RECHTBANK ROTTERDAM Team familie Zaak-/rekestnummer: C/10/589675 / FA RK 20-229 Patiëntnummer: [nummer] Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 16 januari 2020 betreffende een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz) op verzoek van: de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam, hierna: de officier, met betrekking tot: [naam betrokkene] , geboren op [geboortedatum betrokkene] , [geboorteplaats betrokkene] , Afghanistan, hierna: betrokkene, wonende te [adres betrokkene] , [woonplaats betrokkene] , thans verblijvende in Antes, locatie Bouman te Rotterdam, advocaat mr. S.E.M. Hooijman te Rotterdam. 1Procesverloop 1.
- Bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 15 januari 2020, heeft de officier van justitie verzocht om verlenging van de op 14 januari 2020 opgelegde crisismaatregel. Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd: een afschrift van de beslissing tot het nemen van de crisismaatregel van 14 januari 2020; de medische verklaring opgesteld door drs. F.C. Karayalcin, psychiater, van 14 januari
- 1.
- De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 16 januari
- Bij die gelegenheid zijn verschenen: betrokkene met zijn hierboven genoemde advocaat; [naam 1] , arts, verbonden aan Antes, locatie Bouman; [naam 2] , moeder van betrokkene; [naam 3] , zus van betrokkene. 1.
- Omdat een nadere toelichting niet noodzakelijk werd geacht door de officier, is de officier niet verschenen ter zitting. 2Beoordeling 2.
- Op grond van artikel 7:7 Wvggz in samenhang gelezen met artikel 7:8 Wvggz kan de rechter op verzoek van de officier met betrekking tot een betrokkene een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel verlenen, indien de burgemeester ten aanzien van deze betrokkene op grond van artikel 7:1 Wvggz een crisismaatregel heeft genomen. 2.
- Bij betrokkene is sprake van chronische problematiek waarbij middelengebruik heeft geleid tot levensgevaar en ander onmiddellijk dreigend ernstig nadeel. De klinische opname met de crisismaatregel heeft meer rust gebracht. Een onvrijwillige opname in een instelling is niet de aangewezen behandeling op dit moment. Wel is het in het belang van betrokkene om psychotherapeutische behandeling te starten via de huisarts. 2.
- Het verzoek zal worden afgewezen omdat op dit moment geen sprake is onmiddellijk dreigend ernstig nadeel dat wordt veroorzaakt door gedrag voortvloeiend uit een psychische stoornis. 3Beslissing De rechtbank wijst het verzoek af. Deze beschikking is op 16 januari 2020 mondeling gegeven door W.A.F. Damen, rechter, in tegenwoordigheid van J.D. Verburg, griffier, en op 17 januari 2020 schriftelijk uitgewerkt en getekend. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.