij een aanbetaling moest doen van 5.000 euro en dat deze is betaald door haar partner [benadeelde 12] . De makelaar van de verkopende partij had te kennen gegeven dat er een nieuw koopcontract moest komen met [bedrijf 1] als partij, maar dat het nieuwe koopcontract - per e-mail verstuurd op 11 juli 2016 - nooit door [bedrijf 1] is ondertekend. Naast het bedrag van 5.000 euro heeft [benadeelde 11] een aanbetaling voor de woning gedaan van 37.500 euro. Beide aanbetalingen zijn gedaan op bankrekeningnummer [rekeningnummer 14] . In het e-mailcontact met [bedrijf 1] werden de namen [alias 1 verdachte] , [alias 1 verdachte] , [alias 6 verdachte] en [alias 2 verdachte] gebruikt. Op bankrekeningnummer [rekeningnummer 14] op naam van [verdachte] is op 28 juni 2016 een bedrag van 5.000 euro binnengekomen en op 5 juli 2016 een bedrag van 37.500 euro van aangevers [benadeelde 11] en [benadeelde 12] . [benadeelde 5] heeft verklaard dat hij in twee termijnen op 15 en 16 juli 2016 een totaalbedrag van 9.250 euro heeft overgemaakt op de bankrekening [rekeningnummer 14] . Vanaf die tijd werd hij door [alias 2 verdachte] van het kastje naar de muur gestuurd. Omdat er niets betaald werd door [bedrijf 1] is uiteindelijk de koopovereenkomst ontbonden. Op bankrekeningnummer [rekeningnummer 14] op naam van [verdachte] is op 15 juli 2016 een bedrag van 5.000 euro binnengekomen en op 18 juli 2016 een bedrag van 4.250 euro van aangever [benadeelde 5] . [benadeelde 1] heeft, mede namens haar man [benadeelde 2], aangifte gedaan en heeft verklaard dat het contact met [bedrijf 1] veelal via [alias 1 verdachte] verliep. Op 8 juli 2016 hebben aangevers een bedrag van 7.500 euro overgemaakt naar de bankrekening [rekeningnummer 20] . Dit was een deel van de aanbetaling. Na verloop van tijd bleek dat [bedrijf 1] helemaal niet betaalde. Op bankrekeningnummer [rekeningnummer 14] op naam van [verdachte] is op 8 juli 2016 een bedrag van 7.500 euro binnengekomen van aangevers [benadeelde 1] en [benadeelde 2] . [benadeelde 13] heeft verklaard dat hij op 13 juni 2016 contact heeft opgenomen met [bedrijf 1] en sprak met een man die zich [alias 5 verdachte] noemde. Op de website had aangever gelezen dat het bedrijf van [alias 1 verdachte] was. [alias 5 verdachte] zei dat aangever in totaal een bedrag van 19.500 euro zou moeten betalen en dat [bedrijf 1] verder alles zou regelen met betrekking tot de aankoop van de woning. Op 21 juni 2016 heeft aangever volgens afspraak een eerste aanbetaling van 3.500 euro gedaan op bankrekening [rekeningnummer 14] . Na een e-mail dat contact opgenomen zou worden met de notaris, heeft aangever niets meer vernomen van [bedrijf 1] . Hij kreeg alleen reacties van [bedrijf 1] van ene [alias 6 verdachte] . Op bankrekeningnummer [rekeningnummer 14] op naam van [verdachte] is op 21 juni 2016 een bedrag van 3.500 euro binnengekomen van aangever [benadeelde 13] . Op de in de hotelkamer van verdachte en zijn echtgenote in beslag genomen laptop, zijn van alle aangevers emailberichten aangetroffen. Ook zijn emailberichten op de laptop aangetroffen van makelaars aan [mailadres 3] . Daarnaast zijn koopovereenkomsten, vaststellingsovereenkomsten, taxatierapporten en ID-bewijzen betreffende aangevers op de laptop aangetroffen, alsmede een ondertekende brief waarin onder meer een koopsom staat vermeld van 189.500 euro; onderaan deze brief staat de naam [alias 1 verdachte]. Op de laptop zijn verder documenten aangetroffen waarin gedeeltes van de tekst op de website [website 1] staan. Ook is een handmatig ingevuld formulier van [naam 12] (in pdf formaat) aangetroffen, waarop onder meer de volgende handgeschreven gegevens zichtbaar zijn: [bedrijf 6] , [verdachte] , [telefoonnummer 4] , [mailadres 4] , [bedrijf 5] , [adres 5] Enschede. Hetzelfde document is door getuige [getuige 5] overhandigd aan het onderzoeksteam. Tot slot zijn op de laptop tientallen emailberichten uit de ten laste gelegde periode aangetroffen afkomstig van Instapage met emailadres [mailadres 5] en gericht aan [mailadres 3] . Dit lijken leads te zijn van potentiële, nieuwe klanten van [bedrijf 1] . Op de hotelkamer is eveneens een iPhone S6+ aangetroffen en in beslag genomen. Op deze telefoon zijn emails van [mailadres 6] , waaronder een email aan [mailadres 1] , alsmede sms-, whatsapp- en chatberichten aangetroffen die erop wijzen dat deze telefoon gebruikt werd door verdachte en zijn echtgenote. Op die telefoon zijn diverse accountgegevens met passwords aangetroffen, zowel accounts van [mailadres 4] als Google-accounts van [mailadres 3] en [mailadres 1] en een account ‘ [alias 1 verdachte] ’. Ook zijn op de telefoon aangetroffen een Hotspot [naam 1] : " [naam 13] ", inkomende gesprekken tussen 27 juni 2016 en 21 juli 2016 van het nummer [telefoonnummer 1] , welk nummer op de website [website 1] stond vermeld, alsmede uitgaande gesprekken naar aangevers of personen die in relatie staan tot de aangevers, zoals een betrokken makelaar. Op grond van bovengenoemde feiten en omstandigheden is de