← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2022:7974

Rechtbank Rotterdam Team insolventie afwijzing toepassing schuldsaneringsregeling rekestnummer: [nummer] uitspraakdatum: 22 september 2022 [verzoeker] , [adres] [postcode] [woonplaats] , verzoeker. 1.De procedure Verzoeker heeft op 23 juni 2022 een verzoekschrift met bijlagen ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. Verzoeker en mevrouw [persoon A] , Kredietbank Rotterdam, zijn gehoord ter terechtzitting van 25 augustus

  1. De zaak is aangehouden tot 15 september 2022 in afwachting van nakomende stukken, waaronder een strafrechtelijk vonnis en medische documenten. Schuldhulpverlening heeft de rechtbank 12 september 2022 per e-mail bericht dat schuldenaar nog niet in staat was de gevraagde stukken aan te leveren en heeft om uitstel gevraagd. De rechtbank heeft vervolgens besloten de zaak aan te houden tot 22 september
  2. De uitspraak is bepaald op heden. 2.De feiten Verzoeker ontvangt inkomsten uit een Participatiewetuitkering. De schuldenlast bedraagt volgens de verklaring als bedoeld in artikel 285 Faillissementswet € 16.109,
  3. 3.De beoordeling Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling wordt slechts toegewezen als voldoende aannemelijk is dat verzoeker de uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen naar behoren zal nakomen en zich zal inspannen zoveel mogelijk baten voor de boedel te verwerven. De rechtbank oordeelt dat het één noch het ander in het voorliggende geval aannemelijk is. Verzoeker heeft nagelaten om de ter zitting opgevraagde aanvullende stukken (het strafrechtelijk vonnis en medische documenten) tijdig en volledig bij de rechtbank aan te leveren, ondanks een gehonoreerd verzoek voor één week uitstel. Hierdoor heeft de rechtbank geen goed beeld gekregen van de (medische) situatie van verzoeker en heerst er twijfel of verzoeker in staat is om de verplichtingen die voortvloeien uit de schuldsaneringsregeling na te komen. Daarnaast heeft verzoeker hiermee geen blijk gegeven van een saneringsgezinde houding en heerst er bij de rechtbank ook twijfel over de saneringsbereidheid van verzoeker. Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling zal daarom worden afgewezen. 4.De beslissing De rechtbank: - wijst het verzoek af. Dit vonnis is gewezen door mr. C. de Jong, rechter, en in aanwezigheid van B.G. van der Vlies, griffier, in het openbaar uitgesproken op 22 september
  4. Tegen deze uitspraak kan degene aan wie de Faillissementswet dat recht toekent, gedurende acht dagen na de dag van deze uitspraak, hoger beroep instellen. Het hoger beroep kan uitsluitend door een advocaat worden ingesteld bij een verzoekschrift, in te dienen ter griffie van het gerechtshof dat van deze zaak kennis moet nemen.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.