Rechtbank Rotterdam Team straf 2 Parketnummer: 10/681111-17 Parketnummer TUL: 10/680054-16 Datum uitspraak: 15 november 2017 Tegenspraak Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte: [naam verdachte] , geboren op [geboortedatum verdachte] te [geboorteplaats verdachte] , verblijvende te [verblijfadres verdachte] , [verblijfplaats verdachte] , raadsman mr. O.G. Schuur, advocaat te Rotterdam. 1Onderzoek op de terechtzitting Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 1 november
(6)maanden, met aftrek van het voorarrest; legt de veroordeelde op de maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid voor de duur van drie jaren, inhoudende dat de veroordeelde wordt bevolen: zich te onthouden van direct of indirect contact zal met [naam slachtoffer] , geboren te [geboortedatum slachtoffer] , domicilie kiezend [adres] te Dordrecht, gedurende drie jaren na heden; beveelt dat, voor het geval de veroordeelde niet aan de maatregel voldoet, vervangende hechtenis zal worden toegepast; bepaalt dat voor iedere keer dat niet aan de maatregel wordt voldaan vervangende hechtenis wordt toegepast voor de duur van 7 dagen, met een totale duur van ten hoogste zes maanden; toepassing van de vervangende hechtenis heft de verplichtingen ingevolge de opgelegde maatregel niet op; beveelt dat de maatregel dadelijk uitvoerbaar is; heft op de schorsing van de voorlopige hechtenis van de verdachte; veroordeelt de verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij [naam benadeelde] , te betalen een bedrag van € 500-, (zegge: vijfhonderd euro), bestaande uit immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 27 april 2017 tot aan de dag der algehele voldoening; verklaart de benadeelde partij niet-ontvankelijk in het resterende deel van de gevorderde immateriële schade; bepaalt dat dit deel van de vordering slechts kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter; wijst af de door de benadeelde partij gevorderde materiële schade; veroordeelt de verdachte in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden aan de zijde van de benadeelde partij begroot op nihil; legt aan de verdachte de maatregel tot schadevergoeding op, inhoudende de verplichting van de verdachte om aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij te betalen € 500,- (hoofdsom, zegge: vijfhonderd euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 27 april 2017 tot aan de dag van de algehele voldoening; beveelt dat bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal van het bedrag van € 500,- vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 10 dagen; toepassing van de vervangende hechtenis heft de betalingsverplichting niet op; verstaat dat betaling aan de benadeelde partij, tevens geldt als betaling aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij en omgekeerd; wijst af de gevorderde tenuitvoerlegging van de bij vonnis van 28 januari 2016 van de politierechter deze rechtbank, parketnummer 10/680054-16, aan de veroordeelde opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van twee weken. Dit vonnis is gewezen door: mr. P. van Dijken, voorzitter, en mrs. J. de Lange en A.B. Baumgarten, rechters, in tegenwoordigheid van mr. S. Salah-Hashim, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 15 november
- De jongste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen. Bijlage I Tekst tenlastelegging Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat:
- hij op of omstreeks 27 april 2017 te Dordrecht [naam slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde [naam slachtoffer] (meermalen), dreigend de woorden toegevoegd : - " Zet nu uit anders schiet ik je dood" en/of - " Ik ga jullie allemaal dood schieten" en/of - " Als je niet binnen 30 seconden thuis bent dan schiet ik je dood. Als ik je niet op de camera's zie dan pak ik je", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking; artikel 285 lid 1 Wetboek van Strafrecht
- hij op of omstreeks 27 april 2017 te Dordrecht opzettelijk [naam slachtoffer] wederrechtelijk van de vrijheid heeft beroofd en/of beroofd gehouden, door opzettelijk wederrechtelijk - die [naam slachtoffer] een/zijn kamer in de woning (aan de [adres delict] ) in te duwen en/of - ( vervolgens) de deur van die kamer op slot te doen en/of op slot te houden en/of - tegen die [naam slachtoffer] te zeggen: "Als je niet binnen 30 seconden thuis bent dan schiet ik je dood", althans woorden van gelijke dreigende aard/strekking en/of - ( toen de politie voor voornoemde woning stond) tegen die [naam slachtoffer] te zeggen: "Als de politie weg is dan ben je dood", althans woorden van gelijke dreigende aard/strekking en/of (daarbij) zijn, verdachtes, hand op /tegen haar mond te houden en/of - ( aldus) een voor die [naam slachtoffer] bedreigende situatie heeft gecreëerd en/of in stand gehouden, waardoor zij werd belet en/of belemmerd om die kamer / woning te verlaten, in ieder geval werd belet en/of belemmerd daarheen te gaan waarheen zij wilde; artikel 282 lid 1 Wetboek van Strafrecht
- hij op of omstreeks 29 juli 2017 te Dordrecht [naam slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door die [naam slachtoffer] dreigend de woorden toe te voegen "Ik snij je keel open waar je moeder bij staat", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking. artikel 285 lid 1 Wetboek van Strafrecht