beslissing RECHTBANK OVERIJSSEL Verschoningskamer Zittingsplaats Zwolle Zaaknummer: 299711 KG RK 23-297 Beslissing van 17 juli 2023 op het verzoek van mr. M. VAN BRUGGEN, rechter in de rechtbank Overijssel, dat ertoe strekt zich te mogen verschonen in de strafzaak tegen de verdachte: [verdachte] , wonende in [woonplaats], advocaat: mr. J.H. Rump uit Zwolle. 1De procedure 1.
- Bij de rechtbank Overijssel, locatie Zwolle, team strafrecht, is onder het parketnummer 08/090284-22 een strafzaak tegen verdachte aanhangig. 1.
- De strafzaak stond gepland om op 17 juli 2023 te worden behandeld door de meervoudige strafkamer, bestaande uit mrs. Jordaans, Vijftigschild en Van Bruggen. 1.
- Op 17 juli 2023 heeft mr. Van Bruggen een verzoek ingediend bij de verschoningskamer om zich te mogen verschonen. 1.
- De strafzaak is in afwachting van de verschoningsprocedure aangehouden. 1.
- Een verschoningsverzoek hoeft niet ter terechtzitting te worden behandeld. Ook hoeven partijen in de hoofdzaak niet te worden gehoord. Het verzoek zal daarom schriftelijk worden afgedaan. 2Het verschoningsverzoek 2.
- Mr. Van Bruggen heeft aan haar verschoningsverzoek ten grondslag gelegd dat zij bij aanvang van de strafzitting constateerde dat de aangeefster in de strafzaak, tevens benadeelde partij, de dochter is van een bekende van haar. Mr. Van Bruggen heeft op onregelmatige basis contact met deze moeder. Dit contact betreft sportieve activiteiten en daarmee samenhangend appcontact. Om die reden meent mr. Van Bruggen dat de schijn zou kunnen ontstaan dat zij de zaak niet onbevangen en zonder vooringenomenheid kan afdoen. 3De beoordeling 3.
- Op grond van artikel 512 van het Wetboek van Strafvordering (Sv) kan een rechter die een zaak behandelt verzoeken zich te mogen verschonen. Daarvoor moet sprake zijn van feiten en omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. 3.
- Een rechter wordt geacht onpartijdig te zijn tot het tegendeel vaststaat. Van dat laatste kan sprake zijn als uit de overtuiging of het gedrag van een rechter persoonlijke vooringenomenheid tegenover een procespartij blijkt. Daarnaast kan een procespartij de indruk krijgen dat de rechter vooringenomen is. Het gezichtspunt van de procespartij is hier van belang, maar speelt geen doorslaggevende rol. Beslissend is of de vrees voor partijdigheid objectief gerechtvaardigd is. De verschoningskamer zal het verschoningsverzoek aan de hand van deze maatstaven beoordelen. 3.
- De verschoningskamer is van oordeel dat mr. Van Bruggen het verschoningsverzoek terecht heeft ingediend. De verschoningskamer kan zich op grond van de door mr. Van Bruggen beschreven persoonlijke betrekking met de kennis voorstellen dat zij zich niet vrij voelt deze zaak te behandelen. Het verzoek zal daarom worden toegewezen. Dit betekent dat mr. Van Bruggen door een andere rechter zal worden vervangen. Zo wordt elke schijn van partijdigheid vermeden. 4De beslissing De verschoningskamer: 4.
- wijst het verzoek tot verschoning toe, 4.
- beveelt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan: - mr. Van Bruggen, - alle in de aanhef van deze uitspraak genoemde betrokken partijen, - de officier van justitie, - de benadeelde partij. Deze beslissing is gegeven door mr. U. van Houten, mr. A. Smedes en mr. E. Venekatte in tegenwoordigheid van de griffier mr. E.H. Doldersum en in openbaar uitgesproken op 17 juli
- de griffier de voorzitter is niet in de gelegenheid deze beslissing mede te ondertekenen Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.