Rechtbank Rotterdam Team straf 1 Parketnummer: 83/256513-20 Parketnummer vordering TUL VV: 13/994044-19 Datum uitspraak: 14 juli 2021 Tegenspraak Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige economische kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte: [naam verdachte] , geboren te [geboorteplaats verdachte] op [geboortedatum verdachte] , ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres: [adres verdachte] , [postcode verdachte] [woonplaats verdachte] , ten tijde van het onderzoek op de terechtzitting preventief gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting Middelburg, locatie De Torentijd, Raadsman mr. M.G. Vos, advocaat te Utrecht. 1. Onderzoek op de terechtzitting Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 30 juni 2021. 2. Tenlastelegging Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de vordering nadere omschrijving tenlastelegging, waarbij de oorspronkelijke opgave van de feiten als bedoeld in artikel 261, derde lid van het Wetboek van Strafvordering op vordering van de officier van justitie is gewijzigd. De tekst van de nader omschreven tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht. 3. Eis officier van justitie De officier van justitie mr. K. Broere heeft gevorderd: bewezenverklaring van het onder 1, 2, 3, 4 en 5 ten laste gelegde; vrijspraak van het onder 3, 4 en 5 ten laste gelegde medeplegen; veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden met aftrek van voorarrest; tenuitvoerlegging van de voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf van 6 maanden in de zaak met parketnummer 13/994044-19. 4. Waardering van het bewijs 4.1. Bewezenverklaring zonder nadere motivering Het onder 2, 3, 4 en 5 ten laste gelegde is door de verdachte bekend. Deze feiten zullen zonder nadere bespreking bewezen worden verklaard. Met de officier van justitie en met de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het in de feiten onder 3, 4 en 5 ten laste gelegde medeplegen niet wettig en overtuigend is bewezen en de verdachte zal van dat onderdeel worden vrijgesproken. Feit 1: De ten laste gelegde periode. Standpunt van de verdediging: Aangevoerd is dat in het dossier geen bewijs voorhanden is voor het ter beschikking stellen van vuurwerk in de periode voorafgaand aan 24 juli 2020. Beoordeling: De verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij vuurwerk aan anderen ter beschikking heeft gesteld en daarbij gebruik heeft gemaakt van de accountnaam “ [naam account] ”. Uit het dossier (bladzijde 93 van het doorgenummerde dossier) blijkt dat het account met die naam is aangemaakt op 25 april 2020. De rechtbank gaat er daarom van uit dat de verdachte vanaf die datum vuurwerk heeft aangeboden en acht op grond van het vorenstaande dan ook wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte vanaf 25 april 2020 vuurwerk aan anderen ter beschikking heeft gesteld. Dit betekent dat de rechtbank de verdachte wel (partieel) zal vrijspreken van het ter beschikking stellen van vuurwerk aan de onder onderdeel A. in de tenlastelegging genoemde [naam persoon 1] , die immers heeft verklaard dat hij in februari 2020 -dus voor de bewezenverklaarde periode- vuurwerk van heeft gekocht. 4.2. Bewezenverklaring In bijlage II heeft de rechtbank de inhoud van wettige bewijsmiddelen opgenomen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Op grond daarvan, en op grond van de redengevende inhoud van het voorgaande, is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 ten laste gelegde heeft begaan. In bijlage III heeft de rechtbank een opgave gedaan van wettige bewijsmiddelen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Met deze opgave wordt volstaan, nu de verdachte het bewezen verklaarde heeft bekend en geen verweer is gevoerd dat strekt tot vrijspraak. Op grond daarvan is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 2, 3, 4 en 5 ten laste gelegde heeft begaan. De verdachte heeft de bewezen verklaarde feiten op die wijze begaan dat: 1.Vuurwerk ter beschikking stellen hij in of omstreeks de periode van 25 april 2020 tot en met 13 oktober 2020, te Nieuwegein en/of Utrecht, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk, meermalen, aan een ander dan een persoon met gespecialiseerde kennis, professioneel vuurwerk ter beschikking heeft gesteld, te weten, in ieder geval, B. - meerdere stuks knalvuurwerk (Tp2 en Retorno 100 en Cobra 6 en Black Mamba Titan Salute en Delova Rana Profi) en - meerdere vuurpijlen Signalrakete 901 aan [naam persoon 2] en C. - meerdere Shells en - meerdere Flowerbeds en - meerdere stuks knalvuurwerk Super Cracker en - meerdere vuurpijlenPlanet Rocket assortment en Stellar en Signalrakete 901) aan [naam persoon 3] en D. - meerdere Shells en - meerdere stuks knalvuurwerkGigant Maroon en Lupo 26 en Black Mamba en Gold Thunder en Cobra 6 en - meerdere vuurpijlen Zink 901 aan [naam persoon 4] en E. - meerdere stuks knalvuurwerk Tp2 en Cobra 6 ) en - meerdere Shells aan [naam persoon 5] en F. - meerdere stuks knalvuurwerk Gigant Maroon en Scream 100 en Cobra 6 en Lupo) en - meerdere Shells - meerdere knalstrengen aan [naam persoon 6] . 