RECHTBANK ROTTERDAM Team familie Zaak-/rekestnummer: C/10/614521 / FA RK 21-1851 Betrokkenenummer: [nummer] Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 10 maart 2021 betreffende een wijziging van machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel als bedoeld in artikel 8:12 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz) op verzoek van: de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam, hierna: de officier, met betrekking tot: [naam betrokkene] , geboren op [geboortedatum betrokkene] te [geboorteplaats betrokkene] hierna: betrokkene, wonende te Rotterdam, thans verblijvende in het Erasmus Medisch Centrum te Rotterdam, advocaat mr. R.A.F. Jansen te Rotterdam. 1.Procesverloop 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit het verzoekschrift van de officier, ingekomen op 5 maart
- Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd: een afschrift van de beslissing tot het nemen van de crisismaatregel van 5 februari 2021; de beslissing inzake tijdelijke verplichte zorg van 4 maart 2021; de aanvraag van de zorgverantwoordelijke van 4 maart 2021; het advies van de geneesheer-directeur van 5 maart
- 1.
- De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 10 maart
- Bij die gelegenheid zijn (overeenkomstig artikel 2 lid 1 van de Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid) via beeld- en geluidverbinding gehoord: betrokkene met haar hiervoor genoemde advocaat; [naam psychiater] , psychiater, en [naam arts-assistent] , arts-assistent, beiden verbonden aan Erasmus Medisch Centrum. 1.
- Het verzoek is tegelijk behandeld met het verzoek van de officier tot het verlenen van een zorgmachtiging aansluitend op een crisismachtiging, bekend onder zaak- en rekestnummer: C/10/613989 / FA RK 21-
- 1.
- De officier is niet op de mondelinge behandeling verschenen, omdat hij een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte. 2.Beoordeling 2.
- De rechtbank heeft geconstateerd dat onderhavig verzoek is gedateerd en ingediend op 5 maart
- De op 5 februari 2021 afgegeven machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel was geldig tot en met 26 februari
- Onderhavig verzoek is na het verlopen van laatstgenoemde datum ingediend en is om die reden te laat. 2.
- Gelet op het voorgaande zal de rechtbank de officier niet-ontvankelijk verklaren in zijn verzoek. 3.Beslissing De rechtbank verklaart het verzoek van de officier niet-ontvankelijk. Deze beschikking is op 10 maart 2021 mondeling gegeven door mr. M.W.J. van Elsdingen, rechter, in tegenwoordigheid van S.M. Plaisier-van Welie, griffier en op 18 maart 2021 schriftelijk uitgewerkt en getekend. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.