BESCHIKKING RECHTBANK ROTTERDAM Team handel Zittingsplaats Rotterdam zaaknummer / rolnummer: C/10/471510 / KG RK 15-485 Beschikking van 12 maart 2015 in de zaak van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid ALLEGRO B.V., gevestigd te Krimpen aan den IJssel, verzoekster, advocaat mr. P.A.M. Seck te Capelle aan den IJssel en rechtspersoon naar vreemd recht FANTY-GT AD, gevestigd te Vidin,Bulgarije verweerster (niet opgeroepen) 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: Het verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 9 maart 2015, houdende het verkrijgen van verlof tot conservatoir beslag tot afgifte van een zich in Duitsland of Oostenrijk bevindend binnenschip, alsmede afgifte van een certificaat als bedoeld in bijlage 1 van na te melden Verordening de mondelinge behandeling d.d. 11 maart 2015 de pleitnota van verzoekster 2De beoordeling 2.1. Het betreft een verzoek voor verlof tot conservatoir beslag tot afgifte van een zich in Duitsland of Oostenrijk bevindend binnenschip. Verzoekster is een Nederlandse vennootschap; verweerster een Bulgaarse vennootschap. Tussen partijen is een Timecharter m.b.t. de duwboot NAVIN 24 van kracht. Verzoekster is eigenaar van de duwboot. Verzoekster stelt dat verweerster herhaaldelijk toerekenbaar tekort is geschoten in de betaling van huurpenningen op grond waarvan zij de Timecharter heeft opgezegd c.q. ontbonden. De Timecharter bepaalt dat Nederlands recht van toepassing is en de rechtbank Rotterdam de bevoegde rechter is. Verzoekster stelt dat in Duitsland en/of Oostenrijk “een verlof tot beslag tot afgifte onmogelijk zo niet ( tijdtechnisch ) moeilijk te realiseren is”. 2.2 Artikel 2 sub (
- a)van de per 10-1-2015 inwerking getreden verordening Brussel 1 bis-Vo bepaalt : In deze verordening wordt verstaan onder:
- a)„beslissing”, elke door een gerecht van een lidstaat gegeven beslissing, ongeacht de daaraan gegeven benaming, zoals arrest, vonnis, beschikking of rechterlijk dwangbevel, alsmede de vaststelling van het bedrag van de proceskosten door de griffier. Voor de toepassing van hoofdstuk III omvat het begrip „beslissing” voorlopige en bewarende maatregelen die zijn gelast door een gerecht dat overeenkomstig deze verordening bevoegd is om van het bodemgeschil kennis te nemen. Het omvat niet een voorlopige of een bewarende maatregel die door een dergelijk gerecht wordt bevolen zonder dat de verweerder is opgeroepen te verschijnen, tenzij de beslissing die de maatregel bevat vóór de tenuitvoerlegging aan de verweerder is betekend Krachtens artikel 39 van de Verordening is een in een lidstaat gegeven beslissing die in die lidstaat uitvoerbaar is eveneens uitvoerbaar in andere lidstaten zonder dat een verklaring van uitvoerbaarheid is vereist. Verder geldt krachtens artikel 40 dat een uitvoerbare beslissing van rechtswege de bevoegdheid inhoudt bewarende maatregelen te treffen die zijn voorzien in het recht van de aangezochte staat. 2.3 Verzoekster heeft voorhands voldoende inzichtelijk gemaakt en met bewijsstukken onderbouwd dat zij eigenaar is van de NAVIN 24, verweerster te kort is geschoten in de nakoming van haar verplichtingen en zij gerechtigd is haar eigendom terug te vorderen. Naar Nederlands recht is zij gerechtigd ter bewaring van haar rechten de NAVIN 24 in conservatoir beslag te doen nemen. 2.4 Nu de Timecharter bepaalt dat de rechtbank in Rotterdam bevoegd is van de bodemprocedure tussen partijen kennis te nemen, is de voorzieningenrechter van deze rechtbank bevoegd voorlopige en bewarende maatregelen te nemen. 2.5 Op gronden als aangevoerd in het verzoekschrift zal verzoekster verlof worden verleend om conservatoir beslag tot afgifte te doen leggen op de zich in Duitsland of Oostenrijk bevindende duwbak NAVIN 24 alsook op de scheepspapieren van de NAVIN 24 waaronder de meetbrief en het certificaat van onderzoek. 2.6 Onder een “beslissing” als hiervoor onder 2.1 weergegeven wordt niet verstaan een beslissing houdende een zodanige maatregel zonder dat de verweerster is opgeroepen om te verschijnen, tenzij de beslissing die de maatregel bevat vóór de tenuitvoerlegging aan de verweerder is betekend. Verweerster is niet opgeroepen. Dat staat aan afgifte van de deze beslissing niet in de weg. Evenwel, eerst wanneer sprake is geweest van betekening van deze beslissing aan verweerster is sprake van een beslissing in de zin van artikel 2 sub (a). Daarvoor is dus vereist dat deze beslissing van de voorzieningenrechter voor de tenuitvoerlegging ervan conform de bepalingen in de Betekeningsverordening aan verweerster wordt betekend. Verzoekster heeft voorts verzocht om na ten uitvoerlegging “de NAVIN 24 naar Nederland over te brengen, althans haar c.q. een derde als bewaarder van de NAVIN 24 aan te wijzen in afwachting van een beslissing in de hoofdzaak”. Verzoekster heeft niets gesteld over de procedure voor tenuitvoerlegging van deze beslissing in Duitsland of Oostenrijk. Het recht van het land waar de beslaglegging plaatsvindt is daartoe bepalend. Dit onderdeel van het verzoek wordt daarom als onvoldoende onderbouwd afgewezen. 2.7 Gelijktijdig met deze beslissing zal een certificaat op basis van het formulier in bijlage 1 van de Verordening worden afgegeven. Daarin zal onder meer worden verklaard dat bij weten van het gerecht de beslissing niet voorafgaand aan of op de datum van afgifte van het certificaat aan verweerster betekend is. 3De beslissing De voorzieningenrechter verleent verzoekster verlof om conservatoir beslag tot afgifte te doen leggen op de zich in Duitsland of Oostenrijk bevindende duwbak NAVIN 24, alsook op de scheepspapieren van de NAVIN 24 waaronder de meetbrief en het certificaat van onderzoek; verklaart dit verlof uitvoerbaar op alle dagen en uren; bepaalt dat de hoofdzaak binnen 14 dagen na beslaglegging aanhangig dient te zijn gemaakt; wijst af het meer of anders verzochte. Deze beslissing is gegeven door mr. A.F.L. Geerdes en in het openbaar uitgesproken op 12 maart 2015. type: coll: