RECHTBANK ROTTERDAM zaaknummer: 8227365 CV EXPL 19-53629 uitspraak: 2 juli 2021 vonnis van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam in de zaak van [eiseres] , wonende te [woonplaats] , eiseres, procederend zonder juridische bijstand, tegen de stichting Stichting Havensteder, gevestigd te Rotterdam, gedaagde, gemachtigde: mr. E. Boot te Rotterdam. Partijen worden hierna ‘ [eiseres] ’ en ‘Havensteder’ genoemd. 1.De verdere procedure De kantonrechter heeft kennisgenomen van: het tussenvonnis van 4 december 2020 en van de daaraan ten grondslag liggende stukken; de correspondentie over het uit te voeren deskundigenonderzoek. 2.De verdere beoordeling 2.1 In het tussenvonnis van 4 december 2020 is een deskundigenonderzoek bevolen naar de vraag wat de schimmel in de woning die [eiseres] van Havensteder huurt veroorzaakt. Ing. G. Taal van Vanderwal & Joosten in Rotterdam is tot deskundige benoemd. 2.2 Na het wijzen van het tussenvonnis is geprobeerd een bezoek aan de woning van [eiseres] in te plannen om de deskundige ter plaatse zijn onderzoek uit te laten voeren. In maart 2021 was dit nog niet gelukt. In een door de griffier namens de kantonrechter verstuurde e-mail aan partijen van 5 maart 2021 staat: De kantonrechter begrijpt dat in bovengenoemde zaak problemen zijn ontstaan bij het plannen van een bezoek van de deskundige op locatie. Gelet op de gang van zaken zet mevrouw [eiseres] inmiddels vraagtekens bij de onpartijdigheid van de deskundige. De kantonrechter heeft de mailwisseling bekeken en ziet geen enkele aanleiding om aan de onpartijdigheid van de deskundige te twijfelen. Bij een bezoek op locatie dienen beide partijen aanwezig te zijn. De deskundige heeft dit ook als uitgangspunt genomen. Er moet echter ook rekening worden gehouden met de coronamaatregelen. Omdat mevrouw [eiseres] heeft aangegeven dat zij niet meer dan één bezoeker (de deskundige) wil ontvangen, kan er, als zij daarbij blijft, geen vertegenwoordiger van Havensteder bij het bezoek aanwezig zijn. De deskundige heeft vervolgens in zijn mail van 10 februari 2021 aan beide partijen een voorstel gedaan. Dit voorstel komt tegemoet aan de belangen van alle partijen en is ook in overeenstemming met de leidraad deskundigen in civiele zaken. De kantonrechter dringt er bij u allen op aan om, zoveel mogelijk binnen de grenzen van wat momenteel mag en kan, het deskundigenonderzoek volgens de daarvoor geldende regels te laten plaatsvinden. Mevrouw [eiseres] wordt verzocht alsnog toe te staan dat én de deskundige én de vertegenwoordiger van Havensteder tegelijk ‘op bezoek’ zijn. Als de anderhalve meter in acht genomen wordt, zou dat geen onoverkomelijk probleem moeten zijn. Indien mevrouw [eiseres] dit echter niet wil toestaan, kan het voorstel dat de deskundige in zijn mail van 10 februari 2021 heeft gedaan gevolgd worden. 2.3 [eiseres] schrijft in reactie op de hiervoor geciteerde e-mail dat haar zoon opgenomen is in het ziekenhuis en dat zij die e-mail op dat moment niet kan beantwoorden. In haar brief van 29 april 2021 deelt [eiseres] mee dat haar zoon aan het revalideren is en dat zij geen uitsluitsel kan geven over het vervolg van het deskundigenonderzoek. In haar brief van 10 mei 2021 schrijft [eiseres] dat zij in verband met het herstelproces van haar zoon, mede door corona, thuis geen bezoekers kan ontvangen. De griffier schrijft in een e-mail aan partijen van 18 mei 2021: Uw brieven van 29 april 2021 en 10 mei 2021 hebben mij helaas niet (eerder dan vandaag) bereikt. U heeft ze zo te zien naar het algemene e-mailadres van de administratie gestuurd en de administratie heeft de e-mails om welke reden dan ook niet naar mij doorgestuurd. Ik verzoek u voortaan uw berichten rechtstreeks naar mij (en de wederpartij en de deskundige) te sturen. De kantonrechter verzoekt u aan te geven of u er enig zicht op heeft wanneer de deskundige wel langs kan komen. Als dat niet op korte termijn mogelijk is, is het, als Havensteder en de deskundige daarmee instemmen, wellicht een idee om de zaak aan te houden tot september
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.