rechtbank van oordeel dat de verdachte door een samenweefsel van verdichtsels en listige kunstgrepen en het aannemen van een valse naam bij de slachtoffers een onjuiste voorstelling van zaken in het leven heeft geroepen. Verdachte heeft de website [website 1] laten maken. Op die website en in de contacten daarna heeft verdachte het doen voorkomen alsof [bedrijf 1] , het bedrijf dat op naam van zijn schoonvader stond maar waarvan verdachte degene was die aan de touwtjes trok, de financiering van de aan te kopen/gekochte woning van de slachtoffers voor zijn rekening zou nemen. Verdachte heeft ter zitting gesteld dat iemand anders de e-mails ondertekend met [alias 1 verdachte] had verstuurd. De rechtbank schuift die verklaring ter zijde, nu er geen enkele aanwijzing is dat iemand anders dan verdachte actief was binnen het bedrijf. Het is bovendien verdachte die de website, waar de gekochte foto van ‘ [alias 1 verdachte] ’ op staat, heeft laten maken en op de laptop en telefoon die op zijn hotelkamer zijn aangetroffen, en waar zijn gegevens op staan, staat een veelheid aan documenten en accounts die niet alleen betrekking hebben op [bedrijf 1] en de betreffende aangevers, maar specifiek ook op [alias 1 verdachte] . Uit al die omstandigheden blijkt dat het verdachte moet zijn geweest die zich als [alias 1 verdachte] heeft voorgedaan. Verdachte heeft niet alleen gebruik gemaakt van de naam [alias 1 verdachte] , maar ook van [alias 6 verdachte] , [alias 3 verdachte] , [alias 2 verdachte] , [alias 4 verdachte] en [alias 5 verdachte] . Aangevers zijn door het geheel aan omstandigheden bewogen tot storting/overmaking van geld naar een bankrekening waar verdachte de beschikking over had. Dat dit van meet af aan een onjuiste voorstelling van zaken was blijkt uit het feit dat de door de aangevers betaalde gelden meteen worden weggesluisd naar bankrekeningen van verdachte en zijn familie en worden aangewend voor het privéleven van verdachte en zijn gezin. Geen enkel contract dat de aangevers met [bedrijf 1] zijn aangegaan, is nagekomen. De stelling van verdachte dat hij contact had met een investeerder en wel goede intenties had, vindt geen steun in het dossier. In het bijzonder heeft de rechtbank bij de beoordeling van het gewicht van de betreffende oplichtingsmiddelen als omstandigheden in aanmerking genomen: het opwekken van vertrouwen door verdachte door zich volgens de gebruikelijke maatschappelijke patronen te gedragen en daar vervolgens misbruik van te maken; het misbruik maken van de kwetsbaarheid van de aangevers, in die zin dat het allen personen betreft die niet bij machte waren om een hypotheek te verkrijgen en naarstig op zoek waren naar manier om een aan te kopen woning te financieren, waarbij de verdachte de enige mogelijkheid leek te bieden om toch de aan te kopen woning te financieren. De rechtbank komt daarmee tot een bewezenverklaring van het primair ten laste gelegde, met dien verstande dat verdachte wordt vrijgesproken van het medeplegen, nu van een bewuste en nauwe samenwerking met een ander niet is gebleken. 4.2 Deelonderzoek [bedrijf 2] , feit 2. 4.2.1 Inleiding Kort en zakelijk weergegeven is aan verdachte ten laste gelegd: primair: medeplegen van oplichting van elf personen in de periode 1 april 2014 tot en met 1 mei 2015, subsidiair: medeplegen van verduistering van geldbedragen toebehorende aan elf personen, gepleegd in de periode 1 april 2014 tot en met 1 mei 2015. 4.2.2 Vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft de veroordeling van verdachte ter zake het primair tenlastegelegde gevorderd. 4.2.3 Standpunt van de verdediging De verdediging heeft met betrekking tot dit feit geen verweer gevoerd. Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij de persoon is die verantwoordelijk is voor [bedrijf 2] , dat hij de franchisecontracten heeft ondertekend, dat hij de werknemers/franchisenemers aanstuurde en dat de franchisefees werden gestort op de bankrekening van [bedrijf 8] , zijnde een bankrekening waarover hij kon beschikken. 4.2.4 Het oordeel van de rechtbank Feiten die niet ter discussie staan De rechtbank constateert dat de onderstaande feiten bij de behandeling van de zaak op de terechtzitting niet ter discussie hebben gestaan. [benadeelde 61] heeft de eenmanszaak [bedrijf 2] op verzoek van verdachte ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. De kosten voor die inschrijving zijn door verdachte voldaan. In een bedrijfsverzamelgebouw in Arnhem werd een bedrijfsruimte gehuurd die als kantoor werd gebruikt. Zowel de namen [bedrijf 2] als [bedrijf 2] werden gebruikt. Op websites als [website 7] en banenmatch zijn advertenties geplaatst. In die advertenties stond dat [bedrijf 2] eigen kapitaal investeerde in buitenlandse onroerend goed objecten. Ook werden personen via dergelijke banenwebsites benaderd met een aanbod voor werk. Gezocht werd naar regionaal accountmanagers, aanspreekpunten voor nieuwe en bestaande klanten en prospects van [bedrijf 2] . Verdachte sprak vervolgens op kantoor in Arnhem