← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2012:BY1370

vonnis RECHTBANK ROTTERDAM Sector civiel recht zaaknummer / rolnummer: 403812 / HA ZA 12-536 Vonnis in incident van 3 oktober 2012 in de zaak van [eiseres], wonende te [woonplaats], eiseres in conventie in de hoofdzaak, verweerster in reconventie in de hoofdzaak, verweerster in het incident, advocaat mr. K. Beumer, tegen de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid SUN & SKIN B.V., gevestigd te Rotterdam, gedaagde in conventie in de hoofdzaak, eiseres in reconventie in de hoofdzaak, eiseres in het incident, advocaat mr. R. Slotboom. Partijen zullen hierna [eiseres] en Sun & Skin genoemd worden.

  1. De procedure 1.
  2. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding, met producties, - de conclusie van antwoord in conventie tevens houdende eis in reconventie en tevens houdende de incidentele vordering tot verwijzing naar de kantonrechter, met producties, - de conclusie van antwoord in het incident. 1.
  3. Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.
  4. De vordering in de hoofdzaak 2.
  5. [eiseres] vordert in conventie – verkort weergegeven – dat de rechtbank bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, Sun & Skin veroordeelt tot A. betaling van een bedrag van € 6.437,50, B. betaling van de wettelijke rente over € 6.437,50 vanaf 19 januari 2012, C. betaling van een bedrag van € 952,00, D. afgifte van goederen als gespecificeerd onder productie 11 bij de dagvaarding, zulks op straffe van een te verbeuren dwangsom van € 1.000,00 per dag, E. het ter beschikking stellen van de voorraad als gespecificeerd onder productie 10 bij de dagvaarding althans betaling van een vervangende schadevergoeding van € 5.020,41, zulks op straffe van een te verbeuren dwangsom van € 1.000,00 per dag, F. betaling van de proceskosten. 2.
  6. Sun & Skin voert in conventie verweer en vordert in reconventie – verkort weergegeven – dat de rechtbank bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad [eiseres] veroordeelt tot betaling van € 11.216,78 vermeerderd met rente en proceskosten. 2.
  7. [eiseres] heeft in reconventie nog geen verweer gevoerd.
  8. De vordering en het verweer in het incident 3.
  9. Sun & Skin vordert kennelijk dat de rechtbank de zaak verwijst naar de kamer voor kantonzaken. Sun & Skin stelt daartoe dat [eiseres] haar ten onrechte heeft gedagvaard voor de rechtbank, sector civiel, omdat de zaak behoort tot de bevoegdheid van de kantonrechter. 3.
  10. [eiseres] voert verweer. 3.
  11. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
  12. De beoordeling in het incident 4.
  13. De vorderingen A. (inclusief B.) en C. zijn waardevorderingen met elk een beloop van ten hoogste € 25.000,
  14. De vorderingen D. en E. zijn vorderingen van onbepaalde waarde. Vordering D. is volgens productie 11 bij de dagvaarding te waarderen op € 12.983,
  15. Vordering E. is, zo blijkt uit de formulering van deze vordering en volgens productie 10 bij de dagvaarding, te waarderen op € 5.020,
  16. 4.
  17. Op grond van artikel 93, aanhef, sub a en b Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering behoren de vorderingen elk apart bezien te worden behandeld en beslist door de kantonrechter. Echter nu er sprake is van een objectieve cumulatie van waardevorderingen en vorderingen van onbepaalde waarde is voor de toepassing van voormeld artikel de totale waarde van de vorderingen beslissend. De totale waarde van de vorderingen A., C., D. en E. bedraagt € 25.393,
  18. Daarbij is nog niet inbegrepen de waarde van vordering B. De rechtbank, sector civiel, is daarom op grond van artikel 94, lid 1, Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering bevoegd om van alle vorderingen kennis te nemen. 4.
  19. De rechtbank is van oordeel dat de incidentele vordering moet worden afgewezen, omdat de aangevoerde gronden die vordering niet kunnen dragen. 4.
  20. Sun & Skin zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten van het incident worden veroordeeld.
  21. De beslissing De rechtbank in het incident 5.
  22. wijst het gevorderde af, 5.
  23. veroordeelt Sun & Skin in de kosten van het incident, aan de zijde van [eiseres] tot op heden begroot op € 452,00, in de hoofdzaak - 5.
  24. houdt de zaak aan voor beraad in de zin van artikel 131 Rv. Dit vonnis is gewezen door mr. Th. Veling en in het openbaar uitgesproken op 3 oktober 2012.? 1346/1980

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.