← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2022:3400

RECHTBANK ROTTERDAM zaaknummer: 9677595 / VZ VERZ 22-1056 uitspraak: 24 maart 2022 beschikking van de kantonrechter, zitting houdende in Rotterdam, inzake het bevelen van een voorlopig getuigenverhoor in de zaak van [verzoeker] (hierna: [afkorting naam verzoeker]), wonende in [woonplaats verzoeker], verzoeker, gemachtigde: mr. N. Rachid te Rotterdam, gericht tegen [verweerder] , verzekerd bij de naamloze vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [naam bedrijf] (hierna: [verweerder]), wonende in [woonplaats verweerder], verweerder, gemachtigde: mr. J.M.H.W. Bindels te Arnhem.

  1. Het verloop van de procedure 1.
  2. Het verloop van de procedure volgt uit de volgende processtukken, waarvan de kantonrechter kennis heeft genomen: het verzoekschrift, met producties, dat op 7 februari 2022 op de griffie is ontvangen; de brief van 9 maart 2022 aan de zijde van [verweerder], met producties; de brief van 15 maart 2022 aan de zijde van [verzoeker]; de e-mail van 16 maart 2022 aan de zijde van [verzoeker]; de e-mail van 16 maart 2022 aan de zijde van [verweerder]. 1.
  3. De kantonrechter heeft de uitspraak van deze beschikking bepaald op vandaag.
  4. Het verzoek en de beoordeling daarvan 2.
  5. Het verzoek strekt tot het gelasten van een voorlopig getuigenverhoor. 2.
  6. Bij brief van 9 maart 2022 is namens [verweerder] aangevoerd dat tegen het verzoek als zodanig geen bezwaar wordt gemaakt, maar dat onduidelijk is of de sector kanton - gelet op de hoogte van de vordering van [verzoeker] - bevoegd is. Namens [verweerder] is verder aangevoerd dat dit door [verzoeker] kan worden opgelost, door - kort gezegd - expliciet te bevestigen dat zijn vordering tot de grens van € 25.000,00 zal worden beperkt. In dat geval kan een mondelinge behandeling van het bezwaar achterwege blijven, aldus de gemachtigde van [verweerder]. 2.
  7. Bij brief van 15 maart 2022 is namens [verzoeker] bevestigd dat de vordering van [verzoeker] tot € 25.000,00 wordt beperkt. Gelet hierop en in het licht van artikel 187 lid 1 Rv in samenhang met artikel 93 sub a Rv acht de kantonrechter zich bevoegd om van het verzoek kennis te nemen en daarop te beslissen. 2.
  8. Aangezien [verweerder] heeft aangegeven verder geen bezwaar tegen het verzoek te hebben, is het verzoek als verder niet weersproken en op de wet gegrond toewijsbaar. 2.
  9. Het getuigenverhoor wordt - rekening houdende met de door partijen opgegeven verhinderdata - gehouden op donderdag 9 juni 2022 om 09:30 uur. 2.
  10. Aangezien [verweerder] al over het verzoekschrift beschikt en hij van de griffie een afschrift van deze beschikking zal ontvangen, bestaat er geen aanleiding om te bepalen dat [verzoeker] deze stukken - gelet op het bepaalde in artikel 188 lid 1 in verbinding met artikel 190 lid 1 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering - bij deurwaarders-exploot aan [verweerder] moet betekenen, dan wel per aangetekende post aan hem moet toesturen.
  11. De beslissing De kantonrechter: wijst het verzoek toe; bepaalt dat het getuigenverhoor zal plaatsvinden op donderdag 9 juni 2022 om 09:30 uur in het gerechtsgebouw aan het Wilhelminaplein 100/125 in Rotterdam, ten overstaan van de hierna te noemen kantonrechter; bepaalt dat [verzoeker] zelf zorg moet dragen voor het deugdelijk oproepen van de te horen getuigen. Deze beschikking is gegeven door mr. A.J.M. van Breevoort en uitgesproken op een openbare terechtzitting. 38671

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.