met de aangevers. Aangevers hebben een franchiseovereenkomst ondertekend, waarin staat dat zij bij de ondertekening van de overeenkomst aan [bedrijf 2] entreegeld dienden te voldoen. Daarnaast werd door de aangevers (met uitzondering van aangever [benadeelde 14] ) een arbeidsovereenkomst ondertekend. Op basis van die arbeidsovereenkomst zouden aangevers maandelijks salaris ontvangen, alsmede onkostenvergoedingen. Aangevers hebben vervolgens (delen van) het entreegeld overgemaakt naar bankrekeningnummer [rekeningnummer 21] , met uitzondering van aangever [benadeelde 17] die het entreegeld contant heeft voldaan. Bankrekeningnummer [rekeningnummer 21] staat op naam van [bedrijf 8] waar de schoonmoeder van verdachte, [schoonmoeder] , de gemachtigde van is. Na de storting van een franchisefee werd dit geldbedrag diezelfde dag en de dag erna doorgeboekt, besteed en/of deels contant opgenomen. De doorboekingen zijn naar drie Spaanse bankrekeningnummers gegaan met als omschrijving [medeverdachte 1] , danwel [medeverdachte 1] . De Spaanse rekeningnummers betreffen: [rekeningnummer 18] ; [rekeningnummer 6] ; [rekeningnummer 7] . Via de Spaanse autoriteiten zijn de volgende gegevens met betrekking tot deze Spaanse bankrekeningnummers ontvangen. Op naam van de vrouw van verdachte, [medeverdachte 1] , staan: - [rekeningnummer 18] ; geopend op 20-08-2010 - [rekeningnummer 6] ; geopend op 15-06-2010 Bankrekeningnummer [rekeningnummer 7] is een oud rekeningnummer van de [bank 1] dat is overgezet naar rekeningnummer [rekeningnummer 18] van de [bank 2] (op naam van [medeverdachte 1] , de vrouw van verdachte). Aangevers (met uitzondering van [benadeelde 17] ) hebben geen enkele betaling ontvangen van [bedrijf 2] , noch uit hoofde van de arbeidsovereenkomst, noch uit de franchiseovereenkomst. Zij hebben hun entreegeld niet retour ontvangen. Bewijs De rechtbank stelt aan de hand van het dossier en het onderzoek ter terechtzitting de volgende feiten en omstandigheden vast. In totaal hebben elf franchisenemers aangifte gedaan, te weten [benadeelde 14] , [benadeelde 15] , [benadeelde 16] , [benadeelde 17] , [benadeelde 18] , [benadeelde 19] , [benadeelde 20] , [benadeelde 21] , [benadeelde 60] , [benadeelde 23] en [benadeelde 24] . Aangever [benadeelde 14] heeft verklaard dat hij heeft gesproken met een man die zich voorstelde als [alias 3 verdachte] . [alias 3 verdachte] gaf, daarnaar gevraagd, aan dat [verdachte] zijn achternaam was. Het project betrof de verhuur van luxe appartementen in Marbella in Spanje. Aangever heeft een bedrag van 4.500 euro betaald. [benadeelde 14] heeft op beurzen gestaan om de appartementen te verhuren. Hij zou het project op kosten van [benadeelde 61] in Spanje gaan bekijken, maar dit werd telkens verzet. [alias 3 verdachte] meldde op een bespreking/vergadering dat hij het keurmerk van [stichting] (hierna: [stichting] ) geregeld had. Op de folders van de appartementen die hij vervolgens ontving, stond het logo van [stichting] . [alias 3 verdachte] leidde de vergaderingen. Aangever herkent verdachte als [alias 3 verdachte] . [benadeelde 15] sprak ook met een man die zich voorstelde als de heer [alias 3 verdachte] ; zijn achternaam was [verdachte] . Het project betrof de verhuur van luxe appartementen in Marbella, Spanje. Hij heeft een inleg van 7.500 euro betaald. Voor de verhuur van de appartementen in Spanje ontving hij van [alias 2 verdachte] een informatiefolder. In deze folder werd ook het logo van [stichting] gebruikt. Dit wekte vertrouwen bij hem. Op de [beurs 1] werden luxe appartementen van [bedrijf 9] aangeboden. Deze stonden in de folder. Aangever herkent verdachte als [alias 3 verdachte] . Aangever [benadeelde 16] heeft verklaard dat het ging om het zoeken van huurders voor appartementen in Spanje. Bij het sollicitatiegesprek stelde de directeur zich voor als [alias 8 verdachte] . Het bedrijf zou 100 appartementen beheren en deze willen verhuren voor een periode van 10 jaar inclusief een huurauto voor een totaalprijs van 12.950 euro over de gehele periode; steeds voor een periode van vijf weken per jaar; dit heette [naam project] en daar was een brochure van. [benadeelde 16] heeft 7.500 euro entreegeld betaald. Van het bekijken van de appartementen kwam niets terecht. [benadeelde 16] heeft op de [beurs 1] gestaan. Aangeefster [benadeelde 17] heeft verklaard dat zij een bedrag van 2.500 euro contant heeft betaald. Bij het sollicitatiegesprek stelde de man, waarvan ze nu weet dat hij [verdachte] is, zich voor als [alias 9 verdachte] . Hij deed zich voor als eigenaar van het bedrijf. Na twee weken vertelde [alias 3 verdachte] haar dat hij niet [alias 9 verdachte] heette, maar [alias 3 verdachte] . [alias 3 verdachte] heeft echter wel overal de naam [alias 9 verdachte] gebruikt bij het ondertekenen. Het bedrijf presenteerde zich op beurzen, zoals de [beurs 1] en de [beurs 3] . Het ging om de verhuur van appartementen in Marbella. Er waren glossy folders van de appartementen. Zij ontdekte dat [alias 3 verdachte] mails stuurde