RECHTBANK ROTTERDAM Sector civiel recht Zaak-/rolnummer: 274325 / HA ZA 06-3399 Uitspraak: 30 januari 2008 VONNIS van de enkelvoudige kamer in de zaak van: [eiseres], wonende te Maassluis, eiseres, procureur mr. S.P.J.F. Zwanen, advocaat mr. R.F. Ruers te Utrecht, - tegen - de naamloze vennootschap ALLIANZ NEDERLAND SCHADEVERZEKERINGEN NV, gevestigd te Rotterdam, gedaagde, procureur mr. W.L. Stolk, advocaat mr. M. de Vries te Arnhem. 1. Het verloop van de procedure De rechtbank heeft kennis genomen van de navolgende processtukken: de dagvaarding met de producties 1 tot en met 14; de conclusie van antwoord met de producties 1 tot en met 4; de conclusie van repliek met de producties 15 tot en met 18; de conclusie van dupliek met de producties 5 tot en met 7. 2. Het geschil [eiseres] vordert, bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: te verklaren voor recht dat Allianz, als gedaagde en als verzekeraar van Dok- en Werfmaatschappij Wilton Fijenoord BV en Rotterdam United Shipyard BV, op grond van het bepaalde in de artikelen 7:658 BW en artikel 7:954 BW jegens [X] en [eiseres] verwijtbaar tekortgeschoten is en daardoor jegens [eiseres] schadeplichtig is geworden; Allianz dientengevolge te veroordelen om aan [eiseres] te vergoeden haar materiële schade krachtens artikel 6:108 BW, als verwoord in de dagvaarding en daarbij de hoogte van de door Allianz te betalen schadevergoeding te bepalen aan de hand van de proportionele aansprakelijkheid die nader dient te worden vastgesteld door een of meer deskundigen, op de wijze die [eiseres] in de dagvaarding heeft toegelicht, zulks te vermeerderen met de wettelijke rente over het op die wijze vastgestelde schadebedrag vanaf 19 augustus 2000 tot aan de dag van algehele voldoening; Allianz te veroordelen om aan [eiseres] te vergoeden de buitengerechtelijke kosten ten bedrage van € 3.536,54, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf de datum van deze dagvaarding tot aan de dag van algehele voldoening; Allianz te veroordelen in de kosten van deze procedure. Allianz voert verweer tegen deze vorderingen en concludeert, bij vonnis voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: [eiseres] niet-ontvankelijk te verklaren in haar vorderingen, althans haar die vorderingen te ontzeggen; [eiseres] te veroordelen in de kosten van dit geding, te voldoen binnen veertien dagen na dagtekening van het te wijzen vonnis en (voor het geval voldoening niet binnen veertien dagen na dagtekening van het vonnis plaatsvindt) te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf veertien dagen na dagtekening van het vonnis tot aan de dag van algehele voldoening; [eiseres] te veroordelen in de nakosten ad € 131,= dan wel, indien betekening van het vonnis plaatsvindt, ad € 199,= en de eventuele verdere executiekosten. 3. De beoordeling 3.1 De rechtbank gaat uit van de navolgende tussen partijen vaststaande feiten. [eiseres] is gehuwd geweest met de heer [X], geboren op [geboortedatum]. [X] is in november 1969 als lasser in dienst getreden van Dok- en Werfmaatschappij Wilton Fijenoord BV (hierna: Wilton Fijenoord). Op 17 april 1999 zijn bedrijfsactiviteiten van Wilton Fijenoord overgenomen door Rotterdam United Shipyard BV. Vanaf die datum is [X] in dienst getreden van Rotterdam United Shipyard BV, door in 2001 plaatsgevonden naamswijziging sindsdien geheten Rotterdam United Dockyard BV (hierna: Rotterdam United). In 2000 is bij [X] de diagnose longkanker gesteld. Op 19 augustus 2000 is [X] overleden. Allianz is de aansprakelijkheidsverzekeraar van Wilton Fijenoord en van Rotterdam United. [eiseres] vordert schadevergoeding van Allianz, zowel pro se als in haar hoedanigheid van erfgename van [X], mede namens de andere erfgename. [eiseres] heeft Rotterdam United gedagvaard voor de kantonrechter te Rotterdam ter zake van de schade waarvan in deze procedure vergoeding wordt gevorderd. 3.2 [eiseres] legt - mede blijkens de nadere toelichting bij repliek onder punt 3 - aan haar vorderingen ten grondslag dat zij krachtens artikel 7:954 BW rechtstreeks van Allianz nakoming kan vorderen van de verbintenis van Allianz tot betaling van een verzekeringsuitkering aan haar verzekerden Wilton Fijenoord en Rotterdam United, de voormalige werkgevers van [X]. Die verbintenis berust volgens [eiseres] op het verwijtbaar tekortschieten van de werkgevers van [X] in de zin van artikel 7:658 BW, waarvoor de door hen met Allianz gesloten aansprakelijkheidsverzekeringen dekking bieden. Ter onderbouwing hiervan heeft [eiseres] aangevoerd dat de longkanker (mede) is veroorzaakt door blootstelling aan asbest in het werk voor beide werkgevers. 3.3 Allianz heeft (bij conclusie van antwoord) als primair verweer aangevoerd dat [eiseres] niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in haar vorderingen, omdat niet is gebleken dat Wilton Fijenoord en Rotterdam United tijdig in deze procedure zijn betrokken, hetgeen krachtens artikel 7:954 lid 6 BW een vereiste is voor het kunnen instellen van een directe actie tegen Allianz als verzekeraar. Allianz heeft hieraan toegevoegd dat de in artikel 7:954 lid 2 BW geregelde uitzondering niet van toepassing is, omdat geen sprake is van een verzekerde die heeft opgehouden te bestaan. In reactie hierop heeft [eiseres] bij repliek aangevoerd dat zij "inmiddels" tot dagvaarding van Rotterdam United bij de kantonrechter te Rotterdam is overgegaan, waarbij zij er van uitgaat dat de desbetreffende procedure zal worden gevoegd met de onderhavige procedure. 3.4 Naar het oordeel van de rechtbank heeft [eiseres] hiermee geen juiste toepassing gegeven aan lid 6 van artikel 7:954 BW, dat bepaalt dat de bevoegdheid om een directe actie in te stellen slechts bestaat indien de benadeelde er voor zorg draagt dat de verzekerde tijdig in het geding wordt geroepen. Oproeping op basis van artikel 118 Rv. dan wel door gezamenlijke dagvaarding van verzekerde(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.