← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2020:934

beschikking RECHTBANK ROTTERDAM Team Jeugd zaakgegevens: C/10/588495 / JE RK 19-3861 datum uitspraak: 20 januari 2020 beschikking verlenging uithuisplaatsing in de zaak van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond, hierna te noemen de GI, gevestigd te Rotterdam, betreffende [naam minderjarige] , geboren op [geboortedatum minderjarige] 2004 te [geboorteplaats minderjarige] , hierna te noemen [voornaam minderjarige] . De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan: [naam moeder] , hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats moeder] , [naam vader] , hierna te noemen de vader, wonende te [woonplaats vader] , [naam stiefmoeder] , hierna te noemen de stiefmoeder, wonende te [woonplaats stiefmoeder] . Het procesverloop Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen van de GI van 20 december 2019, ingekomen bij de griffie op 23 december

  1. Op 20 januari 2020 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. Gehoord is: - [voornaam minderjarige] , die voorafgaand aan de zitting apart is gehoord, - de vader,- een vertegenwoordiger van de GI, dhr. [naam vertegenwoordiger] . Opgeroepen en niet verschenen is: - de moeder, - de stiefmoeder. De feiten Het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige] wordt uitgeoefend door de ouders. [voornaam minderjarige] verblijft op een behandelgroep van de Lansingh. Bij beschikking van 2 mei 2019 is [voornaam minderjarige] onder toezicht gesteld tot 2 mei
  2. De kinderrechter heeft bij deze beschikking ook een machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie jeugdhulpaanbieder verleend tot 2 februari
  3. Het verzoek De GI heeft verzocht de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie jeugdhulpaanbieder te verlengen voor de duur van de ondertoezichtstelling. De GI heeft het verzoek ter zitting gehandhaafd en als volgt toegelicht. Een thuisplaatsing of kamertraining is nog niet aan de orde. Ondanks dat [voornaam minderjarige] veel zelfstandigheid laat zien, heeft zij geen stabiele schoolgang en [voornaam minderjarige] gaat op een ongezonde manier (grenzeloos) contacten aan met jongens. [voornaam minderjarige] kampt met hechtingsproblematiek en ASS-aspecten. Uit een recent afgenomen intelligentieonderzoek volgt dat bij [voornaam minderjarige] ook sprake is van een disharmonisch intelligentieprofiel. Vanwege de problematiek van [voornaam minderjarige] vragen de Lansingh en de Fjord zich af of [voornaam minderjarige] bij hen wel op de juiste plek zit. Om die reden wordt gezocht naar een meer passende plek voor [voornaam minderjarige] . Het contact met de vader en de verlofmomenten bij hem gaan goed. Het standpunt van de vader De vader is het eens met het verzoek van de GI. In het verleden is de situatie vaak geëscaleerd. De verlofmomenten thuis gaan goed, omdat deze afgebakend zijn. Zonder duidelijkheid is de kans op escalatie groot. [voornaam minderjarige] wil respect krijgen, maar ze ziet nog niet in hoe disrespectvol ze naar anderen kan zijn. [voornaam minderjarige] weet dat zij bij de Lansingh niet op de juiste plek zit, maar ze heeft ook moeite met een overplaatsing. De beoordeling Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat [voornaam minderjarige] nog steeds met zodanige persoonlijke problematiek kampt dat opvang en hulp in een professionele pedagogische setting noodzakelijk blijft (zij kan niet thuis wonen). Echter, de plek waar [voornaam minderjarige] momenteel verblijft, de Lansingh, sluit onvoldoende aan bij haar problematiek. Er wordt gezocht naar een meer geschikte plek voor [voornaam minderjarige] , maar over de locatie en de termijn waarop een eventuele overplaatsing kan plaatsvinden is nog onduidelijkheid, hetgeen in het bijzonder vervelend is voor [voornaam minderjarige] , die juist hecht aan en gebaat is bij duidelijkheid. Het is noodzakelijk dat naar [voornaam minderjarige] geluisterd wordt en dat zij haar verhaal kan doen, zodat zij weer gemotiveerd raakt. Aan de hand daarvan kan tezamen met [voornaam minderjarige] worden gekeken naar de mogelijkheden. Totdat een meer geschikte plek voor [voornaam minderjarige] is gevonden is het van belang dat [voornaam minderjarige] op de Lansingh blijft. Uit het voorgaande volgt dat de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding (artikel 1:265c, tweede lid, Burgerlijk Wetboek). De beslissing De kinderrechter: verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie jeugdhulpaanbieder tot 2 mei 2020; verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 20 januari 2020 door mr. E.J. Stalenberg, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. M.C.J. Holierhoek als griffier. De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 5 februari
  4. Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld: - door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak, - door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden. Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshofDen Haag.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.