die zogenaamd van haar afkomstig waren. De bezichtiging van de appartementen door het personeel werd steeds uitgesteld. Het personeel ontving nooit salaris. Alleen zij heeft na lang aandringen eenmaal 1.000 euro salaris ontvangen, welk bedrag terug werd gevorderd door [bedrijf 8] . [benadeelde 18] heeft verklaard contact te hebben gehad met een man die zich voorstelde als [alias 3 verdachte] , die naam ook op zijn visitekaartje had staan en die desgevraagd beaamde dat [verdachte] zijn achternaam was. Aangever heeft een bedrag van 4.500 euro overgemaakt. Vanuit een folder werd tijd verkocht om te verblijven in vier sterren vakantieappartementen te Marbella. De mensen die tijd kochten zouden verdeeld over tien jaar vijftig weken gebruik mogen maken van het appartement (timesharing zonder eigendom van het appartement). In september 2014 heeft zij voor [bedrijf 2] op de [beurs 1] gestaan en in oktober 2014 op de second home beurs. [benadeelde 19] heeft verklaard een bedrag van 4.500 euro te hebben betaald. Op de [beurs 1] heeft hij flyers en visitekaartjes uitgedeeld. Hij heeft nooit een appartement aan een klant verhuurd en van zijn collega's heeft hij ook niet gehoord dat ze iets verhuurd hadden. Hij heeft geen salaris ontvangen. Later bleek dat degene die zich [alias 8 verdachte] noemde, in werkelijkheid [verdachte] was. Aangever [benadeelde 20] heeft verklaard contact te hebben gehad met een persoon genaamd [alias 3 verdachte] . Hij zou in Marbella luxe appartementen gaan verkopen via [website 5] Aangever heeft een bedrag van 7.500 euro overgemaakt. Alles zag er volgens aangever professioneel uit, het verhaal werd goed verteld, hij had geen reden om te twijfelen. Hij heeft een aantal potentiële klanten gesproken, maar heeft geen appartementen verkocht. Aangeefster [benadeelde 21] verklaarde dat zij via [website 8] benaderd werd door [alias 8 verdachte] . Tijdens het daaropvolgende telefoongesprek vertelde hij dat ze 200 of 300 appartementen hadden in Marbella. Als accountmanager zou aangeefster vanuit Nederland de appartementen moeten verhuren. Aangeefster heeft gesproken met [benadeelde 17] en vervolgens met [alias 8 verdachte] . Op zijn visitekaartje stond alleen de naam [alias 3 verdachte] . Zij zou 7.500 euro instapfee moeten betalen, maar dit was aangeefster te veel en er werd een bedrag van 3.000 euro afgesproken. Aangeefster was wantrouwend naar [alias 8 verdachte] , maar hij had een goed verhaal en dit heeft aangeefster over de streep getrokken. [alias 3 verdachte] schreef in een mail dat hij samen met een andere investeerder 100 appartementen had in [bedrijf 9] in Estpona (Spanje). Er waren in dit complex nog 147 appartementen waar zij een optie op hadden. Er zouden bij [alias 8 verdachte] tien accountmanagers in Nederland aangenomen worden om deze appartementen te verhuren.Op de [beurs 1] was er al veel geroezemoes tussen het personeel. Het was onduidelijk wat ze verkochten. Iedereen had verschillende verhalen gehoord over bijvoorbeeld het aantal appartementen en de vorm van eigendom. Er was ook geen informatie over de huurbedragen. Aangeefster herkent verdachte als [alias 8 verdachte] . [benadeelde 60] heeft verklaard te hebben gesproken met een persoon die zich voorstelde als [alias 3 verdachte] . Aangeefster ontving van deze persoon een visitekaartje waarop de naam [alias 3 verdachte] en het emailadres [mailadres 7] stond afgebeeld. De werkzaamheden zouden er vooral uit bestaan om op beurzen te staan en mensen te benaderen of zij interesse hadden om een vakantiehuis te huren in Spanje. Later bleek het niet om verhuur te gaan, maar een soort van lease. [alias 3 verdachte] sprak over een inleg van 7.500 euro, en dat het in de makelaardij heel normaal was dat er een instapfee wordt gehanteerd. Aangeefster verklaarde het bedrag van 7.500 euro niet te kunnen betalen en daarom 4.000 euro heeft afgesproken. Aangeefster heeft een bedrag van 4.000 euro overgemaakt. Aangeefster verklaarde dat ze een training van [benadeelde 2] in Arnhem heeft gehad. Daarbij werden tools aangereikt om te verkopen, hij liet ook folders zien en de service overeenkomsten die ze aan de toekomstige klanten zouden kunnen tonen. Aangeefster verklaarde dat bij deze training ook aanwezig waren: [benadeelde 17] , [benadeelde 20] , [benadeelde 14] en [benadeelde 19] . Aangeefster heeft op de [beurs 1] gestaan. Aangeefster verklaarde dat zij nooit een klant binnen heeft gehaald voor [bedrijf 2] . Aangeefster verklaarde dat ze voor [bedrijf 2] naar de opening van de [beurs 2] in Rotterdam is geweest om te kijken of dit iets was voor [bedrijf 2] . Ze verklaarde dat er afspraken waren over werktijden, maar eigenlijk waren de werkzaamheden er niet om die uren ook echt te kunnen maken. Aangeefster verklaarde dat [alias 3 verdachte] alle beslissingen nam en op haar overkwam als de baas. De persoon genaamd [alias 9 verdachte] heeft zij nooit gezien of gesproken. [alias 3 verdachte] vertelde haar dat [alias 9 verdachte] zijn zwager was. [benadeelde 23] verklaarde dat