← Nederland

ECLI:NL:RBROT:2023:1223

RECHTBANK ROTTERDAM locatie Rotterdam zaaknummer: 8889595 VZ VERZ 20-19591 datum uitspraak: 10 februari 2023 Beschikking van de kantonrechter in de zaak van [verzoeker01] , wonende te [woonplaats01] , verzoeker, gemachtigde: mr. M.W. Fakiri te Den Haag, tegen: 1 de vennootschap onder firma [verweerder01] , gevestigd te [vestigingsplaats01] ,

  1. [verweerder02] , wonende te [woonplaats02] ,
  2. [verweerder03] , wonende te [woonplaats03] , verweerders, die zelf procederen. De partijen worden hierna ‘ [verzoeker01] ’ en ‘ [verweerder01] ’ genoemd. 1 De procedure 1.
  3. Het dossier bestaat uit de volgende processtukken: de beschikking van 26 november 2021 en de daarin genoemde stukken; het deskundigenbericht; de einddeclaratie van de deskundige van 20 december 2022; de brief van de rechtbank van 9 januari
  4. 2 De verdere beoordeling 2.
  5. Op 20 december 2022 heeft de deskundige een einddeclaratie ingediend ten bedrage van € 3.763,58 inclusief btw. Aangezien het door de deskundige in rekening gebrachte bedrag hoger is dan het door [verweerder01] betaalde voorschot (€ 2.500,- inclusief btw), is aan partijen gevraagd hun eventuele bezwaren naar aanleiding van de einddeclaratie uiterlijk 17 januari 2023 aan de kantonrechter kenbaar te maken en aangegeven dat er bij het uitblijven van een reactie vanuit zal worden gegaan dat partijen geen bezwaar hebben tegen de (hoogte van de) einddeclaratie. Partijen hebben geen bezwaren kenbaar gemaakt. 2.
  6. Zoals in het vonnis van de kantonrechter van 20 december 2019 is vastgesteld, is [verweerder01] aansprakelijk voor de schade als gevolg van het arbeidsongeval. De aanvullende kosten van de deskundige komen daarom voor rekening van [verweerder01] . 2.
  7. Gelet op het voorgaande dient [verweerder01] een aanvullend bedrag van € 1.263,58 te betalen op de hierna in de beslissing vermelde wijze. 3 De beslissing De kantonrechter: 3.
  8. stelt de einddeclaratie van de deskundige vast op € 3.763,58 inclusief btw; 3.
  9. bepaalt dat [verweerder01] het verschil tussen het reeds betaalde voorschot en de einddeclaratie van de deskundige van € 1.263,58 moet overmaken naar de bankrekening van het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak (LDCR), binnen twee weken na de datum van de nog te ontvangen nota met betaalinstructies van het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak en dat [verweerder01] uiterlijk een week na overmaking van dit bedrag de kantonrechter bericht over of zij het hiervoor genoemde voorschot tijdig heeft overgemaakt naar de bankrekening van het LDCR. Deze beschikking is gegeven door mr. M.C. van der Kolk en in het openbaar uitgesproken. 43416

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.