← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2022:6770

RECHTBANK ROTTERDAM locatie Rotterdam zaaknummer: 9861597 CV EXPL 22-14085 datum uitspraak: 12 augustus 2022 Vonnis van de kantonrechter in de zaak van Infomedics B.V., vestigingsplaats: Almere, eiseres, gemachtigde: Bosveld Incasso en Gerechtsdeurwaarders, tegen [gedaagde] , woonplaats: [woonplaats gedaagde], gedaagde, die zelf procedeert. De partijen worden hierna ‘Infomedics’ en ‘[gedaagde]’ genoemd.

  1. De procedure 1.
  2. Het dossier bestaat uit de volgende processtukken: de dagvaarding van 21 april 2022, met bijlagen; de e-mail van [gedaagde] van 5 mei 2022, met bijlagen; de repliek, met een vermindering van de eis, met bijlagen; de e-mail van [gedaagde] van 14 juli 2022, met een bijlage.
  3. De feiten 2.
  4. [gedaagde] heeft op 24 augustus 2021 een tandartsbehandeling ondergaan bij [naam kliniek]. 2.
  5. [naam kliniek] heeft de vordering die zij in verband met de tandartsbehandeling op [gedaagde] heeft, overgedragen aan Infomedics Finance B.V. Infomedics heeft vervolgens op 26 augustus 2021 namens Infomedics Finance een factuur gestuurd aan [gedaagde] voor een bedrag van € 461,
  6. 2.
  7. Partijen zijn een betalingsregeling overeengekomen voor een bedrag van € 501,21, namelijk het hiervoor genoemde factuurbedrag van € 461,22 en € 40,- aan ‘kosten betalingsregeling’. In de bevestiging van deze betalingsregeling door Infomedics van 17 september 2021 is (voor zover van belang) het volgende vermeld: “Hierbij bevestigen wij de betalingsregeling die u heeft aangevraagd voor rekening [nummer]. Wij zullen de termijnen automatisch afschrijven van bankrekeningnummer [bankrekeningnummer]. Het is belangrijk dat er op de incassodatum voldoende saldo op uw bankrekening staat. (…) De afgesproken incassodata zijn: 1e termijn Bedrag € 62,66 Incassodatum 17-10-2021 2e termijn Bedrag € 62,66 Incassodatum 17-11-2021 3e termijn Bedrag € 62,66 Incassodatum 17-12-2021 4e termijn Bedrag € 62,66 Incassodatum 17-01-2022 5e termijn Bedrag € 62,66 Incassodatum 17-02-2022 6e termijn Bedrag € 62,66 Incassodatum 17-03-2022 7e termijn Bedrag € 62,66 Incassodatum 17-04-2022 8e termijn Bedrag € 62,59 Incassodatum 17-05-2022 Let op: als een termijn niet geïncasseerd kan worden, komt de regeling te vervallen.” 2.
  8. Van de betaalrekening van [gedaagde] zijn de volgende bedragen overgeschreven naar de rekening van Infomedics: € 62,66 op 18 oktober 2021; € 62,66 op 24 november 2021; € 62,66 op 22 december 2021; € 62,66 op 24 januari 2022; € 62,66 op 24 februari 2022; € 62,66 op 24 maart 2022; € 125,76 op 21 april
  9. Het geschil 3.
  10. Infomedics eist (na de vermindering van de eis) samengevat: [gedaagde] te veroordelen aan haar te betalen € 4,20 met rente; [gedaagde] te veroordelen in de proceskosten; het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. 3.
  11. Infomedics baseert de eis op het volgende. Op 18 oktober 2021 heeft Infomedics de eerste termijn van de hiervoor genoemde betalingsregeling geïncasseerd, maar die betaling is door [gedaagde] ingetrokken. Vervolgens heeft [gedaagde] op dezelfde dag het bedrag alsnog overgemaakt, maar toen was de regeling al vervallen. Ondanks aanmaningen van Infomedics heeft [gedaagde] nagelaten om daarna het gehele restantbedrag in een keer te betalen. De betalingen van [gedaagde] zijn eerst in mindering gebracht op de buitengerechtelijke kosten van Infomedics van € 40,-, vervolgens op de rente van € 4,71 en daarna op de hoofdsom. Op het moment van dagvaarden was er daarom sprake van een betalingsachterstand van € 129,
  12. Na de dagvaarding heeft [gedaagde] nog € 125,76 betaald, zodat nu € 4,20 resteert. 3.
