vonnis RECHTBANK ROTTERDAM Team handel en haven zaaknummer / rolnummer: C/10/602045 / HA ZA 20-765 Vonnis van 3 november 2021 in de zaak van [eiseres] , wonende te [plaats] , eiseres, advocaat mr. G. Barendregt te Alphen aan den Rijn, tegen maatschappij E.O.C. ONDERLINGE SCHEPENVERZEKERING U.A., gevestigd te Meppel, gedaagde, advocaat mr. F.J. Hommersom te Utrecht. Partijen zullen hierna [eiseres] en EOC genoemd worden. 1.De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding van 29 april 2020 met producties 1-6; de conclusie van antwoord, met producties 1-4; de brief van [eiseres] van 5 maart 2021 met productie 17; de mondelinge behandeling van 25 maart 2021. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2.De feiten 2.1. [eiseres] is in 2005 eigenaar geworden van een zeiljacht genaamd “ [naam zeiljacht] ”, merk Victoire, type 1200 en bouwjaar 1995. De koopprijs van het zeiljacht was € 195.000,-. 2.2. [eiseres] heeft het zeiljacht met ingang van 9 september 2005 verzekerd bij DOV Scheepsverzekeringen N.V., thans genaamd EOC en ook als zodanig hier aangeduid. De bijbehorende verzekeringsvoorwaarden bevatten onder meer de volgende bepalingen: “Artikel 1 Definities (…) N. Eigen gebrek Onder eigen gebrek wordt verstaan een minderwaardige eigenschap of toestand van het materiaal, die niet hoort voor te komen in zaken van dezelfde soort en kwaliteit. ARTIKEL 3 Schade aan het vaartuig Verzekerde heeft aanspraak op vergoeding van door hem in zijn vermogen geleden schade door verlies van het geheel of een gedeelte, alsmede de kosten van herstel wegens beschadiging van het vaartuig door: (…) b. nalatigheid en verzuim van de schipper - ook wanneer deze eigenaar van het vaartuig is - en opvarenden, baldadigheid en nalatigheid van derden en alle andere van buiten komende onheilen, hoe ook genaamd; (…) f. enig gebrek, eigen gebrek of uit de aard en de natuur van het verzekerde vaartuig zelf onmiddellijk voortspruitende. De kosten voor het herstel van het eigen gebrek zelf zijn ook gedekt; (…) Schadevergoeding uit hoofde van bovengenoemde gebeurtenissen vindt plaats zonder aftrek wegens veronderstelde verbetering van oud tot nieuw. (…) ARTIKEL 15 Uitsluitingen De verzekeringsovereenkomst geeft geen dekking voor: (…) f. slijtage en/of schade voortvloeiende uit slijtage of onvoldoende zorg voor onderhoud door verzekerde; (…)i. schade door de geleidelijke inwerking van: -licht en/of vocht; -bodem-, water- en luchtverontreiniging (…) 2.3. In 2010 heeft [eiseres] de romp van het zeiljacht opnieuw laten schilderen door [naam bedrijf 1] (hierna: [naam bedrijf 1] ). 2.4. Eind 2017 heeft [eiseres] craquelé (scheurvorming) op verschillende plaatsen in de romp ontdekt. Op 13 januari 2018 heeft [eiseres] de craquelé via een schadeaangifteformulier gemeld bij EOC. 2.5. Naar aanleiding van de schademelding is het zeiljacht in opdracht van EOC door [persoon A] van [naam bedrijf 2] op 29 januari en 7 maart 2018 geïnspecteerd. Het expertiserapport van 2 mei 2018 met kenmerk 218014 (hierna: het eerste [naam bedrijf 2] rapport) luidt – voor zover relevant – als volgt: “Toelichting 1 Tijdens onze 1e expertise hebben wij geconstateerd, dat er kleine scheurtjes in de lak en in de onderliggende gelcoat van de romp van het vaartuig van verzekerde zitten, zie bijlage 1, foto’s 1 t/m 12. Daar wij vermoeden, dat het hier scheurtjes betreft, welke vanuit de onderliggende gelcoat ontstaan, heeft verzekerde in samenspraak met ons, de reparateur opdracht gegeven om een gedeelte van de gelcoat weg te halen, zodat het onderliggende beeld voor ons duidelijk werd. Nadat dit heeft plaatsgevonden, hebben wij het uitgehakte gedeelte geïnspecteerd en geconstateerd, dat de scheurtjes tot diep in de gelcoat waarneembaar zijn, zie bijlage 2, foto’s 1 t/m 6. Het vaartuig is in 1995 nieuw geleverd. Verzekerde heeft het vaartuig in 2010 laten overschilderen met een Awlgrip conserveringssysteem. De nu zichtbare schade wordt veroorzaakt door de onderliggende gelcoat. Deze is tijdens de productie van het vaartuig onjuist verwerkt en van lagere kwaliteit geweest. Ook hebben wij de Awlgrip aangetroffen in de scheurtjes, zie bijlage 2, foto’s 1 t/m 6. Wij kunnen met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid