← Nederland

ECLI:NL:RBOVE:2022:1093

RECHTBANK OVERIJSSEL Team Strafrecht Meervoudige kamer Zittingsplaats Zwolle Parketnummer: 08/963524-21 (LP) (P) Datum vonnis: 21 april 2022 Vonnis op tegenspraak in de zaak van de officier van justitie tegen: [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1987 te [geboorteplaats] (China), voorheen wonende/verblijvende te [adres] , thans zonder bekende vaste woon- of verblijfplaats in Nederland. 1Het onderzoek op de terechtzitting Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 21 maart 2022 en 8 april 2022. De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. C. Hofstee en van hetgeen door verdachte en de raadsman mr. M.A. Prins, advocaat te ‘s-Hertogenbosch, naar voren is gebracht. 2De tenlastelegging De verdenking komt er, kort en zakelijk weergegeven, op neer dat verdachte zich - al dan niet samen met een of meer anderen - schuldig heeft gemaakt aan: feit 1: het opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland brengen, bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren en/of het opzettelijk aanwezig hebben van (grote) hoeveelheden verdovende middelen (MDMA (XTC) en/of metamfetamine (Crystal Meth) en/of cocaïne); feit 2: het al dan niet opzettelijk, zonder registratie, in voorraad hebben, te koop aanbieden, afleveren, uitvoeren en/of buiten het grondgebied van Nederland brengen van (grote) hoeveelheden ketamine; feit 3: witwassen. Voluit luidt de tenlastelegging aan verdachte, dat: 1. zij in of omstreeks de periode van 1 januari 2020 tot en met 2 maart 2021, te 's-Gravenhage en/althans (elders) in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, - (telkens) opzettelijk buiten het grondgebied van Nederland heeft gebracht, (telkens) als bedoeld in artikel 1 lid 5 van de Opiumwet, en/of - (telkens) opzettelijk heeft bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of heeft afgeleverd en/of heeft verstrekt en/of vervoerd, en/of - (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad, een (grote) hoeveelheid/hoeveelheden van (een) materia(a)1(

  1. en)bevattende MDMA(XTC) en/of methamfetamine(Christal Meth) en/of cocaïne en/althans/zijnde (telkens) (een) middel(
  2. en)als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet; 2 . zij in of omstreeks de periode van 1 januari 2020 tot en met 2 maart 2021 althans op of omstreeks 2 maart 2021 te ‘s-Gravenhage en/althans (elders) in Nederland, tezamen en in verenging met een ander of anderen en/althans alleen meermalen, althans eenmaal (telkens) al dan niet opzettelijk zonder registratie (een grote hoeveelheid/hoeveelheden van een) werkzame stoffen en/of een geneesmiddel waarvoor geen handelsvergunning geldt, te weten ketamine, in voorraad heeft gehad en/of te koop heeft aangeboden en/of heeft afgeleverd en/of heeft uitgevoerd of anderszins buiten Nederlands grondgebied heeft gebracht; 3 . zij op of omstreeks 2 maart 2021, in de gemeente 's-Gravenhage, althans in Nederland, (in een woning aan [adres] ) tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, a.
  3. a)van één of meer voorwerp(en), te weten van één of meer (contant(e)) geldbedrag(
  4. en)tot een totaalbedrag van (circa) 49.050,-- euro, althans enig(
  5. e)geldbedrag(en), de werkelijke aard en/of de herkomst en/of de vindplaats en/of de vervreemding en/of de verplaatsing heeft verborgen/verhuld en/of heeft verborgen/verhuld wie de rechthebbende op het/de geldbedrag(
  6. en)was/waren, en/of heeft verborgen/verhuld wie genoemde voorwerpen voorhanden heeft/hebben gehad, terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(
  7. s)wist(
  8. en)dat die/dat voorwerp(
  9. en)- onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig misdrijf, en/of
  10. b)(telkens) één of meer voorwerp(en), te weten één of meer (contant(e)) geldbedrag(
  11. en)tot een totaalbedrag van (circa) 49.050,-- euro, althans enig(
  12. e)geldbedrag(en), heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen en/of heeft omgezet, en/of van genoemd(
  13. e)voorwerp(
  14. en)gebruik heeft gemaakt, terwijl zij, verdachte, en/of haar mededader(
  15. s)wist(
  16. en)dat die/dat voorwerp(
  17. en)- onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig misdrijf. 3De voorvragen Geldigheid van de dagvaarding Door de verdediging is - kort samengevat - gesteld dat de dagvaarding ten aanzien van de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten nietig moet worden verklaard, aangezien de tenlastelegging onvoldoende feitelijk is omschreven. De rechtbank is van oordeel dat uit de feitelijke omschrijving van de aan verdachte ten laste gelegde handelingen in samenhang bezien met de inhoud van het dossier voldoende duidelijk is wat haar wordt verweten en waartegen verdachte zich kan verdedigen. Gelet op het voren overwogene, dient het beroep op nietigheid van de dagvaarding te worden verworpen. De dagvaarding is derhalve geldig. De rechtbank heeft voorts vastgesteld dat zij bevoegd is tot kennisneming van deze zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging. 4De standpunten 4.2 Het standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft gevorderd verdachte vrij te spreken van de aan haar onder 1 tot en met 3 ten laste gelegde feiten. 4.3 Het standpunt van de verdediging De raadsman heeft integrale vrijspraak bepleit van de onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde feiten op de in zijn pleitnota aangegeven gronden. 4.4 Het oordeel van de rechtbank De rechtbank is van oordeel dat het dossier weliswaar aanwijzingen bevat voor betrokkenheid van verdachte bij de aan haar onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde feiten, maar acht onvoldoende wettig en overtuigend bewijs aanwezig om tot een bewezenverklaring te kunnen komen. De rechtbank is dan ook van oordeel dat verdachte moet worden vrijgesproken van de aan haar onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde feiten en komt tot een integrale vrijspraak. 5De beslissing De rechtbank: - verklaart niet bewezen wat aan verdachte onder 1, 2 en 3 is ten laste gelegd en spreekt haar daarvan vrij. Dit vonnis is gewezen door mr. D. ten Boer, voorzitter, mr. S.H. Peper en N.J.C. Monincx, rechters, in tegenwoordigheid van H. Kamp, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 21 april 2022. Buiten staat Mr. S.H. Peper en mr. N.J.C. Monincx zijn niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.