RECHTBANK ROTTERDAM Team Straf 2 Parketnummer: 10/660243-12 Datum uitspraak: 26 maart 2013 Tegenspraak Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum], niet ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie, ten tijde van het onderzoek op de terechtzitting preventief gedetineerd in justitiële jeugdinrichting “De Heuvelrug”, locatie Eikenstein te Zeist, raadslieden mrs. E. Benhaim en H.W.A.A. de Jong, advocaten te Rotterdam. ONDERZOEK OP DE TERECHTZITTING Het onderzoek op de terechtzitting heeft plaatsgevonden op 12 maart 2013. TENLASTELEGGING Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de op 17 juli 2012 gedateerde dagvaarding, zoals deze op de terechtzitting overeenkomstig de vordering van de officier van justitie is gewijzigd. De tekst van de gewijzigde tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. Deze bijlage maakt deel uit van dit vonnis. EIS OFFICIER VAN JUSTITIE De officier van justitie mr. Bijl heeft gerekwireerd tot: - vrijspraak van het primair en subsidiair tenlastegelegde; - bewezenverklaring van het meer subsidiair als eerste alternatief tenlastegelegde (medeplichtigheid aan gekwalificeerde doodslag); - veroordeling van de verdachte, met toepassing van het strafrecht voor minderjarigen, tot één jaar jeugddetentie met aftrek van voorarrest, alsmede tot oplegging van een voorwaardelijke PIJ-maatregel, met als bijzondere voorwaarde dat de verdachte zich zal gedragen naar de aanwijzingen van Reclassering Nederland, waarbij de verdachte in het bijzonder behandeling dient te ondergaan bij “De Viersprong” of een soortgelijke instelling. ONTVANKELIJKHEID OFFICIER VAN JUSTITIE De rechtbank overweegt ambtshalve als volgt. De officier van justitie heeft de verdachte op 25 juni 2012 als meerderjarige gedagvaard en op 17 juli 2012 als minderjarige. De tenlastelegging van de dagvaardingen is identiek. Vóórdat op de grondslag van een eerste inleidende dagvaarding onherroepelijk is beslist, behoort de officier van justitie zich te onthouden van het uitbrengen van een tweede dagvaarding terzake van hetzelfde feit (HR 8 februari 2005, LJN: AQ8552). Deze regel kan uitzondering lijden in geval van betekeningsgebreken. Daarvan is hier geen sprake. Dit brengt met zich dat de officier van justitie niet ontvankelijk dient te worden verklaard in de vervolging van hetgeen aan de verdachte ten laste is gelegd bij de als tweede uitgebrachte dagvaarding, gedateerd 17 juli 2012. Opgemerkt wordt dat de als eerste uitgebrachte dagvaarding bij vonnis van heden heeft geleid tot een einduitspraak, waarbij een oordeel gegeven is over alle aan de verdachte verweten gedragingen, waaronder de gedragingen die hebben plaatsgehad in de periode voordat zij de 18-jarige leeftijd had bereikt. BESLISSING De rechtbank: verklaart de officier van justitie niet ontvankelijk in de vervolging van de verdachte naar aanleiding van de op 17 juli 2012 uitgebrachte dagvaarding. Dit vonnis is gewezen door: mr. Van der Bijl-de Jong, voorzitter, tevens kinderrechter, mr. Laukens, rechter, en mr. De Jong, rechter, tevens kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. Beukema, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze recht¬bank op 26 maart 2013. Bijlage bij vonnis van 26 maart 2013 TEKST GEWIJZIGDE TENLASTELEGGING Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat zij op of omstreeks 09 april 2012 te Capelle aan den IJssel tezamen en vereniging met (een) ander(en), althans alleen, opzettelijk een persoon genaamd [slachtoffer] van het leven heeft beroofd, immers heeft verdachte opzettelijk die [slachtoffer] meermalen op/tegen het hoofd en/of in het gezicht gestompt/geslagen en/of geschopt/getrapt en/of door middel van een kussen, in elk geval enig voorwerp de ademhaling van die [slachtoffer] gesmoord, in elk geval (heftig) uitwendig mechanisch botsend en/of smorend geweld op (het hoofd van) die [slachtoffer] toegepast, tengevolge waarvan voornoemde [slachtoffer] is overleden, welke vorenomschreven doodslag werd gevolgd en/of vergezeld en/of voorafgegaan van enig strafbaar feit, te weten diefstal met geweld, en welke doodslag werd gepleegd met het oogmerk om de uitvoering van dat feit voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf straffeloosheid en/of het bezit van het wederrechtelijk verkregene te verzekeren; (artikelen 288/287 van het Wetboek van Strafrecht); art 287 Wetboek van Strafrecht art 288 Wetboek van Strafrecht Subsidiair, voorzover het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden: zij op of omstreeks 09 april 2012 te Capelle aan den IJssel tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een kluis met inhoud, in elk geval enig goed en/of geld, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen voornoemde [slachtoffer], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld bestond(
