Rechtbank Rotterdam Team straf 3 Parketnummer: 10/690400-16 Datum uitspraak: 2 februari 2018 Tegenspraak Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte: [naam verdachte] , geboren te [geboorteplaats verdachte] c.a. op [geboortedatum verdachte] , ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres: [adres verdachte] , [woonplaats verdachte] , raadsman mr. J. van Wijk, advocaat te Helmond. 1Onderzoek op de terechtzitting Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 19 januari 2018. 2Tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. 3Eis officier van justitie De officier van justitie, mr. A.P.G. de Beer, heeft vrijspraak gevorderd van het ten laste gelegde feit. 4Waardering van het bewijs Vrijspraak zonder nadere motivering Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het ten laste gelegde feit niet wettig en overtuigend is bewezen, zodat de verdachte daarvan zonder nadere motivering zal worden vrijgesproken. 5Bijlage De in dit vonnis genoemde bijlage maakt deel uit van dit vonnis. 6Beslissing De rechtbank: verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij. Dit vonnis is gewezen door: mr. W.H.J. Stemker Köster, voorzitter, en mrs. C. Laukens en A.A.T. Werner, rechters, in tegenwoordigheid van mr. L. Lobs-Tanzarella, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld. Bijlage I Tekst tenlastelegging Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat hij op of omstreeks 09 november 2015 te Rotterdam tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het voornemen om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen een (wit gouden) ketting en/of een (wit gouden) kruis, geheel of ten dele toebehorende aan [naam slachtoffer 1] en/of [naam slachtoffer 2] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan, te doen vergezellen en/of te doen volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [naam slachtoffer 1] en/of die [naam slachtoffer 2] , te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, - een op een vuurwapen gelijkend voorwerp aan die [naam slachtoffer 2] en/of [naam slachtoffer 1] heeft getoond en/of - ( vervolgens) de slede van dat op een vuurwapen gelijkend voorwerp naar achteren heeft getrokken en/of - dat op een vuurwapen gelijkend voorwerp op de borst van die [naam slachtoffer 2] heeft gericht, terwijl de uitvoering van dat voornemen niet is voltooid.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.