beschikking RECHTBANK ROTTERDAM Team Jeugd zaakgegevens: C/10/592391 / JE RK 20-592 datum uitspraak: 26 mei 2020 beschikking verlenging ondertoezichtstelling in de zaak van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming west Zuid-Holland, hierna te noemen de GI, gevestigd te Dordrecht, betreffende [naam minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum minderjarige 1] 2003 te [geboorteplaats minderjarige 1] , hierna te noemen [voornaam minderjarige 1] , [naam minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum minderjarige 2] 2005 te [geboorteplaats minderjarige 2] , hierna te noemen [voornaam minderjarige 2] . De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan: [naam moeder] , hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats moeder] , [naam vader] , hierna te noemen de vader, wonende te [woonplaats vader] . Het procesverloop Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken: - de beschikking van de kinderrechter in deze rechtbank van 20 maart 2020 en de daaraan ten grondslag liggende stukken, - het e-mailbericht van de GI van 20 mei
- Op 26 mei 2020 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. Gehoord zijn: - de minderjarigen [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] , die voorafgaand aan de zitting samen zijn gehoord, - de moeder, - de vader,- een vertegenwoordiger van de GI, dhr. [naam vertegenwoordiger] . De feiten Het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] wordt uitgeoefend door de ouders. [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] wonen bij de moeder. Bij beschikking van 20 maart 2020 is de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] verlengd tot 5 juni
- De beslissing voor het overig verzochte is aangehouden. Het aangehouden verzoek De GI heeft verzocht de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] te verlengen voor de duur van zes maanden. Nu resteert het verzoek de ondertoezichstelling van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] te verlengen tot 5 oktober
- De GI heeft het verzoek ter zitting gehandhaafd en als volgt toegelicht. [voornaam minderjarige 1] , [voornaam minderjarige 2] en de ouders hebben goed aan de hulpverlening meegewerkt. De kinderen ontwikkelen zich goed. Wel is er weinig contact tussen [voornaam minderjarige 1] en de vader. Het is lastig om contact te krijgen met de vader. Het standpunt van de ouders De ouders hebben aangegeven zich te kunnen vinden in het verzoek van de GI. De beoordeling Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] de afgelopen periode een positieve ontwikkeling hebben doorgemaakt. Zij zetten zich goed in voor school en hun resultaten zijn goed. De kinderrechter acht een verlenging van de ondertoezichtstelling voor de gevraagde duur van vier maanden nodig om de positieve ontwikkeling nog even te monitoren en te zorgen voor een eventuele overdracht naar de hulpverlening in het vrijwillig kader. Het is voorts van belang dat de GI de komende periode kijkt naar de mogelijkheden tot verder contactherstel tussen [voornaam minderjarige 1] en de vader. Uit het voorgaande volgt dat is voldaan aan het wettelijke criterium genoemd in artikel 1:255 van het Burgerlijk Wetboek. De kinderrechter zal de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] daarom verlengen voor de duur van vier maanden. De beslissing De kinderrechter: verlengt de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige 1] en [voornaam minderjarige 2] tot 5 oktober 2020; verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. M.J.M. Marseille, kinderrechter, in tegenwoordigheid van I.E. Teunissen als griffier en in het openbaar uitgesproken op 26 mei
- De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 8 juni
- Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld: - door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak, - door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden. Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshofDen Haag.