hij met een man heeft gesproken die zich voorstelde als [alias 8 verdachte] . Hij vertelde dat het bedrijf aanvragen binnenkreeg voor timesharing voor appartementen in Malaga. Hij vertelde dat aangever met een aantal collega’s naar Malaga zou gaan om te kijken hoe de appartementen eruit zouden zien. De man gaf een visitekaartje aan aangever. Op dit visitekaartje stond de naam ‘ [alias 3 verdachte] ’ en het emailadres [mailadres 7] . Aangever heeft een bedrag van 5.000 euro overgemaakt. Aangever [benadeelde 24] verklaarde telefonisch contact te hebben gehad met een man die zich voorstelde als [alias 8 verdachte] . Aangever heeft één dag meegelopen op de [beurs 1] te Utrecht. Na de beurs had hij een gesprek met [alias 8 verdachte] . Tijdens dit gesprek werd er ook gesproken over een instap fee van 4.000 euro. Dit vond aangever te veel en er werd overeengekomen dat de instap fee een bedrag tussen 1.000 euro en 2.000 euro zou zijn. Hij verklaarde dat hij deze man kent als [alias 8 verdachte] en via internet had gevonden dat de echte naam [verdachte] is. [benadeelde 61] heeft verklaard dat het bedrijf zich zou richten op de verkoop van appartementen in Marbella, Spanje. Verbalisant [verbalisant 2] heeft gerechercheerd naar de appartementen die [bedrijf 2] zou verhuren. In de brochure die door [bedrijf 2] is gebruikt om de luxe appartementen aan te prijzen wordt het appartementencomplex [bedrijf 9] genoemd. Ook zijn er foto's opgenomen in de brochure. De foto's van het appartement lijken te zijn van het appartementencomplex [complex] in San Pedro de Alcantara en niet van [bedrijf 9] , maar de foto's van het zwembad en de weg komen wel overeen met de afbeeldingen van [bedrijf 9] . Verdachte heeft ter zitting erkend dat een deel van de foto’s niet ziet op [bedrijf 9] . Niet is gebleken dat [bedrijf 2] appartementen in bezit heeft. Op de folder stond het [stichting] -logo. Uit navraag bij [stichting] is gebleken dat [bedrijf 2] en daaraan gelieerde bedrijven of personen niet gerechtigd waren om dit logo te gebruiken. Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij de persoon is die verantwoordelijk is voor [bedrijf 2] , dat hij de franchisecontracten heeft ondertekend, dat hij de werknemers/franchisenemers aanstuurde en dat de franchisefees werden gestort op de bankrekening van [bedrijf 8] , zijnde een bankrekening waarover hij kon beschikken. Hij heeft zich het door aangevers betaalde geld toegeëigend en zijn eigen belang boven het belang van aangevers gesteld, aldus verdachte. Op grond van bovengenoemde feiten en omstandigheden is de rechtbank van oordeel dat de verdachte door een samenweefsel van verdichtsels en listige kunstgrepen en het aannemen van een valse naam bij de slachtoffers een onjuiste voorstelling van zaken in het leven heeft geroepen, waardoor zij zijn bewogen tot storting/overmaking van geld naar een bankrekening waar verdachte de beschikking over had. Dat dit van meet af aan een onjuiste voorstelling van zaken was blijkt uit het feit dat de door de aangevers betaalde gelden meteen worden weggesluisd naar bankrekeningen van verdachte en zijn familie en worden aangewend voor het privéleven van verdachte en zijn gezin. De afspraken die aangevers met [bedrijf 2] zijn aangegaan, zijn niet nagekomen. In het bijzonder heeft de rechtbank bij de beoordeling van het gewicht van de betreffende oplichtingsmiddelen als omstandigheden in aanmerking genomen: het opwekken van vertrouwen door verdachte door zich volgens de gebruikelijke maatschappelijke patronen te gedragen en daar vervolgens misbruik van te maken; het misbruik maken van de kwetsbaarheid van de aangevers, in die zin dat het personen betreft die (al langere tijd) werkzoekend waren en dachten een goede en betrouwbare werkgever te hebben gevonden. De rechtbank komt daarmee tot een bewezenverklaring van het onder 2 primair ten laste gelegde, met dien verstande dat verdachte wordt vrijgesproken van het medeplegen, nu van een bewuste en nauwe samenwerking met een ander niet is gebleken. 4.3 Deelonderzoek [bedrijf 3] , feit 3. 4.3.1 Inleiding Kort en zakelijk weergegeven is aan verdachte ten laste gelegd: primair: medeplegen van oplichting van acht personen in de periode 1 januari 2015 tot en met 31 december 2015, subsidiair: medeplegen van verduistering van geldbedragen toebehorende aan acht personen, gepleegd in de periode 1 januari 2015 tot en met 31 december 2015. 4.3.2 Vordering van de officier van justitie De officier van justitie heeft de veroordeling van verdachte ter zake het primair tenlastegelegde gevorderd. 4.3.3 Standpunt van de verdediging De raadsvrouw van verdachte heeft met betrekking tot dit feit geen verweer gevoerd. Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij weliswaar de bedenker van het concept is, maar dat hij daar geen uitvoering aan heeft gegeven. Hij heeft het concept aan [alias 15 verdachte] ter beschikking gesteld en [alias 15 verdachte] heeft hem daar geld voor betaald. 