RECHTBANK ROTTERDAM zaaknummer: 9405729 VV EXPL 21-364 uitspraak: 27 oktober 2021 vonnis in kort geding van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam, in de zaak van: de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Eurobox Self Storage B.V., gevestigd te Amsterdam, eiseres, gemachtigde: [naam 1] , namens De Best & Partners B.V., tegen: [gedaagde] , zonder bekende woon- of verblijfplaats in of buiten Nederland, gedaagde, die niet in de procedure is verschenen. Partijen worden hierna aangeduid als ‘Eurobox’ en ‘ [gedaagde] ’.
- Het verloop van de procedure Het verloop van de procedure blijkt uit de dagvaarding van 8 september 2021, met producties. De mondeling behandeling heeft plaatsgevonden op 20 oktober
- De griffier heeft daarvan aantekeningen gemaakt. Aan de zijde van Eurobox is verschenen als gemachtigde, [naam 2] , namens de gemachtigde voornoemd namens De Best & Partners B.V. [gedaagde] is zonder bericht van verhindering niet ter zitting verschenen. De datum van deze uitspraak is nader bepaald op heden.
- De vordering 1.1 Eurobox vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad: I. [gedaagde] te veroordelen om de gehuurde opslagruimte van het type I/5 m2, genummerd [nummer], gelegen in het Self Storage gebouw van Eurobox aan de [adres] , binnen drie dagen na betekening van dit vonnis te ontruimen en te verlaten met alle zaken die zich daar vanwege [gedaagde] bevinden onder afgifte van de sleutels aan Eurobox; II. [gedaagde] te veroordelen: A. aan Eurobox te betalen een bedrag van € 500,-, vermeerderd met de wettelijke rente over € 544,40 vanaf 8 september 2021 tot aan de dag van algehele voldoening; B. aan Eurobox vanaf 1 oktober 2021 tot aan het moment van de ontruiming € 124,- per maand te betalen; C. in de proceskosten. 1.2 Eurobox legt het volgende aan haar vordering ten grondslag. Tussen partijen bestaat een huurovereenkomst betreffende de opslagruimte van het type I/5 m2, genummerd [nummer], gelegen in het Self Storage gebouw van Eurobox aan de [adres] ad € 124,- per maand, bij vooruitbetaling te voldoen. [gedaagde] is de verplichting om tijdig de huur te betalen uit hoofde van die huurovereenkomst niet nagekomen. Het gaat om het totaalbedrag van € 1.018,32 dat is gebaseerd op € 916,40 aan huurachterstand tot en met september 2021, € 98,81 aan buitengerechtelijke kosten en € 3,11 aan vervallen rente. Gezien de geringe verhaalsmogelijkheden beperkt Eurobox voor deze procedure haar vordering tot een bedrag van € 500,-, maar reserveert zij haar rechten op het meerdere. De hoogte van de huurachterstand rechtvaardigt ontruiming van het gehuurde. 1.3 Eurobox heeft een spoedeisend belang bij ontruiming van het gehuurde. Zij kan de uitkomst van een bodemprocedure niet afwachten omdat er een tekort is aan opslagboxen en een bodemprocedure (te) lang duurt, terwijl [gedaagde] is gestopt te betalen, zonder bekende woon- of verblijfplaats is, het Eurobox niet lukt om met haar in contact te komen en de achterstand oploopt.
- De beoordeling 3.1 [gedaagde] is op 20 oktober 2021, hoewel daartoe deugdelijk te zijn opgeroepen, niet op de mondelinge behandeling verschenen en heeft geen verweer gevoerd. De kantonrechter stelt vast dat bij de dagvaarding de bij de wet voorgeschreven formaliteiten in acht zijn genomen. Tegen [gedaagde] wordt daarom verstek verleend. 3.2 De vordering in kort geding kan alleen worden toegewezen als Eurobox daarbij een spoedeisend belang heeft. Voldoende is gebleken dat Eurobox een spoedeisend belang heeft bij de door haar gevorderde voorzieningen, zodat zij ontvankelijk is in haar vordering. Het spoedeisend belang vloeit voldoende voort uit het door haar gestelde. Gelet hierop kan een bodemprocedure niet worden afgewacht. 3.3 Bij gebreke van verweer daartegen, moet in rechte worden uitgegaan van de juistheid van de stellingen van Eurobox. De vordering van Eurobox komt de kantonrechter, mede gelet op de overgelegde producties, niet ongegrond of onrechtmatig voor en zal dan ook worden toegewezen. 3.4 [gedaagde] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld.
- De beslissing De kantonrechter in kort geding: veroordeelt [gedaagde] om binnen drie dagen na betekening van dit vonnis de gehuurde opslagruimte van het type I/5 m2, genummerd [nummer], gelegen in het Self Storage gebouw van Eurobox aan de [adres] , te ontruimen en te verlaten met alle zaken die zich daar vanwege [gedaagde] bevinden onder afgifte van de sleutels aan Eurobox; veroordeelt [gedaagde] aan Eurobox te betalen een bedrag van € 500,- te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW over een bedrag van € 544,40 vanaf 8 september 2021 tot aan de dag van algehele voldoening; veroordeelt [gedaagde] aan Eurobox te betalen € 124,- met ingang van de maand oktober 2021 tot en met de maand waarin de ontruiming plaatsvindt; veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, tot aan deze uitspraak aan de zijde van Eurobox vastgesteld op € 126,- aan griffierecht, € 121,39 aan dagvaardingskosten en € 498,- aan salaris voor de gemachtigde; verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. I.K. Rapmund en uitgesproken ter openbare terechtzitting. 44236