stellen, dat de scheurtjes in de gelcoat tijdens het aanbrengen van de verflaag in 2010 in gelijke of mindere vorm reeds aanwezig waren. De elementen der natuur zoals temperatuurverschillen en UV-straling hebben in combinatie met de onjuist verwerkte / lagere kwaliteit van de gelcoat, de scheurvorming in de gelcoat veroorzaakt. (…) Toelichting 3 Wij hebben voor het herstel van de schade een offerte ontvangen van MYS te Medemblik ad €28.373,02 incl. BTW, zie bijlage 3. In deze bijlage is duidelijk te zien wat de kosten zullen zijn voor het verwijderen van de gehele gelcoat (€ 4.703,24 Incl. BTW), het aanbrengen van primer en het strak plamuren van de romp (€11.827,75 incl BTW) en het spuiten van de romp (€ 9.144,92 incl. BTW). Bovengenoemde kosten zijn voor het geheel verwijderen van de inferieure gelcoat en het aanbrengen van een compleet nieuw conserveringssysteem. (…) Toelichting 5 Het betreft in onderhavig geval een schade, welke reeds aanwezig was voordat verzekerde de romp van het vaartuig heeft laten voorzien van een gedeeltelijk nieuw conserveringssysteem. (…)” 2.6. Bij brief van 11 mei 2018 wijst EOC dekking van de craquelé-schade af en schrijft daarin – voor zover relevant – het volgende: “Intussen zijn wij in het bezit gekomen van het expertiserapport. De expert schrijft in zijn rapport, dat de oorzaak van de craquele gezocht moet worden in een mindere kwaliteit gelcoat die destijds door de werf is aangebracht in combinatie met veroudering van de gelcoat door weersinvloeden. Dit betekent, dat er ons inziens tijdens de productie gekozen is voor een mindere kwaliteit gelcoat. Een mindere kwaliteit gelcoat zal eerder door weersinvloeden worden aangetast, waardoor er craquele ontstaat in de gelcoat. Feitelijk kunnen wij hier stellen, dat hier sprake is van slijtage / veroudering van de gelcoat in combinatie met geleidelijke inwerking van licht (UV) op de gelcoat, waardoor de veroudering van de gelcoat en de craquele in de gelcoat is ontstaan. Ons inziens is er geen sprake geweest van een van de genoemde gebeurtenissen onder artikel 3 van de polisvoorwaarden PLV 01/2010. Wij zijn de mening toegedaan, dat hier sprake is van slijtage en geleidelijke inwerking van licht (LTV).” 2.7. Naar aanleiding van de afwijzing van dekking door EOC heeft [eiseres] [naam bedrijf 3] verzocht een contra-expertise te houden. Het expertiserapport van [naam bedrijf 3] uit januari 2020 (hierna: het [naam bedrijf 3] expertiserapport) vermeldt onder meer het volgende: “De Victoire 1200 “ [naam zeiljacht] " heeft een massieve, vollaminaat polyester romp. Tijdens de bouw van de polyester romp, wordt de romp voorzien van een gelcoat laag. (…) [naam bedrijf 1] heeft de gelcoat geschuurd om de nieuw verflagen te kunnen aanbrengen. De heer [persoon B] gaf aan dat hij tijdens het schuren geen barstjes heeft kunnen constateren Wanneer een gelcoat laag geschuurd wordt zijn oneffenheden en barsten juist zichtbaar. Daarmee is ondergetekende mening dat de gelcoat toen geen barstjes vertoonde. Als men toen barstjes in de gelcoat had geconstateerd gaat ondergetekende er vanuit dat men alarm had geslagen, omdat elke schilder weet dat over barsten heen schilderen/rollen, problemen geeft. De barstjes in de verf en de gelcoat, moeten eerst in de gelcoat zijn ontstaan en later in het verfsysteem. Als gevolg van het aangebrachte verfsysteem, de kwaliteit van de gelcoat, de additieven in de verf, moet de gelcoat zijn gebarsten. Door de barstjes in de gelcoat zijn de barstjes in de aangebrachte verflagen weer ontstaan. De heer [persoon C] schrijft in zijn rapport “dat de gelcoat tijdens de productie van het vaartuig onjuist is verwerkt en van lagere kwaliteit geweest" Ondergetekende is het eens met de heer [persoon C] , omdat het veel voorkomt dat polyester jachten met een verbleekte of beschadigde gelcoat worden overgeschilderd of gespoten, waarbij deze schade niet ontstaat. Conclusie Na het aanbrengen van de laklagen op de orinele gelcoat, is deze door additieven aangetast en zijn er barstjes ontstaan. Dit heeft geresulteerd in barsten in het huidige verfsysteem. Schadevaststelling Omdat er barstjes in de gelcoat zitten moet deze gelcoat laag geheel worden verwijderd