RECHTBANK ROTTERDAM Sector Bestuursrecht Meervoudige kamer Reg.nr.: AWB 02/2862 BELEI-T2 Uitspraak in het geding tussen Openbaar Lichaam Volwasseneneducatie Rijnmond, gevestigd te Rotterdam, eiser, gemachtigden mr. E. van Lunteren en drs. E.J. Overgaauw, en de minister (thans: de staatssecretaris) van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, verweerder. 1 Ontstaan en loop van de procedure Bij besluit van 18 september 2002 (hierna: het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiser tegen het besluit van 9 februari 2001 (hierna: het primaire besluit) ongegrond verklaard. Bij het primaire besluit is de subsidie die eiser voor de jaren 1998 en 1999 op grond van de Regeling Europees Sociaal Fonds (CBA 1994, Stcrt. 1994, 239, zoals nadien gewijzigd; hierna: de ESF-regeling) was verleend voor het project "Nederlands als 2e taal en arbeidsmarktbenadering" (hierna: het project) vastgesteld op nihil. Tegen het bestreden besluit heeft eiser beroep ingesteld. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 7 september 2009, gevoegd met de zaak met registratienummer AWB 03/
(94)1414, waarbij de Commissie het Enig Programmerings Document voor de structurele bijstandsverlening door de Gemeenschap (het ESF) voor het gehele Nederlandse grondgebied met betrekking tot doelstelling 3 heeft goedgekeurd voor de periode van 1 januari 1994 tot en met 31 december 1999, heeft het Centraal Bestuur voor de Arbeidsvoorziening besloten tot vaststelling van de ESF-regeling. Ingevolge artikel 23, eerste lid, van de Coördinatieverordening, voor zover thans van belang, nemen de lidstaten, teneinde de acties van de particuliere of publiekrechtelijke projectontwikkelaars te doen slagen, bij de tenuitvoerlegging van de acties de nodige maatregelen om: - regelmatig te verifiëren dat de door de Gemeenschap gefinancierde maatregelen stipt zijn uitgevoerd, - onregelmatigheden te voorkomen en te vervolgen, - door misbruik of nalatigheid verloren middelen te recupereren. Behalve indien de lidstaat en/of de bemiddelende instantie en/of de projectontwikkelaar het bewijs levert/leveren dat het misbruik of de nalatigheid hem/hun niet kan worden aangerekend, is de lidstaat subsidiair aansprakelijk voor de terugbetaling van de ten onrechte betaalde bedragen. Ingevolge artikel 10, eerste lid, van de ESF-regeling, voor zover thans van belang, draagt de aanvrager er zorg voor dat een aparte projectadministratie wordt gevoerd, bestaande uit een deelnemersadministratie en een financiële administratie, waarin alle noodzakelijke gegevens tijdig, betrouwbaar en volledig zijn vastgelegd en zijn te verifiëren met bewijsstukken. Ingevolge het tweede lid van dit artikel geeft de deelnemersadministratie inzicht in de geplande, gerealiseerde en geprognosticeerde prestaties in termen van deelnemers en uren. Ingevolge het derde lid van dit artikel, voor zover thans van belang, geeft de financiële administratie inzicht in de subsidiabele kosten en de wijze waarop de inkomsten en uitgaven aan het project worden toegerekend. Ingevolge het vijfde lid van dit artikel biedt de administratie voldoende mogelijkheden voor een goede accountantscontrole en controle op de juiste naleving van de subsidievoorwaarden. Ingevolge artikel 14, eerste lid, van de ESF-regeling wordt het definitieve subsidiebedrag vastgesteld aan de hand van de ingediende declaratie als bedoeld in artikel 13 en met inachtneming van hetgeen overigens is gebleken. Het definitieve subsidiebedrag is niet hoger dan het bedrag van de toezegging, noch hoger dan het bedrag dat controleerbaar en in overeenstemming met de voorschriften van deze regeling is. Ingevolge artikel 4:46, tweede lid, aanhef en onder b, van de Awb kan de subsidie lager worden vastgesteld indien de subsidie-ontvanger niet heeft voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen. 2.
