RECHTBANK Overijssel Civiel recht Zittingsplaats Zwolle Zaaknummer: C/08/314528 / HA ZA 24-202 Vonnis van 8 oktober 2025 in de zaak van de besloten vennootschap VASTGOED MET STIJL B.V., gevestigd te Steenenkamer, eisende partij, hierna te noemen: Vastgoed met Stijl, advocaat: mr. J.A.M. van de Sande, voorheen mr. L.A.A. Steehouwer tegen de besloten vennootschap HELDER MAKELAARS B.V., gevestigd te Deventer, gedaagde partij, hierna te noemen: Helder, advocaat: mr. D.W.N. Brand. 1Inleiding 1.1. In deze zaak heeft Vastgoed met Stijl een woning gekocht waarbij Helder optrad als verkoopmakelaar. Vaststaat dat de verkoopbrochure melding maakte van een verkeerd aantal vierkante meters aan woonoppervlakte, te weten 193 m2 in plaats van 170 m2. Bij tussenvonnis van 27 november 2024 heeft de rechtbank geoordeeld dat Helder daardoor onzorgvuldig – en daarmee onrechtmatig – heeft gehandeld ten opzichte van Vastgoed met Stijl. Beoordeeld moet worden of Vastgoed met Stijl door dat onrechtmatige handelen schade heeft geleden. 1.2. In een eerder tussenvonnis heeft de rechtbank – voor beantwoording van de vraag of Vastgoed met Stijl schade heeft geleden – het voornemen geuit een deskundige te benoemen. De rechtbank ziet aanleiding om terug te komen op dat voornemen. In plaats daarvan zal Vastgoed met Stijl in de gelegenheid worden gesteld om in een akte haar schade nader te onderbouwen. Helder mag vervolgens op die akte reageren met een antwoordakte. 2 2. De procedure 2.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - het tussenvonnis van 27 november 2024,- de akte van Vastgoed met Stijl,- de akte van Helder. 2.2. De rechtbank heeft partijen op 12 juni 2025 bericht dat zij geen van de door partijen aangedragen deskundigen bereid heeft gevonden het onderzoek uit te voeren, en heeft partijen gevraagd in overleg nieuwe deskundigen aan te dragen. Ook heeft de rechtbank gevraagd of zij zich willen uitlaten over een ander mogelijk vervolg in deze procedure, indien er geen deskundige bereid wordt gevonden het onderzoek uit te voeren. Vastgoed met Stijl heeft vervolgens nieuwe deskundigen aangedragen, waarna Helder heeft laten weten met welke deskundigen zij kan instemmen. Ook die deskundigen hebben de rechtbank desgevraagd laten weten het onderzoek niet te willen of kunnen uitvoeren. 2.3. Ten slotte is vonnis bepaald. 3De verdere beoordeling Inleiding 3.1. Aan de orde is de vraag of Vastgoed met Stijl schade heeft geleden door het onzorgvuldig handelen van Helder. Deze vraag moet worden beantwoord door de werkelijke situatie te vergelijken met de hypothetische situatie waarin de fout van Helder wordt weggedacht. Ten aanzien van deze laatstgenoemde situatie heeft de rechtbank tot uitgangspunt genomen dat de overeengekomen prijs niet lager dan de aankoopprijs zou zijn geweest omdat tussen partijen vaststaat dat de verkoper de woning niet wilde verkopen voor een bedrag lager dan € 440.000,00. Vervolg in deze procedure: geen deskundigenbericht 3.2. In het vorige tussenvonnis heeft de rechtbank overwogen dat zij een deskundigenbericht nodig acht om tot een vaststelling van de hypothetische situatie te komen. De rechtbank ziet aanleiding om van die beslissing terug te komen. Hiervoor is redengevend dat de rechtbank geen van de door partijen aangedragen deskundigen bereid heeft gevonden om het onderzoek uit te voeren. Partijen zijn het erover eens dat de deskundige kennis van de woningmarkt in Deventer moet hebben, maar omdat beide partijen bekende spelers zijn in de vastgoedbranche in Deventer hebben vrijwel alle deskundigen aangegeven het onderzoek niet onafhankelijk te kunnen uitvoeren. Daar komt bij dat een andere door de rechtbank benaderde deskundige, een register taxateur, heeft aangegeven dat het uit te voeren onderzoek voor registertaxateurs (mogelijk) in strijd zal zijn met de gedrags- en beroepsregels die gelden voor registertaxateurs, omdat het onderzoek ziet op een taxatie van een woning met een peildatum in het verleden, en de woning bovendien grondig gerenoveerd is. Eén van de gedrags- en beroepsregels bepaalt namelijk dat de register taxateur het te taxeren pand moet bezichtigen. Het is lastig om aan die regel te kunnen voldoen, zo heeft de betreffende deskundige de rechtbank laten weten, wanneer de taxatie ziet op een pand op een tijdstip in het verleden en het pand niet meer in die staat verkeert omdat het sindsdien vrijwel volledig gerenoveerd is. Dat is reden geweest dat die betreffende deskundige de opdracht niet heeft willen aanvaarden. 3.3. De rechtbank zal gelet op het voorgaande de schade op de voet van artikel 6:97 BW schatten, op basis van de stellingen (en de onderbouwing daarvan) van partijen. 3.4. In het tussenvonnis van 27 november 2024 heeft de rechtbank twee scenario’s onderscheiden. In het eerste scenario geldt de aankoopprijs, uitgaande van het werkelijke aantal vierkante meters aan woonoppervlakte, als marktconform en wordt ervan uitgegaan dat Vastgoed met Stijl de woning wel zou hebben gekocht. In het tweede scenario geldt de aankoopprijs, uitgaande van het werkelijke aantal vierkante meters aan woonoppervlakte, als niet-marktconform en wordt Vastgoed met Stijl gevolgd in haar stelling dat zij de woning niet zou hebben gekocht. Aangezien de rechtbank geen deskundige heeft kunnen vinden die bereid is de marktwaarde ten tijde van de verkoop te bepalen, laat de rechtbank deze twee scenario’s los en zal zij partijen in de gelegenheid stellen zich bij akte uit te laten over de schade. Nadere aktewisseling over de schade 3.5. De rechtbank zal Vastgoed met Stijl in de gelegenheid stellen de (hoogte van
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.