← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2014:9646

Rechtbank Rotterdam Team straf 1 Parketnummer: 10/692135-14 Datum uitspraak: 19 november 2014 Tegenspraak Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte: [verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum], ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie op het adres: [adres], raadsman mr. C.J.J. Visser, advocaat te Amsterdam. ONDERZOEK OP DE TERECHTZITTING Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 12 november

  1. TENLASTELEGGING Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. Deze bijlage maakt deel uit van dit vonnis. EIS OFFICIER VAN JUSTITIE De officier van justitie mr. M.E. Woudman heeft gerekwireerd tot: - bewezenverklaring van het ten laste gelegde; - veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar, alsmede tot een taakstraf voor de duur van 80 uren, subsidiair 40 dagen vervangende hechtenis; - oplegging van een vrijheidsbeperkende maatregel zoals bedoeld in artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht, inhoudende een gebieds- en stadionverbod met daaraan gekoppeld een meldplicht geldend tot 1 juli 2016 en dadelijk uitvoerbaar; - als bijzondere voorwaarde bij de voorwaardelijke gevangenisstraf het binnen twee maanden na onherroepelijk worden van het vonnis betalen van een bedrag van € 3.400,-- aan AFC Ajax. MOTIVERING VRIJSPRAAK Niet wettig en overtuigend bewezen is dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, zodat hij daarvan dien te worden vrijgesproken. Op basis van de stukken in het dossier en het verhandelde ter zitting kan niet worden vastgesteld dat de verdachte geweld heeft gepleegd tegen een lexaanwand. Hoewel de verbalisant in zijn proces-verbaal van bevindingen met nummer 1405151123.AMB heeft beschreven dat op de videobeelden te zien is dat de verdachte samen met anderen aan een scheidingswand hangt en daarbij deze wand naar zich toe en van zich af beweegt, waardoor de wand afbrak, heeft de rechtbank, na bestudering van de videobeelden, deze geweldshandelingen niet kunnen waarnemen. Nu ook overig bewijs ontbreekt dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het ten laste gelegde, zal hij daarvan worden vrijgesproken. BESLISSING De rechtbank: verklaart niet bewezen, dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij. Dit vonnis is gewezen door: mr. V. Mul, voorzitter, en mrs. D.C. van Reekum en J. van den Bos, rechters, in tegenwoordigheid van mr. W.A.J.A. Welten, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 19 november
  2. Bijlage bij vonnis van 19 november
  3. TEKST TENLASTELEGGING Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat hij op of omstreeks 20 april 2014 te Rotterdam op een voor het publiek toegankelijke plaats of in een voor het publiek toegankelijke ruimte, te weten in het Feijenoordstadion (‘De Kuip’), openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een lexaanwand, welk geweld bestond uit het (meermalen) (gaan) hangen aan die lexaanwand en/of (met kracht) heen en weer bewegen van die lexaanwand; art 141 lid 1 Wetboek van Strafrecht

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.