← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2021:2692

Rechtbank Rotterdam Team straf 1 Parketnummer: 10/294454-20 Datum uitspraak: 18 maart 2021 Tegenspraak Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte: [naam verdachte] , geboren te [geboorteplaats verdachte] op [geboortedatum verdachte] , ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres: [adres verdachte] , [postcode verdachte] te [woonplaats verdachte] , raadsman mr. D.W.H.M. Wolters, advocaat te Hoofddorp. 1.Onderzoek op de terechtzitting Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 4 maart

  1. 2.Tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. 3.Eis officier van justitie De officier van justitie mr. J. Boender heeft gevorderd: bewezenverklaring van het ten laste gelegde; de verdachte te ontslaan van alle rechtsvervolging. 4.Waardering van het bewijs 4.
  2. Vrijspraak 4.1.
  3. Standpunt officier van justitie Aangevoerd is dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat de verdachte medewerkers van Antes heeft bedreigd. Getuige [naam getuige] heeft verklaard dat de verdachte de woorden die op de tenlastelegging staan heeft geuit richting de betrokken medewerkers van Antes en dat hij dit als bedreigend heeft ervaren. Daarnaast blijkt uit de processen-verbaal van de betrokken politieagenten dat de verdachte agressief gedrag vertoonde. Daar komt bij dat politieagent [naam politieagent] heeft gehoord dat de verdachte heeft gezegd dat hij zich dood zou vechten. 4.1.
  4. Beoordeling Op grond van artikel 342, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering kan het bewijs dat een verdachte het ten laste gelegde heeft begaan niet worden aangenomen op basis van de verklaring van één getuige. Om tot een bewezenverklaring te kunnen komen moet een enkele getuigenverklaring steun vinden in een ander objectief bewijsmiddel. Verschillende verklaringen die uit dezelfde bron afkomstig zijn, leveren geen afzonderlijke bewijsmiddelen op. In deze zaak is voor het ten laste gelegde onvoldoende wettig bewijs voorhanden. De verklaring van getuige [naam getuige] wordt ondersteund door rapporten van de Antes-kliniek en door de aangifte van [naam slachtoffer] . De rechtbank kan echter niet vast stellen door wie deze rapporten zijn opgemaakt en welke informatie van welke medewerker afkomstig is. Niet is uitgesloten dat het rapport uitsluitend is gebaseerd op de waarneming van getuige [naam getuige] en derhalve uit dezelfde bron afkomstig is als de getuigenverklaring. Ten aanzien van de aangifte geldt dat aangeefster de vermeende uitlatingen niet zelf heeft waargenomen en dat niet bekend is van wie zij gehoord heeft dat de uitlatingen door verdachte zouden zijn gedaan. 4.1.
  5. Conclusie Gelet op het voorgaande is niet aan het bewijsminimum voldaan. De rechtbank zal de verdachte, bij gebrek aan voldoende wettig bewijs, van het aan hem ten laste gelegde feit vrijspreken. 5.Bijlage De in dit vonnis genoemde bijlage maakt deel uit van dit vonnis. 6.Beslissing De rechtbank: verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij; heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte, die bij eerdere beslissing is geschorst. Dit vonnis is gewezen door: mr. D.C.J. Peeck, voorzitter, en mrs. C.E. Bos en P.C. Tuinenburg, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J. Soeteman, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 18 maart
  6. De oudste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen. Bijlage I Tekst tenlastelegging Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 18 november 2020 tot en met 19 november 2020 te Poortugaal, gemeente Albrandswaard, (telkens) een of meer medewerkers van Antes heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door die medewerkers(s) (telkens) dreigend de woorden toe te voegen 'vechten, tot de dood' en/of 'ik steek je' en/of 'ik vul je lichaam met kogels' en/of 'kom dan, ik ga desnoods door tot ik dood ga, ik maak je af' en/of 'als ik een injectie krijg, vecht ik tot de dood' en/of 'ik ga iedereen vermoorden', althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.