4.3.4 Het oordeel van de rechtbank Feiten die niet ter discussie staan De rechtbank constateert dat de onderstaande feiten bij de behandeling van de zaak op de terechtzitting niet ter discussie hebben gestaan. Op de website [website 2] staat dat [bedrijf 3] particulieren, die hun lening of financiering niet meer kunnen of willen betalen, van hun lening en maandlast af kan helpen. Ook staat op de website dat gezorgd wordt voor een correcte vastlegging zodat de particulier zeker weet dat hij van zijn verplichting is verlost en niet meer kan worden aangesproken op betaling. Op de website stond dat contact kon worden opgenomen met [mailadres 2] . Aangevers hebben, na via e-mail contact te hebben gehad met [bedrijf 3] , bedragen overgemaakt naar bankrekeningen met nummers [rekeningnummer 23] en [rekeningnummer 21] . Bankrekeningnummer [rekeningnummer 23] staat op naam van [verdachte] (schoonvader van verdachte) en rekeningnummer [rekeningnummer 21] staat op naam van [bedrijf 8] waar de schoonmoeder van verdachte, [schoonmoeder] de gemachtigde van is. Bewijs De rechtbank stelt aan de hand van het dossier en het onderzoek ter terechtzitting de volgende feiten en omstandigheden vast. Aangeefster [benadeelde 25] verklaarde dat zij in het NRC een advertentie las van [bedrijf 3] en dat zij op de website [website 2] had gelezen dat ze van haar lening afgeholpen kon worden. Aangeefster had een lopende schuld van ongeveer 25.000 euro. [bedrijf 3] kon haar lening overnemen tegen een betaling van 10% van de schuldsom. Aangeefster vroeg via email wat de werkwijze was van [bedrijf 3] , waarop er werd gereageerd met: ‘Wij voegen vele leningen samen en kopen deze af voor een percentage tussen de 6 en 8 procent. U betaalt 10%. De marge is onze inkomstenbron. Wij moeten het vooral hebben van hoge volumes. Ik verwijs u naar onderstaande juridische link omtrent de wettelijke voorwaarden en regels betreffende contractovername.’ Aangeefster heeft een bedrag van 450 euro overgemaakt naar het door [bedrijf 3] opgegeven rekeningnummer [rekeningnummer 23] t.n.v. [verdachte] . Zij ontving vervolgens per email van [bedrijf 3] het voorstel om de oorspronkelijke volledige schuldsom terug te vorderen. Volgens [bedrijf 3] zou de schuld 27.000 euro bedragen. [bedrijf 3] meldde dit te kunnen regelen als aangeefster een bedrag van 3.000 euro zou betalen ten behoeve van onder andere advocaatkosten, met daarbij de volgende verplichting: ‘U krijgt wel een verplichting om tegenover derden te zwijgen over het voorstel’. Aangeefster verklaarde dit bedrag niet in een keer te kunnen betalen. Zij heeft in termijnen betaald. In totaal heeft zij een bedrag van 2.100 euro overgemaakt in de veronderstelling dat hiermee haar schuld overgenomen zou worden, wat echter achteraf niet het geval bleek te zijn. Het contact met [bedrijf 3] verliep voornamelijk via het emailadres [mailadres 2] . De mailtjes werden ondertekend met de volgende namen: [alias 10 verdachte] , [alias 11 verdachte] , [alias 13 verdachte] en het Klanten Contact Centrum. [benadeelde 26] heeft mede namens zijn ex-partner [benadeelde 27] aangifte gedaan en verklaarde dat hij en zijn partner in financiële problemen waren gekomen door een schuld van ruim 33.000 euro. Hij had op internet gezocht naar mogelijkheden om van de schulden af te komen en kwam zo uit bij [bedrijf 3] . Hij vond ook advertenties van [bedrijf 3] op Marktplaats en Facebook, met daarbij de vermelding dat ze ingeschreven stonden bij de Kamer van Koophandel. [bedrijf 3] maakte een betrouwbare indruk op hem. Eind april 2015 nam hij contact op met [bedrijf 3] met de vraag of hij geholpen kon worden. Op 19 mei 2015 ontving hij via email een contract waarin de gemaakte afspraken vastgelegd werden. [bedrijf 3] zou de schuld van aangever overnemen. Hij en zijn partner [benadeelde 27] hebben op 29 mei 2015 een eerste aanbetaling van 950 euro overgemaakt op bankrekeningnummer [rekeningnummer 23] ter attentie van [bedrijf 3] . Op 18 juni 2015 werd een bedrag van 450 euro werd overgemaakt ‘om de zaak verder te kunnen oppakken’, en op 1 september 2015 werd een bedrag van 395 euro overgemaakt voor onder andere advocaatkosten. Op 7 september 2015 ontvingen zij de melding dat de BTW vergeten was te verrekenen en daarom werd er nog eens een bdrag van 82,95 euro door hen overgemaakt. Op 10 september 2015 werd vervolgens een bedrag van 2.000 euro gevraagd door [bedrijf 3] . Daarop is door aangevers op 21 september 2015 nogmaals 1.000 euro overgemaakt. Op 29 september 2015 werd aangegeven dat [bedrijf 3] een ander rekeningnummer had: [rekeningnummer 21] . Aangever verklaarde dat hij op 9 oktober 2015 het bedrag van 720 euro overschreef naar dit nieuwe rekeningnummer, ‘om toestemming te krijgen van de autoriteiten’. Aangever [benadeelde 26] verklaarde dat hij en zijn partner [benadeelde 27] in totaal een bedrag van 6.600 euro hebben overgemaakt naar rekeningnummers [rekeningnummer 21] t.n.v. [bedrijf 8] en [rekeningnummer 23] t.n.v. [verdachte] . De schuld bleef echter ongewijzigd. Van [bedrijf 3] ontvingen aangevers een uitnodiging om op 