  13. [gedaagde] is het niet eens met de eis en voert aan dat zij ten onrechte in deze procedure is betrokken, omdat zij de betalingsregeling correct is nagekomen.
  14. De beoordeling 4.
  15. Er is geen discussie over dat [gedaagde] oorspronkelijk € 461,22 moest betalen aan Infomedics en dat ze inmiddels € 501,72 heeft betaald. Voor de vraag of nog een deel van de hoofdsom openstaat, moet eerst worden geoordeeld over de rente en buitengerechtelijke kosten. Infomedics stelt namelijk dat [gedaagde] die ook verschuldigd is en brengt de betalingen van [gedaagde] daarop eerst in mindering (artikel 3:44 BW). 4.
  16. Het uitgangspunt is dat partijen een betalingsregeling zijn overeengekomen, voor de factuur van 26 augustus
  17. Dat betekent dat deze vordering van Infomedics vanaf dat moment niet opeisbaar was, zo lang de betalingsregeling werd nagekomen (art. 6:38 BW). 4.
  18. Infomedics stelt zich op het standpunt dat [gedaagde] de betalingsregeling niet is nagekomen, omdat zij de eerste incasso heeft ingetrokken. [gedaagde] betwist dit. Infomedics beroept zich op de rechtsgevolgen van deze stelling, dus zij dient deze stelling deugdelijk te onderbouwen (art. 150 Rv). Het had op haar weg gelegen om bijvoorbeeld door middel van rekeningoverzichten de storno van de incasso aan te tonen, of tenminste correspondentie over te leggen waarin zij aan [gedaagde] meedeelt dat de betalingsregeling is komen te vervallen gezien een gestorneerde incasso. Zij heeft echter geen enkele onderbouwing gegeven en heeft specifiek op dit punt ook geen bewijs aangeboden. Daarom staat niet vast dat [gedaagde] de betalingsregeling heeft geschonden. Dat betekent dat de resterende termijnen van die regeling nog niet opeisbaar waren. Omdat die termijnen nog niet opeisbaar waren, kan [gedaagde] ter zake ook niet in verzuim zijn geraakt, aangezien dat slechts kan als een vordering opeisbaar is (art. 6:81 BW). [gedaagde] is daarom de rente en vergoeding van buitengerechtelijke kosten niet verschuldigd geworden, aangezien daarvoor vereist is dat zij in verzuim verkeerde (art. 6:96 lid 6 en 119 BW). 4.
  19. Met haar betalingen van € 501,72 heeft [gedaagde] de gevorderde hoofdsom van € 461,22 ruimschoots betaald. Voor toewijzing van een gevorderde geldsom bestaat dus geen aanleiding. proceskosten 4.
  20. Zoals hiervoor is overwogen staat niet vast dat [gedaagde] de betalingsregeling heeft geschonden. Infomedics is deze procedure dus gestart voor vorderingen die nog niet opeisbaar waren. In beginsel is dat mogelijk (art. 3:296 lid 2 BW), echter dient Infomedics dan wel te stellen en te onderbouwen dat zij daar een belang bij heeft (art. 3:303 BW). Gesteld noch gebleken is dat daarvan sprake is. [gedaagde] is dan ook ten onrechte in deze procedure betrokken door Infomedics. Infomedics wordt daarom, als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten veroordeeld. Deze worden tot aan deze uitspraak aan de kant van [gedaagde] op nihil gesteld, omdat zij zelf (zonder een gemachtigde) procedeert. uitvoerbaarheid bij voorraad 4.
  21. Aangezien de vorderingen van Infomedics worden afgewezen en de proceskosten op nihil worden gesteld, zijn er geen veroordelingen die kunnen worden uitgevoerd. Daarom wordt dit vonnis niet uitvoerbaar bij voorraad verklaard. .
  22. De beslissing De kantonrechter: 5.
  23. wijst de vorderingen van Infomedics af; 5.
  24. veroordeelt Infomedics in de proceskosten, aan de kant van [gedaagde] tot vandaag vastgesteld op nihil. Dit vonnis is gewezen door mr. F. Aukema-Hartog en in het openbaar uitgesproken. 33394

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.