beschikking RECHTBANK ROTTERDAM Team Jeugd zaakgegevens: C/10/589581 / JE RK 20-97 datum uitspraak: 7 februari 2020 beschikking ondertoezichtstelling in de zaak van de Raad voor de Kinderbescherming Rotterdam-Dordrecht, hierna te noemen de Raad, gevestigd te Rotterdam, betreffende [naam kind 1] , geboren op [geboortedatum kind 1] 2008 te [geboorteplaats kind 1] (Polen), hierna te noemen [naam kind 1] , [naam kind 2] , geboren op [geboortedatum kind 2] 2017 te [geboorteplaats kind 2] , hierna te noemen [naam kind 2] . De kinderrechter merkt als belanghebbende aan: [naam moeder] , hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats moeder] . Het procesverloop Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken: - het verzoekschrift met bijlagen van de Raad van 9 januari 2020, ingekomen bij de griffie op 14 januari 2020, - het proces-verbaal van de zitting op 27 januari
- Op 7 februari 2020 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. Gehoord zijn: - [naam kind 1] , die voorafgaand aan de zitting apart is gehoord, - de moeder, - een vertegenwoordigster van de Raad, [naam vertegenwoordigster 1] , - een vertegenwoordigster van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming west, hierna te noemen de GI, [naam vertegenwoordigster 2] . Opgeroepen en niet verschenen is: de vader, als informant. Aangezien de moeder de Nederlandse taal niet of onvoldoende machtig is, maar wel de Poolse taal, heeft de kinderrechter het verhoor doen plaatsvinden met bijstand van dhr. [naam] , tolk in de Poolse taal. De kinderrechter heeft vastgesteld dat de tolk is beëdigd overeenkomstig het bepaalde in artikel 12 van de Wet beëdigde tolken en vertalers. De feitenHet ouderlijk gezag over [naam kind 1] en [naam kind 2] wordt uitgeoefend door de moeder. [naam kind 1] en [naam kind 2] wonen bij de moeder. Het verzoek De Raad heeft de ondertoezichtstelling van [naam kind 1] en [naam kind 2] verzocht voor de duur van twaalf maanden. De Raad heeft het verzoek ter zitting gehandhaafd en als volgt toegelicht. Er is sprake geweest van huiselijk geweld tussen de ouders en drugsgebruik van de vader. De vader heeft een periode in detentie gezeten. [naam kind 1] is een kwetsbaar meisje dat op zichzelf is aangewezen. Zij heeft veel onveiligheid en instabiliteit gekend. De moeder is betrokken, maar is onvoldoende in staat om [naam kind 1] te beschermen. Zij lijkt onvoldoende aan te sluiten bij wat [naam kind 1] nodig heeft. Ook is er sprake van zorgelijk internetgedrag van [naam kind 1] . Daarnaast zijn er zorgen over de spraak- en taal- en lichamelijke ontwikkeling van [naam kind 2] . Hij neemt het gedrag van [naam kind 1] over. De standpunten De GI heeft zich aangesloten bij het verzoek van de Raad. De komende periode moet gekeken worden hoe de relatie tussen de moeder en [naam kind 1] versterkt kan worden. Ook moet de omgang met de vader op een stabiele en veilige manier plaatsvinden. De moeder heeft ter zitting aangegeven dat zij het belangrijk vindt dat de kinderen veilig zijn in huis. De moeder herkent het zorgelijke internetgedrag van [naam kind 1] . [naam kind 1] mag nu een beperkte tijd op haar telefoon. De moeder controleert haar. Als een ondertoezichtstelling nodig is, dan kan de moeder dit accepteren. De moeder houdt de omgang met de vader niet tegen. [naam kind 1] begrijpt nog niet dat de ouders uit elkaar zijn. De beoordeling Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat [naam kind 1] en [naam kind 2] ernstig in hun ontwikkeling worden bedreigd. Er is sprake geweest van huiselijk geweld tussen de ouders en drugsgebruik van de vader. De vader heeft een periode in detentie gezeten vanwege een schending van het contact- en huisverbod. Er zijn zorgen over de sociaal-emotionele ontwikkeling van [naam kind 1] . Zij is getuige geweest van het huiselijk geweld en drugsgebruik. Ook heeft zij veel onveiligheid en instabiliteit gekend in de thuissituatie. Daarnaast heeft [naam kind 2] ook veel meegekregen van de spanningen tussen de ouders. Hij lijkt in zijn ontwikkeling te zijn gestagneerd. Op dit moment zijn de onderlinge relaties in het gezin verstoord. De ouders zijn uit elkaar en de kinderen hebben de vader al langere tijd niet gezien. Het is van belang dat de komende periode hulpverlening wordt ingezet om de relatie tussen de moeder en [naam kind 1] te herstellen en duidelijke afspraken te maken over de omgang met de vader. Daarnaast dient zicht te blijven op het internetgedrag van [naam kind 1] en de ontwikkeling van [naam kind 2] . Hoewel de moeder zeer betrokken is bij de kinderen en open staat voor de hulpverlening, is zij op dit moment onvoldoende in staat om een opvoedomgeving te bieden die tegemoet komt aan de behoeften van de kinderen. De kinderrechter is van oordeel dat de inzet van een jeugdbeschermer noodzakelijk is om de moeder te ondersteunen in de opvoeding, de benodigde hulpverlening voor [naam kind 1] en [naam kind 2] in te zetten en hun ontwikkeling te volgen. Uit het voorgaande volgt dat is voldaan aan het wettelijke criterium genoemd in artikel 1:255 van het Burgerlijk Wetboek. De kinderrechter zal [naam kind 1] en [naam kind 2] daarom onder toezicht stellen voor de duur van twaalf maanden. De beslissing De kinderrechter: stelt [naam kind 1] en [naam kind 2] onder toezicht van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming west, gevestigd te Dordrecht, met ingang van vandaag tot 7 februari 2021; verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Deze beslissing is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 7 februari 2020 door mr. A.A.J. de Nijs, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. L.M. Ruijgrok als griffier. De schriftelijke uitwerking van deze beslissing is vastgesteld op 24 februari
- Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld: - door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak, - door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden. Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshofDen Haag.