RECHTBANK OVERIJSSEL Civiel recht Kantonrechter Zittingsplaats Enschede Zaaknummer: 11987410 \ CV EXPL 25-3503 Vonnis in kort geding van 22 januari 2026 in de zaak van BODDENKAMP VASTGOED B.V., te Hengelo, eisende partij, hierna te noemen: Boddenkamp, gemachtigde: mr. T. Boitelle, tegen [gedaagde] , te [woonplaats], gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde], niet verschenen. 1De procedure 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding met producties- de mondelinge behandeling van 8 januari 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt - de verstekverlening tegen [gedaagde]. 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2Het geschil 2.
- Boddenkamp vordert samengevat: ontruiming van het perceel aan de [adres] binnen drie dagen na betekening van dit vonnis, betaling van € 22.642,89 aan hoofdsom, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over € 19.895,43 vanaf de dag van de dagvaarding tot de dag van volledige betaling, betaling van de huurpenningen van € 5.416,36 per maand (of deel daarvan) ná december 2025 tot aan de ontruiming, te vermeerderen met de wettelijke rente, veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten. 2.
- [gedaagde] voert verweer. [gedaagde] concludeert tot niet-ontvankelijkheid van Boddenkamp, dan wel tot afwijzing van de vorderingen van Boddenkamp, met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van Boddenkamp in de kosten van deze procedure. 3De beoordeling 3.
- Bij de dagvaarding zijn de voorgeschreven termijnen en formaliteiten in acht genomen. [gedaagde] is niet op de mondelinge behandeling verschenen, zodat tegen hem verstek is verleend. 3.
- De vordering komt de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal daarom worden toegewezen. Proceskosten 3.
- [gedaagde] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Boddenkamp worden begroot op: - kosten van de dagvaarding € 119,40 - griffierecht € 1.461,00 - salaris gemachtigde € 543,00 - nakosten € 135,00 (plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing) totaal € 2.258,40 4De beslissing De kantonrechter 4.
- veroordeelt [gedaagde] om binnen drie dagen na betekening van dit vonnis het perceel aan de [adres] te ontruimen met alle daarin aanwezige personen en zaken, tenzij deze zaken van Boddenkamp zijn, en de sleutels af te geven aan Boddenkamp, 4.
- veroordeelt [gedaagde] om te betalen aan Boddenkamp: a. a) € 22.642,89, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente zoals bedoeld in artikel 6:119a BW over € 19.895,43 vanaf 4 december 2025 tot de dag van volledige betaling, b) € 5.416,36 per maand vanaf 1 januari 2026 tot en met het eind van de maand waarin de daadwerkelijke ontruiming heeft plaatsgevonden, te vermeerderen met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf de eerste dag van de desbetreffende huurperiode tot de dag van volledige betaling, 4.
- veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 2.258,40, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, 4.
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. E. Horsthuis en in het openbaar uitgesproken door mr. A.M.S. Kuipers op 22 januari 2026.