← Nederland

ECLI:NL:RBOVE:2021:1756

beslissing RECHTBANK OVERIJSSEL Verschoningskamer Zittingsplaats Zwolle zaaknummer: 264801 KG RK 21-189 Beslissing van 16 april 2021 in de zaak van mr. M. van Bruggen, rechter in de rechtbank Overijssel, hierna: de rechter, belast met de behandeling van de hoofdzaak met kenmerk 263066 ESRK 21-1510 van [verzoekster] , verzoekster, gemachtigde: H.L.J.M. Kersten en [verweerder] , verweerder, gemachtigde: J.A.C.H. Hana. 1De procedure 1.

  1. Het verschoningsverzoek is op 14 april 2021 ingediend. 1.
  2. Een verschoningsverzoek hoeft, anders dan een wrakingsverzoek, niet ter terechtzitting te worden behandeld. Het verzoek is daarom niet ter zitting behandeld. 2Het verschoningsverzoek 2.
  3. Het verschoningsverzoek is – samengevat – gebaseerd op het feit dat beide partijen in de hoofdzaak onderdeel uitmaken van de persoonlijke kennissenkring van de rechter. 3De beoordeling 3.
  4. Artikel 40 Rv bepaalt dat elk van de rechters die een zaak behandelen, kan verzoeken zich te mogen verschonen op grond van feiten of omstandigheden als bedoeld in artikel 36 Rv. Artikel 36 Rv bepaalt dat elk van de rechters die een zaak behandelen op verzoek van een partij kan worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. 3.
  5. Een rechter wordt geacht onpartijdig te zijn tot het tegendeel vaststaat. Van dat laatste kan sprake zijn indien uit zijn overtuiging of gedrag persoonlijke vooringenomenheid tegenover een procespartij blijkt. Daarnaast kan een procespartij de indruk krijgen dat de rechter vooringenomen is. Het gezichtspunt van de procespartij is hier van belang maar speelt geen doorslaggevende rol. Beslissend is of de vrees voor partijdigheid objectief gerechtvaardigd is. Komt vooringenomenheid of een gerechtvaardigd vermoeden daarvan vast te staan, dan lijdt de rechterlijke onpartijdigheid schade. De verschoningskamer zal het verschoningsverzoek aan de hand van deze maatstaven beoordelen. 3.
  6. Gelet op hetgeen de rechter heeft aangevoerd, is het verschoningsverzoek terecht ingediend. De verschoningskamer kan zich goed voorstellen dat de rechter zich niet vrij voelt een zaak te behandelen van mensen waarmee zij ook persoonlijk contact heeft. Het verzoek zal dus worden toegewezen. Dit betekent dat de behandeling van de hoofdzaak door een andere rechter moet worden overgenomen. Zo wordt elke schijn van partijdigheid vermeden. 4De beslissing De verschoningskamer: 4.
  7. wijst het verzoek tot verschoning toe; 4.
  8. beveelt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan: - de rechter; - alle in de aanhef van deze uitspraak genoemde betrokken partijen. Deze beslissing is in raadkamer genomen door de mrs. U. van Houten, H. Stam en M.H. van der Lecq, in tegenwoordigheid van de griffier mr. M.D. Moeke op 16 april 2021 de griffier de voorzitter de griffier is verhinderd de beslissing te ondertekenen. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.