RECHTBANK OVERIJSSEL locatie Zwolle team familie- en jeugdrecht zaaknummers: C/08/240914 / ES RK 19-5804 (echtscheiding met nevenvoorzieningen) C/08/258999 / ES RK 20-8692 (verdeling gemeenschap van goederen) beschikking van 8 februari 2021 inzake [verzoekster] , verder te noemen: de vrouw, wonende te [woonplaats] , verzoekster, advocaat: mr. C.W. Timmer als vervanger van mr. K. Visscher, en [belanghebbende] , verder te noemen: de man, wonende te [woonplaats] , belanghebbende, advocaat: mr. G.J. Zwolle. 1Het procesverloop 1.1. De rechtbank heeft kennisgenomen van de volgende stukken: - het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen op 5 december 2019; - het exploot van de betekening van 6 december 2019, binnengekomen op 18 december 2019; - het verweerschrift, tevens houdende zelfstandig verzoek, met bijlagen, binnengekomen op 14 juli 2020; - een op 16 juli 2020 binnengekomen F9-formulier met bijlagen van mr. Zwolle van 15 juli 2020; - een op 21 oktober 2021 binnengekomen F9-formulier met bijlagen van mr. Visscher van 19 oktober 2020; - een op 21 oktober 2020 binnengekomen F9-formulier van mr. Zwolle; - een op 15 december 2020 binnengekomen brief met bijlagen van mr. Visscher van 11 december 2020; - een op 29 december 2020 binnengekomen F9-formulier met bijlagen van mr. Zwolle van 23 december 2020; een op 11 januari 2021 binnengekomen F9-formulier akte vermeerdering eis van mr. Zwolle van 9 januari 2021. 1.2. De procedure tot echtscheiding is ingeschreven onder zaaknummer C/08/240914 / ES RK 19-5804. De procedure tot verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap is van deze procedure afgesplitst en heeft zaaknummer C/08/258999 / ES RK 20-8692. 1.3. De mondelinge behandeling heeft op 12 januari 2021 plaatsgevonden. Verschenen zijn partijen, bijgestaan door hun advocaten. 1.4. Na de mondelinge behandeling hebben partijen op verzoek van de rechtbank nadere stukken overgelegd. 2De feiten 2.1. Partijen zijn [1990] te [plaats] met elkaar gehuwd in gemeenschap van goederen. 2.2. Partijen hebben de Nederlandse nationaliteit. 3Het verzoek De vrouw verzoekt de rechtbank bij beschikking, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: tussen partijen de echtscheiding uit te spreken; te bepalen dat over en weer door partijen te betalen bijdragen in de kosten van levensonderhoud op nihil worden gesteld; te bepalen dat de vrouw huurder zal zijn van de woning aan [adres] te [plaats] ; het nog toe te zenden echtscheidingsconvenant in de te wijzen beschikking op te nemen; partijen te veroordelen dat zij tot scheiding en deling van de tussen hen per datum echtscheidingsverzoek ontbonden huwelijksgoederengemeenschap dienen over te gaan; een beslissing te geven omtrent de kosten van de procedure. 4Het verweer, tevens houdende (vermeerdering) zelfstandig verzoek De man voert verweer en verzoekt de rechtbank de verzoeken van de vrouw af te wijzen. Hij verzoekt de rechtbank voorts bij beschikking, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: tussen partijen de echtscheiding uit te spreken; de vrouw te verplichten om een waardebepaling van de voorheen VOF, doch thans eenmanszaak geworden onderneming van de vrouw, [B] te [plaats] aan [adres] , te laten uitvoeren door [A] te [plaats] , dan wel een andere deskundige door de rechtbank te benoemen, en alsnog een goed onderbouwde taxatie van genoemde onderneming en van de daarvan deel uitmakende (huur)woning van partijen aan de man te verstrekken; de vrouw te verplichten om de man gegevens te verschaffen aangaande de onderneming, te weten het voormalige VOF-contract, de beëindigingsovereenkomst aangaande de VOF, dan wel andere documenten waaruit blijkt hoe de beëindiging van de VOF is geregeld, alsmede de aangiften inkomstenbelasting van 2018 en 2019 en de definitieve jaarrekeningen over de tweede helft van 2018 en 2019; de vrouw te verplichten om de bankrekeningnummers en de banksaldi per 4 december 2019 aan de man te verstrekken; de gemeenschap van goederen van partijen vast te stellen conform punt 7 van het verweer en deze te verdelen conform hetgeen in de punten 8 tot en met 12 van het verweer is aangegeven, waarbij de man uit hoofde van de verdeling van de onderneming een bedrag van de vrouw dient te ontvangen van € 64.699,- te vermeerderen met de helft van de waarde van het pand respectievelijk van de overige eigendomsaandelen van de vrouw in overige onroerende zaken en te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment van indienen van het verweerschrift, waarbij de man nog in de gelegenheid wordt gesteld om zijn verzoek aangaande de onderneming nader te concretiseren. 