2. Vuurwerk voorhanden loods/container te [plaats delict] hij in de periode van 11 oktober 2020 tot en met 13 oktober 2020, te [plaats delict] , tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk, als een ander dan een persoon met gespecialiseerde kennis, een grote hoeveelheid professioneel vuurwerk, te weten: meerdere Shells meerdere vuurpijlenSignalrakete 901 en Signalrakete 902 en Zink Kugelrakete 930 en/ T0681 Colombia Discovery en Planet Assortiment TR-09) meerdere Flowerbeds meerdere knalstrengenT809 en Spanish Chain Thunder en T804 Celebration Cracker meerdere stuks knalvuurwerkTp2 en Super Cracker en Cobra 6 en Retorno 100 en Risaca No3 en Gigant Maroon en Gold Thunder en Lupo 26/2016 en Scream 100 en Mad Bull Dog en Big Thunder en Technischer schallerzeuger en Crazy Robots P1 en Super No 1 en Cobra 20 en Zink BodenBlitz 751-1 Kal 24 enProfi Cannon Shot Big Boy XL en Dieptebom en Delova Rana Profi en bangers zonder opschrift) heeft opgeslagen/voorhanden heeft gehad in loods/container 202 gelegen aan de [adres delict] te [plaats delict] . 3.Vuurwerk voorhanden in auto hij op 13 oktober 2020, te [plaats delict] opzettelijk, als een ander dan een persoon met gespecialiseerde kennis, een grote hoeveelheid professioneel vuurwerk, te weten: meerdere Shells meerdere stuks knalvuurwerkGigant Maroon en Retorno 100 en Tp2) heeft opgeslagen/voorhanden heeft gehad in een personenauto (BMW) met kenteken [kentekennummer] . 4.Vuurwapen voorhanden in loods/container hij op 13 oktober 2020, te [plaats delict] , in een loods/container met nummer 202, gelegen aan de [adres delict] te [plaats delict] , een wapen van categorie I, onder 7 van de Wet wapens en munitie, te weten, een imitatievuurwapen in de vorm van een vuurwapen/pistool, zijnde bij artikel 3 ahf/a van de Regeling wapens en munitie aangewezen voorwerpen die een ernstige bedreiging van personen kunnen vormen en/of die zodanig op een wapen gelijken, dat zij voor bedreiging of afdreiging geschikt zijn, tevens een wapen van categorie III, onder 4 van de Wet wapens en munitie, te weten een alarmpistool met een gedeeltelijk open loop dat knalpatronen van een kaliber groter dan 6mm kan bevatten, voorhanden heeft gehad; 5.Wapen voorhanden in woning hij op of omstreeks 13 oktober 2020, te Nieuwegein in een woning, gelegen aan de [adres verdachte] te [woonplaats verdachte] , een wapen van categorie II, onder 5 van de Wet wapens en munitie, te weten een stroomstootwapen, zijnde een voorwerp waarmee door een elektrische stroomstoot personen weerloos konden worden gemaakt of pijn kon worden toegebracht, voorhanden heeft gehad. Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken. 5. Strafbaarheid feiten De bewezen feiten leveren op: Feit 1: medeplegen van overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 9.2.2.1 van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan, meermalen gepleegd. Feit 2 medeplegen van overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 9.2.2.1 van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan. Feit 3: overtreding van een voorschrift, gesteld krachtens artikel 9.2.2.1 van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan. Feit 4: handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie III. Feit 5: handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II. Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. De feiten zijn dus strafbaar. 6. Strafbaarheid verdachte Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar. 7. Motivering straf 7.1. Algemene overweging De straf die aan de verdachte wordt opgelegd, is gegrond op de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen. 7.2. Feiten waarop de straf is gebaseerd Verdachte heeft samen met anderen een grote hoeveelheid professioneel illegaal vuurwerk in een container voorhanden gehad. Van deze voorraad vuurwerk werd door verdachte, die dit vuurwerk via Telegram te koop aanbood, en zijn mededaders op bestelling vuurwerk geleverd aan derden, die geen speciale kennis hadden van het vuurwerk dat zij bestelden. De verdachte heeft daarmee niet alleen de regels, regels die als doel hebben om mens en milieu te beschermen tegen de negatieve effecten die vuurwerk mee kan brengen, geschonden, maar heeft met zijn handelen ook grote risico’s in het leven geroepen. Onder het verkochte vuurwerk bevond zich extreem zwaar vuurwerk. Door dit vuurwerk in grote hoeveelheden (de politie trof bij aanhouding bijna 1100 kg aan) zonder enige veiligheidsmaatregel in een gewone container op te slaan, heeft de verdachte een onaanvaardbaar risico genomen. Bij ontploffing waren de gevolgen niet te overzien geweest. Tijdens de aanhouding van de verdachte bevond zich bovendien een deel van het vuurwerk uit deze container inmiddels in de laadruimte van de auto van de verdachte, dit met de bedoeling om het vuurwerk elders onder te brengen. Het risico dat daarmee in het leven werd geroepen is groot en de verdachte lijkt dan ook geheel voorbij te zijn gegaan aan de mogelijke gevolgen van dit risicovolle gedrag, zowel voor de medeverdachten als voor de (soms minderjarige) kopers. Naast de hoeveelheid vuurwerk heeft de verdachte in de container een imitatievuurwapen en een alarmpistool voorhanden gehad en tijdens de doorzoeking van de woning van de verdachte werd een stroomstootwapen aangetroffen. Het ongecontroleerde bezit van wapens kan in het algemeen een onaanvaardbaar risico voor de veiligheid van personen met zich meebrengen en een gevoel van onveiligheid in de maatschappij veroorzaken. Door te handelen zoals verdachte heeft gedaan, heeft hij daaraan bijgedragen. De combinatie van een grote hoeveelheid vuurwerk en wapens is zorgelijk. 7.3. Persoonlijke omstandigheden van de verdachte 7.3.1. Strafblad De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van 30 december 2021, waaruit blijkt dat de verdachte zeer recent is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten. De verdachte is op 11 augustus 2020 door de meervoudige economische kamer van de rechtbank Amsterdam veroordeeld, eveneens voor (o.a. handel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.