tot op het laminaat. Hierdoor is het overschilderen van de romp kostbaar geworden, wat ook naar mening van Medemblik Yacht Service en de heer [persoon C] , onontkoombaar is. In de bijlage treft u de offerte aan van Medemblik Yacht Service aan. Deze offerte is van 21 maart 2018 en zal moeten worden aangepast aan het huidige prijs niveau van 2020. Deze offerte is totaal inclusief BTW € 28.373,-“ 2.8. Bij brief van 4 maart 2020 schrijft [persoon C] van [naam bedrijf 2] (hierna: het tweede [naam bedrijf 2] rapport) – voor zover relevant – het volgende aan EOC: “(…) In mijn rapport met kenmerk 218014 deel ik in toelichting 1 mede, dat de scheurtjes in de gelcoat tijdens het aanbrengen van de verflaag in 2010, in gelijke of mindere vorm reeds aanwezig waren. (…) Wij zijn van mening, dat de elementen der natuur zoals temperatuurverschillen en UV-straling de scheurvorming in de gelcoat hebben veroorzaakt. Met een lagere kwaliteit van de gelcoat wordt bedoeld: welke gelcoat is gebruikt / aangeschaft. Net als bij laksoorten is er bij gelcoat verschil in kwaliteit en prijs. Hoe lager de prijs, hoe lager de kwaliteit, hoe groter de invloed van elementen der natuur op de gelcoat. (…) De in de romp aanwezige scheurtjes zijn geen wezenlijk gebrek, maar cosmetisch. De sterkte van de constructie heeft hier niet onder te lijden. De gelcoat is in de eerste 15 jaar van gebruik door gebruikelijke slijtage en weersinvloeden aangetast waardoor er craquelé is ontstaan en waardoor zij is verkrijt. Wij kunnen hierdoor feitelijk stellen, dat er eigenlijk in 2010 al groot onderhoud uitgevoerd had moeten worden aan de gelcoat. Verzekerde heeft kennelijk toen gekozen voor een goedkopere oplossing door het schip alleen te voorzien van een verfsysteem. Afhankelijk van de kwaliteit van de gelcoat en de blootstelling aan de elementen der natuur zal er tussen 5 tot 20 jaar duidelijke sporen van aantasting door de elementen der natuur optreden. Het is dan ook niet vreemd, dat bij dit vaartuig na 15 jaar de sporen dermate zijn geworden, dat verzekerde ervoor heeft gekozen om op het vaartuig een nieuw conserveringssysteem aan te brengen. Het beeld dat wij van het schip hebben gekregen is dat de gelcoat en het verfsysteem aan regulier groot onderhoud toe zijn. De geconstateerde kwaliteit van de gelcoat maakt niet dat deze minderwaardig is, of dat het niet geschikt was voor het doel waarvoor zij is gebruikt. Het geheel overziende, is er dan ook sprake van een normale onderhoudskwestie, waarbij de kwaliteit van de gelcoat als zodanig geen rol heeft gespeeld of op van invloed was. Wij zijn dan ook van mening, dat hier sprake is van een onderhoudszaak en niet van een eigen gebrek. (…)” 3.Het geschil 3.1. [eiseres] vordert bij vonnis, zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad: A. voor recht te verklaren dat EOC op grond van de verzekeringsovereenkomst verplicht is de schade die [eiseres] heeft geleden verband houdende met het craquelé aan de romp van het zeiljacht te vergoeden; B. EOC te veroordelen tot betaling van € 29.935,03, althans de schade die [eiseres] heeft geleden verband houdende met de craquelé aan de romp van het zeiljacht, aan [eiseres] te vergoeden, vermeerderd met de wettelijke rente berekend over de periode van verzuim (3 mei 2018, dan wel een door de rechtbank in goede justitie te bepalen datum) tot aan de dag der algehele voldoening van de vordering; C. EOC te veroordelen tot betaling van de buitengerechtelijke incassokosten aan [eiseres] , begroot op € 1.058,73; D. EOC te veroordelen tot betaling van de kosten van dit geding aan [eiseres] , op grond van artikel 237 lid 1 Rv; en E. EOC te veroordelen tot betaling van de eventuele nakosten aan [eiseres] , als bedoeld in artikel 237 lid 4 Rv, begroot op € 131,00 zonder betekening en € 199,00 in het geval van betekening, alsmede de eventuele verdere executiekosten; een en ander te voldoen binnen veertien dagen na dagtekening van het vonnis en te vermeerderen met de wettelijke rente over de (na)kosten indien en voor zover betaling niet binnen de termijn plaatsvindt. 3.2. EOC voert verweer en concludeert tot niet-ontvankelijk verklaring, althans afwijzing van de vordering, met veroordeling in de (na)kosten van het geding. 