RECHTBANK OVERIJSSEL locatie Almelo team familie- en jeugdrecht zaaknummer: C/08/285568 / FA RK 22-2204 beschikking van 13 oktober 2022 inzake Raad voor de Kinderbescherming, verder te noemen: de raad, gevestigd te Almelo , verzoekster. In deze zaak worden als belanghebbenden aangemerkt: [belanghebbende 1] , verder te noemen: de moeder, wonende op [locatie] , belanghebbende, [belanghebbende 2] , verder te noemen: de vader, wonende op [locatie] , belanghebbende, [de minderjarige] , verder te noemen: [de minderjarige] , wonende te [plaats] , belanghebbende, en [belanghebbende 4] , verder te noemen: de tante, wonende te [plaats] , beoogd tijdelijk voogd en belanghebbende. 1Het procesverloop 1.1. Op 6 september 2022 is het verzoek, met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank. 1.2. [de minderjarige] is uitgenodigd voor een gesprek met de kinderrechter op 22 september 2022, maar zij heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt. 1.3. Op 5 oktober 2022 heeft de rechtbank de zaak tijdens de mondelinge behandeling met gesloten deuren behandeld. Verschenen zijn: - [de minderjarige] , - de ouders, die online hebben deelgenomen via Teams, - de tante en beoogd tijdelijk voogd, - [A] , namens de raad. Aan [B] (broer van [de minderjarige] ) is bijzondere toegang verleend om eveneens online deel te nemen via Teams. 2De feiten 2.1. De vader en de moeder zijn op [datum] op de Nederlandse Antillen met elkaar gehuwd. 2.2. De vader en de moeder zijn de ouders van onder meer het minderjarige kind: [de minderjarige] , geboren te [locatie] op [datum] 2005. De ouders oefenen gezamenlijk het gezag uit over [de minderjarige] . 2.3. [de minderjarige] woont in verband met haar studie sinds 15 augustus 2022 in het gezin van de tante te [plaats] . 3Het verzoek 3.1. De raad verzoekt de rechtbank een tijdelijk voogd te benoemen over [de minderjarige] en stelt voor om de tante tot tijdelijk voogd te benoemen. De raad verzoekt de beschikking uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. 3.2. De Voogdijraad Caribisch Nederland heeft de raad op 12 augustus 2022 gevraagd informatie te verstrekken omtrent de bereidheid en geschiktheid van de beoogd tijdelijke voogd om de tijdelijke voogdij te aanvaarden over [de minderjarige] . Omdat de Voogdijraad geen verzoek kan indienen bij de rechtbank over een minderjarige die niet meer op [locatie] staat ingeschreven, heeft de Voogdijraad het verzoek bij de raad ingediend om onderzoek te doen. De raad heeft gedurende het onderzoek een positieve indruk gekregen van tante (en het gezinssysteem waar [de minderjarige] thans deel van uitmaakt) en tante is bereid om de tijdelijke voogdij te accepteren. Omdat de raad een positieve indruk heeft gekregen van tante en er geen belastende informatie van het Justitieel Documentatie Systeem naar voren is gekomen, heeft de raad er geen bezwaar tegen dat tante de tijdelijke voogdij krijgt en heeft daartoe onderhavig verzoek ingediend. 4Het standpunt van belanghebbenden 4.1. De ouders hebben naar voren gebracht dat zij deze procedure hebben gevolgd om het juridisch zo goed mogelijk te regelen voor [de minderjarige] , zodat [de minderjarige] een tussenjaar kan nemen en zich kan ontwikkelen in Nederland voor de toekomst. Ze hebben bewust de keuze gemaakt om [de minderjarige] bij de tante te laten wonen, omdat ze haar al meer dan twintig jaar kennen en een goede band hebben met elkaar. De opvoedingslijnen zijn soortgelijk, het overleg is altijd prettig en de lijnen tussen ouders en tante zijn kort. De keuze om bij oom en tante te wonen is ook deels, omdat [de minderjarige] de omgeving kent en daar dichtbij overige familie woont. Oma (moederszijde) woont dichtbij en zij is bijna dagelijks bij oom en tante. 4.2. [de minderjarige] heeft bij de raad aangegeven dat zij in Nederland meer mogelijkheden heeft om zich te kunnen ontwikkelen. Haar oom en tante zijn haar lievelingsoom en -tante en [de minderjarige] is enthousiast over deze nieuwe stap in haar leven. 4.3. De tante is bereid om de tijdelijke voogdij te accepteren. Volgens tante zouden de ouders ook prima op afstand het gezag kunnen uitoefenen over [de minderjarige] . 5De beoordeling Rechtsmacht en toepasselijk recht 5.1. Omdat de minderjarige [de minderjarige] haar gewone verblijfplaats in Nederland heeft, acht de rechtbank zich in dit interregionale geval bevoegd om met toepassing van Nederlands recht kennis te nemen van het voogdijverzoek van de raad. Het wettelijk criterium 5.2. Het verzoek van de raad om een tijdelijk voogd te benoemen over [de minderjarige] is gebaseerd op artikel 1:253q juncto artikel 1:253r van het Burgerlijk Wetboek (BW). Op grond van deze bepalingen kan, voor zover van belang, in geval de ouder die het gezag over de minderjarige uitoefent al dan niet tijdelijk in de onmogelijkheid verkeert het gezag uit te oefenen, de rechter op verzoek van een van de in artikel 1:253q lid 4 genoemde belanghebbenden een voogd benoemen. In dit verband is verder van belang het op grond van artikel 38 lid 1 van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden tot stand gekomen Protocol inzake de samenwerking op het gebied van voogdijvoorzieningen tussen Nederland en de Nederlandse Antillen van 11 januari 2006 (Voogdijregeling) en de Beschikking houdende richtlijnen (Stcrt. 12 april 2006, nr. 73) alsmede de Onderlinge regeling voortzetting onderlinge regelingen Nederlandse Antillen (Stcrt. 17 november 2010, nr. 18394). De Voogdijregeling beoogt te voorzien in de voogdij van minderjarigen die zich uit de Nederlandse Antillen, zelfstandig – zonder ouders – willen vestigen in Nederland. Het doel van de Voogdijregeling is te voorkomen dat deze minderjarigen, eenmaal in Nederland, niet meer onder het wettelijk vereiste gezag staan, omdat hun ouders op de Nederlandse Antillen achterblijven en daardoor geen, althans onvoldoende, zicht hebben op de minderjarigen in Nederland. 5.3. Uitgangspunt onder de Voogdijregeling is dat de ouders/verzorgers van een minderjarige die zich vanuit onder andere [locatie] wil vestigen in Nederland, voorafgaand aan zijn vertrek naar Nederland bij de Voogdijraad op [locatie] voorzien in de voogdij over de minderjarige. Kort gezegd geldt daarvoor de volgende procedure: (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.