RECHTBANK OVERIJSSEL Locatie Zwolle Parketnummer: 08-305728-23Volgnummer: 1 Uitspraak van de politierechter, mr. M.J.A.L. Beljaars, van maandag 19 februari 2024, in de zaak tegen verdachte [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1998 te [geboorteplaats] adres [woonplaats] Tegenspraak KWALIFICATIE: T.a.v. feit 1: mishandeling, terwijl het misdrijf wordt gepleegd tegen een ambtenaar gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening. T.a.v. feit 2: bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht. GEPLEEGD: T.a.v. feit 1, feit 2: 19 november 2023 TOEGEPASTE ARTIKELEN: 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 36f, 57, 63, 285, 300, 304 Wetboek van Strafrecht BESLISSING: T.a.v. feit 1, feit 2: Een taakstraf voor de duur van 120 uren subsidiair 60 dagen hechtenis waarvan 60 uren subsidiair 30 dagen hechtenis voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren. Voorwaarde is, dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig zal maken aan een strafbaar feit. En stelt als bijzondere voorwaarden: - dat veroordeelde zich meldt op afspraken met de reclassering, zo vaak de reclassering dat nodig vindt. De reclassering zal contact met betrokkene opnemen voor de eerste afspraak. - dat veroordeelde actief deelneemt aan de gedragsinterventie Cognitieve Vaardigheden (CoVa) of een andere gedragsinterventie die gericht is op cognitieve vaardigheden. Veroordeelde houdt zich aan de afspraken en aanwijzingen van de trainer/begeleider. Geeft aan voornoemde reclasseringsinstelling de opdracht als bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden. Voorwaarden daarbij zijn dat de veroordeelde gedurende de proeftijd: - ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt; - medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit nodig acht, daaronder begrepen. T.a.v. feit 1, feit 2: Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [benadeelde] : Wijst de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij toe en veroordeelt de verdachte tot betaling aan de benadeelde partij, [benadeelde] , van een bedrag van 375,00 euro, bestaande uit immateriële schade en te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 19 november 2023 tot aan de dag der algehele voldoening. Veroordeelt verdachte tevens in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de proceskosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog moet maken; Legt aan de verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van [benadeelde] , van een bedrag van 375,00 euro, bestaande uit immateriële schade en te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 19 november 2023 tot aan de dag der algehele voldoening. Bepaalt dat indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt gijzeling kan worden toegepast voor de duur van 7 dagen. De toepassing van deze gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op. Verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade. Afstand van rechtsmiddelen door de verdachte en de officier van justitie. De politierechter,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.