RECHTBANK ROTTERDAM zaaknummer: 9011237 CV EXPL 21-5219 uitspraak: 28 januari 2022 vonnis van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam , in de zaak van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [eiseres01] h.o.d.n. [handelsnaam01] , gevestigd te [vestigingsplaats01] , eiseres, gemachtigde: [naam01] , werkzaam bij Belker Services te Den Haag, tegen de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid MKB Belangen B.V., gevestigd te Schiedam, gedaagde, gemachtigde: mr. R.P. Zieltjens, advocaat te Amsterdam. Partijen worden hierna aangeduid als “ [eiseres01] ” en “MKB Belangen”.
- Het verloop van de procedure 1.1 Het verloop van de procedure volgt uit de volgende processtukken, waarvan de kantonrechter kennis heeft genomen: het tussenvonnis van 1 oktober 2021; de akte van [eiseres01] met producties; de antwoordakte van MKB Belangen met productie. 1.2 Omdat de laatste productie van MKB Belangen niet van belang is voor de te nemen beslissing in deze zaak, is [eiseres01] niet in de gelegenheid gesteld erop te reageren. 1.3 De kantonrechter heeft de uitspraak van dit vonnis bepaald op heden.
- De beoordeling 2.1 In het tussenvonnis is [eiseres01] toegelaten tot het bewijs van feiten en/of omstandigheden op grond waarvan geconcludeerd moet worden: dat [naam02] in opdracht en voor rekening van MKB Belangen werk heeft verricht; dat daarbij is overeengekomen dat de beloning daarvoor alsmede te maken reiskosten via facturering door [eiseres01] in rekening zou worden gebracht op basis van haar “normale” tarief; wat haar “normale” tarief is; dat MKB Belangen van dat tarief mededeling is gedaan; hoeveel declarabele uren werk is verricht. 2.2 Bij akte heeft [eiseres01] twaalf producties in het geding gebracht en daarbij een toelichting gegeven met het oog op het te leveren bewijs. MKB Belangen heeft hierop gereageerd. 2.3 Over de opdracht aan [eiseres01] / [naam02] levert de akte met producties geen uitsluitsel, terwijl MKB Belangen gemotiveerd heeft betwist dat opdracht is gegeven. 2.4 [naam02] stelt in opdracht van [naam03] , werkzaamheden te hebben verricht voor MKB Belangen inzake de campagne voor [naam04] . De facturen in kwestie zouden op deze werkzaamheden betrekking hebben. [naam03] , die in scheiding ligt met de directeur van MKB Belangen, is echter niet bereid gebleken dit in rechte te bevestigen. 2.5 Gelet hierop staat niet vast dat [eiseres01] / [naam02] in opdracht en voor rekening van MKB Belangen deze werkzaamheden heeft verricht. Daarom wordt haar vordering afgewezen. Dat lot treft ook de nevenvorderingen. 2.6 [eiseres01] wordt als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten veroordeeld, aan de zijde van MKB Belangen vastgesteld op € 777,50 aan salaris voor de gemachtigde. De apart gevorderde nakosten worden toegewezen als hierna vermeld, nu de proceskosten-veroordeling hiervoor reeds een executoriale titel geeft en de kantonrechter van oordeel is dat de nakosten zich reeds vooraf laten begroten. Een en ander met rente.
- De beslissing De kantonrechter: wijst de vordering af; veroordeelt [eiseres01] in de proceskosten, tot aan deze uitspraak aan de zijde van [eiseres01] € 777,50 aan salaris voor de gemachtigde, te vermeerderen met de wettelijke rente in de zin van artikel 6:119 BW ingaande veertien dagen na de datum van dit vonnis tot aan de dag van algehele voldoening, en indien [eiseres01] niet binnen veertien dagen na de datum van dit vonnis vrijwillig aan het vonnis heeft voldaan, begroot op € 124,- aan nasalaris. Indien daarna betekening van het vonnis heeft plaatsgevonden, dient het bedrag aan nasalaris nog te worden verhoogd met de kosten van betekening. Ook is [eiseres01] de wettelijke rente in de zin van artikel 6:119 BW over al deze bedragen verschuldigd vanaf de veertiende dag na betekening van dit vonnis tot aan de dag van algehele voldoening; verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door mr. S.H. Poiesz en uitgesproken ter openbare terechtzitting. 465