- en)uit het die [slachtoffer] meermalen op/tegen het hoofd en/of in het gezicht stompen/slaan en/of schoppen/trappen en/of door middel van een kussen, in elk geval enig voorwerp de ademhaling van die [slachtoffer] smoren, in elk geval (heftig) uitwendig mechanisch botsend en/of smorend geweld op (het hoofd van) die [slachtoffer] toepassen, tengevolge waarvan voornoemde [slachtoffer] is overleden; (artikel 312 van het Wetboek van Strafrecht); art 310 Wetboek van Strafrecht art 312 lid 2 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht meer subsidiair, voorzover het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden: [medeverdachte] op of omstreeks 09 april 2012 te Capelle aan den IJssel opzettelijk een persoon genaamd [slachtoffer] van het leven heeft beroofd, immmers heeft die [medeverdachte] opzettellijk die [slachtoffer] meermalen op/tegen het hoofd en/of in het gezicht gestompt/geslagen en/of geschopt/getrapt en/of door middel van een kussen, in elk geval enig voorwerp de ademhaling van die [slachtoffer] gesmoord, in elk geval (heftig) uitwendig mechanisch botsend en/of smorend geweld op (het hoofd van) die [slachtoffer] toegepast, tengevolge waarvan voornoemde [slachtoffer] is overleden, welke vorenomschreven doodslag werd gevolgd en/of vergezeld en/of voorafgegaan van enig strafbaar feit, te weten diefstal met geweld (van een kluis met inhoud en/of geld), en welke doodslag werd gepleegd met het oogmerk om de uitvoering van dat feit voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf straffeloosheid en/of het bezit van het wederrechtelijk verkregene te verzekeren, tot en/of bij het plegen van welk(
- e)misdrijf/misdrijven verdachte in of omstreeks de periode van 01 december 2011 tot en met 09 april 2012 te Capelle aan den IJssel en/of elders in Nederland opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft door -aan [getuige] (thuiszorgmedewerkster van zorginstelling De Zellingen bij voornoemde [slachtoffer]) vragen te stellen over (onder andere): * (de financiële situatie van) voornoemde [slachtoffer], en/of * hoe zij, verdachte en/of voornoemde [medeverdachte] bij voornoemde [slachtoffer] binnen zouden kunnen komen en/of (vervolgens) weer weg zouden kunnen gaan, en/of * hoe zij, verdachte en/of voornoemde [medeverdachte] bij zorginstelling De Zellingen binnen zouden kunnen komen, en/of * hoe het alarmsysteem bij zorginstelling De Zellingen werkte, en/of * waar de sleutels van de cliënten van zorginstelling De Zellingen (waaronder voornoemde [slachtoffer]) lagen en/of hingen, en/of (vervolgens) (telkens) die inlichtingen heeft verschaft aan of gedeeld met die [medeverdachte]; -ter verkrijging van de sleutels van de woning van voornoemde [slachtoffer], binnengaan/betreden van het pand van zorginstelling De Zellingen, en/of -het in ontvangst nemen en/of bewaren van de sleutels van zorginstelling De Zellingen, en/of -het (met een zaag en/of koevoet) openen van een kluis en/of (vervolgens) wegmaken van die kluis; (artikelen 288/287 jo 48 van het Wetboek van Strafrecht) en/of [medeverdachte] op of omstreeks 09 april 2012 te Capelle aan den IJssel tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een kluis met inhoud, in elk geval enig goed en/of geld, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen voornoemde [slachtoffer], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld bestond(
- en)uit het die [slachtoffer] meermalen op/tegen het hoofd en/of in het gezicht stompen/slaan en/of schoppen/trappen en/of door middel van een kussen, in elk geval enig voorwerp de ademhaling van die [slachtoffer] smoren, in elk geval (heftig) uitwendig mechanisch botsend en/of smorend geweld op (het hoofd van) die [slachtoffer] toepassen, tengevolge waarvan voornoemde [slachtoffer] is overleden, tot en/of bij het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 09 april 2012 te Capelle aan den IJssel opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest door -aan [getuige] (thuiszorgmedewerkster van zorginstelling De Zellingen bij voornoemde [slachtoffer]) vragen te stellen over (onder andere): * (de financiële situatie van) voornoemde [slachtoffer], en/of * hoe zij, verdachte en/of voornoemde [medeverdachte] bij voornoemde [slachtoffer] binnen zouden kunnen komen en/of (vervolgens) weer weg zouden kunnen gaan, en/of * hoe zij, verdachte en/of voornoemde [medeverdachte] bij zorginstelling De Zellingen binnen zouden kunnen komen, en/of * hoe het alarmsysteem bij zorginstelling De Zellingen werkte, en/of * waar de sleutels van de cliënten van zorginstelling De Zellingen (waaronder voornoemde [slachtoffer]) lagen en/of hingen, en/of (vervolgens) (telkens) die inlichtingen heeft verschaft aan of gedeeld met die [medeverdachte]; -ter verkrijging van de sleutels van de woning van voornoemde [slachtoffer], binnengaan/betreden van het pand van zorginstelling De Zellingen, en/of -het in ontvangst nemen en/of bewaren van de sleutels van zorginstelling De Zellingen, en/of -het (met een zaag en/of koevoet) openen van een kluis en/of (vervolgens) wegmaken van die kluis; (artikel 312 jo 48 van het Wetboek van Strafrecht); art 287 Wetboek van Strafrecht art 48 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht art 48 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht meest subsidiair, voorzover het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden: zij in of omstreeks de periode van 09 april 2012 tot en met 13 april 2012 te Capelle aan den IJssel (een) goed(eren), te weten sleutels en/of een kluis met inhoud en/of geld, heeft verworven en/of heeft voorhanden gehad en/of heeft overgedragen, terwijl zij ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van dat goed/die goederen wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden, dat het (een) door misdrijf, namelijk door diefstal, althans door enig (ander) misdrijf, verkregen goed(eren) betrof; (artikel 416/417bis van het Wetboek van Strafrecht); art 416 lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht