← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2020:4126

RECHTBANK ROTTERDAM Team familie Zaak-/rekestnummer: C/10/595001 / FA RK 20-2685 Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 23 april 2020 betreffende een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf als bedoeld in artikel 26 van de Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten (hierna: Wzd) op verzoek van: het Centrum Indicatiestelling Zorg, hierna: CIZ, met betrekking tot: [naam cliënt] , geboren op [geboortedatum cliënt] , hierna: cliënt, wonende te [adres cliënt] , [woonplaats cliënt] , thans verblijvende in Rivas Zorggroep, verpleeghuis Waerthove te Sliedrecht advocaat mr. R.L.I. Jansen te Dordrecht.

  1. Procesverloop 1.
  2. Het verloop van de procedure blijkt uit het verzoekschrift van het CIZ, ingekomen ter griffie op 16 april
  3. Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd: het indicatiebesluit op grond van artikel 3.2.3 van de Wet langdurige zorg van 27 maart 2020; de medische verklaring, opgesteld en ondertekend door J.P. Scholten, arts, van 3 april 2020; de aanvraag voor een rechterlijke machtiging van 10 april 2020; de verklaring van de zorgaanbieder Rivas Zorggroep van de accommodatie waarin cliënt is opgenomen van 3 april
  4. 1.
  5. De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 23 april
  6. Bij die gelegenheid zijn (conform de Tijdelijke regeling F&J rechtbanken i.v.m. Corona) telefonisch gehoord: cliënt met haar hierboven genoemde advocaat; E. Pfaff, specialist ouderengeneeskunde, en A. van Wijk, verzorgende, beiden verbonden aan Rivas Zorggroep, verpleeghuis Waerthove; [naam dochter] , dochter van cliënt.
  7. Beoordeling 2.
  8. De rechtbank heeft geconstateerd dat er geen zorgplan als bedoeld in artikel 26 lid 6 sub b Wzd is overlegd. De specialist ouderengeneeskunde verklaart tijdens de mondelinge behandeling dat de informatie die in het zorgplan staat ook in de stukken staat die zijn overlegd. Hiermee is alle relevante informatie aanwezig. De advocaat geeft aan dat er voldoende informatie aanwezig is om de mondelinge behandeling te laten plaatsvinden. Alle aanwezigen achten het in het belang van cliënt dat er direct een beslissing wordt genomen op het verzoek. De rechter gaat daarom over tot de inhoudelijke beoordeling van het verzoek. 2.
  9. De rechter kan op verzoek van het CIZ een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf in een geregistreerde accommodatie verlenen als bedoeld in artikel 24 lid 1 Wzd. De machtiging kan slechts worden verleend indien naar het oordeel van de rechter het gedrag van de cliënt als gevolg van haar psychogeriatrische aandoening of verstandelijke handicap, dan wel als gevolg van een daarmee gepaard gaande psychische stoornis of een combinatie daarvan leidt tot ernstig nadeel. Daarnaast zijn de opname en het verblijf noodzakelijk om het nadeel te voorkomen of af te wenden en zijn er geen minder ingrijpende mogelijkheden om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. 2.
  10. Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat cliënt lijdt aan een psychogeriatrische aandoening, te weten de ziekte van Alzheimer. 2.
  11. Deze psychogeriatrische aandoening leidt tot ernstig nadeel. Het ernstig nadeel is gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel, ernstige verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang. Cliënt is gedesorganiseerd in tijd- en plaats. Zij behoeft veel hulp en sturing op de afdeling. Zij is niet in staat om voor zichzelf te zorgen en moet gestimuleerd worden om te eten en te drinken. Daarnaast bestaat het risico op dwaalgedrag en valgevaar bij cliënt. In de thuissituatie kreeg cliënt hulp van haar echtgenoot, haar dochter en de thuiszorg. Deze hulp is echter niet meer toereikend. Het is noodzakelijk dat cliënt vierentwintig uur zorg- en toezicht krijgt om het ernstig nadeel te verminderen. 2.
  12. De opname en het verblijf zijn noodzakelijk en geschikt om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. 2.
  13. Er zijn geen minder ingrijpende mogelijkheden om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. 2.
  14. De advocaat van cliënt vraagt zich af of sprake is van verzet als bedoeld in de Wzd, maar refereert zich op dit punt aan het oordeel van de rechtbank. Gelet op de toelichting van de specialist ouderengeneeskunde tijdens de mondelinge behandeling, waaruit blijkt dat cliënt een wisselende bereidheid heeft met betrekking tot opname en verblijf in de accommodatie en dat cliënt met name ’s avonds bij herhaling aangeeft dat zij naar huis wil, is de rechtbank van oordeel dat cliënt zich verzet tegen de opname en het verblijf. 2.
  15. Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf als bedoeld in de Wzd. De machtiging zal worden verleend voor de verzochte duur van zes maanden.
  16. Beslissing De rechtbank: 3.
  17. verleent een machtiging tot opname en verblijf ten aanzien van [naam cliënt] voornoemd; 3.
  18. bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 23 oktober
  19. Deze beschikking is op 23 april 2020 mondeling gegeven door mr. H.J. Wieman-Bart, rechter, in tegenwoordigheid van S.S. Rigters, griffier, en op 1 mei 2020 schriftelijk uitgewerkt en getekend. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.