5De akte houdende aanvulling zelfstandig verzoek Bij akte houdende aanvulling zelfstandig verzoek heeft de man verzocht: de vrouw te veroordelen om alle gegevens van (de omvang van) de erfenis van haar vader aan de man te doen toekomen; te bepalen dat de man tevens, naast zijn eerdere verzoeken, recht heeft op de helft van het aan de vrouw toekomende deel van de erfenis van haar vader; de vrouw te veroordelen tot betaling aan de man van een bedrag, gelijk aan de helft van de waarde van haar deel van de erfenis van haar vader, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum van indiening van de akte, althans, indien de erfenis van de vader van de vrouw nog niet is verdeeld, te bepalen dat de man recht heeft op de helft van de vordering betreffende het aan de vrouw toekomende deel van de erfenis van haar vader, en daarbij de vrouw te veroordelen om aan de man de helft van haar vordering betreffende het aan de vrouw toekomende deel van de erfenis van haar vader rechtstreeks uit te laten betalen door de notaris, indien deze betrokken is bij de feitelijke verdeling, dan wel, indien er geen notaris betrokken is bij de verdeling van de erfenis, binnen 14 dagen nadat de vrouw de vordering uitbetaald heeft gekregen, te vermeerderen met de wettelijke rente van de datum van de beschikking, althans vanaf de datum waarop de vrouw haar vordering op de erfenis uitbetaald heeft gekregen, althans vanaf de datum waarop de vrouw de helft van de vordering betreffende het aan haar toekomende deel van de erfenis van haar vader aan de man dient te (laten) uitbetalen; te bepalen dat de man, naast zijn eerdere verzoeken, recht heeft op de helft van de waarde van de bij de vrouw in bezit zijnde scooter en haar te verplichten van die waarde bewijs te doen toekomen. 6De beoordeling in de zaak met zaaknummer C/08/240914 / ES RK 19-5804 De ontvankelijkheid 6.1. Bij de betekening van het verzoekschrift zijn de wettelijke termijnen en formaliteiten in acht genomen. De in artikel 815 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) gemelde bescheiden zijn als bijlagen bij het verzoekschrift gevoegd. De echtscheiding 6.2. Beide partijen stellen dat het huwelijk duurzaam is ontwricht, zodat de daarop steunende, over en weer gedane verzoeken tot echtscheiding als op de wet gegrond voor toewijzing vatbaar zijn. Het huurrecht 6.3. De vrouw heeft verzocht te bepalen dat zij huurder zal zijn van de woning aan [adres] te [plaats] . Volgens de man huurden partijen deze woning boven de winkel in de vorm van een VOF die de vrouw met haar moeder runde. In 2018 is de VOF omgezet in een eenmanszaak en staat het bedrijfspand met de woning op de balans van de onderneming. De man gaat ervan uit dat het pand eigendom is van de vrouw zodat zij formeel niet het huurrecht toegedeeld kan krijgen. Als de vrouw de woning wel zou huren, zou de man geen bezwaar hebben tegen het verzoek van de vrouw. 6.4. Omdat de man geen verweer heeft gevoerd tegen het verzoek van de vrouw, zal de rechtbank overeenkomstig het verzoek van de vrouw beslissen, en het er voor houden dat zij geen eigenaar is van de woning. in de zaak met zaaknummer C/08/258999 / ES RK 20-8692 De verdeling 6.5. Partijen hebben geen echtscheidingsconvenant opgesteld/ondertekend. Tijdens en na de mondelinge behandeling hebben zij ten aanzien van na te noemen vermogensbestanddelen in het kader van de verdeling van de per 4 december 2019, datum echtscheidingsverzoek, ontbonden huwelijksgoederengemeenschap aldus in der minne overeenstemming bereikt en de rechtbank zal conform beslissen. 6.6. De Mercedes C-klasse (waarde € 4.000,-) en de twee Zündapp brommers (totale waarde € 3.000,-) worden toegedeeld aan de man. 6.7. De VW Polo (waarde € 7.500,-) en de scooter (waarde € 1.000,-) worden toegedeeld aan de vrouw. De vrouw dient voor de vervoermiddelen aan de man per saldo € 750,- te vergoeden (€ 8.500,- - € 7.000,- = € 1.500,-; € 1.500,- : 2 = € 750,-). 6.8. Aan de man worden toegedeeld de en/of ABNAMRO rekening (…)343 en de ABNAMRO rekening (…)670 op naam van de man, met bijbehorende saldi, zonder vergoeding wegens over- dan wel onderbedeling. Het saldo op de peildatum op ABNAMRO rekening (…)343 bedraagt € 1.376,57 en het saldo op de peildatum op ABNAMRO rekening (…)670 bedraagt € 1.922,87. De vrouw moet binnen veertien dagen na dagtekening van deze beschikking op eerste verzoek van de man meewerken aan wijziging van de tenaamstelling van eerstgenoemde rekening zodat deze uitsluitend op naam van de man komt te staan. 6.9. Aan de vrouw wordt toegedeeld de op haar respectievelijk op naam van haar eenmanszaak staande rekening (…)862 met saldo op de peildatum ad € 18.772,66 debet. Tijdens de mondelinge behandeling heeft de vrouw ingestemd met toedeling van genoemde rekening(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.