9 oktober 2015 te verschijnen aan [adres 2] te Amsterdam voor het tekenen van een uitbetalingscontract. Zij zouden een bedrag van 27.193,49 euro ontvangen, omdat [bedrijf 3] had laten weten een kort geding te hebben gewonnen. Zij spraken ter plaatse met iemand van de receptie die hen vertelde dat het bedrijf daar niet bestond. De correspondentie van [bedrijf 3] werd ondertekend door onder andere [alias 10 verdachte] , [alias 11 verdachte] , [alias 12 verdachte] , Directie [bedrijf 3] . [benadeelde 28] verklaarde een schuld in Tsjechië te hebben van 18.000 euro. Zij had op internet gezocht naar een oplossing en had [bedrijf 3] gevonden. Ze vond het er betrouwbaar uitzien. Ze verklaarde dat zij per email contact opnam en dat zij vroeg of men ook Tsjechische schulden kon overnemen. [bedrijf 3] reageerde met dat dit mogelijk was tegen betaling van 10% van de totale schuldsom en 650 euro vertalingskosten in verband met contact met een Tsjechische bank. Aangeefster maakte op 4 juni 2015 deze bedragen - 1800 euro (10% van totale schuld) en 650 euro - over naar het door [bedrijf 3] opgegeven rekeningnummer [rekeningnummer 23] t.n.v. [verdachte] . Voor de overname van de schuld moest aangeefster een contract ondertekenen. Aangeefster verklaarde korte tijd later een email van [bedrijf 3] te hebben ontvangen met daarin de mededeling dat de totale schuld geen 18.000 euro maar 25.000 euro was, met het verzoek om 10% van dit verschil over te maken. Aangeefster maakte hierop nogmaals een bedrag van 700 euro over. Vervolgens kreeg zij van [bedrijf 3] bericht dat de bank een fout had gemaakt en dat zij hierdoor al haar geld terug kon krijgen. Als zij dit geregeld wilde hebben moest ze 450 euro extra betalen. Aangeefster heeft hierop contact met haar bank in Tsjechië opgenomen en kreeg van haar bank te horen dat haar schuld nog ongewijzigd was, waarop zij besloot niet te betalen. [bedrijf 3] verzekerde haar echter dat de schuld wel was overgenomen. In de weken daarop ontving aangever dwingende emails van [bedrijf 3] dat er betalingen verricht moesten worden anders zou de schuld weer op haar naam komen. Hierop maakte aangeefster nogmaals een bedrag van 595 euro over voor advocaatkosten, alsmede een bedrag van 124,95 euro voor BTW, 1.000 euro voor advocaatkosten en 2.000 euro voor advocaat- en contractkosten. [bedrijf 3] liet vervolgens weten een nieuw rekeningnummer te hebben, namelijk [rekeningnummer 21] , en dat haar laatste betaling nog niet binnen was gekomen. Hierop maakte zij nogmaals bedragen van 1.000, 500 en 500 euro over naar dit nieuwe rekeningnummer. Zij leende dit geld van haar schoonvader. Met betrekking tot de afhandeling van het schadebedrag moest aangeefster ook nog een bedrag van 765 euro voor vertaalkosten en 1.237 euro voor BTW kosten overmaken; ook dit heeft zij gedaan. Aangeefster verklaarde nooit geld terug te hebben ontvangen en met haar ongewijzigde schuld bleef staan. In totaal betaalde aangeefster een bedrag van 10.871,95 euro aan [bedrijf 3] . [bedrijf 3] deed voorkomen dat er contact was opgenomen met de Tsjechische bank door een afschrift van een email naar aangeefster te mailen. Op dit afschrift staat in zowel de Engelse als ook de Tsjechische taal de vermelding dat de ontvanger, klaarblijkelijk [mailadres 8] , in het bericht een file kon vinden met daarin ‘ [omschrijving 12] ’. [bedrijf 3] deed tevens voorkomen dat de Tsjechische bank had gereageerd, getuige een afschrift van een email klaarblijkelijk afkomstig van [mailadres 8] met daarin de Engelse tekst ‘Dear [alias 10 verdachte] , we confirm payment directly to your cliënt’. Aangeefster begreep later uit telefonisch contact met haar Tsjechische bank dat men aldaar niets wist van contractovername. Aangeefster verklaarde [bedrijf 3] hiermee te hebben geconfronteerd, waarop [bedrijf 3] als volgt reageerde: "Komt wel vaker voor dat de verwerking lang duurt, zeker over de grens. U bent van uw schuld af. U hoeft geen verdere actie te ondernemen. Er komt niemand geld bij u halen." De correspondentie met [bedrijf 3] werd ondertekend met de namen [alias 10 verdachte] , [alias 11 verdachte] , het Klanten Contact Centrum, [alias 13 verdachte] en/of secretaresse. [benadeelde 29] verklaarde dat ze een totale schuld van 50.000 of 60.000 euro had. Ze vond op Facebook een advertentie van [bedrijf 3] . [bedrijf 3] liet haar weten dat ze tegen betaling van 10% van haar totale schuldsom de schuld kon overdragen aan [bedrijf 3] . Dit zou een bedrag van 6.000 euro betekenen, waarna aangeefster aangaf dit niet te kunnen betalen. Zij vroeg of het mogelijk was alleen de schuld over te nemen waardoor aangever een BKR-notering had opgelopen. [bedrijf 3] reageerde dat dit mogelijk was tegen een betaling van 1.160 euro. Dat bedrag heeft aangeefster overgemaakt naar het rekeningnummer dat door [bedrijf 3] werd opgegeven: [rekeningnummer 23] (t.n.v. [verdachte] ). Zij heeft vervolgens bedragen van 1.000, 1.000 en 1.250 euro overgemaakt. In totaal heeft aangeefster een bedrag van 4.410 euro