- Beoordeling Omdat de subsidieverlening heeft plaatsgevonden na 1 januari 1998, is in dit geding het recht van toepassing zoals dat geldt sinds de inwerkingtreding van titel 4.2 van de Awb. De rechtbank stelt voorop dat uit artikel 10 van de ESF-regeling zonder meer valt te begrijpen dat alle gegevens die noodzakelijk zijn voor de vaststelling van de omvang van de gerealiseerde uren, kosten en financiering in een aparte projectadministratie moeten zijn vastgelegd en met bewijsstukken moeten zijn onderbouwd. Dit moet tijdig gebeuren en er moeten voldoende mogelijkheden voor controle zijn. Eiser heeft zich daarnaast door de ondertekening van zijn aanvraagformulier bij de aanvraag garant gesteld voor het opstellen van een aparte projectadministratie waarin alle gegevens zijn te verifiëren die zijn opgenomen in deze aanvraag en de daaruit voortvloeiende rapportage en dit is ook nog bij de besluiten tot subsidieverlening in de bijlage vermeld. Dit geldt ook als het project door een ander wordt uitgevoerd. Volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling), bijvoorbeeld de uitspraak van 2 augustus 2006 in zaak nr. 200503130/1, LJN AY5509, volgt uit de artikelen 10 en 14 van de ESF-regeling dat de deelnemers¬administratie moet zijn te controleren aan de hand van een urenregistratie. Indien er geen deugdelijke urenregistratie is, is er geen sprake van een project¬administratie die voldoet aan de eisen die in artikel 10 van de ESF-regeling zijn vastgelegd. Het kunnen vaststellen of, en zo ja welke, kosten subsidiabel zijn op grond van de ESF-regeling is wezenlijk voor een juiste uitvoering van die regeling. Het voeren van een aparte projectadministratie als bedoeld in artikel 10 van de ESF-regeling wordt dan ook als een wezenlijke verplichting aangemerkt. Het ontbreken van een deugdelijke urenregistratie is in beginsel al een reden om de voor een project verleende subsidie op nihil vast te stellen. De rechtbank stelt vast dat in dit geval een urenregistratie op basis waarvan de subsidiabele kosten konden worden bepaald, ontbreekt. Dit is ook in de rapportage van het Team IC geconstateerd en er is geen reden waarom (de rechtsvoorganger van) verweerder hierop niet mocht afgaan. Ter zitting heeft eiser ook toegegeven dat niet aan de eisen is voldaan, maar hij heeft benadrukt dat dit hem niet kan worden toegerekend omdat Arbeidsvoorziening op grond van een samenwerkingsovereenkomst als uitvoerder van het project hiervoor verantwoordelijk was en kennelijk ook voor Arbeidsvoorziening zelf de eisen onduidelijk waren. Dat Arbeidsvoorziening als feitelijk uitvoerder bij het project was betrokken, doet er evenwel niet aan af dat, zoals hiervoor al is overwogen, eiser als aanvrager de verantwoordelijkheid droeg voor het voeren van een project¬administratie in overeenstemming met artikel 10 van de ESF-regeling. Dat een urenregistratie ontbrak en eiser ten tijde van de controle bepaalde gegevens niet meer kon achterhalen komt, anders dan hij meent, voor zijn rekening en risico. Dat geldt evenzeer voor het argument dat Arbeidsvoorziening zelf de oorzaak zou zijn van de geconstateerde gebreken en onvolledigheden. De rechtbank wijst hierbij op hetgeen de Afdeling heeft overwogen in haar uitspraak van 2 augustus 2006 in zaak nr. 200502391/1, LJN AY
- Voor zover eiser meent dat Arbeidsvoorziening, als ingeschakelde uitvoerder, niet op juiste wijze uitvoering heeft gegeven aan de met betrekking tot het project gesloten overeenkomst en hij dientengevolge de geleden schade op Arbeidsvoorziening wenst te verhalen, dient hij zich te wenden tot de burgerlijke rechter. De door eiser gestelde omstandigheid dat het doel waarvoor subsidie werd verleend grotendeels is bereikt en dat er daarom geen sprake is van "verloren middelen" in de zin van artikel 23 van de Coördinatieverordening, doet niet er niet aan af dat een wezenlijke verplichting is geschonden en dat de juistheid van de opgevoerde uren en de daarmee samenhangende (kosten)posten niet valt vast te stellen. Uit de jurisprudentie van de Afdeling – zie bijvoorbeeld de uitspraak van 30 augustus 2006 in zaak nr. 200505580/1, LJN AY7176 – volgt dat er in dat verband geen ruimte is voor een belangenafweging. De goedkeuring van de kwartaalrapportages kan, anders dan eiser heeft aangevoerd, voorts niet leiden tot een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel. De kwartaalrapportages betreffen immers een beperktere controle dan de eindrapportage en dienen een beperkter doel. De rechtbank wijst hierbij op de uitspraak van de Afdeling van 2 augustus 2006 in zaak nr. 200502380/1, LJN AY
