beschikking RECHTBANK ROTTERDAM Meervoudige kamer voor wrakingszaken Uitspraak: 21 oktober 2011 Zaaknummer: 388393 Rekestnummer: HA RK 11-237 Beslissing van de meervoudige kamer op het verzoek van: [naam verzoeker], wonende te [woonplaats], briefadres: [briefadres], verzoeker, strekkende tot toepassing van het buitenwettelijk rechtsmiddel van vervallenverklaring van een rechterlijke uitspraak.
- Het procesverloop en de processtukken Bij beschikking van 5 oktober 2011 met zaaknummer 385919 en rekestnummer HA RK 11-208 heeft de meervoudige kamer van deze rechtbank het verzoek van verzoeker tot wraking van rechter [naam] afgewezen. Op 11 oktober 2011 heeft verzoeker een verzoek ingediend tot toepassing van het buitenwettelijk rechtsmiddel van vervallenverklaring ten aanzien van voormelde uitspraak van 5 oktober
- De wrakingskamer heeft kennis genomen van het griffiedossier van voormelde procedure met zaaknummer 385919 en rekestnummer HA RK 11-
- Het verzoek 2.1 Ter adstructie van zijn verzoek heeft verzoeker het volgende aangevoerd - verkort en zakelijk weergegeven - : 2.1.1 In de beschikking van 5 oktober 2011 doet zich een fout voor, welke niet meer door rectificatie van de wrakingskamer hersteld kan worden. Het is niet mogelijk tegen die beschikking een rechtsmiddel aan te wenden. 2.1.2 Voormelde fout bestaat volgens verzoeker hierin dat de rechtbank op 5 oktober 2011 uitspraak heeft gedaan buiten de grenzen van het aanhangige rechtsgeschil als bedoeld in artikel 8:69 lid 1 junctis artikel 19, lid 1, artikel 15 en artikel 16, lid 1 en 3 van de Algemene wet bestuursrecht. 2.1.3 Verzoeker is van mening dat deze fout hersteld dient te worden door de beschikking van 5 oktober 2011 te vernietigen, vervallen te verklaren en door het nemen van een nieuwe beslissing door een andere meervoudige kamer in wrakingszaken van de rechtbank Rotterdam, sector bestuursrecht.
- De beoordeling 3.1 Hoewel de inhoud van het verzoekschrift niet heel duidelijk is, vermoedt de rechtbank dat verzoeker heeft willen aanvoeren dat de rechtbank in haar beslissing van 5 oktober 2011 hetgeen verzoeker in die wrakingsprocedure ter motivering van de wraking heeft aangevoerd, onjuist heeft weergegeven, om vervolgens op basis van die beweerdelijk onjuiste weergave een foutieve beslissing te nemen. Al aangenomen dat het door verzoeker bedoelde rechtsmiddel in een wrakingsprocedure toepassing zou kunnen vinden, levert de vorenbedoelde omstandigheid geen grond op voor toepassing van het middel. 3.2 Verzoeker zal derhalve niet-ontvankelijk worden verklaard in zijn verzoek.
- De beslissing Verklaart verzoeker niet-ontvankelijk in het verzoek. Deze beslissing is gegeven op 21 oktober 2011 door mr. M.F.L.M. van der Grinten, voorzitter, mr. W.J.J. Wetzels en mr. H. van Lokven-van der Meer, rechters. Deze beslissing is door de voorzitter uitgesproken ter openbare terechtzitting in tegenwoordigheid van J.A. Faaij, griffier.