overgemaakt. Haar schuld bleef desondanks ongewijzigd. [bedrijf 3] deed voorkomen alsof zij contact hadden opgenomen met de ING Bank, een van de schuldeisers van aangeefster. Aangeefster ontving namelijk een afschrift van PostNL waaruit zou blijken dat [bedrijf 3] iets had verstuurd naar ING Bank. Het contact met [bedrijf 3] verliep via email, maar aangeefster heeft ook eenmaal per telefoon contact gehad. Zij werd toen gebeld zonder nummerherkenning en sprak toen met een mannelijke stem. De emailcorrespondentie werd ondertekend door [alias 10 verdachte] en het Klanten Contact Centrum. [benadeelde 30] verklaarde dat hij kampte met schulden en dat hij de website [website 2] was tegengekomen. Via [mailadres 2] legde hij contact met [bedrijf 3] en hij ontving de reactie dat [bedrijf 3] zijn schuld kon overnemen tegen betaling van 10% van de totale schuld. Hem werd door [bedrijf 3] verteld dat [bedrijf 3] schulden doorverkoopt aan banken, die daardoor hun jaarverslagen er winstgevender uit willen laten zien. Aangever verklaarde dat hij een contract ondertekende en dat hij in totaal een bedrag van 2.550 euro overmaakte naar rekeningnummer [rekeningnummer 23] t.n.v. [verdachte] . Na het overmaken van het geld, zou [bedrijf 3] gelijk met zijn dossier aan de slag gaan, maar dat gebeurde niet. De correspondentie werd van de zijde van [bedrijf 3] beantwoord door [alias 10 verdachte] . [benadeelde 31] verklaarde dat zijn dochter schulden had en dat hij op internet een bedrijf had gevonden met de naam [bedrijf 3] die schulden overnam. Hij verklaarde dat hij contact had opgenomen waarna er contracten werden gestuurd. Vervolgens werd via internet getekend en moest uiteindelijk ook betaling volgen. Aangever maakte eerst (op 4 mei 2015) een bedrag van 985 euro over, vervolgens nog een bedrag van 1.100 euro (2 september 2015) en later nog eens 2.500 euro (10 september 2015) naar rekeningnummer [rekeningnummer 23] ten name van [verdachte] . Hij heeft in totaal een bedrag van 4.585 euro overgemaakt naar [bedrijf 3] . [benadeelde 32] verklaarde dat hij kampte met schulden en dat hij via een advertentie in een lokale krant de website [website 2] leerde kennen. Hij zocht contact met [bedrijf 3] om te zien of zij hem konden helpen. Een persoon genaamd [alias 10 verdachte] vroeg hem een contract te ondertekenen en geld over te maken naar rekeningnummer [rekeningnummer 23] . Volgens [alias 10 verdachte] was een advocaat ingehuurd om zijn schuldeisers te bewegen mee te werken aan afbetaling. Hiervoor moest een bedrag van 3.000 euro betaald worden. Aangever gaf aan dat hij zoveel geld niet had. [alias 10 verdachte] zei hem dat hij het geld dan maar bij familie moest gaan lenen. Aangever heeft in de periode 26 mei 2015 t/m 7 september 2015 in totaal 1.200 euro overgemaakt aan [bedrijf 3] . Aangever verklaarde dat hij geld van familie en vrienden had geleend om [bedrijf 3] te kunnen betalen. Aangever vernam van zijn schuldeiser dat er geen afspraken over een schuldsanering met [alias 10 verdachte] zijn gemaakt, en dat dus is gebleken dat [alias 10 verdachte] zijn afspraak om hem van zijn schulden af te helpen niet is nagekomen. Er is door de politie onderzoek gedaan naar de website [website 2] . Uit het onderzoek blijkt, kort weergegeven, dat het bedrijf [bedrijf 10] te Oostmarsum in Nederland de reseller is van de website. Als oprichter van de website staat vermeld: Bedrijfsnaam: [bedrijf 7] B.V. Achternaam: [alias 15 verdachte] Voornaam: [alias 12 verdachte] De website werd betaald vanaf twee rekeningen: [rekeningnummer 12] ten name van R. [benadeelde 62] ; [rekeningnummer 23] ten name van [verdachte] . [benadeelde 62] is op 17 augustus 2017 in Spanje gehoord. Hij verklaarde dat de onderneming [bedrijf 7] B.V. in oktober 2014 is opgericht door verdachte. [benadeelde 62] probeerde in Spanje een onderneming op te zetten en had daarom een online advertentie geplaatst met de vraag naar een investeerder. Hierop reageerde [verdachte] . [benadeelde 62] was als bestuurder van deze B.V. naar de notaris geweest om deze onderneming te laten registeren. Het doel van de registratie was om als bestuurder geld op te kunnen nemen van de rekeningen als [verdachte] geld op de lopende rekeningen over zou maken. Hij verklaarde niets te maken te hebben met [bedrijf 3] . Sinds maart/april 2015 heeft hij geen enkel contact meer gehad met [verdachte] . Hij verklaarde geen enkel contact gehad te hebben met de aangevers in het onderzoek [bedrijf 3] . De emailadressen [mailadres 9] en [mailadres 2] zeggen hem niets. Op 24 mei 2018 is [benadeelde 62] door de rechter-commissaris gehoord. Hij verklaarde dat [verdachte] zijn bankgegevens heeft gebruikt. [verdachte] had ook de beschikking over de bankpas. Verdachte heeft ter terechtzitting gesteld dat [benadeelde 62] de uitwerking heeft gedaan en dat verdachte geen contact heeft gehad met de aangevers. De rechtbank acht die verklaring van verdachte ongeloofwaardig en overweegt daartoe het volgende.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.