- Hetgeen eiser met nadruk heeft gesteld over de bijzondere omstandigheid dat Arbeidsvoorziening als feitelijk uitvoerder bij het project betrokken was en hierbij één van haar publiekrechtelijke taken uitoefende, en tevens de organisatie was die besliste over de verlening van de subsidie voor het project, kan evenmin leiden tot een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel. De rechtbank overweegt daarover het volgende. Uit het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen van 13 maart 2008 in de gevoegde zaken C-383/06 t/m C-385/06 (LJN BD1677) en de einduitspraken van de Afdeling van 24 december 2008 (onder meer in zaak nr. 200502951/1; LJN BG8290) volgt dat er geen ruimte bestaat om het bestreden besluit aan het nationale vertrouwensbeginsel te toetsen en dat, nu in strijd met artikel 10 van de ESF-regeling is gehandeld, eiser zich schuldig heeft gemaakt aan kennelijke schending van de geldende regeling en hem daarom geen beroep toekomt op het gemeenschapsrechtelijke vertrouwensbeginsel. Voor een verdere afweging is geen plaats. De rechtbank ziet in deze zaak geen ruimte om in afwijking van hetgeen in de vermelde uitspraak van de Afdeling is verwoord, wél aan te nemen dat een geslaagd beroep op het gemeenschapsrechtelijke vertrouwensbeginsel kan worden gedaan. Nog daargelaten of, zoals eiser veronderstelt, het optreden van Arbeidsvoorziening Rijnmond bij de uitvoering van het project ten volle toe te rekenen valt aan de Algemene Directie, als toenmalig ter zake van de ESF-subsidieverstrekking bevoegd bestuursorgaan, volgt uit hetgeen hiervoor werd overwogen over de schending van de verplichting een deugdelijke projectadministratie te voeren reeds dat in dit geval sprake was van een kennelijke schending van de ESF-regeling, waarvoor eiser als aanvrager verantwoordelijk moet worden gehouden, wat er ook zij van de handelwijze van de feitelijke uitvoerder van het project en de (civielrechtelijke) implicaties die de overeenkomst in dat verband heeft. Het gemeenschaps¬rechtelijke vertrouwensbeginsel kan eiser derhalve geen soelaas bieden. Ingevolge artikel 14, eerste lid, van de ESF-regeling was verweerder verplicht, gegeven de geconstateerde schending van de wezenlijke verplichting, de verleende subsidies op nihil vast te stellen, zoals hij heeft gedaan. Hetgeen eiser heeft aangevoerd over de overheadkosten kan, wat daarvan ook zij, daaraan niet afdoen. Deze bepaling, die aan het bestreden besluit ten grondslag is gelegd, laat geen ruimte voor een belangenafweging en vormt hier het bijzondere subsidierecht, dat, mede bezien in het licht van artikel 23 van de Coördinatieverordening, artikel 4:46, tweede lid, van de Awb in zoverre opzij zet. Gelet op het vorenoverwogene heeft verweerder de verleende subsidie bij het primaire besluit, zoals gehandhaafd bij het bestreden besluit, op grond van de ESF-regeling op nihil kunnen en moeten vaststellen. Uit het vorenoverwogene volgt dat het bestreden besluit in rechte stand houdt en het beroep ongegrond moet worden verklaard. Voor een veroordeling in de proceskosten ziet de rechtbank geen aanleiding. 3 Beslissing De rechtbank, recht doende: verklaart het beroep ongegrond. Aldus gedaan door mr. L.A.C. van Nifterick, voorzitter, en mr. D. Haan en mr. R.H.L. Dallinga, leden, in tegenwoordigheid van mr. H.T. van de Erve, griffier. De griffier: De voorzitter: Uitgesproken in het openbaar op: 23 oktober
- Een belanghebbende - onder wie in elk geval eiser wordt begrepen - en verweerder kunnen tegen deze uitspraak hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. De termijn voor het indienen van het beroepschrift is zes weken en vangt aan met ingang van de dag na die waarop het afschrift van deze uitspraak is verzonden. Afschrift verzonden op: