← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2016:6186

Rechtbank Rotterdam Meervoudige kamer voor wrakingszaken Zaaknummer / rekestnummer: 10/504808 / HA RK 16-527 Beslissing van 8 juli 2016 op het verzoek van [naam verzoeker] , wonende te [woonplaats], verzoeker, strekkende tot wraking van: mr. G.A.F.M. Wouters, rechter in de rechtbank Rotterdam, afdeling privaatrecht, team kanton (hierna: de rechter). 1Het procesverloop en de processtukken De rechter heeft in de tegen verzoeker en Wilma van Boggelen ingediende civielrechtelijke vordering door de Stichting [naam stichting], gevestigd te Dordrecht, op 21 april 2016 vonnis gewezen, dat is verbeterd bij vonnis van 26 mei

  1. Die zaak draagt als kenmerk 4619477 CV EXPL 15-
  2. Bij brief van 21 juni 2016 heeft verzoeker wraking van de rechter verzocht. De wrakingskamer heeft kennis genomen van het dossier met kenmerk 4619477 CV EXPL 15-
  3. 2De ontvankelijkheid van het verzoek 2.1 Wraking is een middel ter verzekering van de onpartijdigheid van de rechter. Op grond van hetgeen is bepaald in artikel 36 Rv kan de rechter die een zaak behandelt worden gewraakt. Het middel is derhalve toegekend aan een partij die wenst te voorkomen dat een rechter die jegens een partij een vooringenomenheid koestert, althans aan een partij die dienaangaande bestaande vrees heeft die objectief gerechtvaardigd is, (nog langer) bemoeienis met de zaak zal hebben. Dat doel kan niet meer worden bereikt als de rechter reeds een einduitspraak heeft gedaan omdat de behandeling van de zaak daarmee is geëindigd. 2.2 Bij het vonnis van 21 april 2016, dat is verbeterd bij vonnis van 26 mei 2016, heeft de rechter in de hiervoor omschreven procedure vonnis gewezen. Dat vonnis is een eindbeslissing waarmee de behandeling van de zaak door de rechter is geëindigd. 2.3 Het wrakingsverzoek is op 21 juni 2016 en derhalve na de uitspraak van voormeld vonnis ingediend. Uit het vorenstaande volgt dat de rechter de zaak niet meer behandelde op het moment dat het verzoek tot wraking is gedaan. Verzoeker is daarom kennelijk niet-ontvankelijk in zijn verzoek tot wraking van de rechter. Het verzoek zal op die grond, met toepassing van het bepaalde in artikel 9.1, laatste volzin, van het Wrakingsprotocol van deze rechtbank buiten behandeling worden gesteld. 3De beslissing stelt het verzoek tot wraking van mr. Wouters wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid buiten behandeling. Deze beslissing is gegeven door mr. A.J.P. van Essen, voorzitter, mr. A. Eerdhuijzen en mr. H.J.M. van der Kaaij, rechters en door de voorzitter uitgesproken ter openbare terechtzitting van in tegenwoordigheid van mr. R.H. Nieuwenhuis, griffier. Verzonden op: aan: - - - -

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.