← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2021:13432

beschikking RECHTBANK ROTTERDAM Team Jeugd zaakgegevens: C/10/629681 / FA RK 21-9032 datum uitspraak: 16 november 2021 beschikking benoeming bijzondere curator betreffende [naam kind], geboren op [geboortedatum kind] 2010 te [geboorteplaats kind], hierna te noemen [naam kind]. De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan: [naam moeder], hierna te noemen de moeder, wonende op een bij de rechtbank bekend adres, de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond, hierna te noemen de GI, gevestigd te Rotterdam. Het procesverloop Op 16 november 2021 heeft de mondelinge behandeling plaats gevonden van de strafzaak (Leerplicht) tegen de moeder onder parketnummer 10-106022-

  1. De moeder is niet ter zitting verschenen en de behandeling van de zaak is aangehouden tot de zitting van de kantonrechter in deze rechtbank op 11 januari 2022 om 11.30 uur. De feitenHet ouderlijk gezag over [naam kind] wordt uitgeoefend door de moeder. [naam kind] woont bij de moeder. Bij beschikking van 26 augustus 2021 is de ondertoezichtstelling van [naam kind] verlengd tot 5 maart
  2. Bij beschikking van 4 november 2021 is het verzoek van de GI om [naam kind] met spoed uit huis te plaatsen in een crisispleeggezin afgewezen. De beoordeling Tijdens de leerplichtzitting van 16 november 2021 heeft de kantonrechter, tevens kinderrechter, ambtshalve geconstateerd dat de zorgen over de opvoedingssituatie en de ontwikkeling van [naam kind] recentelijk lijken te zijn toegenomen. Hulpverlening in het vrijwillige kader vanuit MST en het Wijkteam hebben niet het gewenste resultaat gehad. Het schoolverzuim gaat ook door en het contact tussen de moeder en de GI is onvoldoende. De school constateert een achteruitgang in het gedrag van [naam kind] sinds de herfstvakantie. Gebleken is dat de zorgen dusdanig ernstig zijn dat opnieuw een verzoek tot uithuisplaatsing van [naam kind] dreigt. Ingevolge artikel 1:250 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) kan de kinderrechter, wanneer in aangelegenheden betreffende de verzorging en opvoeding van de minderjarige, dan wel diens vermogen, de belangen van de met het gezag belaste ouders of één van hen, dan wel de voogd, in strijd zijn met die van de minderjarige, een bijzondere curator benoemen om de minderjarige ter zake zowel in als buiten rechte te vertegenwoordigen indien de rechtbank dit in het belang van de minderjarige noodzakelijk acht, daarbij in het bijzonder de aard van deze belangenstrijd in aanmerking genomen. Gelet op het feit dat [naam kind] bijna uit huis is geplaatst, dat de opvoedsituatie niet lijkt te verbeteren en er opnieuw een uithuisplaatsing dreigt, is de kinderrechter van oordeel dat het noodzakelijk is dat in deze de belangen van [naam kind] (mede) door een bijzondere curator worden behartigd. De kinderrechter zal ambtshalve [naam] als bijzondere curator over [naam kind] benoemen. De benoeming zal gelden voor de duur van de ondertoezichtstelling, te weten tot 5 maart
  3. De kinderrechter geeft aan de bijzondere curator als opdracht: [naam kind] in en buiten rechte te vertegenwoordigen; al het nodige te doen wat in het belang van [naam kind] is, met name ter zake de vraag welke woon- en verblijfplaats op de korte en langere termijn het meeste in haar belang moet worden geacht; te onderzoeken hoe de schoolgang van [naam kind] verloopt en wat hierin nodig is; te onderzoeken welke vorm(en) van ondersteuning [naam kind] (en/of de moeder ten behoeve van [naam kind]) eventueel nodig heeft bij haar schoolgang en in de thuissituatie en daartoe al het nodige te doen. De bijzondere curator wordt verzocht om de kinderrechter (met afschrift aan de betrokkenen) bij voorkeur vóór 11 januari 2022 (kort) schriftelijk (tussentijds) verslag te doen van haar bevindingen. De beslissing De kinderrechter: benoemt tot bijzondere curator teneinde [naam kind] in en buiten rechte te vertegenwoordigen: [naam], kantoorhoudende aan [adres]; verzoekt de bijzondere curator te onderzoeken wat in het belang van [naam kind] is, zoals hiervoor in het lichaam van de beschikking beschreven; gelast de griffie de bijzondere curator een afschrift van de dossiers met nummer C/10/626597 / JE RK 21-2655 en C/10/621151 / JE RK 21-1760 te doen toekomen; bepaalt dat de benoeming tot bijzondere curator geldt tot 5 maart 2022; verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. A.A.J. de Nijs, kinderrechter, in tegenwoordigheid van M.A. den Hartog als griffier en in het openbaar uitgesproken op 16 november
  4. De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 3 december
  5. Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld: - door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak, - door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden. Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshofDen Haag.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.