3.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4.De beoordeling Heeft [eiseres] tijdig schade gemeld bij EOC? 4.1. Allereerst is aan de orde of [eiseres] tijdig de craquelé-schade aan haar zeiljacht bij EOC heeft gemeld. Volgens EOC heeft [eiseres] zich niet aan de klachttermijn van ruwweg drie maanden gehouden. Vast staat in dit kader dat [eiseres] op 13 januari 2018 een schadeaangifteformulier heeft ingediend bij EOC. Volgens [eiseres] heeft zij de craquelé zeer kort daarvoor, eind 2017, ontdekt in de romp maar zij heeft niet nader gespecificeerd wanneer dit precies was. Wanneer EOC al wordt gevolgd in haar stelling dat [eiseres] niet heeft voldaan aan haar klachtplicht om tijdig haar schade te melden bij EOC, dan geldt dat gesteld noch gebleken is dat EOC daar enig nadeel van heeft ondervonden, danwel anderszins in een redelijk belang is geschaad als bedoeld in artikel 7:941 lid 4 BW. De rechtbank passeert dan ook het terzake gevoerde verweer door EOC en komt toe aan de vraag die partijen vooral verdeeld houdt, te weten of de oorzaak van de craquelé in de romp van het zeiljacht een door de verzekering gedekte gebeurtenis is. Is de craquelé-schade gedekt onder de verzekering? 4.2. Volgens [eiseres] is dit het geval, ter onderbouwing waarvan zij verwijst naar het eerste expertiserapport van [naam bedrijf 2] en het [naam bedrijf 3] expertiserapport. Uit beide rapporten volgt dat er sprake is van een gebrekkige gelcoat. Volgens het [naam bedrijf 3] expertiserapport is de craquelé, naast de gebrekkige gelcoat, het gevolg van additieven/weekmakers van de verf die in 2010 door [naam bedrijf 1] is aangebracht. Een gebrekkige gelcoat is een door de verzekering gedekt eigen gebrek, als bedoeld in artikel 3 sub f. Ten aanzien van de additieven geldt dat op grond van artikel 3 sub b van de verzekeringsvoorwaarden schade als gevolg van een van buitenkomend onheil c.q. nalatigheid van derden eveneens is gedekt onder de verzekering. Er is dan ook een causaal verband tussen het eigen gebrek (gelcoat) c.q. van buitenkomend onheil en de schade aan de romp. Zonder deze oorzaken zou de schade niet zijn ontstaan, aldus [eiseres] . 4.3. EOC betwist dat de oorzaak van de schade het gevolg is van een minderwaardige gelcoat en zij betwist dat dit zou blijken uit het eerste [naam bedrijf 2] rapport, danwel het [naam bedrijf 3] expertiserapport. De gelcoat was in 2010 niet meer geschikt om als ondergrond te gebruiken voor het opnieuw schilderen van de romp en had op dat moment geheel moeten worden vervangen in het kader van groot onderhoud, zoals ook volgt uit het tweede [naam bedrijf 2] rapport. [naam bedrijf 2] wijst erop dat verkleuring/verkrijting van de romp zijn oorzaak vindt in natuurlijke invloeden/geleidelijke inwerking van licht en/of vocht. Daaruit volgt dat de schade aan de romp in ieder geval (mede) is veroorzaakt door een in artikel 15 van de polisvoorwaarden uitgesloten gebeurtenis. De redelijke levensduur van deze gelcoat was maximaal 15 jaar. Wanneer [eiseres] opvolging had gegeven aan haar onderhoudsverplichtingen en in 2010, in plaats van een goedkope oplossing te kiezen door over de verweerde gelcoat heen te schilderen, zij gekozen had voor het vervangen van de gelcoat, mag met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid worden aangenomen dat het craquelé niet was ontstaan. Nu [eiseres] niet heeft voldaan aan de verplichting van voldoende zorg/onderhoud, is er ook sprake van een uitsluiting van schade op grond van artikel 15 sub f van de verzekeringsvoorwaarden. Voorts stelt EOC zich op het standpunt dat deze schade voorkomen had kunnen worden wanneer de heer [persoon B] op oordeelkundige wijze in 2010 de werkzaamheden aan de romp had uitgevoerd en dat het, het huidige feitencomplex in aanmerking genomen, ongeloofwaardig is dat er op dat moment geen scheurtjes zouden zijn en dat het waarschijnlijker is dat de heer [persoon B] hetzij over de scheurtjes heen heeft gekeken of deze heeft genegeerd en vervolgens over deze scheurtjes heen heeft geschilderd. 4.4. De rechtbank overweegt als volgt. 4.5. Expert [persoon A] heeft als eerste onderzoek gedaan naar de (oorzaak van
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.